Stiltepad

 

Jasmine Debels (1 van 1)

Muur van Geraardsbergen

Vroeg in de morgen. Ik neus nog wat rond op de rommelmarkt van Geraardsbergen. Een meisje legt haar speelgoed op de grond, netjes op een rij. Een halssnoer komt tevoorschijn. Met haar fijne handen maakt ze er een hartvorm mee. Eronder een dvd van Bambi.

Een klim. De Muur van Geraardsbergen. De Ronde van Vlaanderen, dan wel te voet. Boven, een kapel, Onze-Lieve-Vrouw-van-Oudeberg. Ik ga binnen. Een viering zal beginnen. Vier meisjes wandelen de heuvel op. “Kijk, de Eiffeltoren.” Ze kijken naar elkaar. “Maar neen, dat is de Eiffeltoren niet. De Eiffeltoren heeft een punt naar boven”, zegt een ander meisje, terwijl ze met haar handen een driehoek vormt. Vingers naar boven tegen elkaar en duimen horizontaal. Een meisje staat sprakeloos te kijken naar de toren. Ik draai mijn hoofd naar rechts. Een watertoren. De vorm, als een vliegende schotel. De mensen die de heuvel trotseren zijn piekfijn uitgedost. De parfumgeuren strelen langs mijn neus.

De zon is verborgen achter een wolkensluier. In een bos hoor ik in de verte het geluid van een ree. Een eekhoorn. Spelend van links naar rechts. Roestkleur. Af en toe stopt hij, kijkt me aan. Uit het bos, een camping. Een pauze. Ik ga zitten voor de kantine. De gesprekken, de woorden die ik hoor…laat ik meezweven met een licht briesje. Weg! Na een lang stukje natuur op het ‘Stiltepad’, stap ik binnen in de kerk van Zandbergen. Net zoals de Sint-Bartholomeuskerk in Geraardsbergen is deze kerk van een grote schoonheid. Ik voel me wat weemoedig. Een traan, ze mag er zijn. Een terras in de schaduw. Rust. Naast me een jonge vrouw. Pas afgestudeerd. Rood-witte linten, klevers, een gouden plaatje met een gaatje. Ze maakt medailles voor de loopwedstrijd van volgende vrijdag.

Langs de Dender geniet ik van de stilte. Af en toe een fietser. Eenden, verschillende vogels, grasvlooien, dazen… Ter hoogte van Pollare, een grote tent. Veel volk. Barbecue. De geur komt naar me toe. Verleidelijk! Een ontmoeting hier, een ontmoeting daar. Neen, ik geef er niet aan toe. De laatste kilometers. Een moedereend en haar zes kleintjes steken de Dender over van de ene oever naar de andere, moeder op kop. Eenmaal aan de overkant, kleintjes terug voorop. Ik haal diep adem. Ze zijn veilig aangekomen. Zucht! Honger. Ik haal een mattentaart boven die ik kreeg in Zandbergen. Ik laat de Dender achter me en kom aan in Ninove. Naar de abdijkerk. Via de dekenij word ik naar de Zusters der Heilige Harten doorverwezen. ‘Bel aub en kom binnen’ staat er op de deur. Ik herken dit plots. Een paar jaar geleden heb ik hier beelden genomen met collega’s fotografen. Een zuster doet open en neemt me mee via de garage naar de keuken, waar ik samen met hen een avondmaal deel. We hebben veel plezier. Wat voelt het goed om zoveel vreugde te mogen zien en het samen te mogen beleven. In mijn kloosterkamertje. Stilte, mijmeren, vreugde. Dank je voor deze mooie dag en avond.

GPX Bestanden Geraardsbergen/Grammont naar Ninove

Le sentier du silence

Tôt le matin. Je fouine encore un peu sur le marché aux puces de Grammont. Une fille, aligne ses jouets sur le sol. Un collier apparait. De ses mains fines elle en fait une forme de cœur. En dessous le dvd de Bambi.

Une montée. Le Mur de Grammont. Le Tour des Flandres, mais à pieds. Au sommet une chapelle, Notre-Dame de Oudenberg. J’entre. Une célébration s’annonce. Quatre filles montent la colline. “Regarde, la tour Eiffel.” Elles se regardent. “Mais non cela n’est pas la tour Eiffel. La pointe de la tour Eiffel est dirigée vers le ciel”, dit une autre fille en formant un triangle de ses mains. Les doigts l’un contre l’autre vers le haut et les pouces à l’horizontale. Une fille reste muette en regardant la tour. Je tourne la tête vers la droite. Un château d’eau. La forme, celle d’un ovni.

