Middelburg

Sint-Ghislenuskerk, Waarschoot

Half zeven. Mijn wekker. Oh, veel te vroeg. Een zuster komt me halen voor het ochtendgebed. Na het gebed volgt het ontbijt. Het onderwerp aan tafel: Compostela. “Vergeet niet te eten hé!”, meldt zuster An. Ik vertel de zusters hoe ze mij kunnen volgen tijdens de tocht en verwijs hen door naar mijn website. “Debels, rebels maar met een D”, al glimlachend. “Ja, je draagt wel je naam!”, antwoordt zuster Gerd me al lachend. We hebben plezier aan tafel en genieten van het samenzijn. Na het klaarmaken van een picknick start ik mijn dag. Twee kilometer verder een fietser. Ik herken een buurvrouw. Vol ongeloof roepen we naar elkander. Een korte babbel. De weg gaat verder via het Provinciaal Domein ‘Het Leen’. De wind speelt met de bladeren van de bomen, varens en vingerhoedskruid. Het zonlicht danst erdoor en brengt een prachtig ochtendtafereel. Tien kilometer langs het kanaal ‘de Stinker’. Die heeft zijn naam niet gestolen, effectief, op bepaalde plaatsen is de stank zo groot dat ik braakneigingen heb en eraan denk om op mijn stappen terug te keren.

Net over het ‘Van Goghbruggetje’ in Balgerhoeke, een tweede brugje. Ik sta even stil. Ik hoor gepraat. Onder de brug verschijnen plots twee mannen, varend op het water. Benedict en Kristof verwijderen het onkruid op de muur van de brug. Ik vraag hen hulp bij de weg. We wisselen wat woorden uit. “Ik hoop dat je mooi weer zal hebben!”, roept Benedict me toe. “Dank je. Het is altijd mooi weer!”, roep ik terug.

De zon is van de partij. Picknicktijd. Diep in het zakje een Nougatine chocola. Een fijne verrassing, dankjewel zuster An. Rond drie uur ben ik aan de Nederlandse grens. Een kronkelpad doorheen de velden neemt me mee tot in Middelburg. De zoektocht naar een overnachting is hier niet eenvoudig. Aan het derde huis heb ik geluk. Het huis van Patricia en Geert. Patricia maakt een heerlijk avondmaal klaar. Het klikt heel snel en voor we het weten is het al bijna kwart over tien.  Ik breng de nacht door in hun caravan. Dit roept fijne herinneringen op aan de zovele zomers die ik met mijn ouders doorbracht op vakantie op een camping ergens ver in Frankrijk. In dit kleine warme nest val ik in slaap.

GPX Bestand Waarschoot – Middelburg

Middelburg

Six heures trente. Mon réveil. Oh, c’est beaucoup trop tôt. Une sœur vient me chercher pour la prière du matin. Après la prière il y a le petit-déjeuner. À table le sujet de conversation est Compostelle. “N’ oublie pas de manger hein!”, me dit sœur An. J’explique au sœurs comment elles peuvent me suivre durant mon voyage et les guide vers mon site. “Debels, rebels mais avec un D”, leur dis-je en souriant. “Oui, tu portes bien ton nom!”, me répond sœur Gerd, en me souriant à son tour. Nous avons du plaisir à table et partageons la joie d’être ensemble. Après avoir préparée le pique-nique je commence ma journée. Deux kilomètres plus loin un cycliste. Je reconnais une voisine. C’est incroyable…Une brève conversation. Le chemin continue passant par le Domaine Provincial ‘Het Leen’. Le vent fait frémir les feuilles des arbres, les fougères, les digitales. La lumière du soleil danse à travers elles et forme ainsi une magnifique esquisse matinale. Dix kilomètres en longeant le canal ‘de Stinker’(le puant). Il n’a pas volé son nom, car effectivement, à certaines places la puanteur est telle que j’ai envie de vomir et que je pense retourner sur mes pas.

