Mijn ‘Camino’

20140127_174841_1_20140207112138570-2We zijn bijna een maand verder en nog een maand te gaan voor mijn uiteindelijk vertrek op 5 april.  De grootste voorbereidingen zijn gedaan. In grote lijnen is mijn weg uitgestippeld. De rugzak is al gevuld met het belangrijkste. Soms komen er nog dingen bij en andere zaken gaan eruit. Niet gemakkelijk wanneer ik me wil beperken tot een minimum en toch wil zorgen voor enig comfort.  Comfort betekent hier voor mij, geen koud hebben, een goede nachtrust en geen pijnlijke voeten dankzij Thomas van de Twaalfde Man . Hoewel dit laatste waarschijnlijk niet te vermijden zal zijn.

Enige twijfel ontstaat er of ik toch geen camera zou meedoen. Oorspronkelijk was ik dit niet van plan omwille van het gewicht en om afstand te doen van materie…. Jasmine op stap zonder camera….hmmm

Dit is een kleine opsomming van mijn materiële en lichamelijk voorbereiding.

Hoe meer ik ga wandelen en bewust wordt van mijn tocht naar Compostela, hoe meer ik besef dat je niet zomaar zonder reden zo een tocht onderneemt. Een innerlijke reis van loslaten en vernieuwen.  In de hoop dat wat op mijn schouders ligt draaglijker mag worden, een plaats zal krijgen, om dan op het einde van de weg hand in hand verder te mogen wandelen. En hoe meer ik eraan denk, hoe meer ik het gevoel krijg dat deze groter wordt. Eén iets is zeker de wilskracht en kracht is aanwezig. Een boodschap die ik aan mezelf graag meegeef is aanwezig te zijn in het NU, met mildheid, zorg en liefde voor mezelf.

 

 

Geloofsbrief en stempelboekje

20140219_150340_1Het stempelboekje of Credencial in het Spaans, is vereist om te kunnen overnachten in de talrijke refugio’s en auberges onderweg (eenvoudige onderkomen). Telkens waar ik zal overnachten zal de Credencial worden afgestempeld.

Deze stempels zijn noodzakelijk om op het einde van je pad de ‘Compostela’ te ontvangen. Om deze te kunnen ontvangen moet je een bewijs kunnen voorleggen dat je de laatste 100 km hebt gestapt of de laatste 300 km voor de  fietsers.

Een geloofsbrief en stempelboekje kan je ontvangen na dat je lid bent geworden van het Vlaams Compostelagenootschap.

Goud – kleurig

20140202_144717_1-2Vorige week wandelde ik doorheen de Kalkense Meersen.  Uren kan je wandelen in dit mooi natuurgebied. Om even niet op harde wegen te wandelen nam ik het Reigerspad. De modderige paden zijn er omgeven door wijdse velden. De zon kwam te voorschijn. De wind liet het hoge rietgras vrolijk dansen terwijl de zon de pluimen een goud – kleurig bad gaf. Toen ik me bewust werd van wat er voor  en rondom mij aan het gebeuren was, voelde ik mijn borstkas heel snel op en neer gaan. De tranen kwamen in mijn ogen staan. Goud -Kleurig.

Voorbereiding

ReigerpadWanneer je een weg van zo een 3 à 4 maanden zal wandelen is enige vorm van voorbereiding toch wel noodzakelijk. Tot de start van mijn weg naar Compostela heb ik me voorgenomen om dagelijks een wandeling te doen tussen de 12 en 22 km. Wanneer je een zondagse wandeling doet van 1 uur, dan valt dit mee! Voor mij toch. Je lichaam protesteert niet, je komt thuis, geniet na en ’s anderdaags een nieuwe dag. Echter als lange afstanden dagelijks voor de boeg staan dan kan je wel andere dingen gaan voelen.

Zo kwam ik tot de vaststelling dat als ik langer dan een uur stap. Ik toch wel iets begin te voelen aan mijn voeten. Ze worden warm en mijn  tenen van mijn rechtervoet protesteren. Een pijn blijft dan continu aanhouden. Daardoor besef ik hoe waardevol een voorbereiding kan zijn. Want als ik hier niet naar zal kijken voel ik heel goed dat vier maanden stappen onmogelijk zal zijn. Een afspraak bij de podoloog zal dan ook noodzakelijk zijn.

De eerste stap

20130729_182219_1_20140201132439573-2De eerste stap naar Santiago de Compostela! De lichamelijke eerste stap zou april 2014 zijn, welke dag is nog niet gekend. Eigenlijk  kwam mijn eerste stap al veel langer. Compostella kwam regelmatig ongevraagd op mijn pad, flitsend doorheen mijn gedachten.

Deze zomer op mijn terugweg van Portugal naar België, zag ik een arend vliegen hoog boven de rotsen. De buizerd daalde om te rusten op een  rots. Liudmila mijn metekind was toen aan mijn zijde. Ik wou dit delen met haar en de buizerd laten zien. Ik parkeerde de wagen langs de weg. Terwijl we stonden te wachten tot de buizerd terug zou gaan vliegen, hoorden we op de achtergrond geklater van stromend water. We draaiden ons om en zagen er een brugje. We waren beiden nieuwsgierig wat er aan de andere kant van het kabbelend beekje was. Een mooie open plaats met een kappel en een beetje verder zag ik de schelp van Santiago de Compostela. Ja, we waren blijkbaar op één van de wegen die leiden naar Compostela. Na een korte pauze keerden we terug naar de wagen. De buizerd zat er nog altijd. Ik dacht we hebben de buizerd niet zien wegvliegen, wel hebben we een mooie plaats ontdekt. We stapten de auto terug in. Kort erna vloog de arend weg. (Niet enkel mensen komen met een reden op je pad).