Kerst… wat is voor mij Kerst. Dit is iedere dag her-boren worden, iedere dag van het jaar. In Liefde zijn, hoop en vertrouwen staan en handelen naar wat je hart en buikgevoel je vertellen.
Zaterdag stond ik in de winkel aan de kassa. Achter mij komt een mama en dochter aangewandeld. Aan de kassa lag er een vilten schattig diertje. “Oh, wat mooi’ zegt de dochter.” De mama antwoord ” zes euro”. Ik zie een snel gebaar waarbij de dochter het terug gooit in de mand. En hoewel dit alles wat kort, kortdaad gebeurde wekte dit bij mij het tegenovergestelde op. Mijn hoofd deed mij even twijfel, even was er een seconde van ‘het zal afgewezen worden’. Mijn buik en hart duwde. Ik draai me om en vraag aan de mama “dag mevrouw, mag ik het plezier om het viltendiertje te schenken aan het meisje?” De vrouw antwoord, “het is ok, ik zal het haar betalen” met een wat ongemak. “Het is met veel plezier dat ik het wens te schenken ” “Allee, waarom niet. Ze hebben mij ooit gezegd ‘wanneer je iets wordt gegeven leer het aanvaarden je kan de ander die geeft hier ook mee plezieren.” “Dat is zo, dit is deugddoend”. En zo verliet het meisje met een kerstcadeau van een vreemde, die geen vreemde meer zal zijn.
Gisteren ga ik naar een bancontact. Bij het binnenkomen had ik nooit gezien dat er iemand op de grond in een slaapzak in de sas lag. Daar waar het warmst is om te slapen wanneer je geen dak boven het hoofd heb. Wanneer ik mij omdraai om terug naar buiten te gaan zag ik haar. Pas wanneer ik buiten ben na de bewegingen die ik had genomen vanuit een zekere gewoonte en automatisme komt die situatie bij me binnen. Ik stop, open mijn geldbeugel en stap terug naar binnen en geef de vrouw wat centen in haar handen. “oh, dankjewel mevrouw, dankjewel.” Ik hoorde aan de fluctuatie van haar stem dat ze geraakt was. “Ik wens je een zachte Kerst, mevrouw.”
Ik stap terug naar buiten en check even mijn rekening. En plots zie ik dat er een onverwachte betaling is gebeurd. Een innerlijke glimlach is aanwezig. En zo… zo werkt de voorzienigheid.
Dit werkt echter alleen wanneer je werkelijk de beweging doet vanuit het hart, zonder iets terug te verwachten. Dit gebeurt enkel wanneer je vanuit zuiverheid kan geven. Dit is niet iets die vanzelf gebeurt. Wanneer men de beweging laat starten vanuit de gedachte ‘ik zal geven dan zal ik krijgen’ en erop zit te wachten als bij kansspelen vanuit de zetel achter een tv scherm. Helaas, ik zal je moeten ontgoochelen , zo werkt het niet. Ook gaat het niet altijd om materiële, een aanblik, een woord kan soms evenveel betekenen.
Laten we allen elke keer her-boren worden, ieder moment van het jaar. Laten we samen de richting nemen van het bewust worden en bewustzijn. Laten we allen de tijd nemen en luisteren naar die innerlijke stem om een web van Liefde te bouwen. Laat het zaadje van Liefde in jezelf ontplooien en wordt gewaar hoe je verliefd kan worden op het leven en alles wat leeft. 🤍
21 december. De houtkachel, De houtkachel is de kern van mijn huis en het enige verwarmingselement binnenshuis. In de morgen wanneer ik opsta heb ik een vast ritueel ; water koken, koffie zetten, kachel vullen en aansteken. De dag sluit ik af met water op de houtkachel te zetten in een gietijzeren kom en eenmaal die warm is, is dit de plaats waar ik me dagelijks dicht bij het vuur was en zorg draag voor mijn lichaam. De ruimste badkamer die ik ooit heb gebruikt. Voor het slapen gaan geniet ik van het zien van de vlammen die dansend het hout strelen en een weg naar buiten zoeken via de schouw. En wanneer ik in bed lig en de dag zich dichtplooit zie ik het licht van het vuur nog schijnen doorheen de plankenvloer om boven mij het onderdak om te toveren tot een levend element.
Sedert twee dagen is mijn houtkachel echter stuk en doe ik het zonder verwarming thuis. En oh, wat mis ik de warmte, de kracht en al het moois die het vuur met zich meebrengt.
Het huisje waar ik leef, wat ik mijn ei-landje noem, vraagt enige creativiteit om er te kunnen leven. Een iets is zeker, in beweging blijven is hier geen probleem. En roesten zal ik niet doen, maar goed ook, want sedert dat de zon weg is, de vochtigheid er is kan ik gewaar worden dat mijn vingers en hals dit ’s morgens niet leuk vinden. Jah, hoewel ik me heel jeugdig van binnen voel is mijn voertuig soms wel locomotief. Maar’ s avonds is mijn lijfje me zo dankbaar. Ik heb het zo vaak gedeeld op mijn onderweg zijn, het ene die blijvend is, is beweging.
Emmertjes water halen, werken in de tuin, een herstelling hier, eentje daar… Ik kan het me vandaag niet meer voorstellen om in een huis te komen, waar ik enkel, de weinig inboedel die ik nog heb gewoon zou moeten neerzetten en klaar is kees. Brrr, de gedachte alleen al grijpt me bij de keel.
Maar hoe warm ik me dan op. Wel ik heb gelukkig in de tuin een sauna staan die zich warmt op hout. Op de vooravond van de winterzonnewende (22dec.rond 04u30 en de kortste dag van het jaar), de periode dat het licht weer opnieuw geboren wordt: waar de dagen beetje bij beetje terug langer worden en de zon terug keert, deed ik een ritueel en stond gans de dag in het teken van midwinter of Yule. De winter staat voor de deur, och dat mag ik toch hopen. Ik droom van een dikke pak sneeuw. Voor de landbouwers komt er een rustigere periode aan. De oogst ligt opgeslagen en het is tijd om uit te rusten. En ook bij Moeder aarde is dit zichtbaar. De natuur is in rust. De sapstroom staat op zijn laagste pitje. Alhoewel ik vraag me af of dit nog wel volledig kloppend is als ik mijn rozen altijd verder zie bloeien.
Deze nacht noemt men ook in de Scandinavische landen de nacht van de Moeder want dan komen we bij het donkerste punt van het jaarcyclus om dan na dit punt wedergeboren te worden. Een gelegenheid om de Moedergodin, de Godin van de Aarde te eren en te vieren.
