De uren gaan zachtjes voorbij op de golven van de ‘tijd’. Buiten schijnt de zon en een prille lente is hoorbaar. Af en toe zie ik de pijn op het gezicht van mijn vader. De weinige beweging die er vandaag is, is traag draaien met zijn hoofd, zijn handen die van zijn papegaai (de driehoek om je op te trekken aan je bed) naar de zakdoek grijpen om dan zijn handen te kruisen op zijn borstkas, waarna ik hem nadien toedek om het warm te hebben. Hij draait zijn hoofd een kwartdraai naar rechts. “Wat ga je doen eenmaal dit voorbij is?”, vraagt hij me. Ik leg mijn handen op zijn bedsponde en leg mijn kin leunend erop. “Je huis verder afronden. Nadien een huis zoeken voor mij. Een pelgrimstocht voorbereiden voor JT’M, waar Jeanne d’Arc- terwijl ik verwijs naar een beeldje op zijn kast- mee gaat. In juni, het weekend van je verjaardag, ga ik eerst ‘le Ministère de la Madeleine’ afronden. Ik ga er dan mijn ordinatie ontvangen. Weet je nog 4 jaar geleden ik belde je op om te zeggen dat ik zou trouwen. Je zei me “och, en ik ken mijn schoonzoon niet.’ wanneer ik je toen ze ‘ Och, jawel je kent hem heel goed, Jezus’. We hebben toen goed gelachen. Weet je nog!” De vreugde van toen was terug aanwezig. ” Papa, de ordinatie die ik zal ontvangen is zo juist in tijd en plaats.”. Ik deel hem in het kort waar het doorgaat, met wie en wat ik doe. ” De Tor, dit zegt me iets”, fluisterd hij en gaat verder “wordt dit geschreven met een H.” “Neen, zonder papa”. Thor, is een Noorse god. Hij was de god van de donder in de Noordse mythologie. Zoon van de oppergod Odin (Wodan) en de godin van de aarde Fjorgyn. Hij staat ook bekend als Donar (donder-dag) Samen met zijn machtige hamer, de Mjölnir was hij de heerser van de stormen waarbij hij de regen zou laten vallen. Deze neerslag hadden de boeren immers hard nodig voor hun gewassen. Replica’s van zijn hamer werden gebruikt om brandstapels te zegenen, waardoor hij werd geassocieerd met de dood en crematie. “Ik heb een wens, zou je iets willen doen wanneer je daar bent?” “Zeg maar papa”. Ik breng mijn oor wat dichter terwijl hij fluisterde. “Dit zal ik doen. Daar mag je op rekenen”, beloof ik hem. “Ik zal present zijn voor je ordinatie, ik zal daar staan met mijn hond”, deelt hij.
Bij het naar huis rijden blijft dit waardevol moment dichtbij me. Het voelt als een cirkel die rond is en terzelfde tijd aan de deur van iets nieuws. Alsof het leven van mijn papa en dit van mij parallel naast elkander staan om dan nadien in elkander overvloeien en een fakkel zal worden doorgegeven. Alsof hij mij de wereld instuurt onder een gevleugelde. En hoe bijzonder om net tijdens het weekend van zijn verjaardag mijn ordinatie te doen. Hij wordt er dan 81, een 9
Ik hou niet van je met mijn hart en geest. Ik hou van je met mijn ziel, voor het geval mijn geest het vergeet en mijn hart stopt. ~ Rumi
Les heures s’écoulent doucement sur les vagues du « temps ». Dehors, le soleil brille et un soupçon de printemps se fait entendre. De temps en temps, je vois la douleur sur le visage de mon père, qui est en fin de vie. Le seul mouvement qu’il y a aujourd’hui est de tourner lentement la tête, ses mains allant du perroquet (le triangle pour se tirer au dessus du lit) jusqu’à prendre le mouchoir puis croisant ses mains sur sa poitrine, après quoi je le couvre pour le garder au chaud. Il tourne la tête d’un quart de tour vers la droite. “Qu’est-ce que tu vas faire une fois que tout sera fini ?”, me demande-t-il. Je pose mes mains sur le bord de son lit et pose mon menton dessus. “Terminé de vidé la maison. Apres cherchez une maison pour moi. Préparez un pèlerinage pour JT’M, puis ta petite statue de Jeanne d’Arc sur ton armoire va m’accompagner. Mais d’abord en juin, le week-end de ton anniversaire, je terminerai d’abord « le Ministère de la Madeleine ». J’y recevrai mon ordination. Tu te souviens, il y a 4 ans, je t’ai appelé pour te dire que j’allais me marier. Tu m’avez dit “oh, et je ne connais pas mon gendre”. Quand je t’ai dit: ‘Oh, oui, tu le connais très bien, Jésus.’ On a bien rigolé. Tu te souviens? “ La joie de cette époque était présente. “Papa, l’ordination que je suis sur le point de recevoir tombe à point en temps et lieu.” Je partage brièvement avec lui où cela se déroule, avec qui et ce que je fais. “Le Tor, ça me dit quelque chose”, murmure-t-il et continue, “c’est écrit avec un H.” “Non, sans papa.” Thor est un dieu nordique. Il était le dieu du tonnerre dans la mythologie nordique. Fils du dieu suprême Odin (Wodan) et de la déesse de la terre Fjorgyn. Il est également connu sous le nom de Donar (jeudi). Avec son puissant marteau, le Mjölnir, il était le maître des tempêtes où il faisait tomber la pluie. Les agriculteurs avaient désespérément besoin de ces précipitations pour leurs récoltes. Je lui explique ce que est le Tor, à Glastonbury.
“J’ai un souhait, veut tu faire quelque chose pendant que tu y êst?” “Dis moi papa”, je rapproche un peu mon oreille pendant qu’il murmure…. “Oui, je vais le faire. Tu peut compter sur moi”, lui promets-je. Et pendant que il me fait un petit sourire il me dit “Je serai présent pour ton ordination, je serai là avec mon chien”.
En rentrant chez moi, ce moment précieux ne s’en va pas. C’est comme si la boucle était bouclée et en même temps à la porte de quelque chose de nouveau. Comme si la vie de mon père et la mienne étaient parallèles l’une à l’autre, puis se rejoignaient et qu’un flambeau me serait transmis. Comme si je suis envoyait au monde sous un ailé. Si fort de faire mon ordination juste le week-end de son anniversaire. Mon papa auras 81 ans, un 9.
Je ne t’aime pas avec mon cœur et mon esprit. Je t’aime de tout mon âme, juste au cas où mon esprit oublierait et mon cœur s’arrêterait ~Rumi
Sedert een paar dagen zijn we een nieuw jaartal ingegaan, 2025. Numerologisch een 9. Mijn geboorte cijfer is een 9, ik ben terug een 9 dit jaar in een 9 jaar. En besefte nog niet zolang geleden dat mijn 2de pelgrimstocht start op 9-9-9. Een pelgrimstocht in het teken van de ‘Moeder’. 2025 is een jaartal die reeds sedert 2017 mijn nieuwsgierigheid opgewekt heeft na er iemand 700km had gereden om mij te ontmoeten en me iets te delen terwijl hij 20km verder woonde van waar ik toen woonde. Ik heb die man nadien nooit meer terug gevonden. Hij doet me denken aan die priester die verdween in zijn bureau nadat hij me iets had gevraagd en me liet spiritueel ontwaken door zijn vraagstelling, dit was tijdens mijn tocht in 2018, in Fiorenzuola.
De energie van 2025 liet zich al goed merken in de laatste 2 maand van 2024. De verhuis naar Menen, mijn geboorte plaats waar ik de eerste 25 levensjaren heb doorgebracht was niet zomaar – niets is trouwens zomaar – werd me heel snel duidelijk met de gebeurtenissen. Mijn vader die werd opgenomen in het ziekenhuis en die volgende week naar een nieuwe verblijfplaats gaat en die hoogstwaarschijnlijk nooit meer zal wandelen. Het ledigen van zijn huis waar ik alleen voor sta en soms door de bomen het bos niet meer zie. Het in orde brengen van zijn papieren. De confrontatie met instanties, mensen die vertrouwen in een systeem die niet meer correct werkt of gewoon niet meer werkt. Mijn eigen contracten die hier niet in orde komen. Het kan niet duidelijker zijn. En aan de andere kant het leven die mij helpt en een duwtje in mijn rug steekt om het hier af te sluiten. Diep van binnen weet en voel ik dat ik niet alleen ben en daar ben ik dankbaar om. Het ondersteunt mij in de momenten wanneer angst even komt kijken, zodat het geen kans meer krijgt.
Sommige momenten wordt ik getriggerd op oude kwetsuren om te kijken of ik mijn lessen geleerd heb ‘hey en weet je nog!’ Jaja, ik weet nog. In vertrouwen sta ik in de situatie en probeer zo goed mogelijk mij flexibel op te stellen. Niet altijd even gemakkelijk. Het lukt me. De tranen die soms vloeien ontstaan niet meer vanuit pijn, ze ontstaan op het moment dat ik vaststel dat mijn vader niet de man is hoe hij zich in al die jaren heeft voorgedaan. De tranen voelen bevrijdend aan. De patriarch voor en rond mij smelt letterlijk als sneeuw voor de zon. En terwijl ik dit schrijf kan ik heel goed begrijpen waarom ik hem bijsta. De vrouw in mij, krijgt haar juiste plaats terug.