Les gens qui montent la colline sont très bien habillés. Les odeurs des parfums, viennent me caresser les narines.

Le soleil est caché derrière les nuages. Dans un bois, j’entends au loin le son d’un cerf. Un écureuil. Il joue de gauche à droite…Couleur de rouille. De temps à autre il s’arrête, me regarde.

En dehors du bois, un camping. Une pause. Je m’assieds devant la cantine. Les conversations, les mots je les laisse flotter dans l’air. Partis!

Après un long parcours dans la nature sur le sentier du silence, j’entre dans l’église de Zandbergen. Elle est, comme l’église de Saint-Bartholomée à Grammont, d’une grande beauté. Je me sens quelque peu mélancolique. Une larme, elle peut être.

Une terrasse à l’ombre. Repos.

À mes côtés une jeune femme. Juste graduée. Des rubans rouges et blancs, des autocollants, des plaques dorées trouées. Elle fait des médailles pour la course à pieds de vendredi prochain. Le long de la ‘Dender’ je profite du silence. De temps à autre un cycliste. Des canards, divers oiseaux, des puces, des taons. À hauteur de Pollare. Une grande tente. Beaucoup de monde. Barbecue. L’odeur vient à ma rencontre. Tentant. Une rencontre par ici, une rencontre par là. Non je ne cède pas. Derniers kilomètres.

Une mère canne et ses six cannetons traversent la ‘Dender’ d’une rive à l’autre, la mère en tête. Une fois la berge atteinte les petits en tête. Je respire profondément. Ils sont sains et saufs. Soupir!

Faim. Je sors une tarte au maton reçue à Zandbergen. Je laisse la ’Dender’ derrière moi et arrive à Ninove. Direction l’église de l’abbaye. Le doyenné m’envoie chez les Sœurs du Sacré Cœur. Je me trouve devant la porte: ‘Sonnez et entrez svp’ y est écrit. Soudainement je reconnais cet écriteau. Il y a quelques années j’ai pris des images ici avec des collègues photographes. Une sœur vient à ma rencontre et me conduit en passant par le garage à la cuisine où je vais partager leur repas. Je prends place à table. Nous avons beaucoup de plaisir. Cela fait du bien de voir et de sentir tant de joie.

Dans ma petite chambre du monastère. Silence, rêvasserie, joie.

Merci pour cette belle journée et soirée.

 

Geraardsbergen

 

Jasmine Debels (1 van 1)

Everbeek

Een zoen aan Kian. Een high five aan Logan en Tristan. “Dankjewel voor jullie gastvrijheid. Ik heb genoten van zoveel moois te mogen zien”, zeg ik tegen Ingeborg. “Dankjewel, het doet plezier”, antwoordt Ingeborg. 

De weg gaat naar beneden in tegenstelling tot gisterenmorgen. In een tarweveld ontmoet ik Maarten en Jonas, die de andere richting uitgaan. “Hallo, waar gaan jullie naartoe?” “Naar ‘de Fiertel’, een jeugdherberg ”, weten ze me te vertellen. “En jij?” “Ik wandel richting Brussel.” We delen met elkaar waarom we aan het wandelen zijn, wensen elkaar succes en gaan elk onze eigen weg. Wanneer ik aankom aan de kerk van Zarlardinge, is er een begrafenis. Agnes, een pianiste. Ik blijf buiten wachten en luister naar de klassieke muziek. De kist wordt naar buiten gedragen. Een prachtige, eenvoudige, kunstig versierde kist. Bovenop een boeketje veldbloemen. De rouwstoet vertrekt te voet naar Agnes haar laatste rustplaats. Op kop een blaasorkest.

Ik ga op een terras zitten van een café. Ik krijg compagnie. De onderwerpen: drugs, vrouwen, alcohol… . “Allé, lees ne keer het laatste stukske voor uit je dagboek”, krijg ik te horen. Ik kijk de man in de ogen. Zowel een verbale als non-verbale ‘neen’ volgt. Met mijn pen in de hand verdwaal ik in mijn schriftje. Ik neem nog even een foto binnen. Er wordt me een vraag gesteld. Mijn antwoord krijgt bijna geen kans te bestaan. “Naar waar gaat u nu?” “Tot in Geraardsbergen.” “Succes, ik ben benieuwd hoe het zal zijn om daar een overnachting te vinden.” Een stilte volgt… ”Want met zo een bekrompen mentaliteit. Misschien wel bij de vreemdelingen”, krijg ik te horen. Met deze woorden in mijn hoofd en een niet goed voelen verlaat ik Zarlardinge via het kerkhof. Het graf van Agnes. Haar foto op een kruis versierd met partituren. Met muziek heeft ze geleefd, met muziek is ze heengegaan. De woorden van daarnet komen terug aan de oppervlakte. Ik wandel verkeerd. Ik probeer terug in mijn eigen kracht te staan. De woorden alsook de vooroordelen die ik te horen kreeg verdwijnen. 