Mijn dag vulde ik met wat opruimen in de tuin. Een wandeling naar het dorp. Aquarel schilderen en wat deed het deugd om terug te kunnen werken met kleur. Opruimen thuis. Een krans maken met wat takken, hulst en klimop, om het nieuwe leven te symboliseren. Om deze nadien te hangen aan mijn doorleefde voordeur. Hout verzamelen. Essentiële oliën kiezen voor in de sauna. (hierin kies ik meestal wat mijn buik me ingeeft in het moment en dit zit altijd juist). De sauna klaarzetten met een kom water, handdoeken, scrubwashand, washandje, teunisbloemolie, kaarsjes en een tekst en een tekening van tijdens mijn initiaties op het pad van Maria Magdalena die ik aan het vuur zal schenken.
Het wordt donker buiten. Ik steek alle kaarsjes aan die ik maar vinden kan om licht en warmte in huis te geven. In badjas en met mijn laarzen aan de voeten vertrek ik naar de reeds opgewarmde sauna. Hoewel we nog een week verwijderd zijn van de volle maan heeft ze al voldoende licht om zonder hoofdlamp door de tuin te wandelen. Hier en daar zijn sterren zichtbaar. De wind laat zich af en toe voelen.
Hmm, het is telkens bijzonder wanneer ik hier in de sauna ben. Ik heb niet het gevoel in een houten constructie aanwezig te zijn. De ruimte vloeit samen met de natuur rond me. Alsof Moeder Aarde haar armen rond me heen slaat en me draagt. Ik hoor de wind door de takken van de klimop blazen, afwisselend met het geritsel van de bamboe. Achter mij hoor ik dieren die ergens tegen het hout aanlopen. De aanwezige bewoners buiten is groter geworden twee konijnen, een poes delen samen met de egels, de muizen, talrijke vogels en mezelf het ei-landje. Het hout knettert. Met een houten lepel neem ik water en voeg druppelgewijs wat etherische olie van rozenhout om nadien het water aan de stenen te geven. Met een handdoek draai ik door de ruimte. Ik laat de warmte, de geur, het geluid tot me binnendringen en open de avond met het medicijnen wiel van de Magdalene’s. De vol-heid in de stilte is aanwezig. Een zachtekracht in me is voelbaar en ik begin heel spontaan te zingen. Ik laat gebeuren. Het komt en gaat, afwisselend met opgieten. Soms komen er emoties vrij. Ik laat ze gaan. Tranen rollen over mijn wangen, ik kan ze niet onderscheiden of het nu tranen zijn van verdriet of vreugde. Ook al voel ik me vreugdevol. Ze zijn welkom. De laatste tijd hoor ik in de verte, ver ver weg, stemmen. het klinkt een beetje als geroep van een massa in de verte. Het voelt aan als ‘bevrijd ons’. Het beeld die ik hierbij vaag zie en soms komt het duidelijker naar voor zijn gedaantes met rode lange haren in een rood jute kleed. De gezichten zijn niet zichtbaar. Ik vermoed vrouwen. Alleen weet ik niet of het allemaal verschillende vrouwen zijn of om het gaat om één en dezelfde vrouw. Ik laat het gebeuren. Ik hoef er niets mee.
Ik schenk de tekst aan het vuur en een tekening van een baarmoeder die ik terug vond in het vorigvuur. Het was niet opgebrand en op de rechtereierstok van de tekening was een zwarte plek zichtbaar waar de warmte van het vuur een vuurkus had gegeven.
In dankbaarheid denk ik terug aan het voorbije jaar. Het was een jaar waar ik me nog nooit zo dicht bij mezelf heb gevoeld. Waar mijn intuïtie haarscherp was. Een jaar waar ik duidelijk mijn plaats mocht gaan innemen. Ik voelde dat ik trouwens geen andere keuze had en dat ik er werkelijk in geduwd werd. En dat deed Egypte me goed aanvoelen. Ik leerde me niet meer weg te geven aan de ander en trouw te blijven aan mezelf. Ik leerde wat het balans was tussen het hoofd, het hart en het bekken en wat dit met mijn lijf deed en gans mijn zijn. Ik leerde neen te zeggen tegen onrespectvolle benadering door te durven staan en te zeggen, ‘morgen zal je het zonder mij moeten doen’ en ja te zeggen aan mezelf. En om het nog eens goed gewaar te worden of ik alles wel goed had geïntegreerd en af te werken kreeg ik dat laatste zetje waarbij ik gewaar werd dat iets doorgeknipt werd en niet meer zal terug keren. Mijn vader gooide me buiten. En ook al is de pijn soms voelbaar aanwezig. Zonder dit was ik niet in Watou terecht gekomen, waar tal van signalen van de voorbije jaren aanwezig zijn op 1 plaats. Dus ik kan enkel in dankbaarheid in het leven staan.
Het bijzondere aan het verhaal van dit huis. Hier niet ver vandaan, op wandelafstand werd lang geleden een vondeling gevonden in een kabinet of wc van een boerderij. Een jongen. Men noemde hem Charles Kabinet. Om zijn naam wat te verfraaien kreeg hij de naam Karel Privaat. Die Meneer bouwde ooit dit huis. Het huis van Karel Privaat, een weeskind. En vreemd toen mijn huisbaas mij dit verhaal deelde voelde ik me beetje zo.
Een cyclus van 9 jaren pelgrimeren werd afgerond met een fietstocht naar la Sainte Baume. Het voelde werkelijk als feest vieren. En het kon niet mooier zijn… 2014 tot 2023, twee jaartallen die een 7 dragen.
Ik startte mijn eerste initiatie ‘La Voie de la Madeleine’ in Egypte die heb ik ondertussen achter de rug. De tweede start ik tijdens de 12 Heilige nachten.
En met wat geduld, alles op zijn tijd en zonder voorlopen ook al voel ik enorm de zin om eraan te beginnen. Zal ik in de loop van volgend jaar starten met vrouwen cirkels bij mijn thuis. Maar eerst genieten van deze periode. Het feest van de wedergeboorte te vieren in sereniteit in verbondenheid met alle levende wezens.
Ik wens jullie allen een fijne verbonden Kerst en zoals fra Francesco het zo mooi deelt in zijn gebed ‘laten we een instrument van Vrede zijn’ in 2024.
Gisteren kwam ik aan in La Sainte Baume. Na een nacht doorbrengen in de tent bij 15 graden en dit midden oktober. En deze morgen te zijn ontwaakt door de trompetten van de scouts, klom ik deze morgen naar het sanctuarium van Mariemagdalena op de feestdag van Thérèse d’Avila, bij Nieuwe maan en zonne eclips. Ik herinner me nog zo goed dat ik hier drie jaren geleden ook stond. Alleen kon ik de grot niet in wegens instortingsgevaar en het was verboden in het bos te wandelen wegens brandgevaar. De tijd was er toen blijkbaar niet rijp voor.
