Clairvaux

Helleborus

Momenteel wandel ik door een bosrijk gebied met veel hoogteverschillen. Vandaag heb ik me voorgenomen op een korte wandeldag. Mijn fysieke lichaam vraagt wat rust.

Een lange weg tussen wijnvelden en bossen. Mijn aandacht neemt me mee ver weg en toch dichtbij…
Langs de weg Helleborus, Euphorbia en vermoedelijke orchideeën.

Abdij en gevangenis Clairvaux

Clairveaux hou ik halte bij de zusters. Ik bel aan. “Bonjour ma sœur. Avez vous la possibilité pour faire dormir un pèlerin ?”, vraag ik aan een zuster. “Vous avez téléphoner d’avance ? Faut téléphoner d’avance parce que en a que 3 chambres… Cela peut être un problème…”, en zo gaat het verder… ALS er… Wat als… Ik hoor haar (onnodige) bezorgdheid.
Vaak worden er problemen gecreëerd die er niet zijn door niet in het nu te zijn, door angsten of niet bij zichzelf te blijven. Uiteindelijk zijn alle kamers vrij en mag ik overnachten in ‘la bleu’, de blauwe kamer.
Ik leg me languit op het bed en val in slaap. Een kort middag tukje.
In de vroege vooravond bezoek ik de oude abdij en voormalig gevangenis.
De gevangenis telt vandaag nog zestig gevangenen, die levenslang kregen. Velen terechtgestelden komen van het baskenland.
De abdij kent een lange geschiedenis. Groeide in omvang door het groot aantal monniken. En kwam later in handen terecht van Napoléon die deze de andere functie gaf van gevangenis. Het waren ideale plaatsen om mensen op te sluiten. Het was afgelegen en de omvang van de ruimtes zijn heel groot. Toen ik hoorde dat er hier nog in 1971 dertig mensen sliepen op een paar vierkante meters met één toilet (een gat in de grond), de beroemde ‘kippenhokken’, met een lengte en breedte van amper een bed. En mensen hier stierven aan de kou, ziekte en ondervoeding. En dat pas in 1980 de doodstraf in Frankrijk werd afgeschaft (de laatste geëxecuteerde kreeg de giullotine), kreeg ik een misselijk gevoel en werd het tijd dat ik het gebouw verliet. Amper zevenveertig jaar terug, mensonwaardig.

Sommeval

Sainte-Madeleine in Troyes

Sainte-Madeleine in Troyes

19 april 2014 – De stad ontwaakt. Verse boter croissants en een kopje koffie in een bar. Naast mij twee dames. Onderwerp het huwelijksfeest. Het voelt vreemd aan, net alsof het gebeuren rondom mij uit een totaal andere wereld komt. Ik geniet van de straatbeelden op de plaatselijke markt. Voor ik de stad verlaat nog eventjes naar la Saint Madeleine. “Elle est adorable”zei iemand tegen me. Dit kan ik alleen maar bevestigen. Mijn lievelingsstraatje, Ruelle des Chats. Vanuit Troyes neem ik ‘la voie Vertes des Viennes’, de naam van een klein riviertje die er is. Tal van eenden zijn aanwezig.  Ze doen me denken aan de eenden op de kermis, die een rondje zwemmen en hun kontje die zorgen voor evenwicht.
De blauwe lucht veranderd in hoge wolken en in de verte zie ik deze vervagen in éénzelfde tint, grijs. De zwaluwen vliegen aan een snelheid net boven de koolzaad bloemen, net alsof ze dansen. Ze kondigen regen aan.
Ik hoor de eerste krekels op mijn weg (glimlach) dit geluid doet me denken aan het Zuiden.
Wat verder het 9 km lange bos van Laines-aux Bois. Ik vraag nog even aan 2 fietsende heren een bevestiging voor de weg. Plots valt een van beiden op de grond. Hij kijkt me aan met een glimlach en bloost. Ik had nooit gedacht dat er ooit iemand voor me zou gaan knielen 🙂 (jaja wielrenners hij had clickpedalen, sstttt niet vertellen 😉 ). Hi, het was net alsof we alle drie pretoogjes hadden om het gebeuren.  “Allé, a toute l’heure peut etre” roept één van beide mannen me nog na.
Na het lange bos verheug ik me bij het zien van de eerste huizen van Sommeval. Aan de ingang van het dorp een logeerplaats voor pelgrims.  Keukentje, toilet, warmwater en een verwarming. Alles wat een pelgrim nodig heeft. Ik had me net gewassen en net op tijd een pull aan. Een wagen stopt.  De deur gaat in één ruk open. De burgemeester. ”  Vous avez tous ce que vous voulez” vraagt hij me. Een uur later komt hij terug met paté, hesp, brood, taart, chocolade koek, chocolade, fles fruitsap.

Laines-Aux-Bois

Laines-Aux-Bois