Af en toe zou het wel deugddoend zijn om op een tedere manier omarmt te worden in het proces. Op de eerste plaats komt dan ‘moeder’, de moeder die me op de wereld bracht in mij gedachten. Ik belde haar op, er werd opgenomen en onmiddelijk ingehaakt. Tevergeefs. Ik schrijf haar een brief en doorbreek hierbij een stilzwijgen.
Ik sluit af met het gebed en de mantra die ik ontving tijdens het weekend – zalving in Glastonbury’ I am the mother, I am the mother, I am the mother…. mijn mantra bracht me al heel veel ondersteuning, kracht en zachtheid.
En hoe fijn is het om te beseffen dat de nummers 31 en 71 op de achtergrond zijn verdwenen en zich aan het integreren zijn. En de 11:11 ook minder voor me verschijnt. De portaal die ik zag was een duidelijke boodschap. Het oude verdwijnt het nieuwe kondigt zich aan. Binnenkort ga ik er even tussenuit richting de Pyreneeën en dan Bretagne. Daar wordt ik vreugdevol van. Ik kijk ernaar uit.
Depuis quelques jours, nous sommes entrés dans une nouvelle année, 2025. Numérologiquement, un 9. Mon chiffre de naissance est un 9, et cette année, je suis à nouveau un 9 dans une année 9. J’ai récemment pris conscience que mon deuxième pèlerinage commence un 9-9-9. Un pèlerinage sous le signe de la ‘Mère’.
2025 est une année qui a éveillé ma curiosité depuis 2017, lorsqu’une personne a parcouru 700 km pour me rencontrer et me partager quelque chose, alors qu’il habitait à seulement 20 km de chez moi à l’époque. Je n’ai jamais revu cet homme. Il me rappelle ce prêtre qui a disparu dans son bureau après m’avoir posé une question, déclenchant ainsi mon éveil spirituel. C’était lors de mon chemin en 2018, à Fiorenzuola.
L’énergie de 2025 s’est déjà fait sentir dans les deux derniers mois de 2024. Mon déménagement à Menin, ma ville natale où j’ai passé mes 25 premières années, n’était pas anodin – rien ne l’est d’ailleurs – cela m’est apparu clairement à travers les événements. Mon père a été hospitalisé et la semaine prochaine, il partira vers un nouveau lieu de vie, où il ne marchera probablement plus jamais. Je suis seule à vider sa maison, parfois incapable de voir clair au milieu de tout cela. Je dois aussi gérer ses papiers, faire face aux institutions et aux personnes qui placent leur confiance dans un système qui ne fonctionne plus correctement, voire plus du tout. Même mes propres contrats ici ne se règlent pas. Cela ne pourrait être plus clair.
Et pourtant, la vie m’aide et me pousse à clôturer ce chapitre. Au plus profond de moi, je sais et je ressens que je ne suis pas seule, et j’en suis reconnaissante. Cela me soutient dans les moments où la peur tente de s’installer, l’empêchant de prendre le dessus.
Parfois, d’anciennes blessures refont surface pour tester si j’ai bien appris mes leçons. « Hé, tu te souviens ? » Oh oui, je me souviens. Avec confiance, je fais face à la situation et j’essaie d’être aussi flexible que possible. Ce n’est pas toujours facile, mais j’y arrive. Les larmes qui coulent parfois ne viennent plus de la douleur, elles surgissent quand je réalise que mon père n’a jamais été l’homme qu’il prétendait être. Ces larmes sont libératrices. Le patriarche en moi et autour de moi fond littéralement comme neige au soleil. Et en écrivant cela, je comprends pourquoi je suis là pour lui. La femme en moi retrouve sa juste place.
Parfois, un simple geste de tendresse me ferait du bien dans ce processus. La première figure qui me vient à l’esprit est celle de ma mère, celle qui m’a mise au monde. Je l’ai appelée, elle a décroché et a immédiatement raccroché. En vain. Alors, je lui écris une lettre, brisant ainsi un long silence.
Je termine avec la prière et le mantra que j’ai reçus lors du week-end de l’onction à Glastonbury : “I am the mother, I am the mother, I am the mother…” Ce mantra m’a apporté beaucoup de soutien, de force et de douceur.
Et quel soulagement de constater que les nombres 31 et 71 se sont estompés en arrière-plan et s’intègrent petit à petit. Même le 11:11 apparaît moins fréquemment. Le portail que j’ai vu portait un message clair. L’ancien disparaît, le nouveau s’annonce.
Bientôt, je prendrai un moment pour moi, en direction des Pyrénées, puis de la Bretagne. Cette perspective me remplit de joie. J’ai hâte.
Ooit zei iemand gerechtigheid zal geschieden. Daarmee werd niet gezegt oog om oog, tand om tand of een uitdrukking die ik vaak heb gehoord en uit zijn context gehaald werd ‘Karma zal het wel doen.’ Wel in Liefde zijn, ten midden daar waar men gevaar voelt, en geen gevaar is. Wat niet wil zeggen dag je de ander lief hebt, wel dat je in liefde blijft en de ander benaderd met hoe jezelf zou benaderd willen worden en hem als mens respecteert. Te voelen, gewaar worden wat het in je lijf doet Ik heb zo lang gedacht dat ik veel aankon. Dit aankunnen was vanuit een vorm van overleving omdat ik diep van binnen gebroken werd. Ik wist niet meer wie ik was, wat ik hier kwam doen. Binnen in mezelf was er een zwart donker oneindig gat, gelukkig is dit donker gat al uit een ver verleden tijd.
Neen, ik schrijf dit niet neer om jullie aandacht of medelijden, wel om jullie te laten zien dat er andere wegen zijn dan wat de meesten kennen tot op vandaag, zoals schuld geven aan iets, aan iemand anders of een zondebok van iemand maken. Deze worden allen gecreëerd om niet naar zichzelf te moeten kijken. Iemand gaf ooit een mooi voorbeeld met onze vingers. Wanneer men naar iemand wijst zijn er altijd 4 vingers die naar je zelf wijzen.
Ik heb me vaak als jonge meisje de vraag gesteld wat heb ik verkeerd gedaan? En vandaag krijg ik daar nog altijd geen rechtstreeks antwoord op. Ik zie wel een rechtstreekse kijk op de situatie. Ik wordt al een eindje gewaar in mijn lijf dat alles veel sterker voelbaar wordt. Daar waar ik nog niet zo lang geleden soms nog twijfelde is haarfijn geworden. En dit is geen gewaarwording die enkel voor mij is, neen, ik ben ervan overtuigd dat dit iets op een veel groter geheel is.
Een paar dagen geleden wanneer ik in de nacht over straat liep voelde er iets heel bevreemdend. De aarde waar ik op leef voelde niet meer als voordien, wat ik zag rondom mij hoorde er ook niet meer te zijn het was doods, afgestorven. Het klopte niet met wat in mijn aanwezig is en waar ik diep van binnen kan gewaarworden van iets die aan het ontstaan is en nog niet zichtbaar is voor het oog.
Leugens komen aan de oppervlakte, daden onterecht naar de ander kunnen niet meer verborgen blijven. Men kan er niet meer omheen. Neen, het is niet de bedoeling om te oordelen of veroordelen. Neen, het is niet te bedoeling om met de vinger te wijzen, weet je nog, de vier andere…. Wel om samen met de andere en de gebreken vooruit te gaan zodat de andere de kans krijgt te groeien en dit geldt ook voor onszelf. En jij jezelf kan bevrijden van wat niet van jou is. There is no escape possible anymore
Quelqu’un a dit un jour que justice serait fait. Cela ne disait pas œil pour œil, dent pour dent ou une expression que j’ai souvent entendue et mis hors de son contexte : “Le Karma fera le travaille”. Être Amour, au milieu où l’on sent le danger et où il n’y a pas de danger. Cela ne signifie pas que vous aimez l’autre personne, mais que vous restez dans l’amour profond de ton être et que vous vous approchez de l’autre comme vous aimeriez qu’on vous approche et que vous le respectez en tant qu’être humain. Ressentir, prendre conscience de ce que cela fait dans votre corps Pendant si longtemps, j’ai pensé que je pouvais gérer beaucoup de choses. Faire face à cela était une forme de survie parce que j’étais profondément brisé à l’intérieur. Je ne savais plus qui j’étais, ce que je venais faire ici sur cette terre. En moi il y avait un trou noir, sombre, infini, heureusement ce trou sombre vient déjà d’un passé lointain.
Non, je n’écris pas ceci pour votre attention ou votre pitié, mais pour vous montrer qu’il existe d’autres moyens que ce que la plupart des gens connaissent jusqu’à aujourd’hui. Comme blâmer quelque chose, quelqu’un d’autre ou faire de quelqu’un un bouc émissaire. Tout cela y est pour que nous n’ayons pas à nous regarder en soi. Quelqu’un m’a donné un jour un bel exemple avec nos doigts. Lorsque vous montrez quelqu’un du doigt, il y a toujours 4 doigts pointés vers vous.
