Lemniscaat

Mijn tijd in Vézelay was deze keer niet de meest aangename. Vanaf dag 2 met koorts, ontzettend moe en geen honger. Mijn lichaam stuurde me duidelijke signalen…

Ik kon me ook moeilijk vrij maken – in mijn hoofd – na de lange maanden werk in Chenee, het overstromingsgebied. Ik voelde een gevecht binnenin me, een tweestrijd tussen zelfzorg en de andere bijstaan.
Na zes maand continue aanwezig te zijn kan men goed waarnemen hoe iets evolueerd. Natuurlijk zijn de woningen niet hersteld, dit zou ook veel te snel zijn daar de huizen met een te grote vochtwaarde zitten. Maar ikzelf kan voor hen niets meer betekenen, het is aan henzelf om in hun kracht te gaan staan en beweging te brengen in hun leven.
Mijn naam werd getagd in berichten op fb terwijl ik aangaf dat ik eruit stap, privéberichten, bel gerinkel, hulpvragen kwamen maar op me af van vrijwilligers.
Behoorlijk vervelend, uitputtend wanneer men voelt dat het tijd is om afstand te nemen uit zelfzorg. Ik werd hierin uitgedaagd en voelde dat het bijna een gevecht was om een ‘neen’ te zeggen.
Ik voelde mijn energie dalen, ik verloor mijn vreugde.
Het is er werkelijk aan het ‘verzieken’ en ongezond aan het worden…
Ongelofelijk wat materie, ‘hebben’ teweegbrengt in de samenleving, onder de mensen…Angst, jaloezie, hebberigheid, egoïsme, misbruik, macht, manipulatie, uitbuiting,…

Maar wat raakt er mij, heeft het bij mij losgemaakt.
Een ‘oud’ zeer is terug komen aankloppen en roept om aan het ‘Licht’ te komen en om te zuiveren.
De pijn omdat iemand geld/materie/eigen belang/angst en alles wat hieraan vasthangt heeft gekozen boven liefde en verbinding. Met alle gevolgen in de familiekring.
Een herhaaldelijk gedrag uit de voorouderlijke familielijn. Jaja, right time right moment waarschijnlijk.

Mijn gevecht tegen mijn verdriet die onderhuids voelbaar is, alsof iedere cel ervan doordrongen is. Een verdriet die ook veel groter aanvoelt voorbij de grenzen van mijn eigen Zijn. Het gevecht om de pijn niet te moeten voelen, zorgt ervoor dat er geen ruimte is om in verbinding te gaan met mezelf.
Ik ben me heel bewust wanneer ik mijn emotie niet laat gaan dat ik hierbij mijn lichaamsenergie vastzet, alsook mijn eigen licht.

En die emotie voelt terzelfde tijd soms zo vreemd, en vind het soms bizar waar ik ze gewaar wordt, op bekkengebied. Alsof ik de drang voel om te gaan plassen en zelf naar het groot toilet te moeten gaan.

Terwijl ik hier aan het neerschrijven ben in de rustige treinwagon en waar de landschappen aan mij voorbij razen, voel ik dat het meer dan tijd is om vooruit te gaan en in zachtheid de angst durven gewaar te worden.
Zonder tegen vechten, op-houden..met en voorbij de angst… wat zou er dan gebeuren…ik laat toe wat komt…

Ik verwelkom de drang die zowel vaginaal als anaal voelbaar is en overtuig mezelf dat ik niet naar het toilet zal moeten gaan. Ik ga in ontspanning op bekkengebied.
De prikkel wordt intenser, ik blijf er rustig bij. Een pulsering wordt voelbaar, de gewaarwording op de twee punten worden zachter. Een stroom in mijn lijf wordt voelbaar, beginnend vanaf het uiteinde van mijn staartbeen stromend naar mijn beide benen en door mijn bovenlichaam, als een lemniscaat die zich voortbeweegt en evenwicht brengt. Mijn lijf wordt warm, mijn Harte klop is voelbaar in mijn onderrug en klopt tegen de rugleuning van de treinzetel. Ik wordt gewaar dat ik terug volledig en voluit ademhaal.

Waar was ik gebleven al die tijd’, gaat door meheen.
Diepe zucht…van opluchting en vreugde om waar ik heb durven doorstappen. De angst was groter dan wat was.

Mijn levensenergie…welcome back.

Even terug naar Vézelay.
Ook de fraterniteit zat reeds in quarantaine sinds drie dagen, dat maakte dat het leven op la ‘Colline Eternelle’ er kompleet stil werd gelegd. Pas op oudejaarsavond kwam de fraterniteit terug en konden hun gebeden aanhoord worden en weerklonken ze doorheen de basiliek en daar buiten.
Even ontglipte ik uit mijn kamer om op mijn manier de overgang te vieren.
Een nachtwandeling onder de klare en open sterrenhemel. De verbondenheid gewaarworden met de nachtelijke oneindige schoonheid. Zuurstof.

Op drie januari kwam ik uit mijn kamer. En nog heel lang voelde mijn lichaam uitgeput. Veel kon ik niet doen. Op de laatste dag van mijn verblijf sprak sœur Jeanne, de abdis mij aan voor de eerste keer na 7 jaar en vroeg me hoe het was met me. Dit was voor mij een ideaal moment om de vraag te durven stellen en de knoop door te hakken, met de vraag of ik een lange periode, ‘regardante’ kon zijn binnen de fraterniteit.
… ‘we hebben de mogelijkheid niet en hebben vanuit de fraterniteit de beslissing genomen om niemand te nemen boven de 35 jaar.’
In één slag kreeg mijn innerlijke vraagstelling waar ik al maanden mee worstel, op slag een duidelijk antwoord en voelde ik ergens een opluchting en terzelfde tijd een ontchoogeling.

