Fabien en Hélène

Verres

De pelgrimsherberg wat opruimen en poetsen. Twee niet droge gewassen onderbroeken hang ik op aan mijn rugzak. Klaar voor een nieuwe dag. Samen met Ekaterina en haar vier jarige dochter verlaten we de herberg. De straten in Verres kleuren roze omwille van de Giro.
Ik dacht dat het roze voor een of andere communiefeest was. Hmm, mij even bijbenen met wat gebeurt in de wereld…

In een paar dagen tijd heb ik werkelijk drie seizoenen gehad. Van een kersenboom in bloei, tot groene vruchten en dan tot rijpe vruchten.
Binnenkort is het de beurt aan de vijgen, de bomen zijn rijkelijk gevuld.
Een haan… zijn gekraai weergalmt in het dal.
Een geit in de stal kijkt me aan van achter het glas. Doet me denken aan die kleine vensters, huisjes van in de Efteling… die telkens het kleinekind in mij laat terug laat ontwaken.
In een weide… afgemaaid gras… twee tonnen die dienst doen als zitbank… man en vrouw… Uitrusten.

Arnad

Chiesa do San martino

Het dorpje Arnad binnenstappen kan je niet naast de reuze wijnpers kijken. Ze toont aan hoe rijkelijk en belangrijk de economie hier is geweest.
Mijn telefoon rinkelt… Fabien… we spreken af een paar honderden meter verder aan la Chiesa do San martino. Helaas niet open, wel de moeite waard te zien aan de buitenkant.
Vanaf de kerk stappen we verder samen. Het samen stappen voelt goed… We delen moeilijke momenten, vreugde, kennis, wijsheid, steun…

Lekkernij, spek

Ponte di Echallod

Romaanse weg, Donna

Salamanders en hagedissen vluchten weg bij het horen van de stappen. Droge eiken bosjes.
Ik verlaat vandaag de Aosta vallei voor de Piëmonte, de uitlopers van de Alpen.
Een Romaanse weg bij het binnenkomen van Donna’s. De sporen van de voertuigen van vroeger zijn nog goed zichtbaar.
Na een lange eentonige weg tussen de auto’s… De Romaanse brug van Saint Martin.
Bijzonder om in deze regio te zien hoe de wijngaarden worden gebouwd. Alles gebeurt in de hoogte en worden bevestigd aan stenen pilaren. Een voordeel van samen wandelen is dat de ene de ander kan meetrekken… Is net als in het wielrennen en de voortrekker…
We wandelen een goed 26 km… De laatste zes wegen zwaar… Wel de moeite.
“c’est pas grave que on part on éclaireur ?”, vraagt Fabien en Hélène. “Non non, allez y… Éclairer mon chemin !”

Het is belangrijk dat iedereen zijn tempo kan volgen niet enkel op de weg… Ook in het dagelijks leven.

Citroenplant

Pont Saint Martin

Jasminoides

Taratata nougabollen

Châtillon

Na bijna duizend kilometer zie ik voor de eerste keer een eekhoorn. Zo voel ik me in Italië, speels als de eekhoorn.
De geur, de gebouwen in de dorpen doen me wat denken aan deze van in Marokko in het hoge Atlas gebergte. Kippen, konijnen, koeien, geiten… ook zij krijgen hier hun plaats.
Net op het moment dat ik deze gedachte heb, zit op een hoek van de weide een jonge vrouw te telefoneren… in het Arabisch. “Salamaleikoum”,zeg ik wanneer ik voorbij wandel.

Grijze wolken komen zichtbaar. De wind komt op. Wagens komen de berg afgereden met lichten aan. Zou het…!Een paar regen druppels komen amper mijn huid verfrissen.
Een ontspannen lichaam. Ik voel me letterlijk en figuurlijk wegsmelten… weg ballast… Mijn ceintuur mag wat meer aangespannen worden. Mijn broek is te wijd geworden en draait rond mijn benen. Een eerste te grote t-shirt werd al achtergelaten.

