Moe

Ik ben nu zowat al een goeie drie dagen aan het stappen in de Corrèze. Fikse hellingen en dalingen. Bossen blijven talrijk aanwezig.  De natuur is prachtig en ik geniet met volle teugen.

Aubazine-abdij

De nachtrust in Aubazine was een ramp. Vier uur slapen was echt te weinig. Mijn lijf protesteert. Een bezoek aan de abdij om dan via het kanaal van de monniken Aubazine te verlaten. De weg klimt richting een dolmen. De enige steencirkel in de Limousin. 

Dolmen-Aubazine


Tulle, een grootstad, voelt voor mij niet zo aangenaam. Ik vind er niet echt mijn plaats. Het is er druk en er heerst een onaangename sfeer. Ik slenter wat rond en twijfel even of ik de bus neem om verder te gaan naar Naves. Weg van de drukte en geluid. Voor de eerste keer maak ik gebruik van een gemotoriseerd voertuig, zo ontsnap ik aan Tulle en kom ik aan in Naves nog voor het donker is.
Een half uur later, de rust van een dorp. Wat een verschil en wat ben ik blij dat ik mijn gevoel heb gevolgd.

Morgen wandel ik verder naar Bar. Een plaats die al heel lang in mijn gedachten aanwezig is en op mijn weg was aangeduid. Een plaats waar Annemie Struyf is geweest voor ‘La vie en rose’. Waar een woonst aan €150 nog te huur is. En vermits de gemeente niet op mijn telefoon en e-mail reageerde, dacht ik, ik ga er zelf heen. Benieuwd. Maar nu, hopelijk een langere diepere nachtrust.

Verbod

Een uitgebreide babbel aan tafel na een heel goede nachtrust. Een nachtrust waar je je goed en ontspannen voelt doet toch heel veel om een dag goed in te zetten. We delen terug levenservaring en wisselen gedachten uit. Uit het niets komt een verhaal die ik zoveel jaar geleden heb mogen beleven en ervaren. Een delen over een toen verboden en verborgen liefde van heel lang geleden. Het brengt me plots veel inzichten en een nieuwe wending bied zich aan. Michelle maakt me een paar korte opmerking. Net genoeg om te begrijpen en zelf te ontdekken en gewaar te worden. Wat ben ik haar dankbaar dat ik haar heb ontmoet en mezelf dankbaar dat ik aan haar deur heb aangeklopt. Niets is toeval. De tijd was en is er rijp voor om deze liefde onder ogen te kunnen zien, ook al heb ik jaren aan een stuk signalen ontvangen en genegeerd. Zelf erover aangesproken geweest, maar weggeduwd en geweigerd erover te praten omdat het voor mij juist was en uit angst met de vinger gewezen te worden. Net dit was het probleem, het gesloten houden. Ik ben er toen niet voor uitgekomen, er voor gaan staan. Gaan staan in eigen kracht met mijn liefde voor wat ik voelde. Ik heb me ook zelf hier niets in te verwijten, er was geen ruimte en gehoor. Het was.

NUu. Het toe laten zonder dat er nog een verbod op staat die opgelegd geweest is door derden, maar vooral te mogen laten leven zonder zelf de barrière in stand te houden. Want enkel door de barrière op te heffen kan ik meer en meer in mijn puurheid gaan staan, een intentie waar ik naar streef op mijn weg en belangrijk is in mijn leven en in contact met anderen. 

Opgroeien in een maatschappij waar verbodstekens werden gecreëerd uit angst voor… Waar het geloof er deels heeft voor gezorgd dat sommige zaken tot schande werden uitgeroepen… Waar hiërarchie en macht een prominente plaats hebben ingenomen en waar menigte zich heeft laten ompraten en laten gevangen nemen onder woorden, heeft ervoor gezorgd dat er velen niet vrijuit hebben kunnen opgroeien in een nest van warmte en liefde.
Deze barrièremantel wil en kan ik vandaag uit doen. Wat voelt het goed, bevrijdend. Wat voelt het goed om dieper en dieper in je eigen krachten te mogen gaan staan.