Ik wandel langzaam op mijn sandalen naar boven. Mensen kijken mij een beetje vreemd aan hoogstwaarschijnlijk door mijn vijfvinger wollenkousen. Veel mensen zijn vol lof over deze plaats. Ik blijf dicht bij mezelf en maak het stil van binnen. Ik vind het altijd wel wat een beetje een trigger wanneer je op zo een plaats komt. Is het waw door de opluchting van de fysieke inspanning en de ontlading bij het zien van het super vergezicht, zelfs de Alpen en zijn sneeuwtoppen zijn zichtbaar, of is er werkelijk iets aanwezig of… Ik blijf trouw aan mezelf. Ik stap de grot binnen. Volg een misviering en blijf lang aanwezig nadien. Ik ga op verschillende plaatsen zitten en voel dat ik dieper en dieper in mezelf kom.
Ik verander nog eens van plaats en ga op een bankje zitten voor de relikwie. Ik kijk naar een vrouw die komt aangewandeld en zie haar vreugde. Ze haalt rozenblaadjes uit en strooit ze voor de relikwie. Drie andere dames vergezellen haar. Plots hoor ik een vrouw iets zeggen over pelgrimeren naar Compostella. “Zeker doen”, fluister ik zachtjes. De vrouw van de rozenblaadjes komt naast me zitten. Ik verneem dat haar zoon in Gent woont. “Heb jij al gepelgrimeerd?” “Ja, negen jaren en ik ben hier om die negen jaren te vieren en af te sluiten. Het werd voor mij duidelijk dat een nieuwe cyclus aangebroken is. Ik voel dat ik ook niet anders kan. Een huisje werd mij aangeboden en mijn bekken had er toen heftig op gereageerd dit was voor mij voldoende voor een volle ‘ja’. In acceptatie en volledig in vertrouwen, ik zie wel.” Er worden mij vragen gesteld over de weg.” Ik kan jullie één iets delen”. Blijf trouw aan jullie zelf. Doe wat jullie innerlijk stem je zegt. Laat je niet misleiden door anderen. Plaats geen grenzen of vakjes. Volg je weg ook al is dit niet de voor de hand liggende. Ga niet mee in de massa. Een stilte volgt. We zitten met zijn vijf samen. Ik voel plots mijn lijf reageren. Mijn bekken. Dezelfde stroming is voelbaar als toen ik het beeld zag van het huisje. Ik begin te lachen. De vrouw op mijn linkerkant kijkt mij aan. We hebben plezier. Voilà dit gebeurde toen ik het huisje zag. Niet meer dan dat. Ik dank de vrouwen voor het SamenZijn.
Na de grot wandel ik verder tot op de top van de rots. Een hevig wind is aanwezig. Ondertussen volg ik een vergadering mee via zoom. Tal van namen en woorden worden uitgesproken. Zoveel herkenning. Ik geraak er van ontroerd in vreugde plots iemand te horen spreken alsof een spiegel mij voor gehouden wordt. Alsof allemaal puzzelstukjes in elkaar vallen.
Aangekomen helemaal boven aan de kapel van Saint Pillon blijf ik er nog een uur in meditatie kijkend naar de prachtige vergezichten met de zee aan de horizon. Diepe zucht… het voelt goed.
Bij het naar beneden stappen ben ik me bewust dat dit moment niet eerder kon. 2020 was er toen absoluut niet rijp voor. Als ik zie wat in die drie jaren nog geweest is, tot nu, besef ik dat ik me eerst nog moest vrij maken van sommige belemmeringen om die stroom in mijn bekken te kunnen gewaar worden. Deze stroom is zo sprekend alsof er levend een bloeiende fluweel rode roos aanwezig is en blaadje per blaadje zich opent. Met een grote innerlijke glimlach wandel ik naar beneden.
Met dit wens ik deze cyclus, af te sluiten en wil ik jullie graag allen danken voor jullie aanwezigheid hier op deze blog. Voor het meereizen op mijn persoonlijke weg, voor sommige met wat herkenningspunten, anderen werkte het inspirerend. Sommigen waren duidelijk aanwezig, andere ergens in stilte. Ik hoop jullie te mogen ontmoeten ergens onderweg in reel en wie weet misschien in het kleine bijhuisje in Watou met zijn schelp boven de deur. Ikzelf zal me verder volledig wijden aan mijn initiatie op het pad van Maria de Magdalene.
Ondertussen ben ik al een eindje onderweg. Mijn lijf doet het goed en ik voel me in topconditie. De weg gaat vloeiend en moeiteloos over de verschillende regio’s en voor ik het goed besef ben ik al in een ander departement. Mijn fietstocht verloopt even vlot als wanneer ik zou stappen. De wegen zijn er rustig en een minimaal aan voertuigen. Mijn overnachtingen, zonder enig probleem vind ik iedere avond een stekje om te slapen. Tal van synchroniciteiten vullen mijn dagen. Zo kwam ik aan in ‘Magdala’ op exact dezelfde datum als vorig jaar. Hi, ik stopte in een plaatselijke winkel om een fles wijn aan te kopen en dit te vieren met de gemeenschap ‘Saint Amour’, vond ik goed passend.
In Lille, net vóór ik 10 dagen naar Magdala reisde om er te koken, ontmoette ik twee fietsers uit Canada. Ik knoopte een gesprek over fietsen. Tijdens mijn 10 dagen koken ontstond er een nauwe band met een zuster uit Canada. En de dag dat de zuster haar gelofte aflegde zag ik de twee fietsende Canadezen ontmoet in Lille, maar dan in Nevers. Ik maakte rechtsomkeer om hen te groeten. Wat later 3 Canadezen met wie ik een babbel sloeg. En wanneer ik in Rocamadour aankwam hoor ik praten over een zekere Burensteinas uit Canada, waar ik in 2017 over diezelfde man hoorde de dag na Rocamadour en het voor mij duidelijk werd waarom ik 3 dagen er mijn tranen niet kon bedwingen. .
Terwijl ik aan het fietsen ben gaat de revue aan mij voorbij van de voorbije pelgrimsjaren en op een ander moment zit ik boordevol creativiteit. Voel ik mijn nieuw stekje dichter en dichter komen en kan ik me bijna zo levend inbeelden hoe het zal aanvoelen, eruit zien. En wat er zeker niet zal mankeren zijn rozen. Want het is nu al een tijdje alsof deze voortdurend in en rond mij aanwezig zijn. Ik pluk werkelijk de vruchten van mijn voorbije pelgrimsjaren en ik diep van binnen heel duidelijk mag aanvoelen waar mijn behoefte is en voeding wens aan te geven. En die vruchten zal ik met plezier delen met anderen.