Een man komt uit zijn huis gewandeld terwijl ik staat te praten met een poes.
Grijze dikke halflange haren, een wat rond gezicht. Een bril op een ronde neus. Een bleek hemd die half in zijn broek zit… Hij doet me denken aan Gepetto van Pinokkio.

Terwijl mijn gedachten verheugd waren en het idee hadden om af te dalen, wat logisch zou zijn wanneer je de bergen verlaat… Awel… Taratata… Nougabollen…hallococo… Minvoetn… Mamamia. .. Hup… Naar boven….
Ik heb het idee dat ik genoeg stenen gezien heb voor de rest van mijn leven..
Waarschijnlijk ben ik ooit in een vorig leven een berggeit geweest,… Ik zou het nog kunnen geloven…
Lève de Aosta vallei.

Een laatste afdaling voor vandaag richting verres is behoorlijk pittig. Mijn knieën hebben het wat te verduren. Een wat zekerder stap lost de wat de wrijvingen van de knieschijf… Aangekomen beneden… Yes, gelukt.
Hmm… En nog een klim naar de kerk. Aankloppen… “Buonasera fratello. Avete un altro letto libero per un pellegrino”,de sleutel… een huis… een keuken… Een nestje langs de weg.

Voor Ann

Verres

Châtillon

Hoog op een heuvel. Links rechts, voor mij bergen met zijn sneeuwtoppen. Achter mij een kerk. Ik neem tijd en ruimte om geluiden van wat ondermij aan het gebeuren is in me te opnemen. Kinderen op de speelplaats. Oudere traditionele huizen, recente beton gebouwen, kleine industrie gebouwen. Een supermarkt. En daar tussenin een boer wandelend door de stad met zijn koeien op weg naar of komend van zijn weide. Vroeger moesten ze waarschijnlijk gewoon de stal uitgelaten worden. Veertig bergtoppen, zijn hier zichtbaar de hoogste telt 3600 meter.
Ik sluit mijn ogen. De wind blaast in mijn haren. De zon straalt door een wolkenlaag. Vogelgezang mengt zich door elkaar. De geur van de acacia, de vlier.

Kamperfoelie , eglantier en chèvrefeuille geuren de boswegen. De klaprozen zijn talrijk aanwezig, zelfs tussen de druivenranken. Er wordt hier heel weinig tot niet gesproeid tegen het onkruid. Wat fijn om in een pure, natuurlijke omgeving te wandelen.
Wat voel ik me hier goed in Italië. De vele kleine dorpen zijn aangenaam.
De openheid van het landschap. De bergen en bergtoppen met sneeuw zijn voortdurend te zien.
Rond vier uur beslis ik nog om nog 10 km te stappen. Voor Châtillon twee mannen, een wagen, een hond en koeien op de weg.
De man maakt teken dat ik kan gaan. Ter hoogte vanwaar hij staat vraagt hij me een tal van vragen. “Vous allez ou, avec qui, comment… Moi j’habite aux château. J’ai un B&B”, verteld hij in een gebroken Frans terwijl hij naar de torens wijst.
Aangekomen in Châtillon… zie ik staan… Musée de Art… Het kasteel, de tweede is een ruïne… Jaja, ik had zo een vermoeden dat het niet pluis zat.
’s Avonds kom ik aan in het convent van de kapucijnen, twee pelgrims zijn aanwezig, een moeder met haar dochter. Een meisje van ongeveer 5 jaar. Samen doen ze de Via Francigena.

