Rennes-le-Château

Rennes-le-Château… in de hoogte is een torentje zichtbaar. Via een aardeweg kom ik aan op een grote parking.
Een wagen staat met de koffer open. Een kind ligt erin met een bloot kontje.. een verse onderbroek komt eraan. Een blonde vrouw. Een gehaaste beweging. Nederlandse taal.
Een trap. Midden de trap, een man, lange haren, op zijn neus een zonnebril, tussen de toppen van zijn wijsvinger en duim een dikke sigaar die hij langzaam naar zijn lippen brengt, kijkend naar de parking. De zonnebril doet me denken aan de tv serie uit mijn jeugd ‘Starsky en Hutch’. Ik kijk de man aan. Terzelfde tijd hoor ik de deuren van de wagen en de motor starten. De wagen start. “Och, ik ken je, je bent, en woont hier niet ver vandaan? ” . De man antwoord positief op mijn vraag. “Och, bijzonder dat ik je hier ontmoet. Een paar maanden geleden dacht ik nog… Hmm, in de tuin werken in het centrum zou me wel interesseren.” Een aanvoelen toen vertelde me iets anders. De sigaar verdwijnt, de zonnebril rust ondertussen op het hoofd. Lichtgekleurde ogen kijken me aan.” Bent u hier voor spiritueel werk? Een goede plaats is boven in torentje, je kan er een half uurtje mediteren. Er is een bijzondere energie…”.

Ik ga verder naar boven. Hmm, nu begrijp ik mijn aanvoelen van toen, waarop ik mocht vertrouwen. Ik wandel door de hoofdstraat verder in stijgende lijn. Hier en daar een winkeltje met allerlei rond spiritualiteit… van boeken, kettingen, hangers in goedkope materie, geurstokjes in allerlei kwaliteiten. Het ene al wat toeristisch dan het ander. Rechts een smal pad brengt me mee naar de Maria Magdalena kerk. Boven de deur, geschreven teksten in Latijn aan de ingang een opvallend beeld van een duivel. Er boven vier engelen elk vormt een verschillende beweging die samen het kruisteken vormen. Een kleine aangename kerk, met veel Kitch taferelen met hier en daar symbolen die men niet op andere kruiswegen terug vind. Ik blijf er een eindje zitten om gewaar te worden. Niets bijzonders. Het is.
Naast de kerk een shop met toeristische items, de ingang om het huis van ‘l’ Abbe Sonnière (een Franse priester 1852-1917) te bezoeken en La Tour de Magdala.
Ik wandel even rond het gebouw. Hmm, niets trekt me aan om het huis te bezoeken. En gaan mediteren in een toren omdat men het zegt… of omdat andere het ‘het’ van het vinden… Ik blijf trouw aan wat het me brengt, wat ikzelf mag gewaarworden, trouw blijven aan mijn eigen instinct. Een van de reden waarom ik vooraf niet wens te lezen, zo kan ik ook niet beïnvloed worden en blijf ik zoveel mogelijk in puurheid de omgeving verkennen.
Ik wandel verder en neem plaats op de muur van het parkje met zicht op het prachtige vergezicht op het gebergte van ‘Les Hautes-Pyrénées’. Een diepe zucht.. wat een schoonheid, wat een kracht dat dit gebergte uitstraalt. Zoals op vele plaatsen die ergens op ‘une Colline’ liggen straalt de natuur ook een zeker rust uit en brengt een stilte met zich mee, afhankelijk van hoe de windrichting zit. Ik heb geluk, windstil. De vroege avondzon schijnt nog hard.

Maison Abbé Saunière, église Marie Madeleine, deur ingang begraafplaats, Tour Magdala

Na de vraag aan een inwoner van het dorp of er een bezwaar zou zijn om mijn matrasje voor de muur te leggen om er te overnachten. “Ah non, tu va te faire virez par le maire. Si, non. Je peut te faire une chambre à 20 euro” , zegt hij al grinneken. Ik dank en stap wat verder. “Va te faire foutre, dégage”, roept hij me toe. Het is duidelijk wat me te doen staat…ik heb hier verder niets te doen.