Quand j’étais petite, je me demandais souvent : qu’est-ce que j’avais fait de mal ? Et aujourd’hui, je n’obtiens toujours pas de réponse directe à cette question. Je vois une vision directe de la situation. J’ai déjà commencé à remarquer dans mon corps que tout devient beaucoup plus visible. Là où j’avais parfois des doutes il n’y a pas si longtemps, c’est devenu très clair. Et ce n’est pas une sensation qui n’est que pour moi, non, je suis convaincu que c’est quelque chose qui est présent pour beaucoup d’autre personne.
Il y a quelques jours, alors que je marchais dans la rue pendant la nuit, quelque chose m’a semblé très étrange. La terre sur laquelle je vis ne me semblait plus comme avant, ce que je voyais autour de moi ne devrait plus être là, c’était mort, cela ne fesais plus parti de se temps. Cela ne correspondait pas à ce qui est présent en moi et là où je peux sentir au plus profond de moi quelque chose qui émerge et n’est pas encore visible à l’œil nu.
Les mensonges remontent à la surface, les actions injustifiées envers autrui ne peuvent plus rester cachées. On ne peut plus l’ignorer. Non, l’intention n’est pas de juger ou de condamner. Non, l’intention n’est pas de pointer du doigt, rappelez-vous, les quatre autres… Mais d’avancer avec l’autre et ses défauts pour que l’autre ait la possibilité de grandir et cela s’applique aussi à nous-mêmes. Et vous pouvez vous libérer de ce qui ne vous appartient pas. Il n’y a plus d’évasion possible
Van de Notre Dame de Victoire verder richting de kapel van de Heilige Rita. Zelf ken ik niet veel verhalen van Heiligen en waarom ze heilig werden verklaard. Behalve fra Francicus die ik van dichtbij leerde kennen tijdens mijn tocht in 2018. Thérèse de Lisieux die de laatste 2 jaar in mijn leven is gekomen in de zoektocht naar mijn plaats op deze wereld. Yeshua, al gans mijn leven présent. Maria Magdalena sedert 2014 op mijn eerste tocht naar Compostelle en Marie liet zich voelen in 2017 in Rocamadour. Vandaag zijn ze heel present in mijn leven en kom ik nog dieper in aanraking met hen op ‘ La Voie de la Madeleine’ opgericht door Anaïs Theyskens. Het komt mijn voorbije 10 jaar pelgrimeren bekrachtigen en bevestigen. Alle elementen die mij hebben gevoed en aanwezig waren de voorbije jaren zijn present. Alchemie, het gnostische, het mystieke en vooral de weg van puurheid, authenciteit op weg naar SamenZijnInAllEenheid.
Volgens de overlevering ontving Heilige Rita van Cascia (Margarito Lottius 1381-1457) op haar 52ste tijdens een intens gebed voor een Jezusbeeld een stigma: een doorn van Jezus’ de kroon plantte zich in haar voorhoofd. De wonde zou tot haar dood openblijven en alleen tijdens een bedevaart naar Rome tijdelijk genezen. Er naast is er ook de legende van de Roos. Vlak voor haar dood in 1457 ontstond de beroemde legende van de roos. Het verhaal gaat dat in het putje van de winter, er een roos bloeide in de tuin van haar vroegere huis. Dit wonder wordt vaak afgebeeld in afbeeldingen van de Heilige Rita, die vaak met een roos in haar hand wordt getoond. Deze legende leidde tot haar associatie met rozen, die vaak aan haar worden geschonken.
Daarna stapten we verder richting de Notre Dame met de hoop en in vertrouwen dat we binnen konden tussen de vele volgeboekte reserveringsplaatsen. Ondertussen hebben we wat bijgepraat over het leven, de maatschappij, de gebeurtenissen met mijn vader, het woord trauma die ik lang niet in mijn mond durfde te nemen. In het delen hiervan kwam een duidelijke boodschap ‘Je trauma zal geheeld worden in het nabij zijn met je pa’.
Aangekomen aan de Notre Dame kregen we de boodschap dat we pas 4 uur later zouden binnen kunnen met een wachtfile van 2 uur in de rij. We waren het mee eens dat 4 uur wachten in de kou wat lang was. ‘Kom ik nodig je uit voor een koffie. De Notre Dame zal zijn deuren wel openen wanneer de tijd er rijp voor is’, zei ik tegen Rachida. Terwijl we een koffie dronken kreeg Rachida een boodschap op haar gsm : ‘la couronne d’ épine revient cette après midi à Notre Dame’. We keken elkander aan. Zonder woorden konden we elkander begrijpen. We bleven nog wat in de warmte zitten en stapten nadien terug naar de Notre Dame. “Kom” zei ik tegen Rachida “we gaan die richting uit”. De pelgrim stapte met wat steviger stappen, alsof ik geduwd werd. Ik ging in de rij staan. 4 mensen stonden naast me. Rachida kwam naast me staan. “Allé, on est parti, parti pour 2 heures d’attente”, zei ik met een glimlach tegen Rachida. Terwijl ik me wat beter induffelde om de koude te trotseren voelde ik een beweging ontstaan. “Kom Rachida volg me” plots ging er iets open en mochten we binnen zonder enige reservatie. Ik trok mijn schouders en wenkbrauwen op van verwondering. Sommige dingen moet men gewoon niet proberen te begrijpen. Gewoon ontvangen met open armen en ervan genieten. Samen met nog een andere vrouw stapten we de Notre Dame binnen. Na plaats te hebben genomen stelden we ons aan elkander voor. Een vrouw van Islamitische afkomst, dit bracht me nog meer vreugde om dit ook met haar te moge vieren. Na gans de processie kregen we de kans om de ‘couronne d’ épine ‘ te bekijken geplaatst in haar imposante reliekhouder, een krachtig symbool die mij niet onverschillig liet. De kracht die het uitstraalde was even imposant.
Ik kort mijn weekend Parijs in met één dag en keer terug naar mijn vader. Dagelijks ga ik twee uren naar het ziekenhuis om bij hem aanwezig te zijn. De tijd samen wordt ingevuld met het in orde brengen van paperassen. Hem zachtjes en met een realistische kijk op de situatie benaderen, bespreken, voorbereiden naar het idee van een verhuis naar een rust en verzorgings huis. Af en toe is verdriet aanwezig, en moedig ik hem aan om zijn tranen de vrije loop te laten. We hebben diepe gesprekken. Hij laat ze toe en gaat niet meer lopen, hmmm, wat hij figuurlijk niet meer kan. Ik kan mijn gevoelens delen en kan zelf het woord trauma bij hem ter sprake brengen. Het nabij zijn van nu brengt vage herinneringen op een diepere laag, die ergens verborgen lag in veiligheid, van momenten hoe fijn we het soms konden hebben samen. Bizar, alsof een deel vanuit mijn jeugd weggeveegd was. Hoe verder de dagen, hoe meer hij in acceptatie gaat. Een nieuwe fase in zijn leven is komen aankloppen. Tussen zijn wast, papieren, zijn zorgen ben ik begonnen met zijn huis te ledigen. Hij laat me binnenkijken in zijn leven op vele vlakken. Als ik hem zie zitten in de zetel zie ik een man die zijn kwetsbaarheid laat zien, die zich vele vragen aan het stellen is over zijn leven, die verlangens heeft maar niet durft uit te spreken daar waar het moet uit schrik om afgewezen te worden…. Wanneer ik aankom in zijn kamer is een glimlach van tevredenheid zichtbaar “Quelle nouvelle” zegt hij dan. Naast de kiné heb ik een olie klaar gemaakt om iedere avond zijn bovendij te masseren. Calophyl met een paar druppels Helicrysum, kamfer rozemarijn, hennep en gaultheria. Samen met hem observeer ik zijn been hoe het zich gedraagt en zoeken we samen uit wat we kunnen doen. En wanneer Een paar dagen geleden zei hij me “c’est le plus beau Noël que j’ai u.”.
Emotioneel kan het soms wel zwaar door wegen maar het is maar gelukkig voor eventjes. Mijn leven is momenteel herleid naar een bubbel, de zorg voor mijn pa en zelfzorg. De nood is sterk aanwezig om bij thuiskomst in mijn holletje te kruipen. Het eerste wat ik dan doe is de kaarsjes en feeërieke lichtjes aansteken. Mijn neus in mijn rozen te steken, ogen sluiten en de helende geur laten binnenkomen. Mijmeren en het stil maken en alles wat daar buiten is bestaat dan niet meer. Zalig.
Een iets is zeker ik prijs me gelukkig ook al is de situatie niet evident. Ze is helend. En ik ben dankbaar om wat er aan het gebeuren is.
