Terug naar school

image

Mijn rugzak laat ik even staan in het klooster. Een bezoek aan de abdijkerk, Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart. Indrukwekkend. Ik sta perplex van wat ik hier voel. Diepe inademing. Uitblazen. Ik voel mijn borstkas openen. Ruimte. Terug naar het klooster. Ik deel mijn ervaring van in de kerk met de zuster. Mijn haren komen recht te staan op mijn armen. Mijn ogen worden nat. Ik raak ontroerd. Zuster Jeannine wandelt eventjes mee en wijst me de weg. “God zegent en bewaart je”, spreekt zuster me toe, terwijl ze me een kruisteken op het voorhoofd geeft. Felix Concordia (eendracht maakt gelukkig). Een klaargemaakte picknick. Wat zwaarder bepakt verlaat ik Ninove.

In Meerbeke wandel ik langs de kerk. In de verte hoor ik applaus, kinderstemmen… Mijn nieuwsgierigheid wordt opgewekt. Ik zoek de voordeur. Terug naar school. Op de speelplaats alle leerkrachten en leerlingen. Op mijn beurt wek ik de nieuwsgierigheid op van de leerkrachten. “Blijf je deze namiddag eten? Ik probeer warm eten te vinden voor je”, zegt de directeur me. “Het is vriendelijk, maar ik zal passen. Ik eet met plezier de picknick op die ik meekreeg van de zusters uit Ninove. Toch bedankt.” Om dertien uur is er vrij podium door de leerlingen. Midden op de speelplaats, een rode loper en een stoel. Juf Jo wordt in de bloemetjes gezet voor haar pensioen. ” Jullie zullen wel gezien hebben dat er hier iemand met een grote rugzak rondloopt…”, vertelt de directeur in de microfoon voor de hele school. En plots sta ik onverwachts naast juf Jo midden op de speelplaats. “Amai, dat ben ik niet gewoon”, zeg ik al fluisterend aan juf Jo. Hmm, ik denk terug aan mijn groeipunten, die ik kreeg op het einde van het Groeijaar ELW (Emotioneel Lichaamswerk®), mij meer durven laten zien. Awel, daar ben ik al goed in geslaagd. En gezien ben ik hier zeker. Na een foto verlaat ik de school. “Nog een ijsje”, roept een leerkracht. “Dank je, het is alsof ik het heb ontvangen”, antwoord ik, terwijl mijn twee handen rusten op mijn borstkas en ik met mijn hoofd wat buig.

Ik stap mijn dag verder in. Het is heel warm. Kort wandel ik een bos in. Te kort om af te koelen. Zeventien uur, het hoogste punt van Brabant. Op de Pervivoweide ‘Ik leef verder’, een weide waar kinderen overleden aan een stofwisselingsziekte een boodschap de wereld in sturen. Schoenen uit, kousen uit. Water. Een stukje appelcake, gekregen van de jarige Xander op school. Hij zag er schattig uit. Een blauw kroontje met ‘zeven jaar’ erop geschreven.

In Kester stop ik deze dag. Een moeilijke opdracht. Pas aan het negende huis komt er een glimlach en een welkom. Bij An en Peter en hun drie kinderen Fleur, Jules en Gijs. Na het eten worden er pakjes uitgedeeld voor het einde van een goed schooljaar. Samen met Gijs zet ik een tent op. Mijn kampeerstekje voor deze avond. Onder het bladerdek van een lindeboom en met het licht van de bijna volle maan val ik in slaap.

GPX Bestanden Meerbeke naar Dworp

De retour à l’école

Je laisse mon sac à dos au couvent pendant quelque temps. Je visite l’église abbatiale, La Sainte Vierge de l’Ascension. Impressionnant. Je suis perplexe quant à ce que je ressens.

Inspiration profonde. Expiration. Je sens mon thorax s’ouvrir. Espace.

De retour au couvent, je partage mon expérience de l’église avec les sœurs. Mes poils se dressent sur mes bras. Mes yeux se mouillent. Je suis émue. Sœur Jeannine m’accompagne et me montre le chemin. “Dieu te garde et te protège”, me dit-elle en déposant un signe de croix sur mon front. Felix Concordia (l’union rend heureux). Je quitte Ninove un peu plus chargée.

Un pique-nique tout prêt.

À Meerbeke, je marche en longeant l’église. Au loin j’entends des applaudissements, des voix d’enfants. Ma curiosité est éveillée. Je cherche la porte d’entrée. De retour à l’école. Sur la cour de récréation tous les enseignants et les élèves. À mon tour j’éveille la curiosité des enseignants. “Tu restes diner ce midi? J’essaie de te trouver un repas chaud”, me dit le directeur. “C’est gentil, mais je vais décliner. Je mange avec plaisir le pique-nique que j’ai reçu des sœurs de Ninove. Merci quand même.” À une heure il y a une représentation par les élèves. Au milieu de la cour, un tapis rouge et une chaise. On célèbre mademoiselle Jo qui prend sa retraite. “Vous avez sans doute tous remarqué qu’il y a ici quelqu’un avec un grand sac à dos….”, dit le directeur dans le micro, pour toute l’école. Et soudain je me retrouve, de manière complètement inattendue, près de mademoiselle Jo au milieu de la cour.

“Oh, je n’ai pas l’habitude”, dis-je tous bas à mademoiselle Jo.

Euh, je repense au points d’attention reçu à la fin de ma première année d’étude de ‘travailler le corps par l’émotion’. Oser me faire voir. Eh bien, j’y suis bien arrivée. Être vue, je le suis certainement ici.

Après une photographie je quitte l’école. “Encore une glace?”, crie un instit. Je lui réponds “Merci, c’est comme si je l’avais eue”, en joignant les mains à hauteur de ma poitrine et en penchant légèrement la tête.

Je continue ma marche de ce jour. Il fait très chaud. Je marche un bref laps de temps dans un bois. Trop peu pour me rafraichir. Dix-sept heures, le point le plus élevé du Brabant. Dans le pré Pervivo ‘Je continue de vivre’. Un pré ou des enfants décédés d’une maladie du métabolisme, lancent des messages dans le monde.