Na de onweersbuien van deze nacht is het landschap omgetoverd in een feeëriek schouwspel. Ik wandel naar boven richting een heuvel. Een majestueus landschap is zichtbaar wanneer ik me omdraai. Natuurelementen  omcirkelen me.  Een plaats waar de energie van liefde zo krachtig aanwezig is. Waar de hemel en aarde elkaar raken. Tranen vloeien. Bevrijdend. Tranen blijven maar komen. Ze mogen er zijn. Ze brengen vreugde, diepe intense vreugde. Ze schenken me leven. Leven die voelbaar mag vloeien door gans mijn lijf. Het is. Leven.

Het voelt goed en wordt me bewust dat ik nog wat zaken af te werken heb. Ik mag naar huis, ik ga naar huis. En het klopt ook, ik ga terug noordelijke richting uit, mijn schaduw voor mij. Ik volg mezelf. Niet de ander… mezelf. Trouw aan mezelf.

Sedert gisteren ben ik de Corrèze ingewandeld. De dakpannen in dikke steen hebben plaats gemaakt voor daken die eruit zien is de huid van een vis. Hellende landschappen, met open grasvelden waar koeien grazen en een vormen met de kleur van de bomen. Waar naast loofbomen meer naaldbomen zichtbaar worden.
De regen en zon heeft er ook voor gezorgd dat de kleuren exploderen in het landschap. Een ezel in de wei, waar ik aan de woorden denk ‘stoot je geen tweede maal aan de zelfde steen’. Een schaap die me staat aan te kijken en waarbij ik twijfel om het schaap te strelen. ‘Waarom niet’ zeg ik tot mezelf. Ik ontsmet mijn handen. Koeien die naar me staren met hun lange wimpers en zachte blik, ‘bonjour Bella’ roep ik haar toe wanneer ik haar kruis. Een boer die me trakteerde op een koffie. Rust heerst over de heuvels. Fushia, dahlia’s, anthemis verwelkomen me in de dorpen. La douce France, elle est belle. 

Vriendschap

Martel

Martel, ochtendmarkt

Pfff, amai, wat een lange nacht. Ik kon bijna alle uren tellen. Ik ga naar beneden. De kookpot. Broccoli. Lang geleden dat ik ’s morgens op mijn eentje heb kunnen koken. Groenten ipv witbrood, oef. Na een stevige maaltijd verlaat ik de gite d’étape in Martel.

Een deel van GR 46 en de pelgrimsroute van Rocamadour in omgekeerde richting, Haut-Quercy tot in de Limousin. Een weg die mijn kuiten goed op de proef zetten. Een openhemel met zicht op de Auvergne en le Puy. Het is warm, af en toe komt de wind even blazen. De dikke laag afgevallen bladeren vormen een dik tapijt. Populieren staan er bijna kaal bij. Eikenbladeren dwarrelen bij iedere windstoot heen en weer voor me neer, alsof een natuurgeest me voorloopt. De Milan Royal en de buizerds laten zich zien. De Indian Summer is hier nog niet ten volle zichtbaar. Notelaars staan hier massaal naast elkaar, een specialteit is van de streek. Van notentaarten, notenwijn tot notenlikeur.

Sarrazac

Ontmoetingen met een paar honden. De ene komt liefdevol en spelend aangelopen. Springt en laat me niet meer los. ‘Ah bhein, quand mon chien voit une personne sourire, ils s’arrete plus’, vertelt de man terwijl hij me met grote blauwe ogen aankijkt. Ik ben even (positief) van mijn lood geslagen. Ik draai dan ook even de verkeerde weg op.
De andere honden, de ene al wat liever dan de andere. De uitdrukking de honden gelijken op hun baasje, daar zit toch wel veel waarheid achter.
Het valt me op dat ik minder en minder angst heb voor honden. Het is af en toe nog wel eens schrikken van hun luidruchtigheid, maar niet echt meer van het dier. Wel ben ik altijd voorzichtig ,vooral bij de kleinste. Maar door zelf zelfzeker te zijn en hen in zachtheid aan te spreken voel ik dat er weinig kan gebeuren. Ik besef dat er veel angsten zijn verdwenen dankzij het wandelen.