Juste passé le pont de ‘Van Gogh’ à Balgerhoeke un second petit pont. Je m’arrête un instant. J’entends parler. Soudainement, deux hommes apparaissent d’en dessous du pont, navigant sur l’eau. Benedict et Kristof enlèvent les mauvaises herbes des murs du pont. Je leur demande de l’aide pour la route à suivre. Nous échangeons quelques mots. “J’espère que tu auras du beau temps!”, me crie Benedict. Je lui réponds avec un clin-d’œil, “Merci, il fait toujours beau!”

Le soleil est de la partie. C’est l’heure du pique-nique. Au fond du sac, un chocolat nougatine. Une belle surprise, merci sœur An. Vers quinze heures j’arrive à la frontière Néerlandaise. Un sentier sinueux à travers champs me mène jusqu’à Middelburg. La quête d’une nuitée n’est pas simple ici. À la troisième maison j’ai de la chance. La maison de Patricia et Geert. Patricia prépare un délicieux repas du soir. On s’entend bien et avant qu’on s’en rende compte il est déjà vingt-deux heures quinze. Je passe la nuit dans leur caravane. Cela me rappelle plein de bons moments passés, lors des nombreuses vacances avec mes parents, au camping quelque part dans le fin fond de la France. Dans ce petit nid douillet je m’endors.

Waarschoot

‘de Lieve’

Check! Heb ik wel alles bij, gaat er door me heen. Hoe weinig of hoe klein de bagage ook mag zijn, de onzekerheid om niets te vergeten blijft groot. Ik sluit de voordeur. Het kookfornuis, gaat er door me heen, terug naar binnen. Na vijf minuten sluit ik voor de tweede maal de deur.

De lift. Een spiegel, mezelf. Daar gaan we voor een nieuw avontuur. In het Nu en met vertrouwen dat alles een reden heeft en goed komt, start ik mijn tocht doorheen België. Met rode kaken geef ik toe dat België voor mij eerder onbekend is. Aardrijkskunde was ook niet mijn sterkste vak, al snel verveelde de leerstof mij en zat ik met mijn gedachte ver weg.

Twee gekende gezichten staan me op te wachten aan de Sint-Jacobskerk. Hubert, een man die ik regelmatig ontmoet in het Open Huis ‘Pratershol’, een ontmoetingsplek gelegen in het historische Patershol. En Jacqueline, met wie ik een stuk van mijn levensweg heb gedeeld. Jacqueline nodigt me uit voor een ontbijt, een stevig broodje om de dag te beginnen.

Half elf, ik geniet van de vele mooie hoekjes die ik in Gent mag ontdekken. Patershol, Prinsenhof, Sint-Elisabeth begijnhof, het park aan de Nieuwe Wandeling. Ik verlaat het centrum van Gent via de Groene Vallei en de Bourgoyen-Ossemeersen. Zoveel groen, zo dicht bij huis. Langs de oevers staan Mariadistel, heermoes en klaproos krachtig naast elkaar, heen en weer te dansen terwijl ik hen voorbij wandel. In de namiddag stap ik vijf kilometer langs het kanaal de Lieve. Ik was even vergeten dat een fel gekleurde short een ideaal aanvalspunt is voor dazen. Gelukkig heb ik mijn Combudoronzalf bij de hand. Om zestien uur een halte in de ‘Akkerhoeve’ in Waarschoot. Dansnamiddag. Ik ga binnen en vraag of ik gebruik mag maken van de toiletten. “Ben je op doortocht?”, vraagt de eigenaar. Ik deel het verhaal en de reden van mijn tocht. Hij trakteert me op een koffie. Bij mijn vertrek bieden drie vrouwen mij centen aan en vragen of ik ze wil aannemen. Dit voelt vreemd, nog nooit heeft iemand onbekend me zomaar geld aangeboden. Ik weet niet wat ik moet doen. Hen het plezier ontnemen van het geven vind ik niet fijn, dus ik meld dat ik ze graag aanneem en dat ik het aan een goed doel zal schenken. We praten nog wat samen. Achter de bar een jong meisje, ze danst. Ik nodig haar uit om te gaan dansen op de dansvloer. Een danspasje met wandelbottines, niet eenvoudig.