Ik herinner mij de vele boodschappen in Parijs en ook deze die ik mocht ontvangen in Glastonbury toen ik naast de Chalice Well zat en de boodschap kreeg ‘est confiance à l’ombre, je mets mes mains entre tes mains’ en ‘Revient humus’ wel daar zit ik midden in. Ik word duidelijk gewaar dat er zich iets aan het voorbereiden is. Ik voel me werkelijk op mijn plaats op deze Kerstdag. Waar het Licht wordt gevierd, une re-naissance. Nog nooit heb ik Kerst op zo een manier mogen aanvoelen en subtiel gewaarworden… réel. levend.
Ik dank mijn zussen en broers op de weg van de roos voor hun aanwezigheid. Ik dank het leven voor wat het me brengt in de uitdagingen die ik ontvang. Ik dank mezelf en de liefde die ik ben, De aanwezigheid van mijn gidsen.
Om af te sluiten deel ik graag deze tekst die een hartsvriendin, Ann recent postte op haar fb pagina. Een tekst van Willem Glaudemans : wees een lichtbaken
Wees een baken van rust te midden van toenemende angst, en laat je licht helder schijnen te midden van alle beroering. ✨️✨️✨️ Wees een baken van rust en kijk achter de veelal heftige materiële veranderingen naar de noodzakelijke geestelijke evolutie. ✨️✨️✨️ Wees een baken van rust en neem je authentieke plek in binnen het weefwerk van de Al-Ene en leef je levensmissie. . ✨️✨️✨️ Wees een baken van rust en verbind je met de vele helpers en lichtgenoten om je heen. Verbind je met je ware Zelf, je levenslicht. ✨️✨️✨️ Weet dat je niet alleen bent, en laat de branding van verandering over je voeten golven en blijf stevig staan als een baken van licht 🌟❣️
Ik voel me een gezegende vrouw. In dankbaarheid.
Aan allen een fijne ontmoeting in Liefde en met het Licht. Zalige Kerst
Jeanne d’Arc
Depuis Notre Dame de Victoire on continue vers la chapelle de Sainte Rita. Personnellement, je ne connais pas beaucoup d’histoires de saints et pourquoi ils ont été canonisés. Sauf frère François , que j’ai connu de près lors de mon pelerinage en 2018. Thérèse de Lisieux, qui est entrée dans ma vie ces 2 dernières années ou j’étais à la recherche de ma place dans ce monde. Yeshoua, présent toute ma vie. Marie-Madeleine depuis 2014 lors de mon premier pèlerinage à Compostelle et Marie s’est fait entendre en 2017 à Rocamadour. Aujourd’hui, ils sont très présents dans ma vie et je les côtoie encore plus profondément depuis que j’ai commencé ‘La Voie de la Madeleine’ fondée par Anaïs Theyskens. Cela renforce et confirme mes 10 dernières années de pèlerinage. Tous les éléments qui m’ont nourri et qui étaient présents ces dernières années sont présents. L’Alchimie, le gnostique, le mystique et surtout le chemin de la pureté, de l’authenticité sur le chemin d’Être EnsembleDansToutUnité.
Selon la tradition, sainte Rita de Cascia (Margarito Lottius 1381-1457) a subi un stigmate à l’âge de 52 ans lors d’une intense prière devant une statue de Jésus : une épine de la couronne de Jésus s’est plantée dans son front. La blessure restera ouverte jusqu’à sa mort et ne guérira que temporairement lors d’un pèlerinage à Rome. A cela s’ajoute la légende de la Rose. Juste avant sa mort en 1457, surgit la célèbre légende de la rose. L’histoire raconte qu’en plein hiver, une rose a fleuri dans le jardin de son ancienne maison. Ce miracle est souvent représenté dans les images de sainte Rita, souvent représentée tenant une rose à la main. Cette légende l’a amenée à l’associer aux roses, qui lui sont souvent offertes.
Nous avons ensuite continué vers Notre Dame avec l’espoir et la confiance de pouvoir figurer parmi les nombreuses places réservées. En attendant, nous avons parlé un peu de la vie, de la société, des événements avec mon père, du mot traumatisme que je n’ai pas osé utiliser pendant longtemps. En partageant cela, un message clair est venu : « Votre traumatisme sera guéri en étant près de votre père ».
Quand nous sommes arrivés à Notre Dame, on nous a dit que nous ne pourrions entrer que 4 heures plus tard avec une file d’attente de 2 heures. Nous étions d’accord sur le fait qu’attendre 4 heures dans le froid était un peu long. “Viens, je t’invite à prendre un café. Notre-Dame ouvrira ses portes le moment venu”, ai-je dit à Rachida. Alors que nous prenions un café, Rachida a reçu un message sur son téléphone portable : “la couronne d’épine revient cette après midi à Notre Dame”. Nous nous sommes regardés. On c’est compris sans mots. Nous sommes restés dans la chaleur pendant un moment puis sommes retournés à Notre-Dame. ” Allez, dis-je à Rachida, on va dans cette direction” . Le pèlerin faisait un pas un peu plus ferme, comme si j’étais poussé. J’ai fait la queue. 4 personnes se tenaient à côté de moi. Rachida est venue se placer sur ma droite. “Allé, on est parti, parti pour 2 heures d’attente” , dis-je à Rachida en souriant. Alors que je me m’etais un peu mieux pour affronter le froid, j’ai senti un mouvement surgir. “Viens Rachida, suis-moi” soudain, quelque chose s’est ouvert et nous avons été autorisés à entrer sans aucune réservations. J’ai haussé les épaules et les sourcils de surprise. Il ne faut tout simplement pas essayer de comprendre certaines choses. Accueillez-le à bras ouverts et profitez-en. Avec une autre femme, nous sommes entrés dans Notre-Dame. Après avoir pris nos places, nous nous sommes présentés. La femme etait d’origine islamique, cela m’a apporté encore plus de joie de pouvoir célébrer cela avec elle. Après toute la procession nous avons eu l’occasion d’admirer la couronne d’épine placée dans son imposant reliquaire, un symbole puissant qui ne m’a pas laissé indifférent. La puissance qu’elle dégageait était tout aussi impressionnante.
Je raccourcis d’un jour mon week-end parisien et je retourne voir mon père. Je vais à l’hôpital deux heures par jour pour être avec lui. Le temps ensemble est consacré à la préparation des documents. Je l’aborde avec une certaine douceur et avec une vision réaliste sur la situation, en partagent, en le préparé à l’idée d’un déménagement en maison de repos et de soins. Parfois, la tristesse est présente et je l’encourage à laisser couler ses larmes. Nous avons des conversations profondes. Il les autorise et ne s’enfuis plus, hmmm, ce qu’il ne peut plus faire au sens figuré. Je peux partager mes sentiments et évoquer moi-même le mot traumatisme avec lui. Être proche ramène désormais de vagues souvenirs sur une couche plus profonde, cachée quelque part en sécurité, des moments où nous avons parfois passer du bon temps ensemble. Bizarre, comme si une partie de ma jeunesse avait été effacée. Plus les jours avancent, plus il entre dans l’acceptation. Une nouvelle phase de sa vie arrive. Entre sa lessive, ses papiers et ses soucis, j’ai commencé à vider sa maison. Il me laisse voir et approché sa vie dans de nombreux domaines. Quand je le vois assis dans le fauteuil, je vois un homme qui montre sa vulnérabilité, qui se pose beaucoup de questions sur sa vie, qui a des désirs mais n’ose pas les exprimer là où il le faut de peur d’être rejeté… . Quand j’arrive dans sa chambre, un sourire de satisfaction est visible. “Quelle nouvelle” dit-il. En plus de la physiothérapie, je lui ai préparé une huile pour lui masser le haut de la cuisse tous les soirs. Calophylle avec quelques gouttes d’Helicrysum, de romarin camphré, de chanvre et de la gaultheria. Avec lui, j’observe le comportement de sa jambe et nous réfléchissons ensemble à ce que nous pouvons faire. Il y a quelques jours de cela, il m’a dit “c’est le plus beau Noël que j’ai u.”. Cela peut parfois être difficile émotionnellement, mais heureusement, ce n’est que pour une courte période. Ma vie est actuellement réduite à une bulle, à prendre soin de mon père et à prendre soin de moi. Il y a un fort besoin d’être dans mon petit niz quand je rentre à la maison. La première chose que je fais est d’allumer les bougies et les guirlandes lumineuses. Pour mettre mon nez dans mes roses, fermer les yeux et laisser entrer le parfum cicatrisant. Réfléchir et rendre les choses silencieuses et tout ce qui est en dehors de cela n’existe plus. Je me sens béni.
Une chose est sûre, je m’estime chanceux même si la situation n’est pas évidente. Elle guérit. Et je suis reconnaissant pour ce qui se passe.
Je me souviens des nombreux messages à Paris et aussi de celui que j’ai reçu à Glastonbury lorsque j’étais assis à côté du Chalice Well et que je recevais le message ‘est confiance à l’ombre, je mets mes mains entre tes mains’ et ‘Revient humus’. je suis au milieu de ça. Je sens clairement que quelque chose se prépare. Je me sens vraiment chez moi en ce jour de Noël, là où la Lumière est célébrée, une re-naissance. Jamais auparavant je n’avais pu ressentir et vivre subtilement Noël d’une manière aussi… réelle. vivant. Je remercie mes sœurs et frères du chemin de la rose pour leur présence. Je remercie la vie pour ce qu’elle m’apporte dans les défis que je reçois. Je me remercie et de l’amour que je suis, Je remercie la présence de mes guides.