Ik wandel nog een zes kilometer verder om er op een camping à la ferme te overnachten, midden de natuur onder een prachtige eik met zicht op Pech de Bugarach. Wat een zalige plaats. Ik geniet van de zachte ondergaande zon die de berg kleurt.

grandmère

Sedert een paar dagen ben ik op bezoek bij mijn tante, een zus van mijn vader. Het was, is een blij terugzien en wat wennen na wat ik dacht 22 jaar, het zijn er 34 jaren… en hoewel er zoveel jaren zijn, toch zijn we niet vreemd voor elkaar. Zoveel raakpunten, herhalingen die zich voortgedaan hebben in de voorouderlijke lijn. Zelf schrik ik er niet van, ik was ze gewaar, had een vermoeden en zag en heb de patronen meegemaakt en doorworsteld.
Ik ben dankbaar van hoe ik me heb bevrijd van wat niet van mij was en wat ik niet wou. Een waardevol geschenk die ik mezelf heb gegeven in dit leven.
Ik wordt me hier nog sterker bewust van wanneer men mij vandaag raad komt vragen en vooral het soort vragen die me bewust maken dat niets meer aan mijn lijf kleeft. Mijn levenservaringen hebben me geholpen om in mijn ware kracht te gaan staan en terug worden/Zijn wie ik in werkelijkheid ben met mijn kwaliteiten en capaciteiten die aan het Licht mogen komen zonder te vrezen.

Sedert vorig jaar had ik horizontale trekkingen op hartniveau. ”s morgens werd ik hierdoor ontwaakt. Ik maakte me geen zorgen, een zeker weten was aanwezig om te beseffen dat het niets te maken had met de functie van mijn hart. Ik ontmoette deze winter een vrouw die me attent maakte over mijn capaciteiten na ik haar vertelde over de trekkingen op hart niveau. ‘… is het je vreemd als ik je vertel dat je de capaciteit, mogelijkheid hebt om te werken met de overledenen of mensen die overgaan. Je de capaciteit hebt om heel gemakkelijk in de – wat zij noemt – de’ dead space and the life space’, te gaan en terug te keren.’
“Hmm, neen”, om een of andere reden antwoordde ik neen, net als om een of andere reden ik niet het gevoel had zelf mijn arm in de lucht te hadden gestoken om tot bij haar persoonlijk te gaan, toen ze nog iemand vroeg om naar voren te komen.

Wat deze vrouw met me deelde was me niet onbekend. Zo paste de dag nadien het ene puzzelstukje na het ander in elkaar… een priester die me 25 jaar geleden hiervoor had verwittigd, nachtelijke dromen, mijn reizen tijdens meditatie, wat ik zag en beleefde tijdens het spiritueel werk van de Santo Daime, de foto van vorig jaar van mijn doopmeter en haar man… alles viel plots passend in elkaar.
Zo voelde ik terug plots ook de trekking op hart niveau… en had ik door wie hier achter zat, nl. mijn grootmoeder.
Toen ik het doorhad sprak ik haar aan en beloofde ik haar dat ik naar hier zou komen.
Diep van binnen was er een diep aanvoelen en wist ik wat me te doen stond. Afronden wat zij nooit heeft gekunnen, afronden wat haar fierheid, koppigheid, rancuneusheid in de weg stond en ervoor heeft gezorgd dat ze het nooit heeft goed willen maken met haar dochter.
Een waarheid die ze als moeder niet heeft willen/kunnen horen en zien. Hierdoor een dochter heeft weggeduwd ipv de waarheid aan te nemen en er met een hartgedragen houding je geliefden in de ogen te kijken zonder te oordelen en vooroordelen, en proberen te begrijpen ‘waarom’ en proberen in te zien dat soms dingen gebeuren door gewoon een tekort aan liefde in het verleden.
De pogingen zijn niet te tellen geweest wanneer ik haar vroeg… neem contact, leg het bij… De ‘Non’ was telkens duidelijk… het woord Liefde/Hart was haar onbekend.

In mijn rugzak heb ik gans de weg een foto van mijn grootmoeder meegedragen, haar Paternoster, een kaarsje, een roosje… Een roosje vanop haar begrafenis. Eentje liet ik in België via de wind zich verspreiden. Het andere is er eentje voor straks… die ik zal uitstrooien in de wind daar waar de assen van mijn grootvader verspreid zijn in de bergen.

Liefde, sexualiteit, sexuele énergie, magie, féminin, masculin… bevrijden, vrijheid, … De weg van Maria van Magdala… alles heeft een reden… niets is zomaar.