J’ôte mes chaussures et mes bas. De l’eau. Un morceau de cake aux pommes, reçu de Xander qui fêtait son anniversaire à l’école. Il était tout mignon avec sa couronne bleue, sur laquelle était écrit: Sept ans.

Je termine cette journée à Kester. Une mission difficile. C’est seulement à la neuvième maison qu’il y a un sourire et une bienvenue. Chez An et Peter et leurs trois enfants Fleur, Jules et Gijs. Après le repas, c’est la distribution des cadeaux de fin d’année scolaire réussie. Je monte une tente avec Gijs. Ma chambre pour ce soir. Sous le feuillage d’un tilleul, éclairée par la presque pleine lune je m’endors.

 

Stiltepad

 

Jasmine Debels (1 van 1)

Muur van Geraardsbergen

Vroeg in de morgen. Ik neus nog wat rond op de rommelmarkt van Geraardsbergen. Een meisje legt haar speelgoed op de grond, netjes op een rij. Een halssnoer komt tevoorschijn. Met haar fijne handen maakt ze er een hartvorm mee. Eronder een dvd van Bambi.

Een klim. De Muur van Geraardsbergen. De Ronde van Vlaanderen, dan wel te voet. Boven, een kapel, Onze-Lieve-Vrouw-van-Oudeberg. Ik ga binnen. Een viering zal beginnen. Vier meisjes wandelen de heuvel op. “Kijk, de Eiffeltoren.” Ze kijken naar elkaar. “Maar neen, dat is de Eiffeltoren niet. De Eiffeltoren heeft een punt naar boven”, zegt een ander meisje, terwijl ze met haar handen een driehoek vormt. Vingers naar boven tegen elkaar en duimen horizontaal. Een meisje staat sprakeloos te kijken naar de toren. Ik draai mijn hoofd naar rechts. Een watertoren. De vorm, als een vliegende schotel. De mensen die de heuvel trotseren zijn piekfijn uitgedost. De parfumgeuren strelen langs mijn neus.

De zon is verborgen achter een wolkensluier. In een bos hoor ik in de verte het geluid van een ree. Een eekhoorn. Spelend van links naar rechts. Roestkleur. Af en toe stopt hij, kijkt me aan. Uit het bos, een camping. Een pauze. Ik ga zitten voor de kantine. De gesprekken, de woorden die ik hoor…laat ik meezweven met een licht briesje. Weg! Na een lang stukje natuur op het ‘Stiltepad’, stap ik binnen in de kerk van Zandbergen. Net zoals de Sint-Bartholomeuskerk in Geraardsbergen is deze kerk van een grote schoonheid. Ik voel me wat weemoedig. Een traan, ze mag er zijn. Een terras in de schaduw. Rust. Naast me een jonge vrouw. Pas afgestudeerd. Rood-witte linten, klevers, een gouden plaatje met een gaatje. Ze maakt medailles voor de loopwedstrijd van volgende vrijdag.

Langs de Dender geniet ik van de stilte. Af en toe een fietser. Eenden, verschillende vogels, grasvlooien, dazen… Ter hoogte van Pollare, een grote tent. Veel volk. Barbecue. De geur komt naar me toe. Verleidelijk! Een ontmoeting hier, een ontmoeting daar. Neen, ik geef er niet aan toe. De laatste kilometers. Een moedereend en haar zes kleintjes steken de Dender over van de ene oever naar de andere, moeder op kop. Eenmaal aan de overkant, kleintjes terug voorop. Ik haal diep adem. Ze zijn veilig aangekomen. Zucht! Honger. Ik haal een mattentaart boven die ik kreeg in Zandbergen. Ik laat de Dender achter me en kom aan in Ninove. Naar de abdijkerk. Via de dekenij word ik naar de Zusters der Heilige Harten doorverwezen. ‘Bel aub en kom binnen’ staat er op de deur. Ik herken dit plots. Een paar jaar geleden heb ik hier beelden genomen met collega’s fotografen. Een zuster doet open en neemt me mee via de garage naar de keuken, waar ik samen met hen een avondmaal deel. We hebben veel plezier. Wat voelt het goed om zoveel vreugde te mogen zien en het samen te mogen beleven. In mijn kloosterkamertje. Stilte, mijmeren, vreugde. Dank je voor deze mooie dag en avond.

GPX Bestanden Geraardsbergen/Grammont naar Ninove

Le sentier du silence

Tôt le matin. Je fouine encore un peu sur le marché aux puces de Grammont. Une fille, aligne ses jouets sur le sol. Un collier apparait. De ses mains fines elle en fait une forme de cœur. En dessous le dvd de Bambi.

Une montée. Le Mur de Grammont. Le Tour des Flandres, mais à pieds. Au sommet une chapelle, Notre-Dame de Oudenberg. J’entre. Une célébration s’annonce. Quatre filles montent la colline. “Regarde, la tour Eiffel.” Elles se regardent. “Mais non cela n’est pas la tour Eiffel. La pointe de la tour Eiffel est dirigée vers le ciel”, dit une autre fille en formant un triangle de ses mains. Les doigts l’un contre l’autre vers le haut et les pouces à l’horizontale. Une fille reste muette en regardant la tour. Je tourne la tête vers la droite. Un château d’eau. La forme, celle d’un ovni.

Les gens qui montent la colline sont très bien habillés. Les odeurs des parfums, viennent me caresser les narines.

Le soleil est caché derrière les nuages. Dans un bois, j’entends au loin le son d’un cerf. Un écureuil. Il joue de gauche à droite…Couleur de rouille. De temps à autre il s’arrête, me regarde.

En dehors du bois, un camping. Une pause. Je m’assieds devant la cantine. Les conversations, les mots je les laisse flotter dans l’air. Partis!

Après un long parcours dans la nature sur le sentier du silence, j’entre dans l’église de Zandbergen. Elle est, comme l’église de Saint-Bartholomée à Grammont, d’une grande beauté. Je me sens quelque peu mélancolique. Une larme, elle peut être.

Une terrasse à l’ombre. Repos.

