Permaperegrina

Ik vul mijn dagboek aan en plaats een filmpje op het net. En bericht nog even met Sylvie van Radiocamino.

‘… Sylvie, j’espère que tu reprendra les chemin ainsi que beaucoup d’autre. La terre, le peuples à besoin des pèlerins.’
‘… C’est beau ce que tu dis “le monde a besoin de pèlerins”. J’aimerais tourner une vidéo sur ce thème. Tu peux m’en dire un peu plus ?’
‘… Plein de gents ce referme sur eux, et se sans bloquer à cause de tous les règlement. Un pèlerin bouge continuellement, pas simplement avec le corps mes tous son âme. Le pèlerin est un  exemple aujourd’hui pour montre que en vie sa liberté. Que tous suffit simplement de osé et prendre la desicion. Le pèlerin inconsiament mais dans son mouvement les gent ensemble.
Donc il vie le contraire de se que la société attend de lui. Ce n’est pas de la rebellie mais il écoute ce qui est beaucoup plus grand, bien au delà ce qui est touchable…’

Er wordt aan de deur geklopt, “Entree”, roep ik terwijl ik rechtsta en naar de deur toe wandel. Annenarie brengt mij een verse koffie, zo eentje met een laagje schuim erop. Heerlijk.

Mijn dagelijkse routine. Ik stop mijn slaapzak, donsvest, thermo slaapzak in elk zijn daarbij horend zakje. Sandalen aan, een lichte regenvest – die me vooral beschermd tegen de wind – muts, handschoenen, rugzak… Klaar is kees…
Oh, ja. Mijn wandelstokken nog.

Ik verlaat Bessy-sur-Cure richting Arcy-sur-Cure.
Op een geheven moment sta ik voor een fikse afdaling in het bos. Oeps, ik wordt gewaar dat ik wat in paniek ga. Ik blijf stilstaan en kijk wat rond me of er een andere mogelijkheid is. Neen.
“OK, Jasmine. Komaan. Hou je rustig, je kan het”, spreek ik mezelf de moed in.
“Komaan, het is jou denken die zegt dat het stijl is en stijl koppelt aan vallen. Als ik rustig en goed aftastend mijn voeten zet, dan heb ik geen reden om angstig te zijn”, verder de moed inspreken.
En ja hoor na een half kom ik beneden. Ik draai me om, “yes, I did it.”
Ik twijfel even of ik verder het bos intrek of kies voor de weg. Of ik kies voor angst of niet.
Zonder angst trek ik verder het bos in richting Vezelay.

Terwijl ik rustig verder stap denk ik terug aan het huisje die ik in de buurt van Vezelay zag. Een paar dagen geleden zag ik dat het verkocht werd. Een beetje ontgoocheld en spijtig. Ik zag het al helemaal voor me. Waar ik wat zou doen, welke materialen… mijn creativiteit was aan het bruisen.
“Jasmine,  je creativiteit stopt toch niet bij dit ene huis”, hihi, als je zolang op weg bent praat je wel eens tegen jezelf, hmm, ook als ik niet op weg ben.
Het belangrijkste is dat ik er plezier en vreugde heb aan beleefd en als ik daaraan terug denk voel ik zo terug de vreugde. En als het huisje verkocht is, dan is het omdat het zo moet zijn. Ik heb het volste vertrouwen dat de dingen zich aan mij zullen aanbieden in ‘right time, right place’.

In Tonnerre dichtbij de kerk stond een stenen bank, daarop lag een klein boekje en omdat het niet door de wind zou wegwaaien, een dikke steen erboven op. Ik liep ernaar toe. Ik voelde dat het boekje voor mij bedoeld was en nam het mee zonder enige twijfel, ‘Évangile selon Luc’.
‘Zou het me nu wel aanspreken, zou het me nu wel lukken om erin te lezen’, terwijl ik het even tussen mijn twee handen neem en daarna in mijn heuptasje steek.

Ik denk terug aan het huisje. Sluit even mijn ogen, en maak het stil binnenin. Spontaan stel ik een vraag, ‘Jezus aub, help mij inzicht te krijgen in het waarom het huisje er niet meer is. Wat is de betekenis, wat moet ik hiermee. Ik open me voor je, dank je’.
Hmm, is dit nu wat men een gebed noemt.
Ik wandel ondertussen verder. Neem de telefoon uit mijn heupzakje. Oh, ja het evangelie. Ik neem het vast en doe het lukraak open. Ik lees.

Il dit à un autre:
– Suis-moi. Mais celui-ci dit:
– Seigneur, permets-moi d’ aller d’abord ensevelir mon père. Jésus lui dit:
– Laisse les morts ensevelir leurs morts; mais toi, va annoncer le Royaume de Dieu.
Un autre encore dit:
– Je te suivrai, Seigneur; mais permets-moi de prendre d’abord congé de ceux qui sont dans ma maison. Jésus lui dit:
– Nul homme, qui après avoir mis la main à la charrue regarde en arrière, n’est propre pour le royaume de Dieu.