Pour conclure, j’aimerais partager ce texte qu’une amie chère, Ann, a récemment publié sur sa page Facebook. Un texte de Willem Glaudemans : soyez un phare de lumière
Soyez un phare de paix au milieu d’une peur croissante, et laisse ta lumière briller brillamment au milieu de toute cette agitation. ✨️✨️✨️ Soyez un phare de paix et regarde derrière le souvent intense changements matériel importants vers la nécessaire évolution spirituelle. ✨️✨️✨️ Soyez un phare de paix et prends ta place authentique dans le tissage du Tout-Un et vivez votre mission de vie. . ✨️✨️✨️ Soyez un phare de paix et connectez-vous avec les nombreux aidant et des compagnons autour de vous. Connectez-vous à votre vrai Soi, votre lumière de vie. ✨️✨️✨️ Sachez que vous n’êtes pas seul, et laissez la marque du changement des vagues sur tes pieds et restez ferme comme un phare de lumière 🌟❣️
Je me sens comme une femme bénie. En gratitude. .
Une belle rencontre dans l’Amour et avec la Lumière à tous. Joyeux noël
Na het telefoontje met de arts voelde ik onrechtvaardigheid. En wanneer er onrecht is, voel ik de krijger in mij wakker worden. Krachtige energieën draaiden afwisselend in mijn lijf. De ene vanuit richting de aarde, de ander van boven uit. Mijn stem blokkeerde bij de lage energie, bij de hoge energie het gevoel van flauw vallen. Een voortdurend jojo effect. Deze beweging deed me terug reflecteren in het verleden. Angst.
Hmm, terwijl ik dit nu neerschrijf. Kan ik linken leggen wat daar gebeurde. De krijger is dit stuk van mezelf die zich onterecht aangevallen voelde in haar jeugd en die de bovenhand probeerde te nemen op de angst. De krijger is dit deel van me die vele jaren in overleving leefde en haar hart beschermde, tot ik in 2018 besloot om nooit meer mijn hart te sluiten voor angst. Want angst is het tegenovergestelde van Liefde. Nu begrijp ik ook dieper de nummer 11 die al een paar maand op mijn pad is gekomen.
Dit oude stuk ligt flinterdun aan de oppervlakte. Gans mijn lijf schreeuwt om hiervan bevrijd te worden. Het onderwerp vader, patriarch, hiérarchie, het instituut, machtsmisbruik ligt voor mijn voeten. Klaar om het in handen te nemen en te verwerken. Hoe? Heel eenvoudig in Liefde.
Ik kreeg recent een opmerking ” Waarom ga je dan nog naar je vader.? Heel eenvoudig zonder mijn vader was ik er niet, het is een mens, en iemand die zelf pijn heeft. En ook al had ik een opflakkering van angst en zit daaronder nog wat verdriet en pijn, deze is vandaag van een andere orde. Ze is zachter geworden, draagbaar, ook al komt er plots een opwelling uit het niets (dit was trouwens een eeuwigheid geleden) ik durf te zeggen de pijn is liefde geworden.
De weg die ik reeds deed heeft me geleerd zorg te dragen voor mezelf, mijn grenzen te trekken en hier ben ik mijn vader dankbaar voor. Hij is de spiegel in dit verhaal. Zonder hij zich daarvan bewust is leerde hij mij door zijn daden dat begrenzen noodzakelijk was. En dat alleen, heb ik in eigen handen, begrenzen. Ik neem mijn souvereniteit in handen, ik wens mijn naam met eer te dragen Jasmine Marie Josée Debels en wens wat niet van mij is, bij hen te laten.
Tor in Glastonbury
Tussen Glastonbury en Parijs ga ik terug op bezoek bij mijn vader. Zijn tweede OP is achter de rug. De helse pijn is verdwenen en zijn gezicht is wat opgelucht. Het klagen en zagen laat ik opzij en kan ik plaatsen en is ook niet onterecht. Ik hoor het en probeer daar niet veel aandacht aan te besteden om hem mee te nemen in de richting van een genezende revalidatie, zodat hij zoveel als wat nu mogelijk is, zijn zelfstandigheid kan terug winnen om op eigen benen te staan, zowel letterlijk en figuurlijk. Hij verloor echter veel van zijn kracht, de angst van die helse pijn is nog te lezen bij iedere oefening of beweging, de snelheid van de verzorging zorgt ervoor dat hij zich niet gehoord voelt. Psychisch heeft hij een fikse deuk gehad. Ik sta hem hierin bij en kijk samen met hem naar die angst tijdens het bewegen van zijn been. Wat de verpleging niet doet of weinig belang aan hecht, neem ik over. Luisteren, nabij zijn en kleine spulletjes die voor hem in het Nu veel betekenis hebben en er voor zorgen dat het aanwezig is. Een plastuit dichtbij zetten zodat hij nog het gevoel kan hebben hier zelfstandig in te zijn. Een nepkaarsje. Een glaswater zetten. Zijn voeten masseren. Zijn tincturen. Een rugkrabber. Een schriftje en balpen zodat alles wat bij hem opkomt kan noteren. Allemaal kleine dingen die voor hem zijn waardegevoel kan terug brengen. Hij deelt het verdriet over zijn hond die plots ziek was de dag vóór zijn hart operatie en die in stilte is heengegaan. Niets is zomaar. “Papa, ik ben even terug weg voor 3 dagen. Je hoeft je geen zorgen te maken. Alles is geregeld, kledij is voldoende op voorraad en ben bereikbaar via telefoon.” Hij was nieuwsgierig naar mijn reis in Glastonbury en vroeg me om een oliesel te creëren voor hem.
Ik vertrok richting Parijs waar ik na een nachtje meditatie in de Sacré Cœur, werd meegenomen doorheen Parijs door Rachida. Ik ontmoette haar voor de eerste keer op de pelgrimsweg van de aertsengel Michael, één van de 7 wegen van de Notre Dame. Er was onmiddelijk een connectie, een diep weten en verbondenheid. Ik liet me leiden en kwam van de ene krachtplaats in de andere. Ik kreeg voortdurend boodschappen en antwoorden, van wat ik reeds heb verwezenlijkt, wat mijn weg in het Nu is en wat me te doen staat. Op plaatsen waar er een boodschap was begon mijn hart te bonzen, tranen van vreugde rolden over mijn wangen.
Ik stapte binnen in de Notre Dame de Victoire. Net als ter hoogte van het beeld Notre Dame de la Mer in de Sacré Cœur, zonder te weten dat het beeld deze naam droeg en ik verwonderd was een vis op de grond te hebben gezien, waar ik in mezelf zij ‘wat doet een vis hier op de grond terwijl we op een heuvel staan’ begint mijn hart hevig te bonzen. Ik bleef aandachtig bij het signaal die mijn lichaam me bracht zonder te willen invullen met mijn hoofd. Met behulp van mijn ademhaling, een krachtige tool, die waar we ook gaan, we altijd bij ons hebben om het balans te houden tussen de energieën die in en rond onszelf draaien. In wijzerzin stapte ik naar de kapel van Thérèse de Lisieux. Ik nam een beeld van de tekst présent op het altaar. Wanneer ik deze bekeek zag ik een kleine blauwe plek op de foto die mijn aandacht trok. Ik zag Notre Dame de Terre in het vet en Mère du Ciel. Bij het nemen van een beeld van de kapel zag ik in de rechter beneden hoek iets die mijn aandacht trok. Een roofvogel, de arend. Een roofvogel, de imposante arend waar ik me al sedert mijn kindertijd sterk verbonden mee voel. Ik stapte richting de volgende kapel. Van links beneden ging mijn blik rechts opwaarts mee in de richting van de blik van de arend mijn ogen rusten op een pen en een boek. Ik ontving een duidelijk boodschap ‘tu doit écrire (je moet schrijven)’. Eventjes had ik een flits van mijn denken ‘ik moet, ik moet niets’ hmm, mijn beetje rebels zijn liet zich even horen. Mijn ervaring op de weg heeft me geleerd dat men niets kan weigeren aan de duidelijke boodschappen die ik ontvang, ik zou me enkel brutaliteit aan doen. De boodschappen zijn trouwens zo gelijnd, zuiver en puur dat er geen twijfel mogelijk is. Dit is trouwens voor mij de enige stem, waar ik weet dat je niets kan ontzeggen en waaraan ik aan gehoorzaam. In de volgende kapel stond ik voor het beeld van l’enfant Jesus. ‘Ton enfance seras guéri’. Ik nam een diepe zucht, mijn ogen werden nat. In de vierde kapel zag ik de Pieta ‘tu est consolé’… en onmiddellijk zag ik het beeld van Bernadette de Lourdes. ‘Wie is zij weer’, stelde ik me de vraag en zag de gebedsnoer in haar handen. Notre Dame de Lourdes, het beeld die ik vond in de schuur verborgen in een kist onder een dikke laag vuil in Watou. De ene boodschap n’a de andere bracht me vreugde en voelde helend aan
Op 4 november nam mijn vader na een lange stilte terug contact met me ‘Bonsoir Jasmine , bonne nouvelle, le 20 novembre je rentre en clinique…’ een nieuwe aorta klep. Eerst wist ik niet wat ik ermee moest aanvangen. Is het sarcasme, humor, een onrechtstreekse boodschap ‘ik heb je nodig’, het niet weten hoe anders te formuleren vanuit onwennigheid na die lange stilte of een beetje van dit alles. ‘Dankjewel om het mij te laten weten, zou je het fijn vinden dat ik kom?’, zei ik hem.