Achttien uur, aankomst in Waarschoot aan de bijzondere Ghislenuskerk. Ik hoor dat er nog een klooster is en zoek dit op. Zuster Clara helpt me bij het zoeken naar een bed en spreekt zuster An hierover aan. Ik heb het geluk er te mogen overnachten. Zuster An toont me een kamer, badkamer en keuken. Een avondmaal komt eraan. Zuster An wandelt nog even met me tot aan de kapel. Een lange gang, een deel dat binnenkort zal worden afgebroken. De kapel heeft prachtige handgeschilderde muren. Spijtig dat dit zal verdwijnen. Zuster-overste Gerd komt me ook nog een goede avond wensen. Een uitnodiging volgt om morgenvroeg samen met alle zusters het ontbijt te delen. Mijn eerste dag zit erop, één euro gespaard.

GPX Bestand Gent – Waarschoot

Waarschoot

Dernier contrôle! Je me demande si tout y est. Même si j’ai peu de bagage, être sûr de ne rien oublier reste très important. Je ferme la porte derrière moi. La cuisinière…je rentre à nouveau. Cinq minutes plus tard, je ferme la porte pour la deuxième fois.

L’ascenseur. Un miroir, et moi. Nous voilà partie pour une nouvelle aventure. Dans le présent et confiante que toute chose a ses raisons d’être et que tout finira bien, commence le voyage à travers la Belgique. Le rouge aux joues, je reconnais que la Belgique m’est inconnue. La géographie n’était pas mon point fort, très vite la matière m’ennuyait et mes pensées partaient en vagabondage.

Deux visages connues m’attendent à l’église Saint-Jacques. Hubert, un homme que je rencontre régulièrement à la maison ouverte ‘Pratershol’, située dans le centre historique du Patershol. Et Jacqueline, avec qui j’ai partagé un bout de chemin de vie, m’invite pour un petit déjeuner. Un pain copieux pour commencer la journée.

Dix heures trente, je prends plaisir à découvrir quelques beaux coins de Gand (Gent). Patershol, Prinsenhof, le béguinage Saint-Elisabeth, le parc ‘Nieuwe Wandeling’.

Je quitte le centre de Gand en passant par ‘Groene Vallei’, ‘Bourgoyen-Ossemeersen’. Tant de verdure, si près de la maison. Le long des berges, des chardons de Marie, la prêle des champs et des coquelicots dansent l’un et l’autre côte à côte tandis que je les croise en chemin. Dans l’après-midi, je longe le canal la Lieve durant cinq kilomètres. J’avais quelque peu oublié l’attirance que peut avoir un short de couleurs lumineuses sur les taons. Heureusement j’ai ma pommade Combudoron à portée de main.

Seize heures, un arrêt à la ferme ’Akkerhoeve’ de Waarschoot. Après-midi dansant. Je rentre et demande si je peux utiliser les toilettes. “Tu es de passage?”, me demande le propriétaire. Je lui raconte mon histoire et la raison de mon voyage. Il m’offre un café. Au moment de partir, trois femmes m’abordent, m’offrent de l’argent et me demandent de bien vouloir l’accepter. C’est étrange pour moi, jamais encore d’inconnues m’ont offert de l’argent sans raison. Je ne sais que faire. Leur ôter le plaisir de donner me parait délicat. J’accepte avec plaisir, leur disant en faire don à une bonne cause. On bavarde encore un peu. Derrière le bar, une jeune fille danse. Je l’invite à se rendre sur la piste. Des pas de danse avec des bottines de randonnée, pas simple.