Après cela, le Seigneur en désigna aussi soixante-dix autres, et les envoya deux par deux devant lui dans toute ville et dans tout lieu où il devait lui-même aller. Il leur disait:
– La moisson est grande, mais il y a peu d’ouvriers ; suppliez donc le Seigneur de la moisson, affin qu’il pousse des ouvriers dans sa moisson. Allez; voici, je vous envoie comme des agneaux au milieu des loups. Ne portez ni bourse, ni sac, ni sandales; et ne saluez personne en chemin.
Mais, dans toute maison où vous entrerez, dites d’abord : Paix à cette maison ! Et s’il y a là un fils de paix, votre paix reposera sur elle, sinon elle retournera sur vous.

Euhhh… Frappant en dit na mijn delen met Sylvie en mijn vraag van daarnet.

Ik wandel verder richting Vezelay. Op een tiental kilometer vóór mijn aankomst zie ik la Colline Éternelle voor me. Mijn hart maakt een vreugdesprong. In ‘le Jarie’, vraag ik of ik gebruik mag maken van een tent om in het droge wat te kunnen uitrusten en eten. Ik krijg zelfs een fijn huisje aangeboden met een warm drankje.

De laatste kilometers… Via Asquins, de prachtige kapel van ‘La Cordelle’… een fikse stijging richting la basilique Marie Madeleine.
Tranen van vreugde.

’s Avonds deel ik nog de tekst aan Sylvie na mijn delen.

‘ … Et tu m’écris “le monde a besoin de pèlerins”‘
‘oui’
‘Tu envisages de devenir “permaperegrina” ?’
‘😊 C’est qoui’
‘Perma = tout le temps. Peregrina = pèlerine.’
‘Ah 🤣je pensé à la permaculture’
‘Il y a sûrement un lien. La permaculture vise à atteindre une société moins dépendante des systèmes industriels de production et de distribution. Et la permapèlerine, quel message veut-elle donner au monde ? Ton beau message d’hier était clair…’
‘🙏💖 Merci à toi’

Klik Hier voor bewegend beeld

Bessy-sur-Cure

Ik sluit de deur van de Gîte in Saint-Cyr-les-Colons en verlaat het dorp. Rechts van me een open landschap, links een huis met rondom rond een ellenlange hoge grijze muur in betonsteen. Hmm, amai zo een muur bouwen om je heen.
Een auto rijd uit.. blijft staan… Een vrouw stapt uit. “OH, je peut te demander une question sur tes bâton de marché ?” Ik heb nog geen tijd om te antwoorden en er komt al, “oh, tu va me dire va voir sur internet.” “Euh, non, pas du tous. Je veut bien vous aider.” “J” aimerais bien savoir comment en utilise des bâton… tu a envie de boire un café. Je t’invite ? “” oh, bhein pourquoi pas.”

” Asseyez vous, du café, du thé… Cette tasse sa vous va… Ou, une autre…De l’eau chaude du robinet, c’est bon… ” De snelheid dat de vragen naar me toekomen is als een snelheidstrein. Het beantwoorden als een locomotief, hihi.
” Je peut enregistré ce que vous partager”, vraagt de vrouw. “Si vous avez envie, pourquoi pas”, Ik heb er geen bezwaar in, als dit de vrouw goed doet waarom niet.
Een tal van verscheidene vragen komen naar me toe.
De vrouw deelt haar persoonlijk leven…
“Mon ami à étais voir un magnétiseur,parce que ils avait mal à la tête. Et le magnétiseur avez dit que c’était à cause de la voisine.”

Slik…

“C’est la raison pourquoi votre ami à construit l’énorme mur en béton ?” “Oui.” “Bhein didons, la cage est énorme.. Ne serait-ce pas le mouvement opposé qui serais important à faire. Ce libéré du mur autour et à l’intérieur de soi pour ce libéré du mal de tête.”

Na een uurtje ga ik terug op stap.
In Cravant herken ik een stukje van de camino in 2014. Niet de meest aangename plaats als je er als pelgrim gaat aankloppen in het gemeentehuis. De ontvangst is er helaas in zeven jaar niet op veranderd.
Wel altijd fijn om er met de plaatselijke handelaars te spreken. En een herinnering, waar ik toch wel heel fier op ben. Ik stak hier mijn laatste sigaret op. Yup, zeven jaar vrij van die vieze troep die ik in mijn lijf pompte. Geen afhankelijkheid meer.

Vanaf Cravant wandel ik terug in bossen en langs de rivier ‘la Cure’. Wat had ik de vogels en hun gezang gemist dd laatste dagen. Moe en voldaan kom ik aan in Bessy-sur-Cure. De laatste halte vóór Vézelay.

Oh j’ai froid, j’ai trop froid !” “Moi aussi, moi aussi !”, disent tous les petits frères et sœurs hérissons.
“Rapprochons-nous pour nous réchauffer.”
Mais les petits hérissons sont jeunes, ils n’ont pas l’expérience. Ils se piquent les uns contre les autres. Vite, ils s’écartent, puis se rapprochent, et se répliquent à nouveau. Finalement, l’un d’eux dit: “Rabattons nos épines !” Les petits hérissons couchent leurs épines sur leurs petits corps. Ils se serrent les uns contre les autres. Ils se sentent bien. La chaleur de chacun s’ajoute à l’autre. Les petits hérissons pourront passer l’hiver sans en mourir.

Parabole de Schopenhauer.

Klik HIER voor een kortfilmpje