Ik had eigenlijk nooit gedacht dat ik in België zou terug komen wonen, dit was natuurlijk met mijn hoofd, haha. Maar als ik denk waar ik mag aarden, dan voelt het juist en evenwichtig. Op amper een paar kilometer van de Franse grens (vaderland) en op Belgische grond (moederland), het dorpje Watou. En niet enkel de plaats voelt evenwichtig ook in mezelf voelt het zo. I’m Home.
En dan denk ik ook aan de brief van Marie-Sophie die ik kreeg een jaar geleden. De brief die ervoor zorgde dat het mij duidelijk werd, dat mijn leven niet in een communauteit verder zou verlopen. De onderwerpen waren een Belgische schrijver, de Kleine Prins en Thérèse Lisieux. En hoewel Marie Sophie dacht dat ik in ‘Magdala’ zou blijven, was ze niet bewust dat deze brief me de vrijheid schonk. En Thérèse de Lisieux dit was nou net het enige beeld aanwezig in het huisje in Watou, op de vensterbank in het Licht. En aan het bijhuisje hangt er boven de deur een Sint Jacob’s schelp. Zalig het leven.
In 2021 sprak een priester me aan ergens onderweg en zei ‘7 jaren pelgrimeren, een goed moment om te stoppen’. Ik herinner me nog zo goed dat ik zei ‘als ik dit doe dan is dit louter een mentale beweging. Zo werkt mijn pelgrimeren niet.’ Mijn eerste pelgrimstocht was in een jaar 7, 2014 en mijn laatste in 2023…. Recent deelde ik ‘ Ik vier het afsluiten van 9 jaren pelgrimeren. En daar ben ik blij om. ‘ Ik voelde zo een vreugde wanneer ik dit zei. En het voelt zo juist. Een nieuwe cyclus is begonnen. Zo deelde ik nadat iemand het niet kon begrijpen wat ik zei. ‘Het enige dat vast is, is beweging. In beweging komt er verandering en in verandering is er beweging.’
Af en toe ga ik naast een fietser rijden en houden we een praatje. Ik geniet van de talrijke geuren die vrij komen in de natuur. Appelboongaarden, de vijgeboon en zijn zoete geuren. De zon die schijnt op de dennenboom en ervoor zorgt dat deze zijn geur verspreid over de straten. Het valt me op dat wanneer ik geuren waarneem ik telkens het puntje van mijn tong tegen mijn gehemelte duw, net na mijn tanden op zo een manier kan ik de geur nog sterkerder tot me binnen laten komen.
Ik schrik telkens wanneer een slang aan een snelheid langs mijn voorwielen weg glipt. Ik heb ze nog nooit zo talrijk gezien. Niet het schrikken van de slang opzich, schrikken omdat ik er niet over wens te rijden.
Na Rocamadour reed ik richting Montsegur waar ik gisteren was. En wanneer ik op mijn kaart intikte Montsegur – Sainte Baume… Jah, dan bracht de weg me blijkbaar naar Rennes le Chateau.. Dus voor nu…. richting Rennes le Chateau.
Sedert meer dan een week ben ik nu vertrokken uit België met mijn fiets richting het Zuiden. Soms komen er enkele woorden door meheen, gebeuren er fijne situaties om er iets over te schrijven. Ik voel dat ik er de ruimte niet voor heb en de behoefte. Ik geniet ten volle van elke dag. Aan creativiteit ontbreekt er niet, echter in plaats van ze naar buiten te brengen via schrijven en fotograferen laat ik haar inwendig bruisen. Mijn weg voelt als een feest. Ja, ik voel werkelijk dat ik het leven vier, iedere dag. Iedere dag ontmoet ik iets die me doet terug denken aan mijn voorbije acht pelgrimsjaren. Het brengt me vreugde en laat me zien welke weg ik heb afgelegd en waar het me heeft gebracht. In dankbaarheid kan ik terug kijken en zien dat alles zijn redenen heeft gehad en dat uit iedere tegenslag in het leven wanneer men het van dichtbij durft te kijken, trouw te blijven aan jezelf dat er telkens iets bloeiends tegenover staat. Gegroeid vanuit naar buiten kijken naar mijn blik naar binnen te richten om dan vanuit naar binnen op een andere manier te gaan Zien. Het naar binnen kijken is telkens een stukje dichter groeien naar een volwaardig mens, die reeds in jezelf aanwezig is en alleen zijn volheid kan bestaan door de deze weg te nemen. Het doet me denken aan de beweging van een spiraal.
Ik vind het bijzonder hoe ik vandaag het fietsen ervaar in vergelijking met mijn pelgrimstocht in 2015 van Gent naar Vézelay. Ik weet nog goed hoe zwaar ik het had ervaren en vooral de eenzaamheid had gekend terwijl ik dat nooit had ervaren tijdens mijn pelgrimstochten te voet. Het gemis met het contact met de aarde was groot. Als ik het nu bekijk en gewaar wordt voel ik werkelijk de vruchten van de weg naar binnen. Het contact met de aarde met mijn eigen wortels kan ik nu werkelijk voelen op de fiets. De verbondenheid is niet weg. Wanneer ik de filmpjes bekijk, die binnenkort online komen, ziet het leven er snel uit. En toch, ik groet de slak die op haar eigen tempo de weg oversteekt. De sprinkhaan die net naast mijn wielen neerkomt op de weg. De engelenharen die zweven in het rond. En dan de buizerds…. zolang zag ik ze altijd ergens in de lucht, sedert een paar dagen groeten ze me ergens zittend op een paal of ergens in het veld. Ze zijn geland en zien er stevig gegrond uit wanneer ze naar me kijken. Ik kan ze van heel dicht bewonderen zonder ze wegvluchten. Wat een spiegel ik van hen mag ontvangen. Geland.
Een paar dagen geleden keek ik naar de weg op mijn app. Ik stelde 3 punten in die voor mij belangrijk zijn geweest en mij hebben geholpen in het kiezen van een richting in mijn leven. Magdala, Vézelay en Rocamadour. Een 7 ontstond op de kaart en wanneer ik op een andere moment even op mijn boordcomputer aan het kijken was naar wat er allemaal te zien was zag ik het aantal kilometers op mijn teller 777. Een innerlijke glimlach.
En gisteren verliet ik Vézelay om verder richting Nevers te rijden. In 8 jaar tijd heb ik nooit de deuren van de kerk Notre Dame in Saint Père open zien staan en zelden brandde er het vuur. Wat een opluchting toen ik er aankwam ook al gaf mijn app met de weg dat ik de andere kant op moest. Blij dat ik mijn intuïtie volgde. Het voelde als vrij ademen met de armen wijd open om te ontvangen en het vuur… is mijn drijfveer.