Emotioneel

Even een up-date… gisteren aangekomen in Carcassonne, overnacht in de jeugdherberg gelegen in de burcht. Een bezoek aan de basiliek Saint Nazaire… Ik voel me sedertdien emotioneel, tranen kwamen tot leven… en voel word gewaar binnenin dat er iets zich wens te tonen…
Terzelfde tijd maakt het me wat wankel en voel ik dat er twee bewegingen zijn, een stuwende kracht en een terughoudende.
Het terughouden is angst…
Angst voor wat?! Voor wat ik zal horen…, neen.
Voor wat ik zal voelen, ja, ik voel een verdriet opkomen van heel diep, ergens in een diepe grot binnenin mezelf. Een énergie die aan het Licht wens te komen, waar angst op zit. Angst voor mijn eigen kracht, angst dat mijn kracht gekoppeld is aan het woord ‘losbandig’… Ik besef dat dit woord niet van mij is, wel ergens diep in mijn genen heb meegekregen en meegedragen. En als kind zinnen en woorden in het verleden heb opgepikt.Vandaag wens ik hierin voluit te mogen leven, voelen zonder het ergens een richting te geven of ergens te laten inpassen. Het gewoon laten stromen zonder meer.
Ik wens en heb het verlangen hierin vrij te mogen zijn… Mijn stuwende kracht.

Ik vertrouw.

Terwijl ik dit nu schrijf zit ik op de bus richting Alet-les-Bains. Door de aanwezig emoties voel ik me wat zwakker in mijn lijf, ik blijf mij innerlijke beweging volgen. En een evenwicht zoeken tussen beide bewegingen. Blijvend bewegen ‘vooruit’ is belangrijk om niet in het mentale te gaan en de beweging naar binnen te blijven volgen.
Ik kom dan ook een dagje vroeger aan in Reines le Château…

Labastide Rouairoux to Caunes-Minervois

Caunes-Minervois to Carcassonne

Cité de Carcassonne

Le bassin

Mijn wikkeldoek

De voorbije 2 dagen koos ik voor ‘la voie verte’ een zachte fietsweg met schaduw. De warmte van de laatste dagen waren zeer drukkend.

Fijne ontmoetingen.
Een fransman met een lekke fietsband die ik heb vergezeld tot aan een… ‘Belgische camping’. Het voelde wat vreemd aan ten volle in Frankrijk te zijn en enkel mijn moedertaal te horen die na veel pintelieren en boemelen een extra accent kreeg. “Une menthe à l’ eau svp”. “Ge mag het in het Nederlands zeggen ze”, was het antwoord. Mijn haren kwam rechtstaan.
De fransman, Thierry, nodigde me uit voor een rustige picknick op een matje, in een uithoekje van de camping. Waar we op onze manier het leven vierden in eenvoud en puurheid zonder extra toevoeging.

De dag nadien twee mannen ontmoet die hun moestuin schonken om er een nachtje te overnachten. Waar de tomaten, sla, ajuinen er in overvloed aanwezig waren. En verse eieren van de kippen. Uiteindelijk hadden we een fijne babbel en zorgde één van de mannen ervoor dat ik terecht kwam in een warm huis. Ik kreeg een zak vol groenten mee en deelde het met Yvonne en Jean-Philippe die hun deur voor mij opende.

Het geluid van een oude fiets die kraakt en een velg die heen en weer wiebelt op ‘la voie verte’, une vieille ‘motebecane’ doet me terug denken aan mijn eerste koersfiets.
Twee silhouetten in een tunnel die zigzaggend al spelend de tunnel doorrijden.

Het meest rakend was de ontmoeting met les Gorges d’Heric- waar ik tussen de gehaaste menigte op zondag, zich een weg naar boven baande – een diep bad heb gevonden tussen rotsen in.
Zigzaggend met de rugzak daalde ik af naar de rivier. Op een rots legde ik mijn rugzak, kleedde me uit. Nam contact met de omgeving. Het water doorschijnend, raakte mijn huid, de wind die zorgde voor lichte golfjes waarop de zon scheen en dansend reflecteerde op de rots. Une couleuvre die wegzwom. De visjes die de huid op mijn voeten wist te appreciëren.

Ik deed mijn witte wikkeldoek af die ik rond mijn lichaam had geknoopt. Ik liet hem dobberen in het water en speelde er een dans mee… zacht, strelend… Traag.. traag… Op eigen ritme zakte het wikkeldoek dragend-liggend op de bodem… een beweging die me telkens diep raakt, als oude geschriften die ergens gegrift zijn en met me meedraag. Daar stond ik in mijn blootje midden een overweldigende natuur. Mijn huid gestreeld door de elementen van de natuur. Mijn armen zijwaarts strelend over het water, met gesloten ogen mijn hoofd achteroverbuigend. Dieper, dieper het water in… geraakt, gevoed… wat een puurheid, wat een gelukkig om in de schoot van moeder aarde gewiegd te worden…geraakt en waar tranen niet ontstonden vanuit het oogkanaal, wel vanuit, ik noem het in het Frans omdat het zo passend is, vanuit ‘le bassin’. Terwijl ik dit neerschrijf voel ik hoe het me terug raakt en het voelbaar is tot in mijn eigen schoot…

