Chapelle des buis

Zes uur in de morgen… Oeps dit ben ik niet gewoon. Ik ben eerder een stoomlocomotief in de morgen.
Een rechte lijn naar Besançon.

Op de hoek van een straat. Een garage poort gaat open. Een wagen rijd uit. Krakk…de zijspiegel. De wagen stopt. Een man stapt uit al vloekend. De deur van de garage sluit zich terug op de wagen. Dubbele vloek. Ik hoor de man roepen “Oh bhein, je n’ai pas le temps aujourd’hui”, terwijl hij terug de poort opent en plakband vraagt aan zijn vrouw. De vrouw geeft hem gewoon plakband. Hmm, ik vrees. “Vous voulez du collant fort ?”, roep ik de man. “J’en ai. Et je serai ravis de vous le passer. Au moins il auras servi. Cela fait des milliers de kilomètres que je le trimballe avec.” De man plakt zijn zijspiegel vast. “Aurevoir.” “Attendait, je n’ai pas tous utiliser.” Hij brengt me de rest terug. “Le temps n’existe pas monsieur, c’est une illusion.” Hij lacht vriendelijk terug en draait zich gehaast om en zegt “Time is money”, on dit en Angleterre”. Ik steek mij hand op. “Merci pour le collant”, zwaait hij terug. Hmm, time is money… de prijs van de herstelling van de zal het inderdaad zijn.

In Ecole-Valentin kruist praat ik met een vrouw. Over de weg, alleen zijn, tijd… Ik doe het verhaal van de wagen. “OH, une même chose nous est arriver ce matin. Mon mari…” Ik geef haar de rest het plakband die ik bij heb.

Besançon

Église Sainte-Madeleine

De weg naar Besançon is lang. Een rechte lijn in de voorsteden. Drie kilometer lang wandelen tussen de industriële gebouwen, lab’s en universiteiten. De vele wagens. De confrontatie van een drukke grootstad. Eigenlijk kan ik de vervelende geluiden, drukte van de stad laten voor wat het is. Ik neem het niet op… het hoort niet bij mij… Een ding is zeker… De stad is niet meer voor mij. Geef me naar de rust, stilte van de natuur…
Na een goede drie kilometer wandel ik eindelijk de oude vestingen voorbij van de oude stad die zeer goed bewaard is gebleven. De geluiden van gemotoriseerde voertuigen verdwijnen op de achtergrond.
Hoewel ik van plan was een rustdag te nemen voelt het niet OK om dit hier te doen. Ik wandel verder richting het diosecaan centrum. Ik ontmoet er frère Max en krijg het adres van de franciscanen in Chapelle des buis.
Nog bijna drie kilometer… De laatste voor vandaag… Stijgend… Terwijl mijn mentale een loopje gaat nemen en er kort voor zorgt dat de stijging zwaar aanvoelt… kan ik plots gemakkelijk de gedachten omzetten… Ik begin te lachen en vind mijn gedachten wel grappig… Een wit metalen plaat staat boven me langs de weg… ‘Le mystère Joyeux’… Ja, die hersenen zijn inderdaad soms een mysterie… Traag gaat de weg… Stijgend… Een halt… Drinken… Stijgen… De kruistocht.
‘Pff, ik zal toch mijn rugzak nog wat lichter mogen maken voor de Alpen en ik denk aan mijn kledij’… Net op dit moment staat boven mij, langs de weg een kruis… ‘Jesus est dépouillé de ses vêtements’…

La Chapelle, staat er nog, ‘les buis’… helaas verorberd door de buxus rups.
’s Avonds ga ik nog een half uur mediteren met frère Jacques in een goed aanvoelende kapel boven op één van de zeven heuvels rond Besançon. Een gesnurk is hoorbaar. Frère Jacques is in slaap gevallen. De meditatie wordt gevolgd door de gebeden, we blijven met twee. Samen zingen en afwisselend bidden. Alsof ik dat al altijd heb gedaan. Zalig!

In de refuge pèlerin ontmoet ik ”s avonds nog Fabien en Hélène.. Een avond met pelgrims…

Verteren

Hartverwarmend om te zien hoe een jonge dertiger zijn personeel openhartig benaderd. De tijd neemt – ook al staat veel op de planning – de dag opent bij een pot koffie.