Italie

St. Oyen

Een tunnel… wat een contrast tussen Zwitserland en Italië. Ik hoor kinderen spelen, ‘leven’ is hoorbaar, gewoon natuurlijke geluiden.
De dorpen zijn uitnodigend. Zo dichtbij en zo verschillend. Elk met hun eigen cultuur, traditie, geloof. Goed dat dit er mag zijn anders zou ik de wereld maar saai vinden.
Ik had het gevoel in Zwitserland dat men zich angstig probeerde vast te houden aan… , dat er weinig ruimte was om vrij te zijn… vooral buitenshuis. Het was niet enkel mijn gevoel ook de nieuwe generatie kon dit beamen.
Ik had het gevoel niet vrij te kunnen zijn… een zekere gladgestrekenheid (ik weet niet hoe ik me anders kan uitdrukken) was voelbaar, alles leek zo op elkaar, één richting… Een land met weinig verscheidenheid op straat. Geen land waar ik me thuis zou kunnen voelen of aarden. Ik kan me ook voorstellen dat er mensen zijn die zich hier wel in kunnen goed voelen en rust vinden.
Wat ik Zwitserland dankbaar ben is dat ze door haar eigenheid me heeft doen inzien dat een gestructureerd leven niet voor mij is. Wat ik eerder van mezelf dacht dit wel nodig te hebben om te kunnen functioneren in de maatschappij. Samen met de klaprozen brachten ze me een nieuw inzicht.

Wat ben ik blij dat ik de col niet tevoet heb gedaan en mijn gevoel heb gevolgd. In de tunnel was de mist zo dik dat de bus moest stoppen. Aankomen in Italië was kouder en het regende. Van le ‘Vallei’ naar de Aosta vallei.

Het is genieten om dagelijks tussen de bloemenweiden te wandelen… de wereldtuin.
De verscheidenheid aan flora trekt zo mijn aandacht dat ik soms vergeet de weg verder te nemen, dan geraak ik zo opgeslorpt door de microwereld. Ik herinner me dat flora mijn eerste onderwerp was toen ik begon te fotograferen. Maar wat een verschil vandaag en toen. Kunnen tevreden zijn met een niet perfect beeld en daar helpt de wind me wel bij….weg van de perfectie lève mijn eigen vrijheid…
Zalig.

Het is even zoeken in Italië wat taal, accomodatie en regels betreft. Vaststellen hoe verschillend het kan zijn tussen overal openbare toiletten naar geen, tussen wagens die overal stoppen aan het zebrapad naar het negeren van zebrapad. Tussen stilte naar openlijk je mening delen…

Ik klop aan de deur van een kleuterschool. “Servezi Porvavori”, vraag ik aan de leerkracht. Ik zag even wat onwennigheid en twijfel bij haar. Uiteindelijk mocht ik gebruik maken van het toilet. De kinderen hadden elk een geruit schortje aan gekleurd in roze, lichtblauw of groen. Het deed me denken aan het kleine jongetje met zijn korte broek in ‘la vita è bella’.

De geur van mijn kleren…doen me stilstaan dat ik mag opzoek gaan naar een wasserij.

Een bar. “Vous parler français ?”, vraagt de dame van het café met haar glinsterende ogen. “Si, mais je veut bien apprendre la langue Italienne….euhhh… Mi imparare la lingua Italiana”. Een deur opent… We hebben plezier.
De uitspraak via francigeNA verandert naar via franCIgena.
Op straat, borden met overlijdensberichten zo groot als een affiche.

Kilometers daal ik af in de Aosta vallei richting Aosta. Over, op, naast een irrigatie kanaal. Een kapel ‘je te salue’ om de regio te beschermen, wandelaars en pelgrims. De kerkmuren zijn aan de buitenkant prachtig versierd met religieuze schilderkunst.

In Aosta aangekomen…een plein… Iemand loopt me achterna… Hélène… en Fabien die ik eerder ontmoette in Frankrijk. Een blij terugzien. Ik maakte me om hen wat zorgen, ze waren wel de Col over gegaan. Fabien had me een bericht gestuurd twee dagen geleden toen ze boven aangekomen waren en dat het te doen was. Dit bracht me toen in twijfel. Het eerste wat hij me meld, “tu peut être contente de ne pas l’avoir fait, il y a u des moment que j’ai vraiment u peur”, verteld hij me.
“Oui, je suis contente de ne pas l’avoir fais. Il y a trop de gents expérimenter qui m’ont prévenue”, meld ik. Ik vond het ook belangrijk om stil te staan bij mijn eigen keuzes om al of niet te gaan, ook bij de gevolgen die het kan hebben voor anderen.