Binnen 4 dagen kom ik aan in de Rennes le Château en dit met Nieuwe Maan. Ik voel de nood om me ten volle te concentreren op mijn gewaarwordingen, lichaam, geest en ziel.
En niets is zomaar, ik zal er ook mijn tante terug ontmoeten na vele jaren. En ik ben zo blij dat ze met vreugde ook aandrong om me daar te komen oppikken met de wagen. Hoewel ik het eerst had afgewimpeld, maar nadien haar dit plezier gunde. Het is zo kloppend in ons verhaal.
Ontroerd sluit ik hier even af…. Veel liefs aan jullie. Lot of Love

La Tour sur-Orb to Le Poujol sur-Orb

Le Poujol sur-Orb to Prémian

La mer

Chapelle Saint-Amans

Rommelmarkt….’ neen, Jasmine…’ overtuig ik mezelf.
Ik hou van voorwerpen met een verleden, van degelijke voorwerpen die uren door de handen van de maker gegaan zijn. Waar men kan vermoeden dat de handen het voorwerp hebben gestreeld, de neus een eerste zaagsnede opsnuift, de ogen zich verdwalen in de nerven van het hout en waar de patine van de jaren een leven zou kunnen vertellen.

De ochtend vanuit Lodève begint met een stevige klim via ‘La Tolosane’ een weg naar Compostella.
Doorheen een rivierbedding probeer ik me een weg te banen naar boven.

Amai, wat prees ik me gelukkig om zoveel wondermoois te mogen zien en gewaarworden. Hoe de aarde met haar mantel van groen, haar zachtheid onthult. Waar ik dagelijks getuige mag van zijn. De zoete geur van de brem die me reeds een paar dagen vergezeld. Het geel die vreugde met zich meedraagt, de fladderende vlinders die voor me vliegen alsof ze mijn weg openen… het verveeld me nooit.

Op een hoogte van zowat bijna 700m hou ik even halte… De horizon… ‘Is dit nu de zee die ik zie’, gaat de vraag door meheen.
Mijn adem gaat in schokjes door mijn lijf… De zee… Ademruimte… Geraakt, ontroerd…De stilte in me en rond me verweeft zich met elkaar. Boven me een buizerd.

La lune, la terre, la mer…
La lune m’accompagne, ta terre-mère ouvre le chemin. La mer(e) m’acceuil… ma féminité…

Lodève to La Tour sur-Orb

Valquieres

GR7

Ouvre le Chemin

Hmmm, ik rek me uit op de bank. De speelse Zwaluwen vliegen over me heen. Een kever doet een herhaaldelijke poging om op mijn sandaal te klimmen. ‘Ah, petit que est tu courageux’. Ik plaats de kever veilig in het groen.
Het nachtje buiten deed deugd. De ruimte, oneindigheid, openheid gewaarworden van wat Moederaarde en Vadershemel, het Universum ons in continuïteit bied… De hemellichamen die op het ritme van de aarde, van links naar rechts zich in een andere ooghoek bevinden op een verschillend tijdstip in de nacht. De wolken die zachtjes voorbij komen en spelen met het licht, als een aan en uit knop.

Wat geniet ik van de tocht en alles wat het met zich meebrengt en mag ontvangen. Het kunnen voortbewegen in volle overgave, dat zelf het bewustZijn grenzeloos wordt.
De vrijheid geven aan wat op me afkomt, zodat het zijn of haar eigen leven kan leiden en zodat ikzelf ook vrijheid kan ervaren, zonder te negeren. In vrede en liefde accepteren zodat het kan transformeren.

Soms hoor ik de zin ‘Hopelijk vind je er wat je zoekt’. en telkens word ik iets gewaar in mijn lijf, als een niet kloppend,…
Ooit was het wel, ooit ben ik lang zoekend geweest. Zoekend naar iets die een enorme leegte in mezelf zou gaan en moest gaan opvullen. De leegte voelde als oneindig, een pijnlijke leegte want niemand kon deze gaan opvullen, invullen. Het zoeken was een hongersnood geworden, die niet werd gestild. Een oneindig gemis droeg ik met me mee. Wanneer ik huilde was het voelbaar tot laag in mijn buik. Mijn ribben deden pijn, mijn onderbuik voelde aan alsof de voor – en achterkant tegen elkaar kleefden. Afgesneden van mijn eigen bron.
Als kind compenseerde ik dit. Heel vroeg ontdekte ik mijn lijfje en wat masturberen met mij deed. Wat vrij kwam was zo heftig dat ik ‘knock out’ was en zo wiegde ik mezelf iedere avond in slaap. Ik gebruikte het masturberen als compensatie.
Tot op een dag, dat ik begreep dat alles wat ik zocht binnenin mezelf al aanwezig was . Het zoeken hield op en liet alles zachtjes en op eigen ritme zich ontwikkelen van binnenin naar buiten… zonder gebruik te maken van opvullingen…