À mes côtés une jeune femme. Juste graduée. Des rubans rouges et blancs, des autocollants, des plaques dorées trouées. Elle fait des médailles pour la course à pieds de vendredi prochain. Le long de la ‘Dender’ je profite du silence. De temps à autre un cycliste. Des canards, divers oiseaux, des puces, des taons. À hauteur de Pollare. Une grande tente. Beaucoup de monde. Barbecue. L’odeur vient à ma rencontre. Tentant. Une rencontre par ici, une rencontre par là. Non je ne cède pas. Derniers kilomètres.

Une mère canne et ses six cannetons traversent la ‘Dender’ d’une rive à l’autre, la mère en tête. Une fois la berge atteinte les petits en tête. Je respire profondément. Ils sont sains et saufs. Soupir!

Faim. Je sors une tarte au maton reçue à Zandbergen. Je laisse la ’Dender’ derrière moi et arrive à Ninove. Direction l’église de l’abbaye. Le doyenné m’envoie chez les Sœurs du Sacré Cœur. Je me trouve devant la porte: ‘Sonnez et entrez svp’ y est écrit. Soudainement je reconnais cet écriteau. Il y a quelques années j’ai pris des images ici avec des collègues photographes. Une sœur vient à ma rencontre et me conduit en passant par le garage à la cuisine où je vais partager leur repas. Je prends place à table. Nous avons beaucoup de plaisir. Cela fait du bien de voir et de sentir tant de joie.

Dans ma petite chambre du monastère. Silence, rêvasserie, joie.

Merci pour cette belle journée et soirée.

 

Geraardsbergen

 

Jasmine Debels (1 van 1)

Everbeek

Een zoen aan Kian. Een high five aan Logan en Tristan. “Dankjewel voor jullie gastvrijheid. Ik heb genoten van zoveel moois te mogen zien”, zeg ik tegen Ingeborg. “Dankjewel, het doet plezier”, antwoordt Ingeborg. 

De weg gaat naar beneden in tegenstelling tot gisterenmorgen. In een tarweveld ontmoet ik Maarten en Jonas, die de andere richting uitgaan. “Hallo, waar gaan jullie naartoe?” “Naar ‘de Fiertel’, een jeugdherberg ”, weten ze me te vertellen. “En jij?” “Ik wandel richting Brussel.” We delen met elkaar waarom we aan het wandelen zijn, wensen elkaar succes en gaan elk onze eigen weg. Wanneer ik aankom aan de kerk van Zarlardinge, is er een begrafenis. Agnes, een pianiste. Ik blijf buiten wachten en luister naar de klassieke muziek. De kist wordt naar buiten gedragen. Een prachtige, eenvoudige, kunstig versierde kist. Bovenop een boeketje veldbloemen. De rouwstoet vertrekt te voet naar Agnes haar laatste rustplaats. Op kop een blaasorkest.

Ik ga op een terras zitten van een café. Ik krijg compagnie. De onderwerpen: drugs, vrouwen, alcohol… . “Allé, lees ne keer het laatste stukske voor uit je dagboek”, krijg ik te horen. Ik kijk de man in de ogen. Zowel een verbale als non-verbale ‘neen’ volgt. Met mijn pen in de hand verdwaal ik in mijn schriftje. Ik neem nog even een foto binnen. Er wordt me een vraag gesteld. Mijn antwoord krijgt bijna geen kans te bestaan. “Naar waar gaat u nu?” “Tot in Geraardsbergen.” “Succes, ik ben benieuwd hoe het zal zijn om daar een overnachting te vinden.” Een stilte volgt… ”Want met zo een bekrompen mentaliteit. Misschien wel bij de vreemdelingen”, krijg ik te horen. Met deze woorden in mijn hoofd en een niet goed voelen verlaat ik Zarlardinge via het kerkhof. Het graf van Agnes. Haar foto op een kruis versierd met partituren. Met muziek heeft ze geleefd, met muziek is ze heengegaan. De woorden van daarnet komen terug aan de oppervlakte. Ik wandel verkeerd. Ik probeer terug in mijn eigen kracht te staan. De woorden alsook de vooroordelen die ik te horen kreeg verdwijnen. 

Op de markt van Geraardsbergen vind ik vlot een slaapplaats. De dekenij. De deken wijst me de weg in het huis en vertrekt naar zijn afspraak. Ik doe mijn was en leg deze plat op het gras om te drogen. De deken komt later terug. “Hier, de sleutel voor wanneer je je was binnen zou halen. Zodat de deur niet achter je dichtslaat”, meldt hij me terwijl ik een glimp mag opvangen van plezier. Oeps, ik voel binnenin een zekere beschaamdheid en doe alsof ik het niet zag. Hmm, ik kan me wel inbeelden dat dit een grappig zicht is, mijn onderbroeken en bh te drogen in de tuin van de dekenij. Met zicht op de kerktoren val ik in slaap.

GPX Bestanden Ronse/Renaix naar Geraardsbergen/Grammont

Grammont

Une bise à Kian, un ‘high five’ à Logan et Tristan. “Merci beaucoup pour votre hospitalité. C’est avec grand plaisir que j’ai vu tant de belles choses”, dis-je à Ingeborg.

“Merci beaucoup, cela fait plaisir”, me répond Ingeborg.

Le chemin descend, le contraire de hier matin. Dans un champ de blé je rencontre Maarten et Jonas, qui se dirigent dans l’autre sens. “Bonjour, ou allez-vous?” “À ‘de Fiertel’, une auberge de jeunesse”, me répondent-ils. “Et toi?”  “Je marche direction Bruxelles.” Nous partageons la raison de notre cheminement. On se souhaite mutuellement bien du succès et continuons chacun notre chemin.

Lorsque j’arrive à l’église de Zarlardinge, un enterrement à lieu. Agnès une pianiste. J’attends à l’extérieur en écoutant la musique classique. Le cercueil sort de l’église, porté par 6 personnes. Un magnifique cercueil, simple et décoré artistiquement. Dessus, un bouquet champêtre. Le cortège se dirige vers la dernière demeure d’Agnès. En tête, une fanfare.