Pas ’s avonds laat vind ik een overnachting. Religieuze gezangen hadden mijn aandacht getrokken.

Aosta

Merci

Merci à tous les personnes que j’ai rencontrer en Suisse.

À ceux qui mon offert l’hospitalité, ouvert la porte de la maison, inviter à leur table, reçue avec bras ouvert.

Je vous embrasse

Jasmine

Dieux

Ik verlaat Osieres na een stevig ontbijt, wat krachten opdoen voor de volgende klim.
Bloemenweiden en bergen, sommigen met sneeuw, andere groen of naakte rotsen.

De rust van de natuur brengt me terug naar de dagen rond le Lac Leman…mijn gevoel en vanwaar toen mijn onrust, naar van het al of niet gebruik van het woord God, Dieux…of wat dan ook.

Wanneer geest en lichaam in evenwicht is, krijgen woorden een andere lading.
Er is een verschil tussen een woord gebruiken, uitspreken, horen vanuit een denken of wanneer het vanuit het hart vertrekt waar het een plaats heeft gekregen, opgenomen en geïntegreerd.
Dit is wat hetzelfde als iets buiten jezelf plaatsen, iets laten vertrekken zonder dat er enige connectie voelbaar is binnen jezelf, louter vanuit je denken of het laten vertrekken vanuit je zijn, vanuit het zaadje dat in elk van ons is maar misschien nog niet ontkiemt.
Kunnen voelen dat je het woord draagt, je eigen is geworden. Een woord die geen functie niet meer heeft van losse letters, mentaal en iets die niet tastbaar is .. Wel van het woord transformeren tot een iets tastbaar, voelbaar, gewaarworden binnenin… Een woord krijgt dan plots een totaal andere dimensie, alsof het woord dan enige vrijheid heeft gekregen.

Zo kwam er plots na een bocht zomaar vanuit het niets een woord binnen ‘dieux’ het voelde warm en zojuist. Alsof het van bovenuit via mijn kruin in mijn lijf sijpelde en zich integreerde. Een woord dat een Christen gebruikt of zoals ik het liever noem het universele te duiden. Of zoals een moslim Allah gebruikt. Eigenlijk gaat het allen om hetzelfde. Ik heb me lang niet goed gevoeld bij dit woord om verschillende redenen… omdat ik hoorde hoe verkeerd het woord werd gebruikt, hoe het werd misbruikt, de negatieve reacties van anderen, angst waardoor er een lading kwam opzitten. Hoeveel mensen hebben er diep vanbinnen schrik om dit woord te gebruiken of weigeren… dit komt niet omdat ze weten wat het woord inhoud, wel eerder door wat of hoe men er is mee omgegaan in het verleden of wat men denkt te weten wat het is. Of gewoon omdat men ons geeft proberen aan te leren wie God in werkelijkheid is met woorden en het denken. We hebben beelden voorgeschoteld gekregen of hoe hij eruit ziet, maar nooit had me iemand geleerd om te leren voelen wie God is.
En dit is wat gelijkend zoals ik vroeger nooit gezegd heb dat ik christen was omdat ik schrik had omwille van reacties, reacties die heel kwetsend konden zijn. Er zat een lading op. De reacties zijn er nog altijd, alleen zullen ze mijn zijn niet meer bepalen en zegt het niets over mij wel over de ander.
Christen zijn wilde ik ook niet gebruiken omdat je dan in een groep gestoken wordt net als alle andere godsdiensten waar vaak omheiningen errond gebouw zijn. Alleen men kan evengoed Christenen zijn en er zelf voor zorgen dat omheiningen, muren verdwijnen dan krijgt ook hier het woord een andere lading en kunnen we allen samen arm in arm naast elkaar gaan staan en één zijn. Samen naar de essentie. Gedragen worden door het woord die dan tastbaar wordt.