Eind augustus was ik in Magdala om te helpen bij de bijeenkomst van de ganse fraternitéit. Er werd mij gevraagd om te koken voor twaalf mensen met intoleranties en allergieen. Amai, wat was me dat een week. Een week waar ik geduwd werd om te gaan staan in mijn ware kracht en om mijn plaats in te nemen in evenwicht met de anderen. Een weekje waar zelfrespect, moed en volharding meer dan nodig was. Ik denk zelf dat het voor mij de eerste keer is geweest waar ik een ‘Stop’ deelde omdat zowel ik als de anderen meegesleurd zijn geweest door een snelheid in ruimte dat het voor mij niet meer haalbaar was wat de druk betreft. Samen met een vrijwilliger begrepen we niet wat er was gebeurt. Na een volle week vroeg ik een ‘temps de parole’ met de zusters zonder dat er ergens ‘tijd’ aan vasthangde. Ik kreeg die niet om interne redenen. Dan nam ik maar het hef in handen en schreef het neer. Niet evident wanneer het gaat om verbondenheid, communicatie en de mens. Een lange brief volgde. Tot de laatste dag twijfelde ik of ik die zou delen. Iets duwde me en kon niet anders dan te drukken op de verzend knop voorbij de angst om terug afgewezen te worden. Al van klein kind heb ik het altijd vreemd gevonden dat mensen niet houden van samen zitten en te gaan praten, te delen. En vaak word het gelijk gesteld aan discussiëren, toch wel een groot verschil als je het me vraagt. Het ene werkt meestal verbindend het laatste drijft vaak mensen uit elkaar omdat men een gelijk wenst te halen, is er geen opening. En vaak is angst een onderliggende reden en net door die angst geraken mensen verwijderd van elkaar tot zelfs een sluimerende stilte die definitief wordt en men zelfs niet meer weet waarom niet meer met elkander verbonden zijn.
Die week voelde als een dikke vette stuiptrekking alsof ik door iets nog moest heengaan. Er was iets veranderd zowel rond mij als in mij. Eén van de grootste verandering is, ik werd niet afgewezen en weggeduwd integendeel het werd goed ontvangen. Wat ik van binnen gewaar ben geworden en blijvend is kan ik niet onder woorden brengen omdat het bijna voelt als iets on tastbaar en toch… Het eerste woord die bij me opkomt is ‘missie’ hoewel ik dit zelf niet graag gebruik omdat het een beetje op gelijk welke manier wordt gebruikt zonder enige stevige worteling. En misschien hoef ik totaal niet te zoeken om het in woorden te zetten, wel het gewoon beleven. Ervan genieten, erin groeien met mezelf en de anderen en het laten verder groeien naar brede, diepe wortels.
Al dit kwam me nog meer bevestiging brengen om ergens een eigen stekje te hebben.
Het voelt als het afronden van een cyclus en het begin van iets nieuws of eerder een hergeboorte. Zo was het voor mij als een vanzelfsprekendheid om mijn negen jaren pelgrimeren te danken en een ode te brengen aan het pelgrimeren op zich, aan mijn moed en volharding, aan de vrouw in mij, aan allen die ik heb ontmoet, aan de weg, mijn vertrouwen en geloof in het leven. En hoe kan het anders dan dit neer te zetten in beweging en te rijden naar La Sainte Baume naar de grot van Maria Magdalena als dankbaarheid en om haar te eren.
En mijn nieuw stekje… daar waar ik de zon zal zien opgaan en ondergaan, daar waar de zon en de maan met elkander zullen dansen, aan de grens van vaderland gegrond op moederland. Daar waar ik verder wens te groeien op Moeder Aarde.
Liggend op het gras, kijkend naar de sterrenhemel en luisterend naar de krekels, denk ik aan Egypte, Luxor. Alsof het gisteren was. We zijn ondertussen drie maand verder. Op een dag hadden Els – een Belgische vrouw wonende in Luxor – en ikzelf gekozen om samen naar de andere kant van de Nijl te gaan om boodschappen te doen en iets te gaan eten. In een klein fair-trade winkeltje werden we verwelkomt door een lieve jonge dame. Haar mama, zat zo stil in een hoek dat ze me niet was opgevallen. Ik keek wat rond naar de artisanale spulletjes. Hoewel ikzelf geen nood had aan spullen zeker wanneer je geen huis hebt en minimaal leeft, voel ik me aangetrokken tot prachtige azuurblauwe mondgeblazen glazen. Ik neem er spontaan eentje vast en zeg ‘och, voor in mijn huisje’. Ik was verwonderd van wat ik zei. ‘Een huis en ik heb er geen! ‘, zeg ik tegen Els. Ik voelde echter dat de uitspraak kloppend was tot in mijn buik. Een begin van een nieuwe fase kwam aan het licht.
De weken gingen voorbij en ik werd me meer en meer bewust van wat Egypte me bracht. De Djed, de vleugels, de slang, de Lotus, de Dendera tempel Zelfs in Egypte bleven de cijfers 31 en 71 zichtbaar, hoewel onze taal er niet is, vond iemand het leuk om me via mijn gsm’s wat te plagen. Wanneer ik op mijn ene telefoon keek – die dienst doet als telefoon en internet – bijvoorbeeld 31 zag duwde ik hem weg omdat ik het niet wou zien. Dan nam ik de andere – die dienst doet als caméra- en zag 71 staan. Ik werd er pieponnozel van. Weglopen was duidelijk niet mogelijk, hihi. Ik verbleef in Luxor 3 weken in éénzelfde huisje naast Samir mijn buurman. Hoewel het contact herleid werd naar een goede dag, het delen van onze dag op de hoek van de straat, een glaasje drinken. Iedere dag kwam ik hem ergens tegen en wachtte hij me op met een grote hartgedragen glimlach. Als ik eraan terug denk voel ik vreugde, zie en hoor ik zijn glimlach en vooral voel ik een heel nauwe verbondenheid met hem. Twee vertrouwde zielen die elkander terug hebben ontmoet. Tijdens die drie weken zag ik voortdurend 11:11 die terug kwamen. Ik wordt me nu bewust terwijl ik erover schrijf dat deze verdwenen zijn en zachtjes uitgedoofd zijn op mijn weg richting Europa. Ik genoot in het huur huisje van het koken, van het op bezoek gaan, te verwelkomen, boodschappen doen… Zo groeide de weg stilletjes aan naar een woonst.