Je vais m’asseoir à la terrasse d’un café. On vient me tenir compagnie. Les sujets de conversation: la drogue, les femmes et l’alcool… “Allé, lis-nous le dernier fragment de ton journal”, me dit l’un d’entre eux. Je regarde l’homme, droit dans les yeux. Un ‘non’ aussi bien verbal que non verbal s’en suit. Ma plume à la main, je me perds dans mon cahier. Je prends encore une photo à l’intérieur. Une question m’est posée. Ma réponse n’est d’aucune importance.

“Vous allez où maintenant?” “Jusqu’à Grammont (Geraardsbergen).” “Bonne chance, je suis curieux de savoir comment cela ira pour trouver un logis là-bas.” Un silence suit… “Avec leur esprit borné. Peut-être bien chez les étrangers”, me dit-il.

Avec ces mots en tête et un certain malaise, je quitte Zarlardinge en passant par le cimetière. La tombe d’Agnès, sa photo, sur une croix garnie de partitions. Elle a vécu avec la musique et elle est partie avec la musique. Les mots de tout à l’heure me reviennent à l’esprit. Je vais dans la mauvaise direction. J’essaie de me recentrer. Les mots ainsi que les préjugés disparaissent.

Sur le marché de Grammont je trouve facilement un logis. Le doyenné. Le doyen me familiarise avec la maison et part à son rendez-vous. Je fais ma lessive et la mets à sécher sur le gazon.

Le doyen revient un peu plus tard. “Voici la clé pour quand tu rentreras ton linge. Au cas où la porte se ferme derrière toi”, me dit-il et je remarque dans son regard un certain plaisir. Oups, je ressens une certaine gêne et fait semblant de n’avoir rien vue. Heum, je peux m’imaginer le spectacle drôle que cela est, mes petites culottes et mon soutien-gorge séchant dans le jardin du doyenné.

Je m’endors avec vue sur le clocher.

 

Picknick

 

Jasmine Debels (1 van 1)-3

Onze-Lieve-Vrouw van Wittentak

De ontbijttafel. Een telefoon rinkelt. Myriam neemt op. Haar zoon, Pierre, om te melden dat hij goed aangekomen is op zijn werk. Myriam geeft de telefoon aan me door, “Bonjour Jasmine. Bien dormi?” “Oui, très bien, merci. Je ne vous ai même pas entendu partir.” “Vous allez jusqu’au bois de Brakel aujourd’hui?” “Oui.” “Je vous souhaite une bonne journée.” “A vous aussi Pierre. Merci. Au revoir.” Een half uur later. Vertrekkensklaar neem ik afscheid van Myriam.

De weg gaat bergopwaarts. Prachtige vergezichten! Een eenmanspad, schouderbreedte. Drie honden, Mechelaars, getraind om aan te vallen. Hun muil op een halve meter van mijn schouder. Een man brengt de honden tot rust. Ik voelde me toch niet op mijn gemak om hierdoor te wandelen. Het weer is aan het veranderen. Zou er onweer op komst zijn? Ik stap het Muziekbos binnen. Een sms van Jacqueline: “Ik ben al aan het genieten van de vogelliedjes in het Brakelbos”.  Ik stap van het ene bos het andere in. Naar beneden, naar boven. De Vlaamse Ardennen. Mijn huid is net een spiegel, de zon reflecteert op mijn zweet. Nog een sms. Jacqueline komt me tegemoet. We wandelen samen en genieten van een fris drankje op een terras. Babbelen wat bij en na een tijd zitten we samen in een open koffer een lekkere picknick te eten die Jacqueline heeft klaargemaakt. Met een volle maag wandelen we nog even samen en nemen daarna afscheid. 

Ik wandel nog een laatste bos in. Het Livierenbos. Een forse klim. Vier huizen. Het vijfde huis. Een man op een grasmaaier. Een vrouw en een jongen in de moestuin. Sla, aardappelen, aardbeien…  Alles vers van de tuin. ’s Avonds zit ik met hen aan de tafel. Ivan en Ingeborg en hun drie knappe, bijzondere kinderen. Kian, Logan en Tristan. Voor het slapengaan geef ik de kinderen nog een high five.

Gpx Bestand Ronse/Renaix naar Geraardsbergen/ Grammont

Le pique-nique

Le petit déjeuner. Un téléphone sonne. Myriam décroche. Son fils Pierre, pour dire qu’il est bien arrivé à son travail.

Myriam me passe le téléphone, “Bonjour Jasmine. Bien dormi?” “Oui, très bien, merci. Je ne vous ai même pas entendu partir.” “Vous allez jusqu’au bois de Brakel aujourd’hui?” “Oui.” “Je vous souhaite une bonne journée.” “À vous aussi Pierre. Merci, au revoir.”

Une demi-heure plus tard, prête à partir, je prends congé de Myriam.

Le chemin monte. Les perspectives sont magnifiques!

Un sentier de la largeur d’un homme. Trois chiens, Bergers malinois, entrainés pour attaquer. Leurs gueules à cinquante centimètres de mon épaule. Un homme calme les chiens. Je ne me sentais quand même pas à l’aise pour traverser ce passage.

Le temps change. Un orage se prépare-t-il?

J’entre dans le bois ‘Muziekbos’. Un message, Jacqueline: “Je profite déjà du chant des oiseaux dans le bois ‘Brakelbos’ “. Je marche d’un bois à l’autre. Ça monte, ça descend, les Ardennes Flamandes.

Ma peau ressemble à un miroir, le soleil brille sur ma transpiration. Encore un message. Jacqueline vient à ma rencontre. Nous marchons ensemble et nous régalons d’une boisson fraiche en terrasse. On bavarde et peu après on se retrouve dans un coffre de voiture ouvert, mangeant un pique-nique préparé par Jacqueline. L’estomac plein nous marchons encore un peu ensemble et prenons congé un peu plus tard.

J’entre encore dans un dernier bois. Le ‘Livierenbos’. Une rude montée. Quatre maisons. La cinquième maison, un homme sur un motoculteur. Une femme et un garçon dans le potager. De la salade, des pommes de terres, des fraises…. Tout cela venant du jardin. Le soir je suis assise à table en leur compagnie. Ivan et Ingeborg avec leurs trois enfants, beaux et particuliers. Kian, Logan et Tristan. Avant d’aller dormir on échangent un high-five.