Het is vandaag een maand geleden dat ik verhuist ben van Watou naar Menen. Het afsluiten voelde juist en goed. De gebeurtenissen ginder hebben mij intense spiegels gegeven met een fikse bevalling. De spiegels hebben mij geholpen in het verder groeien op mijn weg. Ik deed er wat ik moest doen, wat ik voelde wat juist was en handelde vanuit het hart. Ik heb er letterlijk en figuurlijk opgekuist.
De week van mijn verhuis is het al best druk geweest. Verhuizen, de zorg voor mijn vader. Eerst kreeg hij een nieuwe aorta klep. Alles verliep goed zowel de operatie als ons contact. Hij liet me nabij komen, het voelde fijn. In zijn delen hoorde ik zaken die ik toch met ene voorzichtigheid tot me nam. Met die zelfde voorzichtigheid ben ik ondertussen stappen aan het nemen voor zijn eigen goed en mijn eigen veiligheid want ik ben me bewust dat alles wat nu is in een handomdraai zou kunnen keren.
Mijn papa heeft Parkinson en bij mensen die deze diagnose hebben kan het soms gebeuren dat het ene been niet reageert op de hersenprikkels en vallen ze. Zo viel hij 3 dagen na zijn hartoperatie en brak hij zijn dijbeen. Na deze operatie leefde hij een week met een helse pijn. Tijdens de revalidatie werd hij gedwongen, geforceerd om te bewegen, kreeg hij verwijten naar zijn hoofd omdat het niet volgens hun zin was. De mens werd eerder benaderd als een voorwerp, die breuk, dus die zorg. Maar wat met de achterliggende symptomen wegens leeftijd, Parkinson, pijn, narcose. Plassen moest gebeuren op een order. Tijdsdruk?! De tijd werd meer gespendeerd achter een scherm dan met de patiënt. Is dit vooruitgang?! De holistische visie van Florence Nightingale is ver zoek. De helse pijn, bracht angst met zich mee en kortsluiting in zijn hersenen. Spanning en angst was te lezen op zijn gezicht en gans zijn lichaam was verkrampt.
In die week kwam als een boomerang de fysieke herinneringen terug aan de oppervlakte vanuit mijn jeugd. Het oud overlevingspatroon die ik als kind leerde hanteren kon ik niet meer inzetten. Wanneer de sociale helpster een vraag stelde aan mijn vader, voelde ik mijn lijf ineen krimpen bij het zien van zijn gezicht. Terwijl mijn buik als een ballon aanvoelde, en rood zag. Angst was voelbaar en tranen vloeiden. Ik kwam uit het ziekenhuis en voelde gans mijn zijn ‘en nu is het genoeg geweest’. daar is je doel en er komt een duidelijke ‘STOP’ in de beweging waar je inzit. Een onomkeerbaar punt.
Op dit onomkeerbaar punt stond ik in de opening van een grote poort. Achter mij was er enkel zwart in een vaste vorm. Voor mij Licht en de zon die door een lichte mist mij uitnodigde om de zwarte vorm achter mij te laten.
Een oud leerkracht sprak me aan ‘je hebt toch wel een trauma gehad in je jeugd. Het kwam binnen. Voor de eerste keer verwelkomde ik het woord trauma en durfde ik het uit spreken. Het woord stond voor mij gelijk aan ‘ mijn ouders veroordelen’ wat absoluut niet mijn intentie is. Ieder mens draagt namelijk een eigen bagage.
Ik voelde me klaar om dit nader te doorvoelen. Daardoor kreeg ik rust en de fysieke symptomen kon ik ze sneller plaatsen. Ik belde een hartsvriendin om raad en of ze iemand wist om daar rond te werken. Nadien was er even tussen uit en bracht ik vier dagen door in Glastonbury waar ik een initiatie over zalving en heilige oliën volgde. Het was verrijkend, boeiend en telkens wanneer ik daar ben geweest voel ik dat er iets veranderd is.
Die vier dagen deden mij ook deugd. De maandagmorgen vóór mijn vertrek kreeg ik een bericht ‘Je papa moet terug geopereerd worden’. Een fissuur die reeds zichtbaar was vóór zijn eerste OP maar niet behandelt, brak tijdens de geforceerde revalidatie. ‘Dokter een week heeft mijn vader met een helse pijn geweest, zelfs zover dat hij euthanasie wou’. ‘Dat wist ik niet’, antwoordde hij.
Hmmm, nu weet ik waarom het huis nr 34 in Menen mij werd aangeboden om er te wonen. Ik ben amper op 5 minuten verwijderd van mijn vader. Niets is zomaar.
Terwijl ik onder de Linde boom sta met de gekleurde en al reeds een tapijt aan bladeren op de grond, wordt ik me bewust dat mijn 4 de seizoen hier in Watou ten einde loopt.
Toen ik laatsleden te horen kreeg dat ik hier weg moest, krijg ik sedertdien continue de nummer 11 te zien. En nog altijd sedert mijn tocht ‘Mare a Mare- Mer à Mer-Mère à Mère’, 2 jaar geleden de nummers 31 (4) en 71 (8) te zien. Soms zo veel dat het me overdonderd.
Maandag zat ik ergens een koffie te drinken. Aan het venster staat een lamp. Toen ik in het venster keek was de reflectie van de lamp een 11. In de namiddag had ik een één op één sessie met Anaïs Theyskens. Na een korte uitleg over het huis, de gebeurtenissen hier in het dorp in de laatste week van mijn 9 maanden hier hebben gewoond en mijn vertrek naar de Mont Saint Michel, mijn gewaarwordingen. Ligt er een kaart op tafel een 11, met een bliksem als beeld. De kaarten op tafel wijzen erop dat ik iets mag doorbreken. Opzoek mag gaan naar een veilige thuis, waar ik mag Zijn, vrijuit spreken zonder ik me moet inhouden…
’s Avonds schrijf ik een brief naar de Aertsengel Michaël en vraag ik om mij te helpen om koorden door te knippen.
’s Anderendaags bij opstaan schrijf ik een brief naar Thérèse de Lisieux en vraag ik haar aanwezigheid en hulp. Dankbaar dat Anaïs op mijn weg is gekomen.
Toen ik in een paar maanden geleden ‘les 7 routes’ de pelgrimstocht van de Aertsengel Michaël aan het stappen was. Werd ik in de laatste week gewaar dat Bretagne me riep, me aantrok. Beetje verwonderd niet wetend vanwaar dit gevoel. Dit liet me niet meer los. En ergens diep van binnen weet ik dat ik die roep te volgen heb.
Het is al een paar jaar dat Frankrijk me aantrekt en dat ik stappen onderneem maar uiteindelijk kwam het er niet van. Er was altijd wel iets die er tussen kwam. Of was het angst. Ja, deels wel. Angst voor het onbekende, alhoewel wanneer ik op pelgrimstocht ben is iedere dag iets onbekend en toch heb ik het volledig vertrouwen in wat het leven me brengt en schenkt. Waarom zou ik dit hier dan niet vertrouwen. Omdat er een gevoel aanwezig is van ‘achterlaten’. Mijn loyaliteit naar mijn ouders.
Ik voel de laatste week mijn lijf in spanning gaan. De zoektocht naar een woonst speelt me parten en zorgt ervoor dat mijn vrij ademen belemmert wordt. Stress. Ik voel me bij de keel gegrepen. Nog maar 2 maand om een woonst te vinden.
Vorige vrijdag ga ik even op stap naar Oost Vlaanderen naar de huidarts. Ik beslis bij de terug keer even in Gent af te stappen om een kaart te halen van Bretagne. En kies ervoor één trein later te nemen. Op het spoor roept iemand me. Mijn nicht, familie langs mijn moeders kant. We praten bij en delen wat ons leven van de laatste maanden.
Bij aankomst in West Vlaanderen zie ik een bericht op mijn gsm “Als je wilt mag je in het huis van mama gaan wonen. “. Het huis van mijn tante. Ik word gewaar dat dit van alles met me doet….. Help…. Mijn hoofd slaat op hol. Bretagne, Menen, doorbreken, ik voel me uitgedaagd… Het gevoel dat ik één stap vooruit zet en twee achteruit. Waarom Menen, die net te maken heeft met iets doorbreken. Een fikse huilbui barst los. Kort en krachtig. Ik herpak me. ‘Jasmine, komaan blijf bij de pinken. Wat heb je nu in de eerste plaats nodig. Een dak boven je hoofd waar het veilig en warm is. ‘ ja maar en Bretagne dan. Jasmine gun jezelf wat rust nu. Ook al zou je niet meer voor Menen kiezen. Het is maar provisoir. Zo was ik een monoloog aan het voeren. Ik kwam rustiger en nam spontaan mijn pendel. Dit was een eeuwigheid dat ik deze had gebruikt. Ik kreeg op al mijn vragen een ‘Ja’.