Op een smalle geasfalteerde weg een grootmoeder en haar twee kleindochters. Elk in hun hand een boeket geneeskrachtige bloemen. Hun lange haren waaien in de wind. “C’est important de les amener dans la nature”, zegt de vrouw.

In Seveux laat Ik me verwennen op een warme dagschotel. Rust en krachten opdoen. Toekomen met de rugzak in een restaurant is geen dagelijks beeld, om me daarom subtiel in een richting te duwen…
Een grote zaal. Ingedeeld met schermen en in een verschillend kleur, oranje en wit. Het oranje deel ligt wat in een donkere hoek, een tv aan de muur, kleiner en laag plafond. Gesloten…Aan tafel twee koppels mannen. Klederdracht vissers kledij, overall.
Het witte gedeelte is open, ruim, hoge plafond en veel licht. Tv wordt geprojecteerd via een beamer op de muur, een reuze scherm. Een familie, een bejaard koppel, een jong koppel met baby.
Ik wordt meegenomen naar een tafel in een hoekje, oranje gedeelte. “Je vous mais ici la bas il n’y a plus de place. Les place en tous étais prit”, zegt de ober me, gevolgd door “ici, vous avez la télé”. “Il n’y a plus de place!”, flopt er verwonderd uit. De ober begreep mijn intonatie. De kleren maken de man niet gaat door meheen.
Hij neemt me mee naar de andere kant.
Een man in visserskledij, een zachte blik, een glimlach. Wat later komt de man aan de contoir. Een glimlach en knipoog volgen elkander op. Ze vertrekken, een reactie volgt van de ober… een echo van de man met zachte blik. “l’habit ne fait pas le moine” en gaan de deur uit… ‘Chez Berthe’

Een knoop in de maag. Wat ligt er op mijn maag… Ja, de bonen dat is zeker… mijn lichaam komt me echter meer vertellen… Ik laat het sudderen. Niet dat het eten mij niet bevallen is, integendeel, het was lekker. Niet zozeer het gedrag van de man… Niet het feit dat ik liever ruimte had.

Wel eerder dat mijn beweegreden minder rebels mocht zijn. Een oud patroon van afschermen, weerstand, recht op bestaan, gezien worden was aanwezig. Ik had gewoon kunnen liefdevol vragen om in het witte deel te mogen plaats nemen in plaats van in het zelfde gedrag als hij te stappen. Wanneer een oud patroon de kans krijgt om in het bewustzijn te komen, te transformeren… gelijkaardige situaties in de toekomst dragen dan ook geen gewicht niet meer met zich mee.

Ja, wat heftig boeren met zich mee kan brengen. Het schudde me letterlijk en figuurlijk wakker. En om dan nog eens in resonantie van tijd projectie en spiegeling te mogen ontvangen en geven in verbinding met een vriendin. Zalig. (knipoog)
Ik stap verder in vertering en als ik nu een ‘peetje’ zou neer tekenen, dan zou het er eentje zijn op zijn rug, handen op de buik van het lachen en tranen van vreugde…. Ik heb het weer gekunnen.

De eerste krekels zijn ondertussen hoorbaar in de natuur. Af en toe een klaproos. In de weiden schapen of koeien. Ik denk dat ik een beetje verliefd aan het worden ben op de laatste. Ik vind ze zo schattig. Wat wild en toch zacht uitziend.

Langs het kanaal van de Saône geniet ik van de micro en macro wereld. Verschillende wantsen, bloemen…
De laatste dorpen op de dag zijn amper 80 inwoners… Gelukkig kort op elkaar. Ik klop aan aan de deur van Jean en Véronique… Met open armen ontvangen.

Etoile

‘De gedachte van iets nodig te hebben, is maar een gedachte’ . In essentie is alles er al.