Op de markt van Geraardsbergen vind ik vlot een slaapplaats. De dekenij. De deken wijst me de weg in het huis en vertrekt naar zijn afspraak. Ik doe mijn was en leg deze plat op het gras om te drogen. De deken komt later terug. “Hier, de sleutel voor wanneer je je was binnen zou halen. Zodat de deur niet achter je dichtslaat”, meldt hij me terwijl ik een glimp mag opvangen van plezier. Oeps, ik voel binnenin een zekere beschaamdheid en doe alsof ik het niet zag. Hmm, ik kan me wel inbeelden dat dit een grappig zicht is, mijn onderbroeken en bh te drogen in de tuin van de dekenij. Met zicht op de kerktoren val ik in slaap.

GPX Bestanden Ronse/Renaix naar Geraardsbergen/Grammont

Grammont

Une bise à Kian, un ‘high five’ à Logan et Tristan. “Merci beaucoup pour votre hospitalité. C’est avec grand plaisir que j’ai vu tant de belles choses”, dis-je à Ingeborg.

“Merci beaucoup, cela fait plaisir”, me répond Ingeborg.

Le chemin descend, le contraire de hier matin. Dans un champ de blé je rencontre Maarten et Jonas, qui se dirigent dans l’autre sens. “Bonjour, ou allez-vous?” “À ‘de Fiertel’, une auberge de jeunesse”, me répondent-ils. “Et toi?”  “Je marche direction Bruxelles.” Nous partageons la raison de notre cheminement. On se souhaite mutuellement bien du succès et continuons chacun notre chemin.

Lorsque j’arrive à l’église de Zarlardinge, un enterrement à lieu. Agnès une pianiste. J’attends à l’extérieur en écoutant la musique classique. Le cercueil sort de l’église, porté par 6 personnes. Un magnifique cercueil, simple et décoré artistiquement. Dessus, un bouquet champêtre. Le cortège se dirige vers la dernière demeure d’Agnès. En tête, une fanfare.

Je vais m’asseoir à la terrasse d’un café. On vient me tenir compagnie. Les sujets de conversation: la drogue, les femmes et l’alcool… “Allé, lis-nous le dernier fragment de ton journal”, me dit l’un d’entre eux. Je regarde l’homme, droit dans les yeux. Un ‘non’ aussi bien verbal que non verbal s’en suit. Ma plume à la main, je me perds dans mon cahier. Je prends encore une photo à l’intérieur. Une question m’est posée. Ma réponse n’est d’aucune importance.

“Vous allez où maintenant?” “Jusqu’à Grammont (Geraardsbergen).” “Bonne chance, je suis curieux de savoir comment cela ira pour trouver un logis là-bas.” Un silence suit… “Avec leur esprit borné. Peut-être bien chez les étrangers”, me dit-il.

Avec ces mots en tête et un certain malaise, je quitte Zarlardinge en passant par le cimetière. La tombe d’Agnès, sa photo, sur une croix garnie de partitions. Elle a vécu avec la musique et elle est partie avec la musique. Les mots de tout à l’heure me reviennent à l’esprit. Je vais dans la mauvaise direction. J’essaie de me recentrer. Les mots ainsi que les préjugés disparaissent.

Sur le marché de Grammont je trouve facilement un logis. Le doyenné. Le doyen me familiarise avec la maison et part à son rendez-vous. Je fais ma lessive et la mets à sécher sur le gazon.

Le doyen revient un peu plus tard. “Voici la clé pour quand tu rentreras ton linge. Au cas où la porte se ferme derrière toi”, me dit-il et je remarque dans son regard un certain plaisir. Oups, je ressens une certaine gêne et fait semblant de n’avoir rien vue. Heum, je peux m’imaginer le spectacle drôle que cela est, mes petites culottes et mon soutien-gorge séchant dans le jardin du doyenné.

Je m’endors avec vue sur le clocher.

