Samen

Ondertussen ben ik al vier etappes verder dan Lucca.
Altopasso, San Minato, Gambassi en San Giminiano.

In een bar vraagt men of ik een ‘timbre’ wens, een stempel in de credential. Zelf ben ik niet iemand die op jacht ga naar stempels, maar als de mensen mij met fierheid vragen om die erin te plaatsen, kan ik hen dit geluk niet ontnemen. Je ziet de mensen zo opfleuren. Zalig toch!

De pelgrims zijn vertienvoudigd sedert Lucca. Volgens velen zou dit een mooi stuk zijn tot aan Siena. Het voelt wat vreemd om plots zoveel wandelaars te ontmoeten terwijl ik weken alleen op de weg was. De pelgrimsherbergen vullen zich dan ook heel snel.

In Altopasso hebben Laurent en Pascal de autobus genomen naar San Minato. Minder fijn voor hen, wel fijn te zien hoe Pascal aan zelfzorg doet. Rust zal het been en ontsteking heel goed doen. Dit is trouwens het ene wat je kan doen… rusten… in tegenstelling tot velen die onder pijnstillers, ontstekingsremmers de weg toch maar verder zetten. Soms met grote gevolgen nadien…
Het is echter niet het eindpunt van een pelgrimstocht die belangrijk is, wel wat je onderweg mag ontvangen en leren… en vooral wat je ermee doet en hoe je ermee omgaan.
Wandelen is echt een heel goede manier om te leren zorg dragen voor lichaam en geest.

De weg gaat golvend over de heuvels van Toscanië. Geen bomen om af te koelen, harde ondergrond.
In het stijgen neem ik kleine stapjes en duw ik me af op mijn wandelstokken. Dit zorgt ervoor dat mijn benen wat gespaard blijven. Mijn armen integendeel hebben wat meer werk. Straks krijg ik nog oksel of borsttendinitis 🙂 .

In San Miniato heb ik voor de tweede keer – en dit in vier jaar pelgrimeren – samen een avondmaal genomen met ongeveer tien andere pelgrims.
En hoewel ik in de dag alleen wandel ontmoeten Pascal, Laurent en ik elkander op dezelfde plaats ’s avonds. Het is zelf zo dat ik samen met hen op voorhand een plaats reserveer in een herberg voor de dag nadien en we samen de rest van de dag doorbrengen. Ik denk dat het zal onweren binnenkort 😉
Ik zal nog moeten geloven dat ik een’ echte’ pelgrim aan het worden ben volgens de zovele hedendaagse regels, wetten, etiketten die er gecreëerd werden op de weg… Of aan wat ern pelgrim moet voldoen… Hmmm, psst geen paniek Jasmine is er nog altijd.

Omwenteling

Zes uur… de zon komt de kamer binnen. Ik pak mijn rugzak in. De geur van koffie… een lange houten tafel met banken. Een openhaard. Een ontbijt in compagnie met een jonge Italiaan uit het noorden. Pascal en Laurent (de Franse pelgrims) staan klaar om te vertrekken. Buen Camino. Een half uur later volg ik hen.

Ik voel me in een totaal andere energie. Fris, nieuw, luchtig alsof ik me volledig heb ontdaan van de laag die de laatste voorbije twee dagen rond mij was.
Het stappen verloopt vlot. Hoewel de asfalt nog voortdurend aanwezig is, zijn gelukkig de wagens minder geworden.

In de verte links voor mij… Pascal en Laurent… Na een vijftien minuten ben ik bij hen… Pascal heeft problemen aan zijn scheenbeen. In het eerst volgend dorp wacht ik hen op. Een bar. Mijn handen komen naar elkaar, vingers gestrekt… De ene hand haaks op de ander maak ik de beweging ‘time-out’. Een ‘ja’ geknik.
“Tu veut que je te mais de la pommade ? “, vraag ik Pascal. Hij knikt. Ik wrijf zijn scheenbeen in met Traumeel… In de hoop voor hem dat het mag helpen.