Zo wordt ik gewaar dat mijn eigen bron, mijn bekken zich stilletjes aan, aan het openen is… en er een natuurlijke stuwing ontstaat die zich verder zal en mag ontplooien… op eigen ritme en ruimte, in right time, right place…

Ben ik dus zoekend, neen, want wat nodig is, is met me, in me…. In Eenheid met het groter geheel, ‘de Bron’…

Na twaalf kilometer hou ik het voor bekeken. De warmte is als een muur waar je tegen aanloopt. Ik kom in een gîte terecht. Plof me op het bed en val in slap.
”s avonds komen er twee mannen de gîte delen.
Bij het slapen gaan wensen we elkander een fijne weg voor morgen.
Een man antwoord me, “bonne continuation et Ouvre le Chemin”

Soudés to Lodève

Étoile filante

Mathieu, de eigenaar van het huis slaapt nog. Ik leg het geld voor de overnachting op het bed en verlaat in stilte de gîte.
Via een poort van de burcht verlaat ik ‘La Couvertroirade’, een plaats die zegt ‘tot de weerziens’.

Via een arcade van buxussen, neem ik de weg verder richting Reines le Château en Bugarach.
Grr, spinnenwebben, iemand noemde dit ook’ les cheveux de…. ‘, (vergeten) de naam was zo luchtig fris, dat je bijna de webben zou appreciëren…. Aaahhh, mij lukt het niet…. Mijn sponnenfobie is dankzij hypnose en mijn tochten voorbij, maar dit neen, daar hou ik echt niet van.
Na twee kilometer hou ik de GR route voor bekeken, mijn ochtend energie heeft het gehad met de webben.

De weg is ruw, droog, af en toe wandel ik in uitgedroogde rivierbeddingen andere keren op een pad tussen uitgedroogde velden.
Op een aarde weg midden een brousse zie ik een kruiwagen staan. ‘Een kruiwagen!, een echo in mijn hoofd. Ik keer even terug op mijn passen. Een persoon zit op haar hukje kruid uit te doen. “Bonjourrrr, cela m’ étonne de voir une personne en plein milieu du GR7” Een vrouw, springt recht “Bhein, oui, moi je suis la. Et alors”, op een wat kordate manier. “Pardon madame ce n’est pas une évidence quand en marche depuis des heures dans la nature et que depuis des jours en vois personne en marchons”. De vrouw komt wat dichter en ik voel dat ze zich herneemt. Beginnend met zich te excuseren voor haar klederdracht. Een zwarte onderbroek, een kakihemd. Een fijn gelaat, geblondeerde haren, zwarte getekende wimpers. Uiteindelijk staan we wat te praten. De vrouw is ‘les pyrales’ uit de buxussen aan het halen om te vermijden dat ze verder ziek worden. Want eenmaal de buxussen hun bladeren verliezen kunnen ze niet meer aan fotosynthese doen en sterven ze af.

Na een fikse tocht in de hitte stop ik in Soudés. Een man wijst me de weg naar le Gîte communale en het gemeente huis. “La tu trouveras une personne qui pourras t’aider”. “Merci à vous.” Ik stap binnen in het gemeentehuis. Een vrouw stelt me voor om samen te kijken na de vergadering. “Très bien, je bouge plus du village je suis épuisé. Merci, beaucoup.”
Ondertussen zit ik te spelen en te spreken met kinderen en hun mama.
Na de vergadering spreek ik de vrouw terug aan. Ik zie aan de vrouw dat ze niet had verwacht dat ik er nog zou zijn. In het kort het resultaat. Haar woord was lucht. Gebruikt een excuses, de covid om haar gedrag te justifier’ en loopt weg.

Uiteindelijk kies ik om buiten te slapen. Ver van het plaatselijk, café naast La Mairie waar een menigte van volk samen is. In een van de kleine straatjes vind ik water. Ik geef mijn ledematen een goed schrobbeurt. Vind er een bank in een parkje. Installeer mijn bed en ga onder de sterrenhemel de nacht in. Un étoile filante ici, une étoile filante par la… Merci madame…. sans vous je n’aurai pas passé une soirée intelle.

La Couvertroirade to Soubès

Soubès

Jour de repos

La Couvertoirade

Een dagje rust in het dorpje ‘La Couvertroirade’.
Aan de ontbijt tafel maak ik kennis met C. Sedert januari is hij hier, hij is op doortocht met de fiets. We praten over de natuur, economie, écologie, vreemdelingen… Boeiende items met diepe levensvragen.
Hij toont me een boekje die hij creëerde wanneer hij verbleef in sloppenwijken in Afrika. Een man met veel kennis over alle items.
Hij nodigt me nadien uit op koffie.