Collogne la rouge

Collogne la rouge

Collogne la rouge. Een privé gite. Zut. Onbetaalbaar voor een pelgrim. Dan maar opzoek naar een inwoner die openstaat om een pelgrim onderdak te geven. Zo kom ik terecht bij Michelle. Een vrouw van 72 jaar met een open, zachte blik.Het klikt al heel snel tussen ons. We gaan samen op boodschappen en komen terug via het mariabeeld. Een claxon. Daar is ze de poes. In het licht van de koplampen toont Astro de plaats waar ze haar voeding wenst te hebben. Veilig achter de tralies onder het Mariabeeld. Haar territorium. 

We hebben veel plezier samen. Delen een avondmaal. En hebben heel lange gesprekken. De items: geloof, in puurheid staan of zijn, de geschriften, levenservaringen, genezer, gaven, familie…wat fijn om iemand te vinden die op dezelfde golflengte zit. Waar geen plaats is voor gemaaktheid of zich onwennig voelen bij bepaalde onderwerpen. Waar vrijuit spreken zonder schroom mag zijn. Die me doet stilstaan bij het gevoel wat vriendschap is en betekent voor me.

Michelle et Astro

Jasmine, Yasmin

Vallei l’Alzou

Rocamadour

Drie nachten in Rocamadour. Klaar om te vertrekken. Met een gevoel van evenwicht,  openheid, rust verlaat ik de stad. De weg gaat naar boven. Ik draai me regelmatig om en kijk naar de rots en de vallei de l’Alzou. Het blijft aantrekken, toch voelt het goed en juist om te vertrekken. Heel blij dat ik deze plaats heb mogen ervaren. Een plaats die heel veel teweeg heeft gebracht. Intense ervaringen die me heel diep hebben geraakt.

In l’Hospitalet hou ik een korte halte voor een koffie en boodschap. Eventjes twijfel ik terug, mijn denken. Mijn gevoel. Mijn hart weet dat mijn weg verder zetten, de juiste is.

Al fluitend wandel ik doorheen het dorp. Mijn gedachten gaan naar de vrouwen in mijn familie… mijn metekind, moeder, halfzus…mijn eigen vrouw zijn… Ik voel verbondenheid. Een gevoel die ik zelden heb gehad in mijn jeugd. Of eerder ik had wel het gevoel, maar het kon niet zijn.

Vreugdevol stap ik doorheen het prachtig landschap. De zon straalt, ik voel mezelf stralen.

Montvalet

Vlinders. De Icarus vlinder. Vogels. Buizerd en nog een koppel roofvogels die ik niet herken, veel groter en donker. De wind laat alles golvend bewegen. Wat hou ik van die beweging.
Dankjewel Rocamadour voor wie, wat je bent…
Dankjewel Jasmine voor wie je bent… ja waarom niet… mezelf danken, is mezelf ook zien, mezelf herkennen. Mogen zijn wie ik ben Jasmine, Yasmin 

Tranformatie

Van LnrR. Gabriël, Michaël, Raphaël. Brandglas in de kapel Saint-Michel

Deze morgen krijg ik te horen dat de sachristienne op het einde van haar contract is en een plaatsvervanger wordt gezocht. Oh! Daar gaan we weer. Wat overkomt me! Waarom vertelt Gilles me dit, alle, ergens heb ik wel een vermoeden en voel ik het diep van binnen. Het raakt me en brengt het me in de war. Ik voel me wat verdeeld. Een verdeeldheid die ik zou kunnen delen en het zou het ook gemakkelijker maken, alleen is de tijd er nog niet rijp voor. Trouw aan mezelf.

Kapel Saint-Michaël. Onderaan L – Saint-Christophe. Bovenaan rechts. Annuntiatie, engel Gabriël, Marie en Elisabeth

Een bezoek met gids aan de basiliek en haar kapellen. In mijn hand ‘la sportelle’, het embleem van de pelgrims in Rocamadour. In de vorm van een amandel, symbool van het leven. Dankjewel Gilles.

Waar het gebouw nu is tegen de rots, daar was vroeger de rivier L’alzou, nu ligt de rivier ongeveer 80 meter lager, allé, droog.
De religieuze site is gebouwd met zeven kapellen in de vorm van een kroon.