Dix-huit heures, arrivée à Waarschoot à hauteur de l’église particulière de ‘Ghislenuskerk’. J’entends dire qu’il y a encore un couvent et pars à sa recherche. Sœur Clara m’aide à chercher un lit ou dormir et en parle avec sœur An. J’ai la chance de pouvoir y passer la nuit. Sœur An me montre une chambre, salle de bain et cuisine. Un repas du soir arrive. Sœur An  se promène encore un peu avec moi jusqu’à la chapelle. Un long couloir, une partie qui sera bientôt démolie. La chapelle possède de magnifique murs décorés à la main. Regrettable que tout cela doit disparaitre. La sœur supérieur Gerd vient aussi me saluer. Une invitation, à partager le petit déjeuner de demain avec toute les sœurs, m’est faite. Mon premier jour se termine. J’ai économisé un euro.

Jacobskerkenpad

Life ’40 dagen, 40 dorpen, 40 mensen, 40 euro’. Op 15 juni 2015 trek ik mijn voordeur dicht om 40 dagen te gaan stappen doorheen België. De weg die ik zal volgen is het Jacobskerkenpad. Deze zal voor mij beginnen aan de Sint Jacobskerk Gent om ook daar hopelijk te mogen eindigen rond 11u (misviering) op 25 juli 2015 (Heilige Jakobus). De bedoeling is 40 dagen te stappen met één euro per dag. Mensen te mogen ontmoeten. Te leven in het NU, te vertrouwen dat alles wat komen zal goed is. Het Jakobskerkenpad is één van de projecten waarmee het Vlaams Compostelagenootschap zijn 25-jarig bestaan vierde. Een wandelroute van 843km die me zal meenemen naar de verschillende uithoeken van België en waarin de achttien Jacobskerken in België zullen te zien zijn. Oorspronkelijk was ik van plan om deze weg alleen te wandelen zoals ik vorig jaar de Camino heb gewandeld tot in Santiago.  Een boeiend groeijaar Emotioneel Lichaamswerk en een korte pelgrimstocht per fiets naar Vézelay (april 2015) hebben me geholpen het anders te kunnen voelen en zien. Mensen die wensen mee te stappen zijn welkom. Via Facebook en deze Blog/pagina zal telkens te zien zijn waar ik overnacht, dit zal het startpunt zijn van de volgende dag. Tussen 8u en 8u30 wacht ik andere wandelaars dan op aan een belangrijk punt in dit dorp of deze stad. Hieronder een kaartje langs waar de weg zal lopen. En wie weet tot… Jacobskerkenpad

Hartelijkheid

Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay

Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay

14 april 2015 – De laatste dag richting Vézelay.  Even checken in de ruimte dat ik niets vergeten ben. De fietszakken vullen en om acht uur ben ik klaar om mijn eerste kilometers te trappen.  Om de vele hellingen te vermijden tijdens deze zonnige dag kies ik voor het kanaal Nivernois. Prachtig. De ene na de andere reiger. De mooie dorpjes volgen elkaar op. Ik verlaat het kanaal voor terug een paar stevige hellingen.  Het is zweten.  Ik verlang zo naar mijn aankomst dat ik vergeet te eten. Aan het einde van een dorpje, een stenen tafel. Honger! Brood, geitenkaas.  Aan mijn voeten talrijke madeliefjes. ‘Je t’aime, un peut, beaucoup, profondement, a la folie’. Een glimlach,  een traan. Citroengele vlinders fladderen heen en weer.  De bosanemonen staan freel en toch met veel kracht gericht naar de zon. Door het park du Morvan. Ik voel mijn borstkas die breder wordt,  ik voel openheid.  Een diepe ademhaling. Ik voel leven. Ik voel liefde. Het laatste stuk wandel ik verder te voet tot aan de croix Saint -Bernard.  Rechts een buizerd. Ok, ik heb je begrepen. Ik volg die richting.  Een mooie kapel. Nog een duwtje en ik ben er. Na een hevige stijging sta ik voor de Basiliek Saint-Marie-Madeleine van Vézelay. Ik ben blij hier terug te mogen zijn op deze vredige plaats. Een plaats en een weg die ik in mijn hart mag dragen.  Ik wens jullie allen veel Hartelijkheid op jullie weg.