Kluisbergen

Jasmine Debels (1 van 1)-4

Vlas – Lin

Aan de kerk van Avelgem wrijf ik mijn voeten in met Traumeel, in de hoop dat de lichte achillespijn die ik voel mag verdwijnen. Nog even tot bij Lucas om hem te danken voor zijn hulp. Aan een Scheldearm ontmoet ik een klas dat op fietstocht is. Einde examens voor sommigen. Net voor Kluisbergen ontmoet ik Jean-Pierre, hij fietst doorheen België, zijn startpunt was Luxemburg. Geboeid luister ik naar zijn fietsverhalen uit India en Nepal. Het is warm. Ik wandel verder langs een vierkantshoeve uit het jaar 1818, langs vlasvelden. 

Een lindeboom. Ik sta even stil, sluit mijn ogen en laat de geur van de linde tot mij komen. Zalig! Een verwilderd stukje natuur, waarin ik de keuze moet maken tussen traag en aangevallen worden door muggen of snel en de brandnetels trotseren. Ik kies het laatste. Op bepaalde plaatsen ben ik in Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen of Wallonië. Zelf een straat die links de Kattestraat heet en rechts Chemin de la valleè. Mijn gevoel zegt alles is één, geen grens. Mijn denken, alsof het gesplitst is. Wat een absurde situatie.

Mijn kuiten worden flink op de proef gesteld. Op een helling aan een weide staat Karin, een goedlachse en spontane vrouw. Wat hoger haar dochter, even goedlachs en open. Een korte babbel, een uitnodiging voor een overnachting. De frisheid van het bos op de Kluisberg is welgekomen. In de verte het geluid van hout dat gekapt wordt, houthakkers. De varens staan mooi gegroepeerd. Het bladerdek van de krachtige bomen geven me schaduw. In café d’Oude Hoeve, een halte. Mijn voeten zijn gezwollen en doen pijn. Joëlle, de eigenares, ook een pelgrim die naar Compostela is geweest, is verheugd te horen dat haar café op de weg ligt die de Jacobskerken met elkaar verbindt. We blijven praten en ervaringen uitwisselen. Tijd om verder te wandelen, anders sta ik hier deze avond nog. Ik wandel nog een beetje, geniet verder van de natuur en de omgeving. In Ronse (Renaix) klop ik aan de eerste deur. Myriam, 76 jaar. Zonder enige twijfel krijg ik een volwaardige ja om er te overnachten. Later op de avond ontmoet ik ook haar zoon Pierre.

GPX bestand Kluisbergen/ Mont de l’Enclus  naar Ronse/Renaix

Mont-de-l’Enclus

Arrivée à l’église d’Avelgem, j’enduis mes pieds de Traumeel en espérant que le léger mal au talon d’Achille disparaîtra.

Je me rends encore un instant chez Lucas pour le remercier de son aide. À hauteur d’un bras de l’Escaut je rencontre une classe en balade en vélo. Fin des examens pour certains. Juste avant d’arriver au Mont-de-l’Enclus (Kluisbergen) je parle avec Jean-Pierre. Il traverse la Belgique en bicyclette à partir du Luxembourg. J’écoute avec passion ses récits de parcours en vélo à travers l’Inde et le Népal.

Il fait chaud. Je continue mon chemin longeant une belle ferme datant de 1818, je traverse la campagne, longeant des champs de lin.

Un tilleul. Je m’arrête, ferme les yeux et m’imprègne de son odeur. Un délice. Un morceau de nature inculte, ou je dois faire un choix entre la lenteur et me faire piquer par les moustiques ou la vitesse et traverser les orties. Je choisi la dernière option. À certaines places je me trouve en Flandre-Orientale, Flandre-Occidentale ou Wallonie. Il y a même une rue s’appelant à gauche rue des chats (Kattestraat) et à droite Chemin de la vallée. Mon sentiment me dit que le tout ne fait qu’un, il n’y a pas de frontières. Mon esprit, semble être en désaccord. Je n’essaie pas de comprendre.

Mes mollets sont mis à rude épreuve. Dans une montée, le long d’un champ, je rencontre Karin, une femme souriante et spontanée. Un peu plus en hauteur, sa fille, aussi souriante et accueillante. Quelques instants de conversation, une invitation pour à passer la nuit. La fraîcheur du Kluisbergen est la bienvenue. Au loin le bruit du bois que l’on abat, des bucherons. Les fougères sont joliment groupées. Le feuillage des grands arbres me donne de l’ombre. Au café ’D’Oude Hoeve’, une halte. Mes pieds me font mal et sont gonflés. Joëlle, la propriétaire, elle aussi un pèlerin du chemin de Compostelle, est enchantée d’apprendre que son café se trouve sur le chemin reliant toutes les églises Saint-Jacques de Belgique. On continue de parler et d’échanger des expériences. Il est temps de continuer mon chemin si je ne veux pas être encore ici ce soir. Je promène encore un peu et apprécie la nature et des alentours. À Renaix (Ronse) je frappe à une première porte. Myriam 76 ans. Sans aucune hésitation, je reçois un grand ‘oui’ pour un hébergement. Plus tard dans la soirée j’ai l’occasion de rencontrer son fils, Pierre.

Bewust wording

Aalbeke

Aalbeke

Terwijl de zon al van de partij is, zingen de vogels in volle glorie. Ik geniet van een verse smoothie als ontbijt. Mijn lichaam heeft nog niet veel zin om in beweging te komen. En toch! Toch kijk ik ernaar uit om terug op ontdekking te mogen. Al heel snel is me duidelijk dat de vlakte plaats heeft gemaakt voor stijgen en dalen. Ik blijf verwonderd van zoveel schoonheid zo dicht bij huis. Ik wandel een heel eind op een hoogte, waardoor ik rondom oneindig ver kan zien.