Op een houten boomstronk in de ochtendzon praten we verder over verschillende onderwerpen… Een auto komt aangereden en parkeert zich voor ons. “Voilà, en a perdu notre belle vue. Les voitures. Les ordi…”, en zo gaat hij verder. “Oh, non. La voiture sera la que pour quelque instant. Le temps de décharger, je crois !”, meld ik terwijl ik verder geniet van de omgeving. En zo geschied. “Les voitures, les ordi… c’est des bonne inventions. Simplement en a mis sur la petite feuille, comment utiliser la machine, en a oublier à expliquer à l’être humain comment ce comporter avec.”…
Ik voel de energie een andere richting opgaan. Een zekere onrust komt opdagen bij de man. “Je vais en dépression. Je dois faire quelque chose. J’étais bien pendant le confinement. Il y avais un silence.” “Le silence c’est qoui C. Ce n’est pas l’absence de la musique, ce n’est pas l’absence de l’être humain”, nadat hij een opmerking deed op toeristen, op het muziek van de kleine pittoreske bar. “oui, …”, zegt hij terwijl zijn ogen onrust kennen. “Peut-être que il est temps de reprendre le mouvement ? .” “Oui, tu a raison je dois bougez.” ” Tu c’est C. Le Silence il n’est pas vide, le Silence est plein, il y a beaucoup dans le Silence, il est même infini. Et ce n’est pas à l’extérieur que en le trouve, mais à l’intérieur de soi même.”

Ik sta even recht om een vitrine te bekijken met verschillende kruisen, terwijl hij staat te praten met de barman. Wanneer ik me terug omdraai is hij verdwenen.

Ik wandel wat verder in het dorp en ontmoet er Anne met wie ik een fijne babbel heb. Ik trakteer haar op een koffie. Anne deelt haar maaltijd met me. We delen ons persoonlijk leven met elkaar. Ik vind het altijd bijzonder hoe men soms mensen ontmoet en het onmiddellijk een goede klik is. Alsof men elkander al veel langer kent. Na een paar uur praten en uitwisseling, ga ik terug naar le ‘Gîte de la Cité’, die de vroegere presbytère is.
Wat rusten en mijn was.

Het is warm, heel warm… Iedere beweging in dd zo’n is er bijna eentje teveel.
”s Àvonds geniet ik met Roxanne op een plaatselijk bio marktje. Verse groeten, fruit en une glace de brebis.
En om deze mooie hartelijke dag te vieren. Trakteerde Roxane me op een plaatselijk gebrouwen biertje.
Al heel snel, voel ik mijn hoofd in andere richtingen gaan… ‘jaja, Jasmine, dat had je wel kunnen weten.” Alcohol en ik… dit is echt mijn ding niet. Al snel lig ik horizontaal en ben ik in’ les bras de morphee..

La Couvertoirade

Tréves

Danny en Jean-Michel staan in de deuropening van l’ancien presbytère. We zwaaien naar elkaar. Aan de fontein vul ik mijn fles met bronwater. Ik had me nooit kunnen voorstellen dat er hier in het dal zo een rustig en mooi gelegen dorpje was.
Ik verlaat Trèves via ‘Le Pont Neuf’ en een smal dichtbegroeid pad.
Na de Causses de Méjean, Causses Noir… hup, pour les Causses du Larzac. En wie zegt Causses, zegt stijgen en dalen.
Een zoveelste stevig klim om dan straks wat in de hoogte plat te wandelen.
De ene kalkgrond, de andere wat meer klei… Hier en daar is de grond wat rood gekleurd en wanneer ik naar de kleur van mijn benen kijk is de camouflage ten top.

De temperaturen blijven hoog, en wie zegt hoge temperaturen in het Zuiden… daar zingen de Cycaden tot zelfs soms oorverdovend wanneer je er tussen staat.
In de verte zie ik Nant. Tijd voor een middagpauze. Wat zeg ik middagpauze, het is reeds 14u.
Geen enkel plaatselijk winkel is open. Ik voel me zwak worden, is het de warmte, heb ik honger… een mengeling van beiden. Ik ga op een terras zitten en bestel me een maaltijd om terug op krachten te komen.
Pff, ik ben echt teneergeslagen van de warmte. Zelfs dat ik er bijna geen woord uitkrijg. Ik rust wat uit op de terras met mijn boekje in de hand.
Ik hoor de stemmen op de achtergrond verdwijnen, ik voel mijn hart in slaapmodus gaan. Mijn ogen sluiten.