Saint Franciscus

Meidoorn

Meidoorn

Meidoorn

13 april 2015 – Witte bonen als  ontbijt. 🙂
Op ‘la petite Vienne’ (een wandel en fiets weg om Troyes rustig te verlaten), op een bankje, Joce.
Joce is de vrouw die me vorig op Pasen uitnodigde aan tafel om in familie het Paasmaal te delen.
We zitten wat bij te praten, na een korte pauze rij ik verder. Het is warm. Af en toe hoor en zie ik roofvogels. Telkens voel ik een blijheid wanneer ik ze zie.
De bloeiende meidoorns vormen lange natuurlijke hagen langs de weg. De meidoorn dankt de zon door op haar beurt haar frisse geur vrij te laten in de natuur. Ik rij Sommeval uit. Een lange weg die op en neer gaat. Ik waag me op de roetsjbaan.  Mijn handen stevig op mijn stuur. Mijn benen gestrekt en voeten van de pedalen, laat ik me de ene helling na de andere af glijden. De wind blaast langs mijn oren. Het is genieten.
Ik denk aan de vele afdalingen die ik al nam. Hi, het kan niet anders ik daal ook de kaart af 😉 , vandaag richting Chablis. De refuge, ik klop aan. Een pelgrim doet open, Gertjan. De hospitaliére is nergens te vinden. Een verfrissende douche.  Een visgerecht om de vingers af te likken in ‘Le bistrot des grands crus’ au prix des petits 😉 . Wanneer ik terug wandel naar de refuge met Gertjan staan we plots voor een gesloten deur. Een onaangename ontvangst, door een wantrouwen van een hospitaliére. Ik laat het niet aan mijn hart komen en ga een goede nachtrust tegemoet.

Refuge - Chablis

Refuge – Chablis

Delen

Montmort-Lucy

Montmort-Lucy

12 april 2015 – Een mooi ochtendtapijt zweeft over het landschap. Het is rustig. Naar de bakker. De vogels kondigen een mooie lentedag aan. Frisse geuren komen me tegemoet. Door een weg onderbreking rij ik de verkeerde kant op. 6km verder, een man op een bank. Klein, rond gezicht, dikke baard en lachende ogen. Het uitzicht van een kabouter. Kijkt me aan en kijkt dwars door me heen. Hij kan me niet helpen. ‘ Mieux vaut se perdre, que perdre la memoire’, vertelt de man. Ik rij verder een cirkel rond. Doorheen mooie dorpen.  Op de baan steek ik af en toe 3 fietsers voorbij. Een moeder en haar 3 kinderen.  De laatste keer hadden ze al 30 km in de benen…en nadien rijden ze deze nog terug. Petje af voor die kinderen die op een veel te kleine fiets rijden. In Sézanne, een potje koffie onder een nog niet bloeiende kastanje boom. In de namiddag rij ik langs het kanaal. Wandelaars en fietsers genieten van hun zondagsrust. Een man is aan het vissen. Ik wens hem een goede visvangst. ‘Ah non, un mot a cinq lettres’, roept de man me toe. ‘Oh pardon, en ik roep het woord uit. De hoge siergrassen staan te dansen in een zacht ritme van links naar rechts. De vlinders fladderen op en neer. Na een lange tijd voel ik dat ik al dit moois graag wil delen. Iemand aan mijn zijde. De tijd is rijp om de weg samen te delen. Met 93 km in de benen geniet ik van een avondwandeling in Troyes.