Terwijl ik neerschrijf denk ik terug aan wat woorden met me deden… Ze zetten me onder druk. Hoeveel keer heb ik willen schrijven… en bij de eerste zin mijn papier verfrommeld. Ontelbare keren kwam ik binninin in angst omdat ik het idee had dat mensen mij niet zouden begrijpen. En hoe meer er van mij iets werd verwacht, hoe meer ik onder druk kwam, hoe meer het tilt deed in mijn hoofd. En dan begon ik iets te zeggen weg uit mijn centrum, weg uit wat voor mij belangrijk was, weg van wie ik was. Het was geen stotteren in taal, wel een stotteren in mijn hoofd. Waarom… ik zat gewoon in mijn denken.
Tijdens mijn pelgrimstocht is geen druk, mijn woorden vloeien eruit zonder denken… Rust. De woorden vloeien vanuit het hart, het gevoel.
Het heeft voor mij ook geen belang niet meer of mensen mij zullen begrijpen… het belangrijkste is dat ik het deel… En de persoon die er nood zal aan hebben, er klaar voor zijn om te ontvangen of open voor zijn, zal ontvangen. Voor de ene zal dit niets zijn, voor de andere in het nu en voor de andere misschien later. En dat is met alles zo… je kunnen openstellen zonder ladingen.. Daarvoor is de weg naar binnen noodzakelijk.

In ons onderwijs worden we van heel klein volgepropt met woorden… Dit moet je kennen, dit is basiskennis, parate kennis…alleen wat betekent een woord als je niet kan voelen wat het met zich meedraagt…

Af en toe zie ik een gele pijl ergens getekend op een rots, boom of muur. De gele pijl die zo veel te zien is op de Camino naar Compostela en waardoor je eigenlijk niet verkeerd kan lopen. Ze leidt je naar… en brengt je de kans om je vrij in beweging te brengen… Een uitgestippelde weg door anderen die je vooraf zijn gegaan, voor anderen… Een verbondenheid. Ze brengt je de kans om je vrij te maken van denken zodat ruimte vrijkomt komt voor geest en ziel, voelen en gewaarworden en waar wijsheid en hart zich kan ontplooien… Geen boekje of gids, geen woorden of kaarten… Totaal in vertrouwen volgen. Alleen dit is net als die woorden, hier in een symbool… Je bewandelt de weg van een ander, het is belangrijk om je eigen weg te wandelen en je eigenheid te behouden. Zoniet blijven muren bestaan.

In een waterstroom neem ik wat rust. Ik ga er middenin staan. Ik leg stenen neer op elkaar en bouw op… best wel leuk om doen. Geen muur die opgebouwd wordt, wel een op zich bestaand iets. Stevig aan de basis… Opbouwend… soms kan het wankelen, dan zoek je evenwicht… en ga je verder… soms kan er een of twee naar beneden vallen… Dan bouw je gewoon weer op, of met dezelfde steen maar leg je die anders of met een ander… tot je tevreden bent.

Op bepaalde plaatsen in het bos zie ik stenen die neergelegd werden door mijn voorbijgangers.
Een steen als teken van ballast. De steen op zich is een handeling, een teken, een symbool. Als teken dat je iets loslaat of achterlaat of het anders wens aan te pakken… Dit is net hetzelfde als de steen die valt hierboven beschreven en terug zijn evenwicht gaat zoeken. Ipv achterlaten of loslaten, gebruik ik liever transformeren en integreren. Want iets loslaten of achterlaten is net als een pakje die daar neerlegt en je handen in elkaar wrijft en zegt ‘hup tis voorbij’ helaas, pindakaas… Het achterlaten en loslaten kan wel een begin zijn van iets nieuws… het bewust worden van, gewaarworden… Dan begint het pas…