Even naar Menen als tussenpauze om in alle rust een woonplaats te gaan zoeken in Bretagne. Dit heb ik NU nodig.
De dag nadien stuur ik een bericht dat ik het voorstel aanneem…. Mijn nicht maakt me er attent op dat we vrijdag de 11de zijn…
De rust komt terug. Wat heeft die huilbui deugd gedaan. Het ene en het andere word me duidelijk.
Op een bepaald moment komt er een beeld en boodschap binnen. Ik zie een stuk land vanuit vogelperspectief en een spiraal die uitreikt van zee naar zee.
Plots kan ik zien en wordt ik terug gereflecteerd naar momenten op mijn 9 jaar pelgrimeren waarbij bepaalde gebeurtenissen zuiver op één lijn komen te liggen. In 2018 (11) wees een triskele me de weg naar Monte San’t Angelo en kwam ik op de lijn terecht van de aertsengel Michaël terecht zonder ik het bestaan ervan af wist. De Triskele staat in het midden van de Keltische vlag die de 8 Keltische Naties representeren waaronder Bretagne.
Rocamadour was de eerste plaats tijdens mijn pelgrimeren waar er voor mij dingen gebeurden die ik mentaal geen plaats kon geven. 3 dagen kreeg ik huilbuien niet weten vanwaar het kwam er was ook geen oorzaak om. De eerste dag begon het in de ruimte waar een zwarte madonna staat en boten hangen (die ik pas 3 jaar nadien had gezien na mijn tocht Mare a Mare) . De tweede dag stond ik er bovenaan op de rots recht over een kruis aan de andere kant van de rivier. Ik liep een kruisweg in omgekeerde richting. De derde dag waar ik op het binnenplein van het Sanctuaire stond. Ik zag de deur van de hoofdingang, de trap naar binnen en stond aan de eerste kapel van Johannes de Doper. De manier hoe deze plaats gebouwd is, in een spiraal was voelbaar en zichtbaar in mijn lijf. En dan het moment dat men mij vroeg of ik deurwachter wilde worden van het sanctuarium. Zorg dragen voor het sanctuarium, voor deze krachtplaats. Wat een mooi en waardevol gebaar mocht ik toen ontvangen. En hoewel dat ik vereerd was en de behoefte zeker aanwezig was toch voelde ik dat de tijd er niet rijp voor was. En wat heb ik dit goed mogen aanvoelen. De dag toen ik Rocamadour verliet kwam ik bij een man terecht. Hij wist me te vertellen “dat heb je goed gewaar geworden Rocamadour ligt namelijk op een leylijn.”
En dan mijn tocht Mare à Mare. Met het woord ‘Mira’ die ik 3x ontving in een droom en me nadien duidelijk de weg toonde richting ‘Magdala’ waar Thérèse de Lisieux op mijn weg kwam en me uiteindelijk naar hier bracht. Telkens geraakt en aangesproken worden op plaatsen waar Maria in verbondenheid staat met het water, wat ze eigenlijk altijd is. Madre de la Barca in Muxia in de Finistère in Spanje, het houten kerkje van Maria in Mira. Notre Dame de la Baie in Saint-Pair- sur-Mer.
Rocamadour blijft in mijn Zijn aanwezig en ik wordt gewaar dat er iets is die aan het licht wens te komen. Ik herinner me een verhaal van een bel ‘La cloche miraculeuse de Rocamadour’, een boot, water. Ik ben nieuwsgierig en zoek op. Deze wonderbaarlijke klok, is vervaardigd vóór de 9e eeuw en is van zeer zeldzame makelij. Deze werd gesmeed en niet gegoten, zonder windlade, met een soort handvat om hem aan de kluis te hangen. Ze getuigt van de bescherming van de Maagd Maria, “Ster van de Zee”, voor zeelieden in gevaar. Aan de muur kan men data terug vinden waarop de klok uit zichzelf begon te luiden tijdens de gebeden en tussenkomst van Maria. Beetje verder in de tekst zie ik staan ‘A Camaret sur Mer, une chapelle est érigée en l’honneur de Notre-Dame de Rocamadour.’
Ik zoek op waar Camaret sur Mer ligt… In de Finistère in Bretagne op een paar 10 tallen kilometer van een Leylijn van Arcangel Michaël.
De wind blaast hard in het rond. Tussen kleine buien heen maai ik het gras af om dan nadien met de bosmaaier doorheen de tuin te wandelen. Een emmer vol noten staat te wachten om gekraakt te worden, maar eerst wat drogen. Ik vul een mand met wat hout om straks de kachel aan te steken. Wanneer ik naar binnen stap zie ik de warme gloed van de avondzon op de witte muur, een schouwspel van dansende bladeren en takken is zichtbaar. De schoonheid van het schouwspel raakt me, zachtheid, tederheid, liefde…. een traan komt vrij. ‘Wat zal ik dit missen, wat zal ik deze plaats missen. Jasmine laat dit gemis maar toe. Dit mag er zijn’, gaat er door mijn hoofd.
Toen ik op een avond in augustus via WhatsApp te lezen kreeg dat ik 4 maand de tijd had om het huis te verlaten. Dacht ik even dat ik verkeerd las. Ik wreef in mijn ogen alsof ik dacht dat het niet reëel was. Tot de tekst letterlijk bij me binnenkwam. Het voelde aan als een shock. De tranen stonden me nauw nabij. Ik kom ze echter niet de vrijheid geven, naast mij lagen mensen reeds te slapen. ’s Morgens bij het opstaan werd mij gevraagd heb je goed geslapen? Toen ik hen vertelde dat ik onrustig had geslapen en de boodschap met hen deelde. Zag ik een groep mensen die elkander aankeken. Het was een algemene stilte. Tot iemand de draad terug oppikte over zelfgemaakte confituur. Ik werd gewaar dat ik er alleen zat, geen verbondenheid was voelbaar aan tafel. Op dit moment kon ik niet reageren.
In de morgen toen we aan het stappen waren kwam een gesprek op hang onder vrouwen. We hadden het over macht, machtsmisbruik, patriarch, grensoverschrijdend gedrag. En toen kwam het voorbeeld van het waarom dat ik het huisje moest verlaten. Er kwam een reactie en ik begrijp ook vanwaar ze kwam “oh, weet je er staat wel iets mooiers op je te wachten”, zei iemand me. “Weet je, ik begrijp wat je zegt en diep van binnen en uit ervaring kan ik je hierin bevestigen en volgen. Er komen zaken op ons pad om verder te groeien en ik geloof dat alles ook wel een reden heeft. En wat ook is dat er vaak veel te snel zo een zin gebruikt wordt een vervelende situatie niet onder ogen te moeten zien, weg te lopen van iets die vervelend is en dit verwijderd mensen van elkaar. Alleen in het Nu is dit gebeuren aanwezig, is het een realiteit en maakt het me verdrietig en wens ik dit onder ogen te zien. Heb ik nood aan steun, een schouder om op te huilen. “
Tot vandaag kon ik mijn verdriet niet toelaten omdat de situaties voor mij niet veilig voelden. En in die situaties leerde ik overeind te blijven en het vanuit een positieve kant te zien net zoals de zin ‘er komt wel iets beters’ en dan hoor ik mezelf nog zeggen ‘och, ik heb hierdoor ingezien dat als ik nu verhuis er meer tijd zal zijn voor dingen die ik graag zou willen doen en mijn creativiteit op een andere manier inzetten. Alt blokfluit spelen, tekenen en andere creative bezigheden. Ipv een dak te repareren, een muur te voegen voor een ander. Ik zal het nu voor mezelf doen ipv aan ander. ‘ En toch deed ik het voor mezelf, ik creëerde een warm nest.
Ik was mezelf aan het sussen.
Sedert ik terug ben, ben ik in een vorm van een leegte terecht gekomen. Een leegte die ik ken doorheen mijn leven… Verloren wortels. Alsof ik hierbij bestaansrecht verlies. Niet welkom.
Het in de tuin werken vandaag deed me deugd, er was zachtheid, rust en vooral liefde was voelbaar. Liefde voor deze plaats, liefde voor wat ik hier heb gecreëerd. Liefde in Mezelf. Liefde om dit te kunnen doen. Blijheid voor wat ik hier heb verwezenlijkt, ook al is dit het huisje van iemand anders. Ik creëerde een thuis. Voor de eerste keer in mijn leven had ik een warme nest. En voor dit nest zal ik tot op de laatste dag dat ik hier zal vertoeven het met veel liefde zorg voor dragen. Ook al vind ik de manier en het waarom ik aan de deur wordt gezet beneden alle peil. Het zaad die ik hier heb gezaaid zal vroeg of laat ontkiemen, en het zaad in mezelf gaat met me mee waar ik ook zal terecht komen. Maar voor nu wens ik de tranen toe te laten en afscheid te nemen. En tranen maken vrij.