 

Bewust wording

Aalbeke

Aalbeke

Terwijl de zon al van de partij is, zingen de vogels in volle glorie. Ik geniet van een verse smoothie als ontbijt. Mijn lichaam heeft nog niet veel zin om in beweging te komen. En toch! Toch kijk ik ernaar uit om terug op ontdekking te mogen. Al heel snel is me duidelijk dat de vlakte plaats heeft gemaakt voor stijgen en dalen. Ik blijf verwonderd van zoveel schoonheid zo dicht bij huis. Ik wandel een heel eind op een hoogte, waardoor ik rondom oneindig ver kan zien.

Rollegem. Bellegem en zijn mooie kerk. Na het Orveytbos en het kanaal Kortrijk-Bossuit, wandel ik naast een oude spoorwegbedding in een dichtbegroeid bos. Ik heb daar altijd een onaangenaam gevoel bij. Weten dat er maar twee uitgangen zijn, voor en achter en dan nog eens constant spinnenwebben trotseren. Arghhh, dit is me nu eventjes teveel. Eenmaal eruit brengt een lang smal pad me tot in Avelgem. Ik kom uit aan het station om dan via een lange winkelstraat tot aan de kerk te wandelen. Het valt me op dat er nog weinig winkels open zijn. Het ziet er een verlaten straat uit, die wellicht ooit een bloeiende winkelstraat was. Ik dacht dat dit enkel in Frankrijk gebeurde!

In de kerk van Avelgem, mijn eindpunt voor vandaag en startpunt voor morgen, vind ik een grote flyer van alle openkerkenmonumenten. Weinig Sint-Jacobskerken. Eén iets valt me op: de Sint-Jacobskerk in Doornik (Tournai). Een kerk die niet opgenomen is in de lijst van de achttien kerken op het Jacobskerkenpad. Is dit over het hoofd gezien? Of…

Bij de dekenij, niemand. Spikerelle, het cultureel centrum van Avelgem. Een jongen verwelkomt me, Lucas. Eén telefoon en Lucas regelt een overnachting voor me in zijn ouderlijk huis. De ontmoeting is kort en krachtig. Lucas vertrekt naar zijn liefje, Lore, die vandaag jarig is, en morgen is het zijn beurt.

Met een glas witte wijn op het terras met Rita, de mama van Lucas, eindig ik deze mooie zomerdag.

GPX Bestanden Geluwe – Rollegem

GPX Bestanden Rollegem- Kluisbergen

Prise de conscience.

Le soleil étant déjà levé, les oiseaux chantent de tout cœur. Je me régale d’un smoothie frais, au petit déjeuner. Mon corps n’a pas encore vraiment envie de bouger. Et pourtant je me réjouis de reprendre le chemin de la découverte. Très vite je m’aperçois que le terrain plat fait place à des montées et des descentes. Je reste étonnée par tant de beauté si près de chez moi. Je marche tout un temps en hauteur, ce qui me permet de voir au loin.

Rollegem, Bellegem et sa belle église. Après le bois d’Orvey, le canal Courtrai (Kortrijk) – Bossuit. Je promène dans le bois en longeant une ancienne voie ferré. Le bois est dense. Cela me procure toujours une sensation quelque peu désagréable. Savoir qu’il n’y a que deux issues, l’une devant et l’autre derrière moi et devoir continuellement affronter les toiles d’araignées. Arghhh….c’en est trop. Une fois sortie, un long chemin étroit me mène à Avelgem. J’arrive à hauteur de la gare pour continuer mon chemin vers l’église par une longue rue commerçante. Je remarque qu’il y a peu de magasins ouverts. La rue, autrefois prospère, a l’air aujourd’hui abandonnée. Je croyais que cela été seulement le cas en France!

À l’église d’Avelgem, terminus pour aujourd’hui et point de départ de demain, je trouve une brochure de renseignements sur les monuments religieux ouverts au public. Peu d’églises Saint-Jacques. Une chose me surprend. L’église Saint-Jacques de Tournai (Doornik). Une église qui n’est pas mentionnée dans la liste des dix-huit églises reprises dans la description du ‘Jacobskerkenpad’. S’agit t’il d’une négligence ou…..

A la maison du doyen, personne. Spikerelle (Centre Culturel). Un garçon m’accueille, Lucas. Un coup de fil et Lucas me règle une nuitée dans sa maison familiale. La rencontre est courte et intense. Lucas part retrouver sa petite amie Lore, qui fête son anniversaire aujourd’hui et demain on fêtera le sien.