Een gesprek met Mr. Angelo over al of niet een pelgrimsherberg te installeren in Leffonds blijft in mijn hoofd draaien. Onderwerpen als: Dorpen die trekken, sleuren om de weg door hun dorp te laten lopen, Luxe op de weg, wat je als basis nodig hebt als pelgrim…

Vertrekken we allen niet als pelgrim, mens, wezen om iets anders te ondergaan, in ontmoeting naar iets nieuws, om wat we hebben en soms allemaal even teveel is en voor even achter ons laten of misschien wel voorgoed, zich kunnen losmaken van, voor even een vrij mens te mogen voelen…
Aan de basis is belangrijk een gezond lichaam, water, voeding. Voor een overnachting: een toilet, water om je te wassen, een droog dak boven je hoofd, iets zacht om op te liggen. De rest ontvang je en ontwikkel je zelf op de weg.

De zin om neer te schrijven is te groot, dus doe ik het. Ook al weet ik dat ik tegen sommigen schenen kan schoppen. Dan is het zo.
Aan de dorpen, gemeentes… Maak van de weg geen ‘colonie de vacances’, of ‘un parc d’ attraction’, een toeristische trekpleister, draai niet mee in het economisch systeem van geld binnenhalen en bekendheid, laat de gedachten vallen ‘als wij het niet doen, dan zullen onze buren het doen en verliezen wij…’ Deze wegen zijn er al voldoende en daar willen de meesten net aan ontsnappen… Sommigen zijn hier al bewust van, anderen niet… het komt… wanneer de tijd er rijp voor is.
Hou de weg en laat de weg in zijn eenvoud en puurheid bestaan. Er hoeft niet iets gecreëerd te worden. Alles is er al. Geef de mensen de kans om terug te kunnen naar de eenvoud en puurheid. Maak van de ‘viafrancigena’ of nieuwe Compostela wegen geen wegen zoals er al zijn, waar mensen ‘la noumba’ houden tot ’s avonds laat en laten we de andere realiteit ook niet uit het oog verliezen waar alcoholische dranken, wiet… de vrije loop hebben en waar menigte denkt dit nodig te hebben om te kunnen in contact te komen met de ander. Plaatsen waar nog weinig respect is voor de rust van zijn inwoners en medepelgrims. Waar dorpen aan het kijken zijn om de weg uit hun dorp te bannen omdat het de spuitgaten uitloopt. Omdat het uit zijn voegen barst. Ook dat is soms realiteit op de weg. En daar kunnen we dan ook uit leren en groeien. Zorg te dragen, open te blijven, tolerant te zijn…

En natuurlijk is het welgekomen en aangenaam om af en toe eens verse kleren te mogen voelen op de huid, een heerlijk verzorgde maaltijd te mogen proeven die alle smaakpapillen extra komen strelen na drie dagen op brood en kaas te hebben geleefd. Een bed met verse lakens waar de benen breed uit mogen gaan ontspannen… Ook dit is er al…

Er zijn pelgrims met een grote financiële mogelijkheden. Er zijn mensen die kunnen sparen. Er zijn mensen die beide mogelijkheden niet hebben en waar het budget per dag misschien nog geen vijftien euro is. Of zelfs minder. Die zich grote budgetten niet kunnen veroorloven. Zich een pelgrim refuge niet kunnen permitteren. Laten we de deur niet sluiten voor deze mensen, het financiële mag geen belemmering zijn op de weg. Mogen door verenigingen en medepelgrims niet uitgesloten worden omdat men denkt luxe nodig te hebben op de weg. Laten we de weg open voor allen. Iedereen heeft recht om te groeien.

Aan de pelgrims, mensen die de weg nemen leer de kleine dingen des levens appreciëren. Eis niet. Eis geen drie tot vijf sterren plaatsen, overnachtingen, maaltijden… de sterren zijn er al leer ondergaan en zien op een andere manier.
Is er geen douche waaruit liters water vloeit, je handen op je lijf aan de lavabo doet wonderen.
Brood en wat beleg, stuk fruit ’s avonds, water… daar is nog niemand aan gestorven. En als je dan een maaltijd kan eten… Ik wens je de maaltijd te kunnen zien als met de ogen van een kind die zijn handen naar boven steekt, zijn mond opent en sparteld met de benen als het voor zijn neusje komt staan. Je ogen te mogen sluiten, naar binnen te keren en werkelijk te mogen proeven wat de aarde ons dagelijks aan goud schenkt…