Drie weken geleden stond ik met 14 pelgrims aan de voet van de Mont Saint Michel om samen op stap te gaan. Een pelgrimstocht voor de Notre Dame in Parijs. Voor mij gaat het niet zozeer om het gebouw opzich, wel om Marie. Symbolisch de ‘Notre Dame’ terug te zien herrijzen en haar plaats innemen, haar kracht in deze tijden.
Twee dagen voordien kwam ik aan in Avranches exact 9 maand later na een thuiskomst in Watou en net de dag van de Heilige Jacobus. 25 juli. 9 maand, een bevalling die niet zomaar aan me voorbij gegaan is. Een bevalling waar ik mijn grenzen, mijn waarden en alles waar ik voor sta nog mocht gaan duiden. Daarbij kreeg ik de hulp van een paar inwoners die onbewust mijn grens niet respecteerde, die mij het zwijgen oplegden en zonder toelating mijn huis binnenkwam om dan nog eens de voet tussen de deur te steken toen ik vroeg om mijn huis te verlaten. De kop van een dier was zichtbaar ter hoogte van mijn buik. Een leeuw, een wolf…ik weet het niet. Het ging zo snel. Maar de kracht die vanuit mijn zonnevlecht kwam had ik nog nooit zo gewaar geworden. Die voelde anders aan dan de momenten in mijn jeugd waar ik aangevallen werd. Hier werd hij bijgestaan door een duidelijke ‘Neen’ die diep binnen uit kwam.
Deze gebeurtenissen die best pittig waren, kort en krachtig, kan ik vandaag voelen welke vruchten ik hier mag van plukken.
Voor de eerste keer ben ik op pelgrimstocht met een groep, met een diversiteit aan pelgrims. Er werd mij gevraagd om hen te begeleiden. Grootouders, moeder met haar vier kinderen, mannen die in de scouts zijn, jongeren. Eén iets hebben ze meestal allen gemeen, het voor mij een streng Katholieke opvoeding. Wanneer een man met berret waar men vaak naar opkijkt de weg probeert te veranderen uit eigen belang, een positie aanneemt vanuit een oud systeem waar de vrouw geen plaats heeft of onderdanig dient te zijn werd de toon van de weg al snel aangeven. Vanuit mijn zachte kracht en in trouwheid aan wat mij werd getoond en diep van binnen mij werd gevraagd kon ik aantonen welke weg te volgen. Angst was niet meer voelbaar of de motor om iets te duiden.
Het leven brengt je altijd wat je nodig hebt om te groeien. Het pelgrimeren gaat vlot. In de dag word er gebeden rozenkransen, litanieën… wanneer het mij wat teveel is verdwijn ik wat naar achter of loop ik vooraan. Gebeden brengen mij in het mentale en net zo verlies ik het contact. met mijn lichaam, het voertuig die ik meekreeg bij mijn geboorte. Ik blijf trouw aan de weg die mij getoond wordt die de mijne is. Soms stel ik voor een tijd in stilte door te brengen, in stilte te bidden om de zaden te laten rijpen onderweg. ’s Avonds help ik pelgrims bij het zoeken van een overnachtings plaats of geef ik hen een duwtje om hun eigen verantwoordelijkheid op te nemen in plaats van die te laten rusten op de schouder van iemand anders.
In die negen maanden bevalling kreeg ik in de laatste veertien dagen een ander geschenk, de communie mogen uitdelen. En het krachtig ritueel er vóór en erna moge uitvoeren. Ik geniet elke dag van wat op me afkomt. En voor mij het mooiste gebed is ’s morgens ontwaken de zon groeten en weten dat straks mijn voeten de aarde, de creatie moge kussen.
Gisteren op dezelfde dag als een jaar geleden werd mij gevraagd om het ei-land waar ik woon te verlaten. En dat op één na aankomst bij Thérèse de Lisieux.
De laatste tijd herinner ik me mijn dromen. Wat zelden is. Behalve in mijn vroege jeugd. Mijn nachtelijke dromen waren toen voor mij nachtmerries, zo erg dat ik eens een spuit in mijn poep kreeg om te kalmeren. Vandaag kan ik zien dat die dromen van toen me gewoon zaken kwamen vertellen wat men als kind niet altijd kan plaatsen. Toen toch niet.
Een paar dagen geleden had ik volgende droom:
In de ene zit ik naast een man ( de enige man in de ruimte) op mijn knieën. Hij lag op een matras. Hij deelde over de symbolen die werden gebruikt : cirkel, vierkant bij de andere mensen. Bij hem was het de driehoek. Ik zag een niet tastbare driehoek zwevend boven het lichaam. Ze kwam tastbaar door deze in een zacht deken te wikkelen. Een groen tastbare driehoek ontstond en legde het op de man. De gelijkzijdige driehoek met punt naar boven vervormde zich naar een uitgerekte ongelijk zijde driehoek (de langste, smalle hoek was links en richting de benen van de man. De rechterzijde vervormde niet). Op dat moment wou ik mij wat verwijderen van het tafereel – zichtbaar vanuit een andere dimensie zag ik mezelf zitten- en kon niet. Plots waren mijn benen languitgestrekt onder het matras waar de man op lag. Ik riep “ik kan niet weg ben eraan gekleefd”. De sfeer was sereen en ik voelde me rustig.
De volgende elementen zijn aanwezig: cirkel, vierkant, driehoek, onzichtbaar naar zichtbaar, man en mijn eigen persoon als voelbaar vrouw in mijn droom en kleven.
Wat me vooral intrigeert is de driehoek die zich vervormt. De eerst gelijkzijdige onzichtbare driehoek die zichtbaar wordt en nadien verandert, uitrekt naar een ongelijkzijdige zichtbare driehoek, waar bij de rechter zijde gelijk blijft. Een driehoek die eerst vrij is, van vloeibaar naar vast, in de materie, neerdaalt en zich vervormt.
Een driehoek is de basis van het ontstaan van een piramide. De symboliek van de driehoek overlapt die van het getal drie. De gelijkzijdige driehoek staat voor Goddelijkheid, harmonie, verhouding tot. De driehoek met de punt naar boven zoals in mijn droom, symboliseerd het vuur en het mannelijk geslacht (de punt naar beneden symboliseerd het water, de baarmoeder en het vrouwelijk geslacht. De zegel van Salomon is samengesteld uit beiden en staat voor de menselijke wijsheid. Het balans van beiden vormen staat voor manifestatie.) Symbool van het vuur; ook deze van het hart. De ene driehoek is de reflectie van de ander. De respectievelijke symbolen van de goddelijke natuur van Christus en van zijn menselijke natuur. Of van de berg en de grot. Zo boven, zo beneden. Zo inwendig, zo uitwendig, wat in je hoofd gebeurt zo in je lichaam. Wat in je lichaam gebeurt, dit gaat zich uiten in je leven. Zo in de hemel, zo op aarde. Wat in de hemel gebeurt, gebeurt in jou.
Ik laat de droom en zijn betekenis rijpen.
Deze morgen heel vroeg net voor het wakker worden werd ik gewaar dat mijn lichaam een vloeiende op en dalende beweging aan het maken was over gans mijn ruggengraat telkens vertrekkend vanuit het sacrum. Als een vloeiende en gelijkmatige beweging van een slang. Ik werd ook gewaar dat ik gesteund werd door iemand in mijn rug, ik kon de persoon herkennen, het gaf me een veilig gevoel. Ik kwam even wakker en werd gewaar dat wat gebeurde ik in vertrouwen kon blijven. Ik dommelde terug in en toen zag ik vanuit bovenaanzicht, ik zag dwars door mijn lijf, mijn lage ruggenwervel, mijn pelvis. Tegen mijn ruggengraat zag ik de punt van een bergkristal er tegen steunen. Het andere punt uiteinde stond in de pelvis van waaruit cirkels vertrokken in het water. De stroming aan lichte watergolven bleef duren. Het voelde vredig.
De elementen water, ruggengraat, pelvis, dubbeleinder (bergkristal met 2 punten).
Het was voor mij duidelijk dat die beweging heel deugddoend was voor mijn rug. Ik ontwaakte ook zonder spanning in de ruggengraat. Ik greep ook onmiddellijk naar mijn bergkristal die op mijn kast beneden ligt en hield deze tussen duim en wijsvinger. Een zalig ontwaken.
De kristal is een embryo: het wordt geboren uit de aarde, uit de rots. De transparantie ervan is een van de mooiste voorbeelden van de vereniging van tegenstellingen. Kristal, hoewel het materieel is, stelt ons in staat er doorheen te kijken, alsof het niet materieel is. Het vertegenwoordigt het tussenliggende vlak tussen het zichtbare en het onzichtbare. Ze worden ook wel Licht stenen, of stenen van de overwinning genoemd.
En toen ik daarnet bij het opstaan een oud versleten strip in de hand nam om de haard aan te steken. Stond geschreven ‘De kristallen grot’.