Avant d’aller me coucher je termine cette belle journée ensoleillée en terrasse avec un verre de vin blanc en compagnie de Rita, la maman de Lucas.

Waarschoot

‘de Lieve’

Check! Heb ik wel alles bij, gaat er door me heen. Hoe weinig of hoe klein de bagage ook mag zijn, de onzekerheid om niets te vergeten blijft groot. Ik sluit de voordeur. Het kookfornuis, gaat er door me heen, terug naar binnen. Na vijf minuten sluit ik voor de tweede maal de deur.

De lift. Een spiegel, mezelf. Daar gaan we voor een nieuw avontuur. In het Nu en met vertrouwen dat alles een reden heeft en goed komt, start ik mijn tocht doorheen België. Met rode kaken geef ik toe dat België voor mij eerder onbekend is. Aardrijkskunde was ook niet mijn sterkste vak, al snel verveelde de leerstof mij en zat ik met mijn gedachte ver weg.

Twee gekende gezichten staan me op te wachten aan de Sint-Jacobskerk. Hubert, een man die ik regelmatig ontmoet in het Open Huis ‘Pratershol’, een ontmoetingsplek gelegen in het historische Patershol. En Jacqueline, met wie ik een stuk van mijn levensweg heb gedeeld. Jacqueline nodigt me uit voor een ontbijt, een stevig broodje om de dag te beginnen.

Half elf, ik geniet van de vele mooie hoekjes die ik in Gent mag ontdekken. Patershol, Prinsenhof, Sint-Elisabeth begijnhof, het park aan de Nieuwe Wandeling. Ik verlaat het centrum van Gent via de Groene Vallei en de Bourgoyen-Ossemeersen. Zoveel groen, zo dicht bij huis. Langs de oevers staan Mariadistel, heermoes en klaproos krachtig naast elkaar, heen en weer te dansen terwijl ik hen voorbij wandel. In de namiddag stap ik vijf kilometer langs het kanaal de Lieve. Ik was even vergeten dat een fel gekleurde short een ideaal aanvalspunt is voor dazen. Gelukkig heb ik mijn Combudoronzalf bij de hand. Om zestien uur een halte in de ‘Akkerhoeve’ in Waarschoot. Dansnamiddag. Ik ga binnen en vraag of ik gebruik mag maken van de toiletten. “Ben je op doortocht?”, vraagt de eigenaar. Ik deel het verhaal en de reden van mijn tocht. Hij trakteert me op een koffie. Bij mijn vertrek bieden drie vrouwen mij centen aan en vragen of ik ze wil aannemen. Dit voelt vreemd, nog nooit heeft iemand onbekend me zomaar geld aangeboden. Ik weet niet wat ik moet doen. Hen het plezier ontnemen van het geven vind ik niet fijn, dus ik meld dat ik ze graag aanneem en dat ik het aan een goed doel zal schenken. We praten nog wat samen. Achter de bar een jong meisje, ze danst. Ik nodig haar uit om te gaan dansen op de dansvloer. Een danspasje met wandelbottines, niet eenvoudig.

Achttien uur, aankomst in Waarschoot aan de bijzondere Ghislenuskerk. Ik hoor dat er nog een klooster is en zoek dit op. Zuster Clara helpt me bij het zoeken naar een bed en spreekt zuster An hierover aan. Ik heb het geluk er te mogen overnachten. Zuster An toont me een kamer, badkamer en keuken. Een avondmaal komt eraan. Zuster An wandelt nog even met me tot aan de kapel. Een lange gang, een deel dat binnenkort zal worden afgebroken. De kapel heeft prachtige handgeschilderde muren. Spijtig dat dit zal verdwijnen. Zuster-overste Gerd komt me ook nog een goede avond wensen. Een uitnodiging volgt om morgenvroeg samen met alle zusters het ontbijt te delen. Mijn eerste dag zit erop, één euro gespaard.

GPX Bestand Gent – Waarschoot

Waarschoot

Dernier contrôle! Je me demande si tout y est. Même si j’ai peu de bagage, être sûr de ne rien oublier reste très important. Je ferme la porte derrière moi. La cuisinière…je rentre à nouveau. Cinq minutes plus tard, je ferme la porte pour la deuxième fois.

