Aartsengel

Op een zijweg van de Via Francigena ga ik langs de ‘basilica di San Michele’ in Pavia. Aartsengel Michaël. Als een magneet ben ik aangetrokken tot de Romaanse gevel…De basiliek binnenstappen ben ik onder de indruk van wat ik zie. Hoe langer binnen, hoe meer mij voelen wordt aangesproken. De onthaalmedewerker spreekt me aan voor een stempel in mijn credential. Zonder twijfel laat ik er eentje extra plaatsen ‘Michaël’. De eerste plaats waar het voor mij juist voelt en waar ik spontaan een kaars aansteek. Voor alle mensen die erom gevraagd hebben op de weg, in verbinding.
Prachtige verfijnde religieuze kunst. Driemaal wandel ik de ruimte rond. Een huwelijk zal hier straks plaats vinden. Op het einde wandel ik recht naar het dwarsschip. Zonder iets van het gebeuren rond mij aan te trekken blijf ik er een eind staan. Een stevig zachte énergie… In rechte lijn… mijn kruin… mijn lijf… mijn voeten en zelfs nog dieper … Mijn voeten kleven aan de grond… Ik sluit mijn ogen. Een gevoel alsof iets of iemand me begeleid….ik open mijn ogen… met een ingetogen dankbaarheid zet ik een stap achteruit… Ik verlaat de Basiliek na een woord te hebben geschreven in het boek.
Buiten op het plein voel ik dat ik wat tijd nodig heb om terug in het hier en nu te zijn… (ik nodig jullie graag uit deze website te bekijken)

Fietsers steken me voorbij. Een jong meisje, wat wiebelend aan haar stuur. Ik hoor de papa zeggen aan zijn dochter ‘Bravissimo’. Aan de andere kant van de straat een grote zwart-wit foto in een vitrine… Ze doet me stilstaan… straatwerkers…hoeveel mensen hebben die Romaanse keien in hun handen gehad, waar dagelijks zovelen over wandelen in de steden en tussen de velden.
Een klein blond meisje met krullend haar in een wieg… we kijken elkaar aan… ze glimlacht… verbinding… een Engelengezicht… Ze tovert mij een glimlach en brengt vreugde… Ik draai me nog even om… Weg.
Met een laan vol geurende lindebomen verlaat ik Pavia.

Twee dames en een hond wandelen me voor. Achter mij een wagen. Een bocht… Ik fluit op mijn vingers… De vrouwen worden alert.
Een jonge kerel op de fiets. Een fietsmand gevuld met het blad van de paardebloem.

Velden gevuld met toortsen. Graanvelden, maïsvelden en nog wat rijstvelden wisselen elkander af. Op de achtergrond, heuvels.
Het is wat, het zweet staat op mijn bruin gebrande huid.

Op de grond mijn schaduw en het silhouet van de uilenveer. Met een Zalige verfrissende avondwind laat ik me leiden doorheen de velden en dorpen.
Geraakt door de oeroude taferelen van beeld en natuurlijke geluiden… door de eenvoudige schoonheid van de wuivende granen in de avondzon eindig ik mijn dag in Santa Christina È Bissone.

Pavia

Chiesa Di San Giorgio Martire

Zeven uur in de morgen. Ik trek de deur van de Ostello achter me dicht. De kerkklokken luiden. Het dorp ontwaakt. De terrassen worden gevuld.
Kinderen worden naar het grote plein voor de kerk gebracht van Garlasco, waar een schoolbus hen oppikt.
Ouders staan samen te praten en sommigen nemen plaats op een terras. Het ochtendlicht schijnt langs de lichamen. De geur van de koffie komt mijn neus voorbij. Ik neem plaats voor een koffie voor ik vertrek naar Pavia, “Buon giorno, un café lungo tassa grande Porvavori, grazie”.

De dagen worden warmer… mijn lichaam past zich traag aan. Een lange weg langs een kanaal.
Ik geniet nog na van mijn verjaardagswensen. Plots wordt ik me bewust dat ik noch mijn vader, noch één van mijn broers heb gehoord. Een diepe zucht. Ik krijg hun gezicht niet van voor mijn ogen… Ik probeer bij mezelf te blijven… Iedere keer weer. Het weegt. Ik laat de gemengde gevoelens toe van pijn naar misselijkheid… Ik voel me wat onwel worden, een drukkende pijn op mijn schedel, een ontlading, tranen… Ik laat het toe, het mag er zijn. Alles mag er zijn. Durven kijken naar de onaangename gevoelens, ze toelaten is mezelf telkens de kans geven de andere richting op te gaan. De richting van ‘Liefde’ en enkel in dit gevoel wens ik met en bij hen te staan. Dit is de enige manier om te healen van wat al zo oud is. Wat me het meest pijn doet, is niet dat zij mij niet wensen, wel te weten en te zien dat waar zij indraaien een gelijkaardig gedrag is en een herhaling van wat generatie op generatie gebeurt. Eén gedrag die ziektes met zich meebrengt en veel onaangename dingen. Een gedrag die komt vanuit een diepe pijn, tekort. En dit generatiegedrag heb ik gelukkig vroeg kunnen voelen en zien. Ik heb me er doorheen geworsteld, aangekeken en ermee aan de slag geweest zonder toedekken. Wat niet altijd gemakkelijk geweest is voor mijn omgeving. Ik omarm wat van mij is. Wat van hen is laat ik bij hen. Ik open mijn armen naar hen toe en wens hen dat zij de weg van de liefde met grote L mogen gewaarworden… het Goddelijke in hen mag ontwaken en mogen genieten van het pure rondom hen.
Ik wandel verder met aandacht voor mijn ademhaling. Mijn hoofddruk verdwijnt langzaam. Mijn rugzak wordt lichter… mijn lichaam vrijer…
Voor Pavia wandel ik een natuurdomein in. Op mijn linkerkant een stroming de ‘Ticino’ die straks in de Po zal uitmonden.
De spinnenwebben komen zich op mijn huid kleven… Met een zacht gebaar veeg ik ze weg… Weg… Weg…

Vroeg in de namiddag kom ik aan in Pavia. De grootstad en hoofdstad van de provincie Lombardije is rustig. Ik slenter wat door de straten.

Pavia

Ponte di Coperto

Duomo di Pavia