is als een rugzak… Het symbool van wat je meedraagt. Die kan lichter worden na het bewustwording van… die kan lichter blijven bij transformatie… Dan kan je plots iets ontmoeten die je ergerd (een actie die buiten jou gebeurt en opneemt, eigenlijk iets over jezelf verteld), je ergeren kan ook samen gaan met bewustworden… Je protesteerde omdat er misschien iets is bij jezelf die aan het veranderden is… Dan boel je plots die rugzak zwaarder worden. Protesteren en ergeren is OK zolang je er bewust van bent en kijkt en voelt wat de achterliggende reden hiervan is… Dit kan van alles zijn… zelf niet durven, zelf niet kunnen, de mogelijkheid niet hebben of nemen… En dit is goed… en zo kan je ervoor zorgen dat die rugzak terug lichter wordt.

De weg blijft stijgen. Mijn kuiten voelen gespannen en mijn longen vragen naar meer ruimte. Ik ontmoet een vrouw, ze wandelt in tegenovergestelde richting. Ze draagt een regenkap want het is ondertussen beginnen wat regenen. We delen en verlaten elkander terug. “Tous du bon”, roept de vrouw me nog na.

Met het beeld van een boeketje. Vergeet me nietjes en des pensée (viooltjes) verlaat ik Zwitserland.

Omwille van niet veiligheid op de col neem ik de bus doorheen de zesentwintig kilometer lange tunnel. De enige manier die er is om zo naar Italië te kunnen gaan. Een dikke mist doet de bus heel traag rijden. Je ziet werkelijk geen steek. ’s Avonds kom ik aan Saint-Oyen.

En de Saint-Bernard… of ik die heb gezien….?

Marie-José

Hopla… Opwaarts, na fijne ontmoetingen bij de broeders en een abdij die supergoed voelt. Het was net als een thuiskomen.
Ik wandel een bos in, steek de spoorweg over, een bos vol Acer, berken, pseudoacacia, viburnum., prunus, walnoot, kastanjes… Op mijn rechterkant in de diepte hoor ik af en toe de boemeltrein voorbij rijden.
Overal in de verte is ergens wel een waterval te bespeuren. Wit lichtblauw van kleur…
Na een paar dagen tussen drukke steden en wegen te wandelen ben ik blij de zuivere lucht terug te mogen inademen van de bergen.
Over hangbruggen. Langs smalle niet ongevaarlijk paadjes. Bepaalde passages zowel stijgingen als dalingen hebben mijn volle aandacht nodig. Het is telkens een stap zetten, vetrouwen en geloven in mezelf. Vertrouwen op mijn krachten. Net als een kind die zijn eerste stappen zet en de wijde wereld tegemoet gaat. En even niet aandachtig zijn, kan de weg je een paar meters lager brengen en kan je rugzak je meesleuren.

Een veer van de Milan, ik raap hem op en fixeer hem in een boomstam. Verder vind ik een schedel in een kom, ik plaats er wat bloemen bij. Voor ik het bos verlaat, een brug… rechts gefixeerd tussen het hout een buizerdsveer.

In het begin van een bergdorp staat een vrouw haar onkruid te verwijderen in de tuin. “Que suis je heureux de trouver le calme de votre village et de la montagne”, vertel ik de vrouw. We praten wat verder. “Vous avez envie de boire quelque chose ?”, vraagt de vrouw. Een paar minuten later zitten we samen in haar tuin te genieten van een potje koffie. Bij Marie-José.

Een hond staat met zijn voorpoten op de fontein en geniet van het vers water die de bergen, moedernatuur ons schenkt. En oh ja, wat smaakt dit water heerlijk.
De naaldtaken vormen een zachttapijt.

Twee bordercollies komen aangelopen. Ze spelen. Een vrouw staat aan haar wagen naast een veld die pas werd geplant met Marjolein. Aan de andere kant werd Edelweiss gezaaid. Een veld die aan hoge biologische eisen moet voldoen en enkel vanaf een bepaalde hoogte (800m)mag aangeplant worden en dit voor de heerlijk snoepjes van…