‘En nu’ … ging door meheen…ik voelde dat er iets was afgerond en terzelfde tijd kon ik hier iets niet lossen.

Mijn vreugde was ver zoek. Psychisch voelde ik me niet zo ok en mijn gevoel kon werkelijk schommelen van licht naar duister, meer duister. Af en toe kwam door meheen ‘het hoeft voor mij niet meer’. Ik vond mijn eigen stek niet. (Als ik het nu bekijk op afstand en na wat ik juist mocht beleven, tuurlijk vond ik mijn eigen stek niet, ik was er zo van verwijderd… mijn lichaam, mijn stekje, mijn thuis)

De laatste tijd stel ik me de vraag waarom het me niet lukt om een eigen stekje te creëeren, of er eentje te delen. En hier heb ik het over een woning. Telkens wanneer ik stappen onderneem, of een huis is reeds verkocht of er is een annulatie of ik krijg geen antwoord… Ik ben me bewust dat als iets niet lukt dat daar wel een reden voor is en dat het niet daar is waar ik moet zijn. En toch ik probeer het te begrijpen. Wat zit daar verborgen achter.

Ik probeer wat planning te maken voor de komende maanden. Het voelt niet 100%, wat ik ook plan… ik word er niet blij van of het is maar voor eventjes. (tuurlijk ik zocht het buiten mezelf)

In een delen deze week met Elsje, hebben we het over moeders versus wonen. In het gesprek wordt ik mij bewust dat er ergens geen vrijheid in mijn beweging is. Doordat in mijn hart nog altijd een tikkeltje hoop aanwezig is naar mijn moeder… en een gevoel van schuld/angst om dit tikkeltje hoop te missen als ik ver weg zou gaan wonen. Oeps… die had ik niet door.

”s Anderendaags terwijl ik nog in bed ligt belt Lieve me. Ze maakte zich zorgen en had het juist gezien dat ik niet 100% was toen ik bij haar thuis vertrok. Ik vertelde wat ik de avond voordien bewust werd. Over wonen en waarom ik niet vooruit geraakte. Ik begon te wenen en begon in het kort te delen…”ik kan zelfs niets plannen, ik heb geen vreugde, de ganse maand maart ga ik naar Vézelay en voel zelfs dat dit me in de weg zit, alsof het me vast steekt. (Oeps… ook deze had ik niet door..) Om mij op te krikken zou ik nu kunnen een koffie gaan drinken ergens in een café om bij de mensen te zijn.. ik kan niet. Dit is een keus. En ik ga daarvoor toch niet mijn lijf op het spel zetten om toch maar te kunnen op café te gaan, om toch maar tussen de mensen te kunnen zitten. En in mijn beweging naar woonst Lieve, voel ik dat ik meer en meer aangetrokken wordt tot het Zuiden, verder dan Zuid-Frankrijk, de beweging duwt altijd maar in laagjes verder. Spanje, Portugal… Ik hunker naar Zon, Licht, warmte… Als ik kan zou ik vertrekken, maar Vézelay zit daar tussen. En ik ben aan het kijken wat ik zal doen om de maand februari te overbruggen. Ik zou eigenlijk moeten durven Vézelay annuleren”, deel ik aan Lieve. En Lieve deelt me verder haar mening. We nemen afscheid.
Ik wordt gewaar en hoor het delen van Lieve nog nazinderen. Ik voel een boost, pak mijn telefoon. Open internet. Zoek een vliegtuigticket op Spanje, pin Almeria vast zonder te weten waarom daar en een paar minuten later stuur ik een bericht naar Lieve, ‘Dankjewel Lieve voor je telefoontje. Het raakte me warm. Bij deze een vlucht geboekt naar Almeria’.

Oeff… ik voelde dat ik een sprong heb durven nemen en iets doorbroken heb.

Wat een duwtje in de rug kan teweegbrengen. En zo kwam nadien het lichaamswerk tot stand in de trein.

Dankjewel Els voor ons fijn en open delen rond het thema moeder en woonst. Dankjewel Lieve voor je telefoontje en je duwtje in mijn rug.

Dankjewel sœur Jeanne (Mère), om de neen die je me gaf. Dankjewel Vézelay voor je zeven jaren aan vreugde en het Licht die je me liet zien. Niet voor niets dat je noemt ‘la Colline Eternelle’.

Dankjewel Chenee voor wat je me liet zien.

Dankjewel aan mezelf voor de moed, de kracht en durf om me doorheen de pijn me terug in mijn Zijn te brengen. E

Een nieuw avontuur staat voor de deur. En het voelt goed. Almeria het begin van de Mozarabe. Hmm, wat klinkt die naam goed in mijn oren. Tot binnenkort

5 gedachtes over “Lemniscaat

  1. Et puis merci à toi Jasmine pour avoir donné beaucoup de ta personnalité, ton savoir tout au long des 6 mois passés avec nous à Chênée… Avec moi… Merci je me suis enrichie de tes paroles.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s