De weg naar een vaste plaats kreeg verschillende vormen in mijn gedachten. In Egypte blijven, want ik voelde de fijne diepverbonden band tussen Samir en mij. Deze band was voor mij duidelijk op zielsniveau en voel dat balans tussen het ratio, het hart en het lichaam mij helpen om het in een andere vorm die onbegrenst en vrij is neer te zetten en te transformeren in de niet tastbare en tastbare materie.
Rond ‘Magdala ‘ gaan wonen dicht bij de fraternitéit om hen af en toe te helpen. Voor diegene die me nog niet lang volgen. Ik werd richting ‘Magdala’ geduwd na een droom met het woord ‘Mira‘. Ik ben daar het afgelopen jaar op regelmatige basis geweest. De plaats, de mensen toonde me op verschillende manieren dat intreden niet mijn weg was, wel mijn eigen weg te blijven volgen en naast en met hen een weg samen af te leggen. Niets gebeurd zomaar.
En toen hoorde ik mijn vader die hulpbehoevend werd en stelde hem voor om samen te wonen. Na een ja te hebben ontvangen en met een open hart naar hem toe te zijn gegaan werd ik op een sluwe manier de deur gewezen. Het meisje in mij had blijkbaar nog een les te leren. En hoewel ze pijnlijk was, zie ik vandaag welke nut ze heeft gehad en kan ik in dankbaarheid mijn weg verder.
Het leven toonde me duidelijk dat dit niet de wegen waren die ik diende te nemen. En voor mij is het allang duidelijk dat iets doen vanuit een zeker opvoeding regel, iets zoeken omdat het op één of andere manier ons zo aangeleerd en getoond wordt, het toch niet tot stand komt. Het zoeken naar een woonst greep me letterlijk bij de keel waardoor ik besefte dat mijn weg vertrouwen is en dat het leven mij gewoon zal schenken wat ik nodig heb. Dus bleef ik verder surfen op de zalige golven van het leven. En zo kwam ergens vanuit het niets een prachtig levensgeschenk. Egens in augustus zei een hartsvriendin me terwijl we gezellig aan het tafelen waren, “oh, ik denk nu aan iets. Ik ken een huisje die echt voor jou zou zijn.” En zo rolde een balletje en kreeg ik rond 15 augustus een beeld te zien van een huisje. Als mijn bekken het met woorden of klanken had kunnen uitdrukken was het oneindig hoorbaar. Ik kan er geen woorden opkleven, één iets was duidelijk mijn lichaam had geen twijfel en ik kreeg een volle ‘JA’ op het leven, het huisje en nog zoveel meer. Ik vertrouwde zo wat ik voelde, gebeurde, dat het zelfs overbodig was om het huisje eerst te zien voor ik ja zei. En zo begreep ik ook mijn terugkerende 31 en werd ik gewaar wat de 71 betekent.
Met een volle rugzak en een stevige stoffenzak vol gluten- lactose vrije producten, gezonde vervangers om binnenkort twaalf zusters en broeders een heerlijke fijne maaltijd te serveren tijdens hun grote jaarlijkse bijeenkomst in ‘Magdala’ neem ik de eerste trein richting La Ferté-Imbault.
Op een terrasje uitkijkend op het station van Lille Flandre, genietend van de zon voel ik een sereniteit in mezelf terug komen, spanning en drukte was voelbaar tijdens mijn verblijf in België. Gans mijn rechterkant deed pijn, mijn vingers gaan slapen in de nacht waardoor ik wakker kom van de pijn, voor de helft van de tijd zat ik met helse drukkende hoofdpijn, een maag die onderste boven kwam en een stuit die zich liet voelen. Ik hoop dat mijn lijfje snel het zachte terug mag ontmoeten. Ik kijk er alvast naar uit naar mijn dagelijks ritueel aan het water van ‘Magdala’.
Op mijn linkerkant komt een forse man, wat doorwaait en in haast zich op het terras zetten. Drie verplaatst hij zich van plaats. De ober vraagt hem wat hij wenst. Met een fijne stem antwoord hij “een koffie graag”. “Welke koffie?”, vraagt de ober. “De goedkoopste meneer”. Ik steek mijn hand op naar de ober. “Mag ik nog een koffie alstublieft en de koffie die meneer u net besteld heeft zal ik betalen”. “Merci, madame”, zegt de ober. Wat later hoor ik dat de koffie bij de meneer wordt gebracht. “Deze koffie werd u aangeboden door de dame.” Stilzwijgend geniet ik van mijn koffie in verbondenheid met de man.
In mijn rug hoor ik een conversatie. “Toi tu est amoureux de l’amour”. Ik draai me om kijk hen aan… “C’est jolie cela”.
Laten we allen verliefd zijn op de Liefde. Een fijn week gewenst aan iedereen. Liefs Jasmine Marie José 🙏🤍🌹
Ik open de deur van mijn slaapkamer. Een zwarte poes komt voorzichtig aangewandeld. Ze ziet er wat magertjes uit. Ik wandel naar de buitenkeuken en open een blik tonijn die ze zal weten te appreciëren. . Hier en daar zie ik rode hibiscus in volle bloei. Terwijl ik mijn koffie drink onder een afdak in riet, bewonder ik de Kolibri die fladderend de nektar uit de Hibiscus neemt. Wat een geluk om dit te kunnen waarnemen en bewonderen.
Ik haal de waterslang en laat het water lopen in de tuin , een belofte aan mijn huisbaas Mahmoud “Geen zorg, ik heb groene vingers en ik hou van tuinieren”, zei ik hem toen hij het huisje verliet. Dit kwam me goed uit want ik had geen zin om voortdurend in het oog gehouden te worden door een eigenaar die ergens om de hoek staat te loeren of mij de vraag te stellen waar ga je. De redenen kunnen verschillend zijn: Sociale controle, een gedrag vertrekkend vanuit hun opvoeding ‘de man dient de vrouw te beschermen’ en dat nemen ze werkelijk bij iedere letter als ‘waar’ wat vaak als versmachtend aanvoelt, of ze voelen zich eenzaam of een gedrag vanuit hebberigheid waaruit dan jaloersheid ontstaat wanneer je met iemand anders staat te praten. En eigenlijk wel vreemd om zo een gedrag te hebben vooral als er totaal geen sprake is van een relatie, alsof je hen al toehoort. ‘Hmm, laat ik duidelijk zijn. Ik zal niemands eigendom worden’, hoor ik mezelf zeggen.