Pas in de vroege avond beslis ik om verder te stappen. Het is bijna 18u. ‘Jasmine, is dit wel verstandig. Zou je niet beter stoppen met die warmte…’ Ik twijfel en ga langs de camping. Ik vraag om een bed te gebruiken die rond het zwembad staat om te slapen. Wegens de Covid kan dit niet. ‘les gents utilisé leur essui bain.’ ‘J’ utiliserais mon sac de couchage. Helaas. Ik vraag de prijs van een bungalow voor 1 nacht. 80 euro, oeps die de prijs voor één nachtje camping. Op de website staat 35 euro per nacht.

Het is duidelijk dat ik hier niet hoef te zijn. . Komaan Jasmine, het lukt je wel. De volgende kilometers richting ‘La Couvertoirade’. Hoewel de zon minder hoog staat, de temperatuur is niet gedaald. Vier uur later kom ik aan in het Tempeliers dorp met zijn kasteel, gebouwd door de orde van de Tempeliers ergens in de 12°eeuw. Het is er stil wanneer ik aankom. Een herder haalt zijn schapen binnen. Ik geniet van de rust die hier is. Ik steek het dorpje door… op een deur staat geschreven ‘Gîte de la Cité’, Ik ga binnen, een kamer om te delen met Roxane, een bed… Rust.

Trèves naar La Couvertoirade

La Couvertoirade

Tréves

In de diepte hoor ik de rivier ‘la Jonte’ zich een weg banen doorheen het dal. Voor mij een schaduw die me dezelfde richting uitwijst… naar Meyrueis. Mijn handen hebben het koud in het vroege ochtendgloren. Op een heuvel, een stofwolk, de landbouwer en het hooi.

Boven de deuren is vaak een steen in trapezium vorm te zien… Erin, gebeitelde jaarnummers tussen 1600 en 1870…
Verschillende kruis vormen zijn aanwezig sedert le Puy-en-Velay.
Het kruis van de Ordre de Saint-Jean of ook genoemd Ordre des Hospitaliers. Heeft zijn oorsprong in de wijk Muristan in Jeruzalem gewijd aan Johannes de Doper (tussen de periode 1020 en 1070) In oorsprong een onafhankelijk orde die pelgrims verplegen. Het waren hoofdzakelijk monniken. Nadien veranderde de onafhankelijk orde naar een katholieke orde. In 113 van hospitaal broeders naar militaire broeders. En legden de geloften af van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid. Het kruis van de Ordre de Malte ontstond. één gelofte verdween op de achtergrond)
Het kruis van de Tempeliers.(1118) Erkend door de Katholieke kerk in 1129, de Orde van de Tempeliers. Het was een monnikenorde met zowel een monastieke als militaire functie. En voerden oorlog tegen moslims in het Heilig land. Beschermende de pelgrims onderweg. Ook de Tempeliers legden de gelofte af van armoede, ze hadden, kregen grote landerijen en schonken hun bezittingen aan de orde. En de orde was….
Naast het kruis is er ook het embleem van l’Occitane. Een embleem die me als kind altijd heeft aangetrokken.

Etherische geuren verspreiden zich doorheen de natuur van Den, Brem, Linde en af en toe ‘un brin de Lavande’. .. Hmmm, Ik kan me zo een warme dampkamer voor de ogen halen en genieten van het vocht op mijn huid….

… Back to reality…

Mijn rugzak wordt voelbaar lichter en lichter hoe dichter ik het Zuiden nader.
Een gedrevenheid … of is het een verlangen die me vooruit duwt. Een beeld van een wit gewaad, komt terug voor mijn ogen. Zijn het herinneringen, een verlangen, of misschien een fantasie… Misschien… het heeft geen belang. Het is mijn denken niet die mij het antwoord zal brengen, integendeel.
Wat het me brengt en schenkt… de gewaarwordingen… deze zijn duidelijk. Een openheid, een vrije gewaarwording op mijn bekken. Een stroming, een doorstroming. Een subtiele zachtheid. Als een bedding die gewiegd wordt.

Ik ben me heel goed bewust dat de weg die ik hier afleg niet zomaar is, net zoals de vorige en ze allen met elkander verbonden zijn.
Dat het niet alleen mij ten goede komt en zal komen.
Het terug vinden van mijn tante maakt hier onderdeel van en het verlangen elkander terug te zien is groot. En hoewel de tijd van afwezigheid lang was… haar stem horen is alsof het gisteren was. Hoe meer we elkander horen, hoe meer we beseffen dat we zoveel gemeenschappelijk hebben, ‘gedragen en ondergaan’

Een aangename geur in de kerk van Lanuéjols. Een kerk vol kitch beelden… Waaronder de Aertsengel Michaël en er tegenover Sint Anna. Bijzonder hoe Sint Anna vaak in mijn oogvizier komt, terwijl dit beeld me nooit is opgevallen of me vreemd was.
Een vrouw, moeder, grootmoeder. Wat als deze vrouw een zoon had ter wereld gebracht… Een onderdeel van deze pelgrimstocht. Grootmoeders, moeders en hun zonen.