De naam Rocamadour is afkomstig van de naam Roc- Amadour. Roc (rots) en Amadour (Amor, amour) komt van de stoffelijke resten van het lichaam van een Hermiet die men heeft terug gevonden in de rots, zijn naam was Amadour.

Kapel Notre-Dame de Rocamadour. Met een deel van een schilderij uit de 15° ‘Nous avons etait ce que vous êtes, vous allez venir ce que nous sommes’.

Kapel Notre-Dame de Rocamadour. Met de vissersklok.

Kapel Saint-Michel. Engel Seraphine, is de verbinding tussen hemel en aarde. Kenbaar aan haar vier vleugels, om haar te beschermen tegen het hemelslicht. Passeur d’ame.

De site is zo opgebouwd:

– kapel Saint-Jean, die staat voor de geboorte
– kapel Saint-Blaise, die staat voor liefde en vergiffenis. barmhartigheid
– kapel Saint-Anne. Familie
– de crypte, de dood

Deze vier kapellen vormen de mensheid, humaniteit. De bijna volmaaktheid.

Een verdiep hoger:
– basiliek Saint- Sauveur
– kapel Notre-Dame
– kapel Saint-Michel ( mi chemin entre terre et ciel. dieux envers les homme),

Deze drie staan voor Goddelijkheid

De vier kapellen van de mensheid en de drie kapellen van de Goddelijkheid vormen samen de zeven die staat voor de eeuwigheid, het universele.

Goddelijkheid, spritueel, universeel …verbonden…

De waterbron

Het bezoek duurt een twee uur en zeker de moeite waard om mee te volgen voor wie daar ooit zou gaan.

De melding van deze morgen blijft in mijn hoofd draaien. Hoewel het mij enorm aanspreekt en het me ook wel wat uitdaagt, blijf ik met beide voeten goed op de grond. Ik blijf vooral voelen en kijk wat het met me doet. Spanning komt op mijn onderrug waardoor ik niet volledig kan zakken in mijn lijf, tot ik het bewust werd. Angst is ook voelbaar. Ik laat alles toe en ga wat wandelen. Een bezoek aan een bron en wandeling in de natuur. Een telefoon met familieleden en een kortstondig gesprek met een zuster na de gebeden brengen me inzicht in wat er aan het gebeuren is. Vrouwen. Zachtheid. Op verschillende niveaus voel ik beweging en het is alsof ik gewoon sta te kijken naar mijn eigen transformatie. Het ontroerd me.
Een diep raken op hartniveau, ik omarm mezelf.

’s Avonds ga ik op mijn eentje uit eten. Mezelf verwennen met een fijne maaltijd klaar gemaakt met liefde.

Tranen

Zondagmorgen. Samen met Gilles – hospitalier – aan de ontbijttafel. Een integer, warm en hartelijke man een voorbeeld voor velen. 

Nadien een eerste kennismaking met de religieuze site. Een zachtgeborgen gevoel. Ik daal de grote trappen af tot in de hoofdstraat restaurants en winkeltjes met prullaria vullen de straat. In l’Hospitalet, in het verlengde van het dorp doe ik wat boodschappen. Het is er druk, een kruispunt van verschillende wegen richting grotten en dierenparken.

Sint-Jacob, Rocamadour

De klokken luiden. Via de monumentale trappen – de ingang voor de vele pelgrims en die men vroeger op de knieën naar boven wandelde – stijg ik richting de Basiliek Saint-Sauveur. Oef, amai, als ik denk met welke snelheid ik gisteren deze trappen heb genomen, dan sta ik versteld met welke kracht ik dit heb gedaan. Puffend kom ik boven aan en neem ik plaats in de kerk voor de misviering. Bij de eerste noot van de orgel wordt ik binnenin diep geraakt. Ontroerd. Tranen glijden over mijn wangen. Ik krijg er geen woorden meer uit. Het komt en het gaat.