Rollegem. Bellegem en zijn mooie kerk. Na het Orveytbos en het kanaal Kortrijk-Bossuit, wandel ik naast een oude spoorwegbedding in een dichtbegroeid bos. Ik heb daar altijd een onaangenaam gevoel bij. Weten dat er maar twee uitgangen zijn, voor en achter en dan nog eens constant spinnenwebben trotseren. Arghhh, dit is me nu eventjes teveel. Eenmaal eruit brengt een lang smal pad me tot in Avelgem. Ik kom uit aan het station om dan via een lange winkelstraat tot aan de kerk te wandelen. Het valt me op dat er nog weinig winkels open zijn. Het ziet er een verlaten straat uit, die wellicht ooit een bloeiende winkelstraat was. Ik dacht dat dit enkel in Frankrijk gebeurde!

In de kerk van Avelgem, mijn eindpunt voor vandaag en startpunt voor morgen, vind ik een grote flyer van alle openkerkenmonumenten. Weinig Sint-Jacobskerken. Eén iets valt me op: de Sint-Jacobskerk in Doornik (Tournai). Een kerk die niet opgenomen is in de lijst van de achttien kerken op het Jacobskerkenpad. Is dit over het hoofd gezien? Of…

Bij de dekenij, niemand. Spikerelle, het cultureel centrum van Avelgem. Een jongen verwelkomt me, Lucas. Eén telefoon en Lucas regelt een overnachting voor me in zijn ouderlijk huis. De ontmoeting is kort en krachtig. Lucas vertrekt naar zijn liefje, Lore, die vandaag jarig is, en morgen is het zijn beurt.

Met een glas witte wijn op het terras met Rita, de mama van Lucas, eindig ik deze mooie zomerdag.

GPX Bestanden Geluwe – Rollegem

GPX Bestanden Rollegem- Kluisbergen

Prise de conscience.

Le soleil étant déjà levé, les oiseaux chantent de tout cœur. Je me régale d’un smoothie frais, au petit déjeuner. Mon corps n’a pas encore vraiment envie de bouger. Et pourtant je me réjouis de reprendre le chemin de la découverte. Très vite je m’aperçois que le terrain plat fait place à des montées et des descentes. Je reste étonnée par tant de beauté si près de chez moi. Je marche tout un temps en hauteur, ce qui me permet de voir au loin.

Rollegem, Bellegem et sa belle église. Après le bois d’Orvey, le canal Courtrai (Kortrijk) – Bossuit. Je promène dans le bois en longeant une ancienne voie ferré. Le bois est dense. Cela me procure toujours une sensation quelque peu désagréable. Savoir qu’il n’y a que deux issues, l’une devant et l’autre derrière moi et devoir continuellement affronter les toiles d’araignées. Arghhh….c’en est trop. Une fois sortie, un long chemin étroit me mène à Avelgem. J’arrive à hauteur de la gare pour continuer mon chemin vers l’église par une longue rue commerçante. Je remarque qu’il y a peu de magasins ouverts. La rue, autrefois prospère, a l’air aujourd’hui abandonnée. Je croyais que cela été seulement le cas en France!

À l’église d’Avelgem, terminus pour aujourd’hui et point de départ de demain, je trouve une brochure de renseignements sur les monuments religieux ouverts au public. Peu d’églises Saint-Jacques. Une chose me surprend. L’église Saint-Jacques de Tournai (Doornik). Une église qui n’est pas mentionnée dans la liste des dix-huit églises reprises dans la description du ‘Jacobskerkenpad’. S’agit t’il d’une négligence ou…..

A la maison du doyen, personne. Spikerelle (Centre Culturel). Un garçon m’accueille, Lucas. Un coup de fil et Lucas me règle une nuitée dans sa maison familiale. La rencontre est courte et intense. Lucas part retrouver sa petite amie Lore, qui fête son anniversaire aujourd’hui et demain on fêtera le sien.

Avant d’aller me coucher je termine cette belle journée ensoleillée en terrasse avec un verre de vin blanc en compagnie de Rita, la maman de Lucas.

Verwennerij

Aalbeke

Aalbeke

Met een stevige stap, een diepe in- en uitademing verlaat ik mijn geboortestad.

Adem! Ruimte! Zucht!

Op automatische piloot wandel ik langs de Leie. Ontspanning. Ik kan ontsnappen aan de laatste regenbuien. Via Rekkem richting Aalbeke, waar ik blijf plakken in een bekend stekje, een warm nest. Het huis van Rita. Een babbel. Mijn kleurpotloden, een tekening.

Terwijl ik dit schrijf, lig ik te genieten en te relaxen in een bad met zout uit de Dode Zee. Als dat geen verwennestje is. Mijn lichaam en geest krijgen de nodige zorg. Muziek van vreemde oorden op de achtergrond. Mijn ogen sluiten. In de verte hoor ik de vogels, een koekoek.

Een week met zoveel moois is voorbij. Nagenietend en dankbaar om wat is geweest.

GPX Bestand Geluwe – Rollegem

Dorloter

Je quitte ma ville natale d’un pas ferme et en respirant profondément.

De l’air! De l’espace! Un soupir!

Je marche le long de la Lys (Leie) sur pilote automatique. Détente. Je réussi à échapper aux dernières averses. Par Rekkem, direction Aalbeke ou je m’attarde dans un endroit bien connu, un nid douillet. La maison de Rita. Une conversation. Mes crayons de couleurs, un dessin.

J’écris ceci en jouissant et en me relaxant dans un bain au sel de la mer morte. Si cela, n’est pas un nid câlin… Mon corps et mon esprit reçoivent les soins nécessaires. Musique de lieux lointains sur l’arrière-plan. Mes yeux se ferment. Au loin le chant des oiseaux, un coucou.

Une semaine vient de passer avec tant de belles choses.

Erna en Dario

Dario en Erna

Dario en Erna

Deze nacht vond ik onderdak bij Erna en Dario. Twee hartelijke mensen die elkaar hebben mogen terug vinden na een lange tijd, die veel hoogtes en laagtes kennen en die vandaag geconfronteerd worden met de onrechtvaardigheid van het systeem. Aan de muur vijf foto’s. Drie honden, één poes en hun huwelijksfoto. Binnen hun mogelijkheden hebben ze hun deur voor mij geopend en me onderdak gegeven. Voor ik hen verlaat, schenk ik hen de vier euro die ik kreeg in Lichtervelde, het weinige financiële dat ik op zak heb. Ik ben ervan overtuigd dat de mensen van wie ik het heb gekregen mij hierin kunnen volgen. Ik verlaat het huis. “Draag goed zorg voor elkander”, terwijl ik naar hen zwaai. Ze steken hun hand op en wandelen samen terug naar binnen. Verderop wandel ik langs de Sint-Jacobskerk van Ieper.