Even terug…

Chavot-Courcourt

Chavot-Courcourt

11 april 2015 – Mijn wekker,  oeps! Het gebed, oeps! Ik hoor de klokken. Roepen de zusters Clarissen naar het gebed. Ik heb me overslapen. ‘Oh, c’est parce que vous l’avez besoin’, antwoord een zuster. Buiten is het grijs, wind en regen. Ik spreek mezelf moed in. Hups, richting Montmort. De wind blaast zo hard dat ik bij een afdaling in het midden van de weg kom. Een afdaling van 6% bij nat weer voelt niet veilig. Hautevillers.  In de bar. Een koffie.  Naast mij een nederlandstalige vrouw en haar man. We stellen ons voor. Het koppel woont op een straat verder dan mijn geboorte plaats. We praten over de lagere school. De veranderingen. Over Gent. Mijn telefoon. Een sms, mijn moeder.  Hmm, net nu. We nemen terug afscheid en wensen elkander een goede reis. Mijn fiets. Mijn lichaam voelt moe. Mijn kracht is op een laag pitje. Ik ga even terug met mijn denken in de tijd. Ik voel kwaadheid, verdriet.  Ik weiger de kwaadheid in mijn lichaam te steken. Geen geduw, geen gesleur op de fiets. Ik stop. Adem diep in en uit en laad even mijn stembanden trillen. Oefff…Mijn geheugen,  mijn denken,  vragen  rust. En alleen ik ben hiervoor verantwoordelijk,  tijd om dit te veranderen.  Montmort en na een vermoeiende weg stop ik hier en kom ik terecht bij Michelle een vrouw van 78jaar. Ik help haar wat in de keuken en eindigen samen voor het tv.

Montmort-Lucy

Traumeel

Hospitalière Mm. Agnes

Hospitalière Mm. Agnes

10 april 2015 – Na een ontbijt met een heerlijke sinaas/pompoen konfituur, vertrek ik met een pelgrim richting de apotheek om Traumeel. Jammer genoeg in Frankrijk niet te verkrijgen. Ik geef haar mijn tube Traumeel en het halve doosje tabletten. Het zou fijn zijn voor te mogen aankomen op haar eindbestemming. Ik vertrouw de weg dat ik deze niet nodig zal hebben. We geven elkander een stevig knuffel. Onze wegen scheiden.  Een vrouw loopt over de weg. Haar lichaamsbouw is voor mij kenbaar. Ik ga naar haar toe.  Idd. de vrouw waar ik vorig jaar in haar huis mocht slapen in Thin le moutier. Kort na mijn vertrek stierf haar man. We zeggen elkander een goede dag. 20 min. Nadien trotseer ik wat stevige hellingen. Af en toe een fiks gevloek. Ik permiteer me dit als uitlaatklep 😉  .
Af en toe mag ik wat bloeiende bloemen zien in de gracht. De forsythia staat er terug stevig bij. De koolzaad velden laten op zich wachten. In Wasigny, een rustpauze onder de XV eeuwse Halle. Een fijn briesje is aanwezig. Een sluier van wolken komt voor de zon. In de vooravond sta ik voor de lachende engel van de Kathedraal van Reims. Ik heb geen zin in een luidruchtige CSI voor de nacht en kies om verder te rijden tot in Cortmontreuil voor een overnachting bij de zusters Clarissen.

Kathedraal van Reims

Kathedraal van Reims

Rocroi

Ham-s-Meuse

Ham-s-Meuse

9 april 2015 – Na een gezellige ontbijt samen met Michèle en Gerard verlaat ik Chooz in een dikke mist. De natuur ontwaakt heel langzaam en de mist trekt stilletjes weg. Na Fumay verlaat ik de Meuse richting Rocroi. Een hevige klim. Het water maakt plaats voor de bossen. Ik hoor Michèle nog zeggen ‘Rocroi of Charleville, maakt geen verschil. Voor beiden moet je een plateau over’. Ik sus mezelf door te zeggen dat dit een goede voorbereiding is voor de eventuele Pyreneeën.  Een hevige klim. Het is fysiek zwaar en met zachtheid probeer ik mezelf deze zware etappes door te brengen. Rond 18u30 kom ik aan in Signy l’Abbaye waar ik nog een onderdak aangeboden krijg bij Mevr. Agnes.

La Meuse

La Meuse