In de namiddag maak ik een korte wandeling vanaf de pelgrimsherberg via het kasteel om dan terug naar beneden te gaan via de kruisweg.
Bovenaan zie ik de weg vanwaar ik kwam in het donker. Een canyon. Prachtig. Op de kruisweg overvalt me hetzelfde gevoel als deze morgen in de kerk. Tranen blijven zachtjes rollen over mijn wangen tot ik beneden aankom. Ik stel me er geen vragen bij en laat het gebeuren. Deugddoend en bevrijdend. De rest van de dag heb ik fijne ontmoetingen met andere pelgrims. Onderwerpen als religie, geloof, liefde, vertrouwen komen aanbod.

Nacht

Mijn laatste kilometers richting het diepste punt op de kaart van deze weg, Rocamadour. 

De weg neemt me onmiddellijk mee diep in het bos. Ik sta stil, sluit mijn ogen en laat een windbries over mij huid glijden. Mijn voeten geankerd op de grond. Mijn armen open zodat mijn hart ruimte krijgt. Vol adem. Ik voel me dieper in mijn lijf glijden. Ik voel me ruim en vrij.
Het is rustig, sereen…

Een geweerschot. Mijn ogen openen. Ik wandel verder. Verschillende tinten groen vergezeld met wat blauw in de diepte. Warmere kleuren zoals geel, oranje, rood, bordeau…omcirkelen het groen. Een spin hangt tenmidden haar web. Ik buig me eronder door om haar kunstwerk niet te schenden.
Na weken te hebben gestapt in L’Aquitaine stap ik een nieuwe regio binnen, les Midi-Pyrenees. De Dordogne en de Lot vloeien in elkaar over. 

Aan de ingang van Souillac recht tegenover een supermarkt, ‘les Halles’ een plaats waar streekproducten worden verkocht. Waar de voeding duizend maal meer smaak en kracht. Met plezier steun ik de plaatselijke handenarbeid.
In Souillac stap ik de kerk binnen van de abdij Sainte-Marie. Een schitterend beeld van de profeet Isaïe 900 jaar geleden gesculpteerd in steen.
Op een terras eet ik met veel plezier en met volle smaak de heerlijke tomaatjes en een stukje pizza van Martine. Een dame die gisterenavond haar deur opende. Met broekspijpen verdwijnen in mijn rugzak. Een terras midden een pleintje in de zon.

Sint-Jacob, Souillac

Abdijkerk Sainte-Marie de Souillac

Ruwe witte stenen, rechts een diepte. Links een helling met lage eikenbomen, heide. Salamanders en hagedissen schuilen zich onder de gedroogde bladeren. Even langs de autoweg die ik zelf niet storend vind. Kleine dorpen verwelkomen me met de geur van bloemen, lavendel. Een eekhoorn zoekt zijn wintervoorraad terwijl een man in zijn zwembad duikt.
Een Milan Royal zweeft hoog in de lucht.

La Dordogne

Lacave

La source de Font del Truffe

Stilletjes aan daalt de zon en zal ze verdwijnen achter de rotswanden. Mijn laatste halte in Lacave. Nog vol energie stap ik verder en geniet ik van de avondzon. Het landschap is als vuur die zal worden geblust door de nacht. Het voelt zo goed en zo vertrouwt dat het zoeken naar een nachtplaats mij is ontsnapt. Via La source de Font del Truffe, richting een boerderij waar forellen worden gekweekt. Misschien mijn nachtplaats.
Na veel kloppen op de deur bij de boerderij stap ik verder. Nog zes kilometer te gaan op een weg die me onbekend is. Het is donker. Geen maan om me wat licht te geven. Een zaklamp. Enkel op 1m voor me zie ik de weg. De witte stenen maken het me wat gemakkelijker. Van 70cm breed tot 2m en terug versmallen. Ik besef dat naast me een afgrond is en dat één verkeerde stap naar rechts me een paar meter naar beneden kan brengen. Af en toe stop ik. Het licht gaat uit. Ik laat me onderdompelen in de nachtsfeer. Enkel de silhouet van de bergflank is zichtbaar. Hier en daar een boompje in de verte. Sterren zijn massaal aanwezig. Het melkwegstelsel. De roep van de uil die weergalmt in de canyon. Nooit gedacht dat ik dit zou aandurven, alleen in het donker in de natuur. Angst heeft plaats gemaakt voor kracht en zelfvertrouwen. Een nieuwe overwinning waarvan ik honderd procent heb van genoten. Me laten leiden in volle vertrouwen in wat is en wat zich aanbied.