Ik trotseer de regen en trek me terug onder mijn regenkap. Een stilte komt over me heen. In het domein de ‘Palingbeek’ probeer ik recht te blijven staan. De ’keikoppen’ die glad zijn geworden door de regen vragen mijn volle aandacht. Op het einde van het domein voel ik de spanning, die er gekomen is door de inspanning om niet te vallen, uit mijn lichaam verdwijnen. Rond dertien uur neem ik een pauze in de kerk van Houthem. De enige plaats op de weg waar ik droog kan schuilen. Mijn natte kleren gaan uit. Ik krijg het een beetje koud, na wat eten voel ik de energie terugkomen.

Graan-, maïs-, aardappelen-, en de frêle uitziende vlasvelden. De smalle wegen zijn bezaaid met talrijke kamillebloemen, die telkens een geur vrijlaten wanneer ik tegen hen aanloop. De eglantierrozen verliezen door de wind hun hartvormige bloemblaadjes, die neerdwarrelen op de weg. Doorweekt kom ik aan in het huis in Menen waar ik mijn jeugd heb doorgebracht. Aan de voordeur mijn metekind. In een haastje kunnen we elkander zien. In de wagen zit mijn broer op haar te wachten.

GPX Bestand Diksmuide naar Geluwe

GPX Bestand Geluwe naar Rollegem

Erna en Dario

Cette nuit j’ai logé chez Erna et Dario. Deux personnes chaleureuses qui se sont retrouvés après de nombreuses années. Ils connurent bien des hauts et des bas et aujourd’hui ils sont confrontés à l’injustice du système. Au mur cinq photos. Trois chiens, un chat et leur photo de mariage. Selon leurs moyens ils m’ont ouvert leur porte et donné un abri. Avant de les quitter je leur remets les quatre euros qui m’ont été offert à Lichtervelde, le peu que j’ai sur moi. Je suis persuadée que les personnes qui me les ont offerts comprennent mon attitude. Je quitte la maison. ”Prenez bien soins l’un de l’autre”, leur dis-je en les saluant. Ils me font signe de la main et rentrent ensemble.

En passant par l’église Saint-Jacques d’Ypres, je quitte la ville en empruntant les remparts. Je défie la pluie en me retirant sous mon capuchon. Un silence m’enrobe. Au domaine du ‘Palingbeek’ j’essaie de me tenir droite. Les pavées, rendues glissantes par la pluie, exigent toute mon attention. Arrivée à la fin du domaine je sens disparaitre la tension corporelle, qui c’était installée avec les efforts fait pour ne pas tomber. Vers treize heures je prends une pause dans l’église de Houthem. La seule place sur le chemin ou je peux m’abriter. J’ôte mes vêtements mouillés. J’attrape froid. Après avoir mangé je sens l’énergie revenir.

Des champs de blés, de mais, de pommes de terre, et de lin. Les chemins étroits sont parsemés de fleurs de camomille, qui exhalent leur parfum à chaque touché. Le vent éparpille sur le chemin, les feuilles en forme de cœur des églantines. J’arrive, toute trempée, à la maison ou j’ai passé vingt années de ma jeunesse, Menin. Sur le pas de la porte ma filleule. Une rencontre furtive. Dans la voiture mon frère l’attend.

Peter

Aan de Driegrachtenbrug

Zondagochtend. Buiten ontbijten samen met Annick, Geert, Ansje en Kasper. Zalig! Op het zondagsritme maak ik me klaar. Via de IJzertoren kom ik na een goede twee kilometer aan in Sint-Jacobskapelle. Een klein pittoresk dorpje met een Jacobuskerk. Ernaast de ‘Gevallen Engel’, waar ik iets kan drinken. Een aangename, sfeervolle plaats waar de muziek je meeneemt in andere sferen. Met Jeanne, de uitbaatster, spreek ik over Marokko en delen we ervaringen over reizen.

Ik wandel verder. De wind blaast mijn zilverkleurige haren voor mijn ogen en ze worden één met de kleur van de lucht. De donkergrijze wolken geven de groentinten in de natuur extra pit. Tot in Ieper wandel ik langs het water. De reigers genieten van de opkomende zon en ik geniet met hen mee. Bij de Driegrachtenbrug stap ik op een boot. Een fototentoonstelling trekt mijn aandacht. Ik ontmoet er Peter. Hij is pas terug van Montpellier met de fiets. Peter startte een project ‘De tour van je leven’ nadat hij genezen was van kanker. Hij gaat met zijn project op zoek naar spiegels, geen materiële, wel zijn eigen spiegels. Die spiegels die je de kans geven te groeien wanneer je in ontmoeting gaat.

Na een weekje gaat mijn notie van tijd wat verloren. Mijn denken gaat in ontspanning. Verder wandelend langs het kanaal Ieper – Ijzer, in de lange grassen en met als reisgenoten de schapen, zie ik in de verte drie mannen. Vissers. Ze hebben net een vis gevangen. Ik sta met grote ogen te kijken. Wat een kanjer van een vis, een gewicht van een zestien kilo ongeveer. Met fierheid poseert Kjel voor de camera; ondertussen dragen zijn vrienden goed zorg voor het dier. Af en toe een emmer water, de mondwonde wordt verzorgd. Ik wandel verder, draai me nog eens om en roep, “Dankzij jullie heb ik een andere kijk op vissers, nog veel succes.”

In Ieper aangekomen ga ik richting de Menenpoort voor de ‘Last Post’. Iedere avond is er hier om twintig uur een eerbetoon aan zij die sneuvelden in de Eerste Wereldoorlog. Een trompetsignaal weergalmt onder de poort. Mijn benen kunnen dit er nog net bij nemen.