De sprinkhanen springen in het rond. Eentje miste haar sprong en belandde tussen mijn teen en sandaal. Het geluid van de krekels. Een daas zoemt in tegenwijzerzin om me heen, wachtend tot het moment ik zou stil komen te staan… geen haar op mijn hoofd die er maar aandenkt.
Buxussen die in de schaduw van de zomereik gedijen, gedroogde helleborussen hangen met hun kopje naar beneden.

Soms is het zo stil in de natuur dat ik het gefladder van de vlinders kan horen wanneer ze me voorbij vliegen.
Halfgedroogde strontjes verklappen de aanwezigheid van schapen. Hier en daar een gepluimde kip… De vos, gieren…?

Het pad is bijzonder, af en toe wandel ik in een gang van buxussen die in arcades gevormd zijn. Soms voel ik me in andere tijden. Bizar.
Plots hoor ik een geluid. Het lijkt een schril geluid te zijn, als hoge stemmen van vrouwen en kinderen die schreeuwen. Niets te zien. Ik hoor het terug… Ik kijk rond, Niets. Er is hier ook geen enkel dorp of huis dichtbij en rotsen en eikenbossen.

Terwijl ik de gsm in de hand neem en begin te typen wat me overkomt, zie ik plots in een ooghoek, voor mijn voeten drie schedels liggen. Ik kijk verder overal liggen beenderen verspreid, netjes opgekuist. Mijn nieuwsgierigheid prikkelt me en wandel wat verder van het pad af.
Ik werd gezien… Zelf zie ik niets. Naar de zwaarte van de poten en de snelheid… ik heb terug het Hert gemist. Vaak laat hij zich horen, niet zien.

Met een stevige geankerde stap voel ik plots dat ik me een weg baan doorheen de haag. Het voelt eerder aan als een haag van levende wezens. Het voelt als een vastberadenheid, een niet laten onderdrukken en met opgeheven hoofd van zelfzekerheid en waarheid, Een stof… klederdracht , rood-groen fluweel.

Ik kijk over mijn schouder en bij het terug vooruit kijken en wandelen, voel ik dat met mijn beweging, ik achterlaat wat niet van mij is.
Ik verlaat het dorpje Espinassous met een bizar gevoel. In mijn rug hoor ik een haan kraaien…

Het laatste stuk voor vandaag, een afdaling richting het dorpje Trèves. In zigzag daal ik het stijl pad af.
‘Jeruzalem’.. . Hupla, nog eens. ‘Jeruzalem’. .. Ik herken deze manier van hoe plots iets naar me toe komt. Zo was het ook voor Assisi. ‘Ah neen, ah neen gaat doorheen. Niet nu, niet na Sainte Beaume, nu niet, niet nu ‘ Ik zou me zo graag settelen en mijn leven delen met iemand. Wanneer zal dit ophouden’, gaar door meheen. Een traan rolt langs mijn wang. Ik voel me zwak worden en verlies het stevig contact met mijn onderlichaam. Mijn bovenlichaam voel ik aan een kant trekken, naar de afgrond. Ik voel dat ik gecontreerd moet blijven en aandachtig bij de weg. Ik ken en herken deze energie.
Nikhil zijn naam komt in mij op. Waarom? Moet ik nu contact met hem nemen? Ik blijf verder stappen. Het is warm. De tranen in mijn ogen verhinderen me om de weg goed te zien.
‘Het is niet meer ver… nog een klein duwtje…’

Ik weet dat wat net gebeurde, er geen ontsnappen aan is… en dat dit vroeg of laat zal gebeuren en deze weg zal genomen worden.
De tranen vloeien wat zachter.

Vermoeid en uitgeput kom ik aan in een prachtig rustig dorpje Trèves in een vallei midden twee Causses. Een jonge kerel helpt me voor een overnachting. Het lukt hem niet. Ik ga op het ene terras in het dorp zitten… tot ik uitgerust ben. Wanneer ik klaar ben om naar de camping te gaan kijken. Zegt een vrouw tegen me ‘venez avec nous en a une chambre de libre en haut’ bij Danny en Jean-Michel. Belgen die in de vroegere presbytère wonen.

Salvinsac to Trèves