Ik open de deur van het tuinhekken, sluit hem achter me, draai me om en zie Samir met zijn handen in zijn broekzakken, mij aankijkend met een brede glimlach, zijn hoofd wat schuin buigend naar zijn schouder en wat naar beneden gericht. Als een onwennige puber die zich niet weet hoe gedragen na iets uitgespookt te hebben. Gewoon al deze houding zien, kan ik niet anders dan te lachen. Ik wordt gewaar dat ik verleid wordt door zijn non verbaal gedrag en dat er iets in mij zoekend is wat gaande is en hoe ik hiermee kan omgaan. “Ik heb gisteren gans de dag aan mijn huisje gewerkt. Ik heb het een eerste witte laag verf gegeven. Kom zien!”, zegt hij zo fier als een pauw. Hij is zo fier op wat hij gedaan heeft dat ik zelf zijn fierheid tot in het diepste van mijn zijn kan voelen, als een moeder naar haar zoon. Hmm, bijzonder mooi dit gewaar te worden. Dit heb ik nog nooit eerder zo intens gehad, denk ik dan, hoewel ik al eerder met kinderen in contact ben gekomen. Hier is echter de context anders, geen enkele ouder die rond hem aanwezig is. De gevoelens kunnen ‘vrij’ geuit en beleefd worden. ” Drinken we samen een koffie. Ik heb een er eentje voor je”. ‘Alle, waarom niet’, overtuig ik mezelf voorbij de gedachte dat ik in een vangnet terecht kom en echo’s die tussen mijn oren aanwezig zijn. Laat ik het een kans geven, zoniet snij ik me af van mijn eigen manier van Zijn.
Inderdaad wanneer ik binnen stap en zijn werk zie en hij me verteld wat hij nog van plan is, dan mag hij daar terecht fier op zijn. Een creative, man die weet van aanpakken. Een huisje in plaatselijke gebakken steen, een houtgebinte vormt zijn dak. Zijn venster openingen zijn gebouwd in een halve maan. En de frisse kleuren van wit en blauw komen de bouwaccenten accentueren. Zijn Nubiaanse roets zit er duidelijk in verweven.
Op een bank in zijn tuin, drinken we samen een koffie waarbij hij heel snel over zijn leven begint te vertellen. “Ik heb twaalf jaar op mijn felouka gewoont en heb gespaard waardoor ik dit huisje kon bouwen. Ik mis de Nijl een beetje en als ik me alleen voel dan ga ik slapen in mijn felouka daar voel ik me goed en gewiegd. De Nijl is mijn thuis, mijn boot als de schoot van mijn moeder.” Samir is van oorsprong uit Nubia, Aswan, Upper Egypt, wat duidelijk te zien is aan zijn gezichtsbouw, de donkere huidskleur en zijn dikke kroezelig haren. Als kind hielp hij zijn grootvader door citroenen te verkopen op de plaatselijke markt en nadien leerde zijn grootvader hem vissen. Ik kan hem me zo inbeelden als klein kind in zijn omgeving alsof ik erzelf was, vreemd.
Als jong volwassen woonde hij op zijn boot omdat hij werd weggeduwd van huis omwille dat zijn familie hem richting een traditioneel huwelijk duwde, die hij niet kon volbrengen. “Hoe kan ik trouwen met een vrouw die ik niet ken, met een vrouw die veel jonger is, niet geschoold en besneden. Ik wil mijn vrouw ook leren kennen en niet enkel een vrouw om kinderen te baren. En niet alleen dit, ik voel me niet klaar om vader te worden, hoe kan ik vader zijn zonder hen een stevige basis te geven. Hoe kan ik dan trouwen en kinderen hebben. Terwijl ik mezelf nog niet volwassen voel?!” Ik schrik wanneer ik te horen krijg dat ook hier jongere vrouwen worden besneden. Samir ziet het aan mijn blik.” Ja, ik begrijp niet waarom ze dit doen, dit houd geen enkele steek. Dit heeft zelfs niet met het geloof te maken. “” Ik begrijp je heel goed Samir wat betreft trouwen en kinderen grootbrengen. De besnijdenis gaat werkelijk mijn petje te boven en is voor mij onaanvaardbaar. Ik heb ooit hierover een fotoreportage willen maken in Guinee Conakry. Echter de periode die ik erheen wou werd een massamoord gepleegd in het voetbalstadion, dit was in 2009 en heb ik de reportage niet kunnen doen. Het onderwerp was toen te gevaarlijk om aan te werken. Dan heb ik een fotoboek gemaakt ten voordele van weeskinderen waarvan de ouders aids hadden. “
Het eerste huisje die hij bouwde, op dezelfde plaats, werd vernield door de staat. Hij bouwde namelijk zijn nestje zonder te weten dat hij een vergunning moest aanvragen. En zo kwam ooit een kraan langs vernielde wat hij had opgebouwd, behalve één kamer en een toilet mocht blijven staan. Hij maakte geen tweemaal dezelfde fout.
Na de gezellig babbel verlaat ik zijn thuis en tuin met banenbomen. Ik word gewaar dat hij me probeert te overhalen om nog wat langer te blijven. Ik voel me wat onwennig en wordt duidelijk gewaar dat ik mijn grenzen dien neer te zetten. Met een verlegen glimlach en wat ontgoocheld aanvaard hij het. We zeggen elkander “tot later”.
Plots kom ik op een tekst over Babylon, de Openbaring van Johannes. Oef, amai, de woorden die hier te lezen zijn en op regelmaat terug komen: hoererij, haar, hoer, haar zonden, bloedschuld, Zinnen als: ‘de moeder van de hoeren en van de gruwelen van de aarde’, ‘Hij heeft de grote hoer geoordeeld’ , ‘verdorven met haar hoererij’, ‘Kom, ik zal u tonen het oordeel over de grote hoer die op vele wateren zit’, ‘met wie de koningen van de aarde gehoereerd hebben, en zij die de aarde bewonen zijn dronken geworden van de wijn van haar hoererij’. ‘Want van de wijn van de grimmigheid van haar hoererij hebben alle naties gedronken en de koningen van de aarde hebben met haar gehoereerd en de kooplieden van de aarde zijn rijk geworden door de macht van haar weelde.
Wanneer ik die tekst plat lees kan ik niet anders dan denken dat ‘de vrouw’ in een slecht daglicht staat. Toch! Dit kan nu toch niet anders gelezen worden, denk ik dan. En wanneer men weet dat dit in de geschriften staat dan kan je daar toch niet als mens onverschillig over zijn. En natuurlijk als gevolg vloeit daar een oordeel uit. Niet abnormaal dat de mens hier kwaad kan op worden en de rug toekeert naar het geloof.
Maar wat als het woord nu verkeerd zou vertaald geweest zijn in oorsprong. En waarom koos men voor haar en niet hij! Dan brengt me dit bv. naar vandaag en hoe we de aarde noemen, Moeder aarde, is het niet!