In dezelfde straat spreekt een man ons aan. Het pelgrimshuis van het dorp Valpromaro. Een uitnodiging volgt. Een weldoende verwelkoming op de weg. Een pelgrimshuis ‘dans ‘l’ esprit du chemin’ en niet enkel het huis, ook de hospitalièro’s. Blij van hen hier te mogen ontmoeten, na Vercelli zijn zij de tweede op de Via Francigena die ik ontmoet tot nu toe.
Tot tweemaal toe komen er signalen ivm rust en tendinitis. Ik kijk Pascal aan en stel me de vraag wat hij met de boodschappen zal doen. Zou hij er zich bewust van zijn? Zou hij ze gehoord hebben! Benieuwd.
Na deze deugddoende halte en gelijkgestemden te mogen ontmoeten, stappen we verder.

Ik neem mijn eigen ritme aan en laat Pascal en Laurent achter me, richting Lucca.
Ik voel me bruisen van energie en creativiteit. Vreugde stroomt door mijn lichaam. Een gevoel van ‘un nouveau élan’. Een duidelijk zichtbare weg, ‘Ik ben er klaar voor…’ Verschillende boodschappen komen naar me toe en mag ik ontvangen.
Een omwenteling… wordt vervolgd.

Chiesa die San Michel

Piazza Anfiteatro

Asfalt

Bijna vijf kilometer zijn noodzakelijk om de buurt van Massa te verlaten via drukke en gevaarlijke autowegen. Een ware uitdaging om bij mezelf te blijven en geen aandacht te schenken aan het massa geluid, stank van de wagens en deze te trotseren in rust.

Via de drukte van het Carrara gebied met de talrijke vrachtwagens gevuld met marmer… langs steenbedrijven… Niet echt een dag waar ik veel kan overschrijven of vertellen. Een dag waar contact met mensen minimaal is.
Zelf heb ik het gevoel in een nulzone te zijn, tussen oud en nieuw, alsof zich iets nieuws aan het voorbereiden is. Het is.

Het binnenwandelen van Pietrasanta is een grote welkom….De rust van een autovrij plein. Een plaats waar ik iets verfrissend kan drinken. De vele kunstwerken van Manolo Valdés, een Valenciaanse artiest (dankjewel Annick voor de tip) . Op een terras val ik voor een half uur in slaap.
De nacht breng ik door in Cammaiore in een oude abdij die nu aan de gemeente toebehoord. Ik mag er terug de twee Franse pelgrims ontmoeten. Samen op boodschappen, samen eten.

Ik heb vandaag de beslissing genomen de Via Francigena af te werken, eerst naar Rome voor ik naar Assisi wandel. Zo zal ik de drukte van het komende toerisme vermijden, de vele asfalt en de lange weg langs badsteden onderbreken met de bergen. Dus… Hop naar Rome

Camaiore

Massa

Ik verlaat Caniparola langs een kanaal.
Het is een enorm contrast tussen de weg vanwaar ik kom zowel letterlijk, figuurlijk als de omgeving.

Ik voel dat ik in een diepe rust ben, waaruit ik langzaam mag ontwaken. Als een tweede huid waar ik dien uit te komen… mijn armen de vrijheid geven en in wijdsheid kunnen een dankbaar en ontvankelijke beweging maken…

Mijn benen vinden het niet zo leuk momenteel…asfalt… asfalt… asfalt. Als ik in de verte kijk… aan de horizon de zee, nadien een laag beton (industrie zone, tussen en tegen een woninggebied) bomen… Onder mijn voeten asfalt.. Het geluid wagens, wagens, wagens. Waar ik nu doorloop is absoluut niet een van de mooiste stukken tot nu toe, integendeel. Ik ben dan ook heel blij om ’s avonds de rust, stilte van de pleintjes van Massa te mogen vinden en mijn benen en geest te laten rusten.

Cathedral Sint François – Massa

Regen

Aulla

Aulla, een terras, een ontbijt. Een wederzijds delen tussen pelgrims. Onderwerp dankbaarheid, leven, beleven, geloof…Het woord geloof waar velen zo een afkeer van hebben gekregen en waarin het woord onderscheid, scheiden, nuances, grijs niet meer in kan bestaan.
“J’aimerais à la fin de ma vie savoir regarder en arrière avec gratitude”, vertelt een man. “Pourquoi attendre la fin… La maintenant… La gratitude peut être la a chaque instant”, reageer ik terug.
Uit elk onaangenaam moment kan ik zien dat er iets aangenaam uitvloeit daar kan ik enkel maar dankbaar om zijn. Dertig jaar geleden was ik me daar echter niet bewust van. Toen waren de onaangename momenten langer, dan het gevoel van dankbaarheid. Hoe verder de groei hoe korter de onaangename momenten, hoe langer de dankbaarheid. Bewustzijn is hierbij een dankbaar iets.