Om 21u45 kom ik eindelijk aan in Rocamadoor en wandel ik nog via de pelgrimstrap naar boven richting een herberg voor pelgrims.

Rocamadour

Basilique de Rocamadour

Woordeloos

De laatste drie dagen niet meer geschreven. De ervaringen op de weg zijn zo groot, rakend in schoonheid, dat er geen woorden voor zijn of dat ik voel dat woorden overbodig zijn. 

Prachtige en warme ontmoetingen. Hartelijke mensen. De natuur is subliem. Ondergedompeld in geuren en kleuren. Ondergedompeld in de rijkdom van rust, stilte, ontmoeting, verbinding. Lichaam en geest worden gevoed. 

Genietend in de zon op een terras met mensen rondom mij, ’s avonds verwelkomt worden en waar delen een vanzelfsprekendheid is, tot me laten zegenen door natuurelementen en wezens diep in het bos. In verbinding met al wat is.

Graag deel ik met jullie een diepe wens. Het liefst zou ik dit geschreven jullie als cadeau willen geven. Dat het geschrevenen voor jullie werkelijkheid mogen worden. Dat de woorden zich kunnen omzetten in realiteit, in daden. Dat elk van jullie een diepe verbinding met zichzelf, met de ander mag voelen. Mag gewaarworden dat het leven door je stroomt. Dat vreugde je hart mag vullen. Dat je vanaf morgen niet enkel mij blog leest maar we samen op weg gaan waar ruimte is voor elkaar, binnen elk zijn eigen ruimte, met respect voor elk in zijn eigen waarden en  eigenheid. Waar we gewoon zijn zonder iets te moeten ‘zijn’. Op jouw tempo. Je kan het. Welkom op de weg.

Graag deel ik de voorbije dagen in beeld hier en in de volgende drie berichten. Ik heb jullie lief en dank je dat jullie er zijn. 

Sarlat

Venus

Limeuil – la Dordogne

Limeuil

Get up & Boogie’ met deze leuze geschreven op een bord in het restaurant start ik mijn dag.

Boven de Dordogne hangt een dikke laag mist. Een façade, ‘boulangerie’…wat ooit was. Water, een appel, kastanjes, mijn ontbijt.

De weg heeft fikse stijgingen en dalingen. Ik spreek mijn reserves aan. Mijn benen voelen zwaar. Onder mijn voeten dikke losliggende
stenen in een zandbed. Met aandacht zet ik mijn voeten neer, vooral bij het dalen. Best wel vermoeiend.

La Bugue

In Le Bugue vraag ik uit nieuwsgierigheid   info over de weg. ‘Vous voulez que je vous amene?’, vraagt de vrouw onmiddellijk. Lief van haar. ‘Non merci, c’est bien gentil de votre part. Je vais marcher.’ Twaalf kilometer te gaan naar Les Eyzies. 
Achter iedere hoek komt er ergens wel een typisch huisje uit de streek te voorschijn. Ze zien eruit als peperkoekenhuisjes. Platte dakpannen, kleine mezanines, onregelmatige stenen, kleine donkere vensters…
In Saint-Cirq bezoek ik la Grotte Préhistorique du Sorcier. Gekerfde tekeningen zijn er te zien, vooral de van de tovenaar.  Afwisselend wordt gewerkt met warm en koud licht om de verschillen te zien in de steen. Boeiend. Ik voel me net een kind in volle verwondering voor de tekeningen.

Grotte Préhistorique du Sorcier

Grotte Préhistorique du Sorcier

Een vrouw in een geruite schort komt in mijn richting. Een moeizame stap. Een emmer in de hand. ‘Bonjour madame, cela fais du bien d’etre dehors avec ce temps’, deel ik met de bejaarde vrouw. Ze kijkt me aan. Een open en lachend gezicht. ‘Oh, tous est detraquer la haut’, vertelt de vrouw terwijl ze met haar hoofd naar boven wijst en met een rollende rrrr . Ze glimlacht.
Wat verder stopt een wagen. Een venster gaat open. Ik herken de vrouw. ‘En vous prend avec dans la voiture, je vous est vue a Bugue.’ ‘Non, merci’. ‘Vous voulez vraiment marcher’. We zwaaien naar elkaar. De wagen rijd verder.