Durf af te stappen van de voorgekauwde afstanden en plaatsen… Durf een stap te zetten in het onbekende ipv te plannen met ‘de sleutel op de deur’. Durf werkelijk bestaan. Leer te groeien in het alleen zijn, weet dat je dit uiteindelijk nooit bent. Zorg dat je geen gemis en verwachtingen installeert op de weg, want dan heb je enkel verplaatst wat je al had in je dagelijks leven. Durf uit de kast komen en laat al het geprogrammeerde, voorgepromeerde los. Durf je in je blootje te zetten. Durf hulp vragen.

Leer terug je voeten voelen op de grond. Leer midden in een veld de lucht op te snuiven en voel wat het met je doet. Zie de wind die in de bladeren blaast. De zon boven jou die zijn kracht over de aarde laat stralen en meehelpt in de groei van dingen op aarde. Voel het… Zonder gedachten. ‘ik kan het niet, ik zal dat nooit kunnen, de gedachte jezelf te kennen en wat je nodig hebt… Dit zijn enkel gedachten die je angsten camoufleren… Ga, ga en durf…

Champlitte

Ik stap de stad Champlitte binnen. Een lange straat neemt me mee naar boven. Leeg… Luiken dicht… Maison à vendre… Een plein. Een beeld. Lege vitrines. Mijn fantasie… Mijn twee klapschoenen… De zon die komt schijnen op de deuren die zich openen en de mensen die dansend en zingend op straat komen elkander de hand schudden. Waar onder mijn voeten groen begint te groeien en als een lontje zich verspreid in alle uithoeken van het plein. Blauw, groen, geel, paars, magenta, rood, oranje… Kleurrijk….
Terug naar de realiteit… Een lege fontein… Een kat in een hoek. Een man achter zijn gordijn.

Op de markt in Champlitte maak ik kennis met Flaurence, ze verkoopt er op dinsdag verse melkproducten. Waardevolle fijne gesprekken. Mensen die zich toevoegen en al snel staan we met vijf rond het kraam met heerlijke streekproducten. Wat fijn om in de vertikale energie aanwezig te mogen zijn, te voelen en bewust te zijn een kanaal te mogen zijn in mijn woorden, woorden die vloeien vanuit een niet tastbaar iets, waar het mentale niet aanwezig is. “Vous êtes une petite lumière étincelante sur mon chemin”, zegt een man plots uit het niets. “Vos mots me touche monsieur, merci de votre partage. De tous cœur je l’emmène avec moi sur le chemin”, antwoord ik terug.

Na de markt tijd om wat voedselenergie op te doen. Un bistro. Aan de contoir, een man. Midden de zestig. Jeansbroek. Een kuif. Zijn ogen wijd open, horizontale opgetrokken huidsplooien. Beide voeten op de grond, wiebelend naar voor en achter. 10u30 in de morgen.

Aan de hoeken van de straat volwassenen met een emmer vol muguets vers geplukt uit het bos. Twee euro voor ‘un brin de muguets’. En wat als we nu eens gewoon deze zouden uitdelen aan de mensen die je tegenkomt op straat die dag. Dan zou je toch veel meer waardevols hebben ontvangen ‘un moment de bonheur’…

Voor mij een jongkoppel. Margaux en Lucas… ze zijn zwanger… van een… en zal… heten… Ssttt hun familie leest misschien mee. 😉 En deze verrassing wil ik hen niet ontnemen. Ze nodigen me uit. Op terras in de zon eventjes bijkomen, wat praten en genieten van elkanders aanwezigheid. Hun ogen stralen vol- leven.

De natuur heeft terug zijn rust gevonden.

’s Avonds kom ik aan in Dampierre. Een bizar gebouw. Een hoge glazen toren. Alsof deze door een buitenaardse ruimteschip hier is neergeplaatst. Een groot hotel die toeristen opvangt voor één nacht tussen twee grootsteden in Frankrijk. Veel Chinezen. Heel industrieel en weinig aantrekkelijk. De geranten spontaan, jong, energiek, hulpvaardig…een openhartig ontvangst.