Een blaffende hond komt naar me toe. Oh… hij gaat voor me lopen en aan iedere hoek blijft hij staan… hij toont me de weg… Plots verdwijnt hij op een terras. Ik draai me om “Grazie” roep ik hem toe. Zonder hem had ik inderdaad de smalle stijgende weg tussen het groen niet gezien.

Het begint te regenen. Mijn paraplu gaat open. Boven op een heuvel bel ik mijn vader om zijn verjaardag te vieren. Eén gerinkel, antwoordapparaat “Bonjour papa, avec une belle pluie et un magnifique soleil en Toscane je vient te souhaiter un bon anniversaire. Une bonne journée à toi, Jasmine. Ta fille”. Ook vaderdag was verbondenheid niet mogelijk en werd het een leeg contact.

De zon, de regen, veilig onder mijn paraplu. In het midden van een prachtige natuur.
Een helse regenbui breekt uit, de zon verdwijnt, een bruin water stroomt langs de weg. Deze natuur uitbarsting was voldoende om iets in mezelf teweeg te brengen. Een uitbarsting in tranen, pijn.
De woorden ‘Ou plus que tu pleur ou moins que tu pisseras’, draaien in mijn hoofd. Ik laat mijn emotie toe… De woorden verdwijnen… De pijn wordt zachter… Het huilen duurt een eindje… Ik laat toe…verlossend…Halfziend door de tranen stap ik verder.
Iets is anders geworden… De pijn is lichter geworden.. Onaangename en aangename, hand in hand… dankbaar om wat gebeurt.

De regen is wat minder geworden. In de verte op mijn linkerkant een dorp op de top van een heuvel. Het vergezicht is prachtig. Witte mist afwisselend tussen de heuvels. Een donker grijze hemel. De regen klettert terug. Krakkkk. Donder… Bliksem… Krakkkk…Een zin komt door meheen ‘Eli, Eli, lemah sabachthani’. Tranen vloeien terug.

Verbonden

Na wat asfalt stap ik terug op zachte ondergrond… Modder… een weg van amper schouderbreedte… Het druppelt… Mijn kleren zijn nat. Het voelt goed om water op mijn huid te voelen. Het kan mij niet deren….De regen doet deugd. Ik sluit mijn paraplu…woorden… zinnen… Ik hoef niets meer boven mijn hoofd om mij te beschermen. Mijn hoofd mag vrij zijn. Vrij van doornen… vrij van andermans doornen.. Gaat er door meheen.

Een vader en zoon kruisen mijn pad. Prachtig om de samenhorigheid te zien. Vader voorop… zoon achterna… Ik geniet van hen te ontmoeten, ook al zeggen we niets tegen elkander. Dankbaar dat ze er zijn, dankbaar om de pelgrim die ik mag ontmoeten en blijven ontmoeten.

Beneden aan een dorp. Een uithangbord… Michelangelo.

De regen verdwijnt. Het onweer is de andere kant op. Mijn lichaam voelt wat zwaar… ook rustig….een stilte binnenin.
’s Avonds, volg ik een misviering. De Heilige San Antonio di Padua wordt gevierd. De patroonheilige van mijn vader en de kerk waar ik een nacht zal doorbrengen.

Sarzana

Mededogen

Pontremoli

Voor ik Pontremoli verlaat, eerst naar de apotheek om Traumeel (mijn wondermiddel).
Een vriendelijke apothekeres ziet me binnenkomen “I have Traumeel for you, i’ m so happy for you”. Een welgemeende ontvangst en vriendelijkheid. “I’m so happy that you’re happy”. Wat zalig zo de dag mogen inzetten. Twee mensen die elkander gelukkig hebben gemaakt.