In het museum kocht ik een hanger van een Venusbeeld. Een beeld passend hoe ik me voel op dit moment. Vrouwelijk, zacht, rond. Waar ik mezelf een bedding kan geven en thuis komen in mijn lichaam, waar warmte voelbaar is. En terzelfde tijd voel ik dat ik een bedding wens te zijn voor anderen, in de bredere zin. Een verlangen om zorg te mogen dragen voor anderen in evenwicht met mezelf en verzorgt worden. Als een vrouw/moeder die haar armen opent en mag zeggen ‘kom’. Het beeldje beeld voor mij ook heel goed uit hoe ik deze regio aanvoel. Gedragen in een immense zachte bedding. Een plaats waar je je thuis voelt in zachtheid en veiligheid.

Les Eyzies

 

Limeuil

Lalinde

Lalinde is de eerste kleine stad waar het nog wat levend is. Waar enkele handelaars nog kunnen blijven bestaan. Geen overdaad, net genoeg.

Een quiche voor ontbijt in een plaatselijk café.
Aan de toog, drie mannen. Alle drie een goede ronde buik, ongeschoren. De ene een berret, de andere twee mannen een pet op hun hoofd. Op de toog, rilliette, frans brood en camenbert. Tussen hen een duitse herder die wacht tot iets zou naar beneden vallen. Op de achtergrond radio Nostalgie.  Het onderwerp: jagen, wandelwegen, GR6. Allen een aangenaam accent Perigourdin. Ik geniet van hun gezelschap in stilte.

Via het kanaal naar Mauzac. Een dikke ochtendmist. Platanen en populieren. Het zicht is subliem. 

Een lange metalen wand, erboven op, prikkeldraad. Op de hoek een uitkijktoren. De gevangenis. Een vreemd gevoel. Vrijheid versus gevangen. Gevangen zijn waar! Gevangen zijn is  niet altijd achter tralies, gevangen in eigen handeling en of gedachten. Een iets is voor mij zeker, wandelen laat wanden en muren verdwijnen.

Een roodborstje zingt uit volle borst. Een fox-terriër staat te blaffen en te springen onder een boom. Zijn prooi een poes. Wat verder zijn baasje staat te roepen.
‘Vous crier après votre chien?’ ‘Oui, j’y je ne le retrouve pas il reviendra pas si je ne vais pas le cherchez.’ ‘Il est la plus loin endessus le chataigner’. De man vertekt hem halen. Ik draai me nog eens om. ‘Monsieur, il est ici’. Hij zat plots achter mijn hielen terwijl zijn baasje de andere kant op was. Blijkbaar toch wel een gehoorzame hond.

Mauzac

Trémolat

In Mauzac kan ik na de middag verder in sjort en t-shirt. De twintig graden doet deugd na de ochtendfrisheid. Een weg neemt me mee naar boven op een rots. Van hieruit heb ik een schitterend zicht op de vallei en de Dordogne. Subliem. Wat een prachtige streek. 

Van Trémola naar Limeuil via eikenbossen. Een uil, een hermeline, vogels, vlinders en wat slakken vergezellen me afwisselend richting mijn slaapplaats. Ik ben benieuwd waar ik deze avond terecht zal komen. Limeuil is een van de mooiste dorpen van Frankrijk, gelegen langs de Dordogne en stevig klimmen voor naar het centrum van het dorp te gaan. Aan de eerste deur waar ik aanklop. Geen plaats, wel ernaast in het restaurant. De vrouw voelt zich wat verveelt. Ik vind het zalig. Een warm ingericht restaurant met zicht op de vallei. In het openbaar toilet van het dorp maak ik gebruik van de lavabo om me te wassen. Terwijl ik me was sta ik te kijken hoe een spin haar prooi beet neemt. Dit was vroeger niet mogelijk geweest, met de spinnenfobie die ik had, was ik hier zelfs niet binnen kunnen komen. Het koude water heeft me deugd gedaan. Terug buiten voelt het als een zomeravond. De zon is onder, tijd voor een nachtrust.