La Réole

image

27 mei – Ik wandel nog even door de historische stad van La Réole. Over de brug ben ik na een klein half uurtje wandelen terug in de natuur, tussen hoge aangelegde populieren bossen. De wijnvelden zijn plots verdwenen en hebben plaats gemaakt voor de maïsvelden.  Wat geniet ik van de zon. Kilometers verderop een dorpje met een Saint Antoine kerk. Ik ga binnen. Ik draai me om, in het tegenlicht zie ik de vorm van een persoon, Patrick. Naast de kerk is er een pelgrimstafel en stoelen. Samen delen we deze  rustige plaats. Via een mooi gerestaureerd brugje vertrekken we terug en delen we verder de weg. We geraken even de weg kwijt. Het laatste stuk is een geploeter doorheen de modder en via korte en hevige stijgingen. Op een half uur van Bazas stapt Patrick verder naar de office du tourisme voor de sleutel van de refuge. In Bazas zie ik een koppel de straat oversteken “Pardon madame,  c’est le chemin pour le centre ville”? “Oui, oui et ent vous attend et il y a de la place”, weten beiden mij te vertellen.  Op de markt aangekomen, een terras,  een stoel ‘et oui il y a de la place’ aan de tafel van Patrick. Ik plof me neer.

Ingetogen

image

26 mei – Patrick is al vertrokken richting La Réole.  Ik kijk uit het raam, grijs, geen enkel wolkje aan de lucht. Een regenkap voor de rugzak en regenjas zal noodzakelijk zijn. Ik doe de deur van de refuge achter me dicht en vertrek voor een nieuwe dag, nieuwe ontmoetingen en ervaringen. Een fijne regen vergezeld me tot na de middag. Tussen de wijnvelden door op kleine departementale en soms op modderige wegen. Ik blijf wandelen tot ik ergens een bank tegenkom om mijn middagmaal te nemen.  Weinig banken te bespeuren. Een kerk, zou daar iets zijn! Ja, een stenen muur onder een afdak, ideaal. Met terug wat energie wandel ik mijn laatste kilometers, nog 12 te gaan. Net voor La Réole op een helling zie ik in de verte een blauwe lucht en hoge witte wolken. Gevoelsmatig voel ik mijn lichaam die zich opent. Bewust dat ik de ganse dag heel diep in mezelf was gekeerd. Ingetogen. Een wagen rijd stapvoets naast me. “Bonjour,  pelerine vous allez ou? A La Réole! ” vraagt een vrouw me met een stralende glimlach.  “Bonjour, oh oui j’ai l’ai pieds épuises”. “Vous voulez que je vous conduit”. “Je vous remercie, je préfere continuer à pieds”. “Je comprends.  A partir d’ici il vous reste plus que 30 minutes. Bon courage. Ultreïa”. “Merci beaucoup”. We steken nog even onze hand op en mevrouw rijd verder. In het gemeentehuis van La Réole verneem ik dat er geen refuge is voor pelerin.  De vrouw aan de balie doet al het mogelijke om een overnachting te regelen bij een particulier.  Ondertussen geniet ik van zoete heid en water die ik van haar kreeg. Een uur later ben ik in mijn kamer waar ik een nachtje zal uitrusten.