Laat ik nu de tijd nemen en met een open hart waar oordeel of vooroordeel geen plaats kent om de tekst bij mij te laten binnenkomen. Wanneer ik dit doe voel ik, dat dit voor mij niet om de vrouw, niet over een persoon gaat, eerder om een ‘gedrag’ die gesteld wordt. Om gedragingen die Liefde stuk maakt en kiest voor macht. Waren andere woorden dan niet mogelijk!? En is dit ook niet hedendaags!? Hier onder de noemer van iemand ‘liefde’ is men uit op macht.
Maar stel je nu eens voor, alle mensen die deze tekst plat lezen en hebben gelezen. En één van hen gaat op deze manier het woord doorgeven of verkondigen. Wanneer het zijn doel verliest en uit de context wordt gehaald dan is helemaal om zeep. En kan er veel kwaad gedaan worden. Terwijl de inhoud van die tekst net het omgekeerde wenst te tonen. Wat ook is, zolang de mens de weg niet naar binnen neemt en kiest voor het zuivere zal de tekst over Babylon een gewicht blijven in zichzelf. En misschien is dit schrijven er ook eentje van, want als ik me niet goed zou uitdrukken voor sommigen of dat het anders over komt of geïnterpreteerd wordt bij de ander dan wat ik bedoelde. Het kan zijn dat ik me dan op glad ijs bevind, wel dan zal ik leren mij verder bewegen tot ik recht kan staan op het ijs.
Ik denk even terug aan de vele bas-reliefs in de tombes, in de crypte van Dendera, aan het Mystieke, de verborgen medische kennis, aan de alchemie. En wat als toen in die tijd, en laat ik even fantaseren en gebruik maken van hedendaagse voorbeelden die ik waarneem en hoor. Ik kan me voorstellen dat toen in die tijd, als ik de prachtig beelden zag van de mensen, hun lichaam, de rijkdom…. dat jaloezie toen ook al bestond. En dat die jaloezie deels oorzaak was van de vele onnodige slachtoffers die afgebeeld staan op de muren van de tempels. En ik spreek van over 3000 jaren vóór Christus. Waar twee mannen vechten om een vrouw, er één geen gelijk haalt of zich afgewezen voelt en hierdoor razend werd en onterecht kwaad over de vrouw uitsprak. Of er was, een vrouw die een mystiek leven leidde en die de alchemie begreep van het lichaam en de levensenergie. Een vrouw die mensen in hun kracht bracht en waardoor velen haar wilden bezitten omdat men eerder uit was op macht dan in eigen kracht. Is het dan de vrouw die in haar kracht staat die iets verkeerd doet of eerder de persoon die bezitterig is en het buiten zichzelf zoekt. Ik kan me voorstellen wat dit kan teweeg gebracht hebben. Dit doet me denken aan de taferelen, de personages die vernietigd werden door de Copten (=Egypte) omdat het niet meer zichtbaar mocht zijn. De prachtige beelden van Isis en Horus, van Hathor in de tempels of in de Mammisi, het geboortehuis , de Tempel van Isis in Aswan, alle Godinnen, de borsten, de geslachtsdelen werden verwijderd. Dan komt er in mij op “maar jullie hebben niets begrepen van wat God van jullie verwacht.”
Hmm, amai een ganse boterham vloeit er uit mijn pen en dit uit dat ene woord ‘prostitutie’. Een woord die zo vaak uit de mond komt wanneer men kwaad is op een vrouw. Ik heb het zelf vaak mogen horen. Waarom omdat men niet kreeg wat men wou, omdat ik in mijn kracht bleef staan en dat had niets te maken met sexualitéit. Dit kreeg ik vooral te horen van de mannen. En dan die ene keer dat ik het verhaal deed aan mijn grootmoeder van een man die me trakteerde met een maaltijd op de luchthaven omdat ik geen geld meer had. Ik kon tussen de lijnen lezen wat ze bedoelde wanneer ze zij, “wat heb je daarvoor moeten doen!?”, haar blik sprak boekdelen. Terwijl ik daar stond met fierheid omdat ik geen angst had, omdat ik in de goedheid van die man geloofde, omdat ik mijn plan kon trekken. Ik voelde me met de grond gelijkgemaakt. En dan de zovele keren dat ik heb mogen horen” je hebt het zelf uitgelokt”, terwijl er in mijn gedrag niets aanstootgevend was, ik geloofde in de goedheid van de mens, ik had de persoon lief, ik was soms naïf. Telkens in een fractie van een seconde kon gans mijn zijn goed aanvoelen dat iets niet OK was. En hier kwam de uitspraak van een vrouw. Zo zie je ook dat we niet te hoeven generaliseren en altijd alles in de schoenen van de mannen hoeven te duwen.
Wat hebben we met deze oude geschriften de wereld toch in gestuurd, die voor velen niet toegankelijk zijn!? En eigenlijk doet dit er niet meer toe, wel wat kunnen we er vandaag meedoen. Herstellen kunnen we niet, wel anders doen in het NU. Aan ons de keuze. Vooruit! En ons de vraag stellen in welke realiteit wens ik te leven, want die is belangrijk, en met deze wens ik hand in hand te stappen. Ikzelf neem geen blad voor de mond wanneer ik voel of zie dat er iets onrechtvaardig gebeurt.
Ik wandel door de zanderige wegen en onder de blakende zon. Mannen komen aangelopen, “Madame felouk”, “taxi”, “hey”, “psst”, “why you not smile”, “you want a helicopter”, “beautiful hair”, “Goodmorning”, “nice color”, “nice t-shirt”, “I now you”, “welcome”, “I have see you on the boat”, “hi, I have see you. I’m a friend of”, “hey, it’s close”…. en zomaar verder. Vindingrijkheid zijn ze om je te benaderen. En eenmaal je er aan toegeeft ben je verloren. Onuitputtend zijn ze. Dan komt het voor mij goed uit om op mijn eigen eilandje zijn, waar ik kan uitblazen. Ik moet nog denken aan één van mijn zusters uit Magdala die zei, ” jou zullen ze niet veel lastig vallen met je kort geknipt kopje”. Hihi, kort kopje of niet. Lang gekleed, of kort. Een doek op de schouders of op het hoofd. Het maakt geen verschil, ik ben een blanke vrouw en die wordt hier geassocieerd met rijk. Is gelijk aan een ticket richting Europa, want wanneer je als Egyptenaar niet voldoende op je rekening hebt dan verlaat je gewoon het land niet. Zo wordt ik vaak op een subtiele intimiderend manier benadert. Dit is soms heel vermoeiend, maar ik wens er leren mee om te gaan. No stress, geduld en vooral bij mezelf zo goed als mogelijk blijven. En ondanks de vele vermoeiende benaderingen voel ik me hier veiliger dan in sommige buurten in de hoofd- grootsteden in Europa.