In Santissima Annunziata laat ik me verleiden door een open deur. Een donkere gang om nadien uit te komen in een kloostergang. Twee kloostergangen, twee binnen tuinen. Geen kat te bespeuren. Achter een raam een massa oude archiefbeelden gestapeld op elkaar. Stof en spinnenwebben hebben hun plaats ingenomen. Waw… En dit staat leeg zonde. Ik zie het al voor me. De ene kant een woongebied de andere kant werkruimte waar handenarbeid wordt verricht, ruimtes voor lichaam en geest. De binnentuinen, de een groenten tuin, de ander fruitbomen. Mijn fantasie slaat op hol.

De weg brengt me doorheen kleine dorpen met smalle straatjes, verdoken uithoeken. Oude werktuigen die dienst doen als een soort openlucht musea. De geur van rozen, Jasminum weet me telkens te verleiden en ik kan het niet laten om er mijn neus in te steken. Passiflora zoeken hun weg doorheen de Jasminum.

Ik denk nog terug aan het contact met de pelgrim van de voorbije dagen. Hoe ik me voelde, wat het met me deed, wat het bij me wakker maakt. Er zijn blijkbaar nog kwetsuren aanwezig, anders had het mij niet geraakt. En de reactie, gedrag van een ander komt opzich ook vanuit een kwetsuur anders geef je niet constant opmerkingen. Allé, dit is mijn idee.
Mededogen

Schtroumpf mécontent zorgde ervoor dat ik me schtroumpf contento voelde. Ook dit is verbondenheid. Grazie pelgrim.

Passo de la Cisa

Passo de la Cissa

Zes uur in de morgen, klaar wakker. Ik spring uit het bed… Verwonderd van mezelf. De zon zit nog achter de heuvels. In stilte verlaat ik de Ostello. Iedereen slaapt nog. Het is stil buiten. Een Zalige temperatuur.
Twee bars, een kapel op een hoogte. Passo de la Cisa. Een poort van Emilia-Romagna regio stap ik Toscanië in. Een bos of noem ik het eerder een woud… Zo voelt het voor mij aan. Op… neer… Op… Neer… Hmmm… De heerlijke geur van naaldbomen…de vochtige aarde.
Een terrein waar ik me goed in voel en telkens een gevoel van thuis komen.
Slangen die rechtsomkeer maken bij het horen van mijn stappen. Hagedissen en Salamanders die hun poten strekken en snel met piepkleine stappen verdwijnen. Ik vind ze grappig soms hoe ze de weg overlopen.
Tibetaanse vlaggen over een rivier… niet onterecht dat ze hier hangen. Een bijzonder woud.
Een paar bellen zijn terug hoorbaar… Hetzelfde geluid als gisteren… ja hoor boven op een heuvel een kudde paarden met hun veulens.
Ik benader ze… Eén paard komt in mijn richting. Ik spreek haar zachtjes aan en steek mijn hand uit… Ze komt recht op me af. Ze komt met haar snoet tegen mijn buik. Ze duwt… Ik streel haar… Niet in woorden uit te drukken. We blijven heel lang dicht bij elkaar. De rest van de paarden komen dichterbij….omcirkeld…ik voel me één met hen. Mijn camera staat aan… Een onvergetelijk moment wordt vastgelegd.
We nemen afscheid… Een gehinnik een knik…
Ze verdwijnen in tegenrichting… De weg gaat verder….

Ik breng mijn armen zijwaarts en voel de vrijheid, vreugde in mijn lijf.
Boven op een heuvel, rondom mij heuvels. Een opkomende zon. De wind. Ik word gewaar…. Hmmm

Hoewel het niet een van de lichtste dagen is… geniet ik enorm van de omgeving. Voor mij een van de bijzonderste en intense dagen tot nu toe in Italië.
Doorheen kleine dorpen, langs geurende olijfboomgaarden. Fladderende vlinders. Fleurige bloemen. Honden die hun baas verwittigen. Romaanse bruggen en wegen. Onder mijn voeten afwisselend gras, keien, klei… Kortom ik geniet.
Een duik in een rivier… Ik heb er zolang na verlangd. Fris en deugddoend.

Een lange afdaling richting Pontremoli, in de verte zicht op het Nationaal park dell’ Appennino.
De avond eindigt in een abdij van de Franciscanen – die er niet meer zijn- in een eenvoudige en rustgevende kamer. Ik verwen mezelf met een zelfgemaakte heerlijke maaltijd.