L’ascenseur. Un miroir, et moi. Nous voilà partie pour une nouvelle aventure. Dans le présent et confiante que toute chose a ses raisons d’être et que tout finira bien, commence le voyage à travers la Belgique. Le rouge aux joues, je reconnais que la Belgique m’est inconnue. La géographie n’était pas mon point fort, très vite la matière m’ennuyait et mes pensées partaient en vagabondage.

Deux visages connues m’attendent à l’église Saint-Jacques. Hubert, un homme que je rencontre régulièrement à la maison ouverte ‘Pratershol’, située dans le centre historique du Patershol. Et Jacqueline, avec qui j’ai partagé un bout de chemin de vie, m’invite pour un petit déjeuner. Un pain copieux pour commencer la journée.

Dix heures trente, je prends plaisir à découvrir quelques beaux coins de Gand (Gent). Patershol, Prinsenhof, le béguinage Saint-Elisabeth, le parc ‘Nieuwe Wandeling’.

Je quitte le centre de Gand en passant par ‘Groene Vallei’, ‘Bourgoyen-Ossemeersen’. Tant de verdure, si près de la maison. Le long des berges, des chardons de Marie, la prêle des champs et des coquelicots dansent l’un et l’autre côte à côte tandis que je les croise en chemin. Dans l’après-midi, je longe le canal la Lieve durant cinq kilomètres. J’avais quelque peu oublié l’attirance que peut avoir un short de couleurs lumineuses sur les taons. Heureusement j’ai ma pommade Combudoron à portée de main.

Seize heures, un arrêt à la ferme ’Akkerhoeve’ de Waarschoot. Après-midi dansant. Je rentre et demande si je peux utiliser les toilettes. “Tu es de passage?”, me demande le propriétaire. Je lui raconte mon histoire et la raison de mon voyage. Il m’offre un café. Au moment de partir, trois femmes m’abordent, m’offrent de l’argent et me demandent de bien vouloir l’accepter. C’est étrange pour moi, jamais encore d’inconnues m’ont offert de l’argent sans raison. Je ne sais que faire. Leur ôter le plaisir de donner me parait délicat. J’accepte avec plaisir, leur disant en faire don à une bonne cause. On bavarde encore un peu. Derrière le bar, une jeune fille danse. Je l’invite à se rendre sur la piste. Des pas de danse avec des bottines de randonnée, pas simple.

Dix-huit heures, arrivée à Waarschoot à hauteur de l’église particulière de ‘Ghislenuskerk’. J’entends dire qu’il y a encore un couvent et pars à sa recherche. Sœur Clara m’aide à chercher un lit ou dormir et en parle avec sœur An. J’ai la chance de pouvoir y passer la nuit. Sœur An me montre une chambre, salle de bain et cuisine. Un repas du soir arrive. Sœur An  se promène encore un peu avec moi jusqu’à la chapelle. Un long couloir, une partie qui sera bientôt démolie. La chapelle possède de magnifique murs décorés à la main. Regrettable que tout cela doit disparaitre. La sœur supérieur Gerd vient aussi me saluer. Une invitation, à partager le petit déjeuner de demain avec toute les sœurs, m’est faite. Mon premier jour se termine. J’ai économisé un euro.

Terug in België

camino antwerpenOndertussen ben ik al een eindje terug in eigen land. Een vaste woonst is op mijn pad gekomen. De Gentse Feesten zijn zalig aan mij voorbij gegaan. De materiële wereld heeft terug zijn intrede gedaan. De ontvangen woorden zijn vermenigvuldigd met tien. Het is wennen tussen het dagelijks buiten leven en het leven tussen vier muren. Het evenwicht tussen leven in de natuur en leven tussen de materie.

Velen vragen me hoe het is geweest. Een vraag die niet zomaar in een paar woorden kan beschreven worden.

Wat ik wel kan zeggen is dat de weg me veel heeft bijgebracht. De uren introspectie, de vele symboliek… Een weg om dankbaar om te zijn. Dankbaar om de mogelijkheid dit alles te kunnen begrijpen en voelen. Dankbaar om het op één of andere manier verder te kunnen beleven en te delen.

Wanneer ik terug denk aan de weg voel ik zo de vreugde in me. De regen, een spelend kind…

Een glimlach komt te voorschijn! Dan loop ik over straat al lachend, mensen kijken me aan en op hun beurt tover ik bij hen een glimlach. ZA-LIG! Gewoon een glimlach mensen! Meer dan dat is het niet en het kan zoveel goeds doen. En weet je, daarvoor moet je de Camino niet hebben gelopen. Want de Camino is gewoon het pad die je elke dag neemt.

Een meisje op pad …