GPX Bestand Diksmuide – Geluwe

Peter

Dimanche matin. Petit déjeuner dehors en compagnie d’Annick, Geert, Ansje et Kasper. Heureuse! Je me prépare au rythme du dimanche. En passant par la tour de l’Yser (IJzertoren) je rejoins, après deux bons kilomètres, ‘Sint-Jacobskapelle’. Un petit village pittoresque avec une église Saint-Jacques. Tout près de là de ‘Gevallen engel’, un café ou je peux boire quelque chose. Un lieu agréable où la musique vous emporte dans d’autres sphères. Avec Jeanne, la propriétaire je parle du Maroc et nous échangeons des expériences de voyages.

Je continue mon chemin. Le vent souffle dans mes cheveux grisâtres, qui me tombent devant les yeux, avant de ce fondre avec la couleur du ciel. Les nuages d’un gris foncés accentuent la couleur verte de la nature. Je longe l’eau jusqu’à Ypres (Ieper). Les hérons profitent de l’apparition du soleil et je fais de même. À hauteur du pont de ‘Driegrachten’ je monte dans un bateau. Une exposition de photos attire mon attention. J’y rencontre Peter. Il vient juste de rentrer de Montpellier en bicyclette. Peter a lancé un projet après sa guérison du cancer ‘Le tour de ta vie’. Il va pour son projet à la recherche de miroirs, pas des miroirs comme objets  mais nos propres miroirs. Ces miroirs qui nous permettent de grandir quand on va à leur rencontre.

Après une semaine je perds quelque peu notion du temps. Moins de pensées, je me détends. Continuant ma route, le long du canal Ypres – l’user, marchant dans les hautes herbes avec les moutons comme compagnons de route, je vois au loin trois hommes. Des pêcheurs. Ils viennent juste d’attraper un poisson. Je regarde avec de grands yeux. Quel énorme poisson, il pèse environ seize kilo. Kjel pose avec fierté devant la caméra, pendant ce temps ses amis prennent bien soin du poisson. De temps à autre un seau d’eau, la blessure à la bouche est soignée. Je continue mon chemin, tout en me retournant je leurs crie, “Grâce à vous j’ai maintenant une autre idée sur les pêcheurs, encore bien du succès.”

Arrivée à Ypres je me dirige vers la ‘Porte de Menin’ (Menenpoort) pour le ‘Lastpost’. Chaque soir, à vingt heures, a lieu ici une cérémonie de commémoration des personnes décédées durant la premiere guerre mondiale. Le son de clairon retenti sous la Porte. Mes jambes supporterons encore bien cela.

Frezen

Poppy’s

Richting Diksmuide. Open velden, weilanden, vergezichten. Poppies (klaprozen) overal. Eventjes ben ik mijn weg kwijt. Een vrouw in een hondentrimsalon helpt me verder. Op een uur van Kortemark is een kleine halte noodzakelijk. Een man staat in zijn tuin te spitten. “Meneer zou ik even je toilet mogen gebruiken?” “Bah ja, waarom niet”, leunend op zijn spade. Ik trek mijn schoenen uit. Bij het buitenkomen praten we wat over de camino, mijn ervaringen en wat de weg is. Een fijn en kort contact.

Door de hitte voel ik mijn voeten zwellen. Aan een eetautomaat hou ik halte. Ik trakteer mezelf op een bakje ‘frezen’, dat zijn zo van die rode blinkende kleine bollen, spits uitlopend, groene pukkeltjes, een groen steeltje en heerlijk geurend en wanneer je erin bijt een zoete lekkere smaak.

Kort na de middag neem ik een lange rustpauze. Een plaatselijk café in Werken. Een moeder en haar dochter komen samen aan. Ruzie, harde woorden, tranen. Ik twijfel. Kom ik ertussen of niet. Na enige twijfel doe ik het toch. Ik roep het meisje. We praten een klein uurtje samen. Ze doet haar verhaal en laat haar emoties de vrije loop. Er ontstaat opluchting bij haar. Na twee uur zie ik lachende gezichten, en zachtheid verschijnen op hun manier. Ik verlaat met vreugde het café.

Boeren op het veld, grassen worden gemaaid. Mijn neus jeukt. Het laatste rechte stuk langs de Handzaamsevaart voor ik in Diksmuide aankom. Op de markt komen Annick en Ansje  naar me toegewandeld. Een hartverwarmende knuffel. Een warm weerzien. Een terrasje. Ik eindig de dag in familie en ga een rustige nacht tegemoet.

GPX Bestand Kortemark – Diksmuide

Fraise

Direction Dixmude (Diksmuide). Des pâturages, des champs, des plaines à perte de vue. Des coquelicots partout. Je m’égare quelque temps. Une femme, d’un salon de toilettage pour chiens, me vient en aide. Une heure avant Kortemark un arrêt est nécessaire. Un homme est occupé à bêcher son jardin. “Monsieur, pourrais je me servir de vos toilettes?” “Bein, oui pourquoi pas”, s’appuyant sur sa bêche. J’enlève mes chaussures. En sortant on parle un peu de mon camino, de mes expériences et de ce qu’est le chemin. Un contact agréable et court.

La chaleur fait gonfler mes pieds.  Je m’arrête à un distributeur d’alimentation. Je me paie un ravier de ‘frezen’ (fraises). Ce sont de ces petites boules rouges, légèrement allongées, avec des petits points verdâtres, qui sentent horriblement bon et qui dégagent, quand on les croque, un délicieux goût sucré.

Peu après midi, je prends un long repos. Un café local à Werken. Une mère et une fille arrive ensemble. Dispute, mots durs, larmes. J’hésite. J’interviens ou pas? Après quelques hésitations je le fais quand même. J’appelle la fille. On parle une petite heure ensemble. Elle me conte sont histoire et laisse libre cours à ses émotions. Un certain soulagement s’installe chez elle. Après deux heures je voie des visages souriants et une certaine tendresse apparait. Toute joyeuse, je quitte le café.

Des paysans dans les champs, fauchent les herbes. Mon nez chatouille. La dernière ligne droite le long du canal de Handzame avant d’atteindre Dixmude. Sur la place du marché Annick et Ansje viennent à ma rencontre. Une étreinte chaleureuse. Un plaisir de se revoir. Une terrasse. Je termine la journée en famille et vais à la rencontre d’une nuit paisible.