Super girl

Langs tabakvelden daal ik de af richting een droge rivierbedding. In de hoge open schuren hangen de tabaksbladeren te drogen. Dit doet me wel dertig jaar, zelfs meer terug draaien in de tijd. Tijdens de grote vakantie rijgde ik toen tabak op lange draden. Een ganse dag zittend op de grond.
En als ontspanning plukten we een appel van de boom bij de boer, wetend dat dit niet mocht. Ik denk dat het toen niet om die appel te doen was, eerder de spanning van wat als de boer buiten komt. En als hij dan buiten kwam rende ik de verkeerde kant op en belande ik met nieuwe witte schoenen (van mijn moeder, wat ze niet wist) in een moeras van stront tot aan mijn knieën. De stankwas zo ondraaglijk dat ik mijn broekspijpen met de schaar korte (afritsbare broeken bestonden toen nog niet). Het thuis komen… Zwarte schoenen ipv witte… en een welverdiend gedonder. En wat was…wat hebben we toen plezier gehad… Niet te vergeten apestreken….

De wegmarkeringen zijn verloren gegaan of onder de honderden slakken of ergens diep in het hoge gras. In de verte een rode ballon, zou dit een weg markering zijn, stel ik me de vraag. Waarschijnlijk niet… een verloren ‘Cato boy’ midden de velden. De paar meters zijn me teveel om er naartoe te gaan en er een beeld van te nemen. Wat eigenlijk wat vreemd is dit hier te vinden.
Niet enkel de weg markering, ook mijn weg kaart op de weg is volledig weggevallen. Ik gebruik mijn innerlijk kompas en probeer me visueel de kaart voor de geest te halen.
Ik waag mijn kans tussen de hoge grassen van meer dan een meter. Door de zon is de huid wat gevoeliger en dit is duidelijk voelbaar wanneer de grassen in mijn huid prikken en snijden.
Mijn multifunctionele sjaal kan ik niet meer gebruiken om mijn zweet af te wrijven hij is schuurpapier geworden door de kleine bolletjes van de planten die erin kleven.
In the middle of nowhere.

Ik geraak amper vooruit. De bomen zijn schaars.
Leunend op mijn wandelstokken trek ik me vooruit. Voor mij, mijn schaduw… het silhouet van mijn hoed… de aarde. Op wilskracht en doorzetting ga ik vooruit.
Onder mijn hoed… het enige hoorbaar… gehijg. Mijn lippen kleven op elkaar van de droogte.
Heb zelf de ruimte en énergie niet, om te spenderen aan de invasieeeee vliegen.

Na uren stappen kan ik terug de kaart ophalen. Niet te geloven… Ik zit juist… een weg is afgesloten met een traktor en een grote witte blaffende hond. Duidelijk… hier ben ik niet welkom… Ik zoek een andere uitweg… Na wat zoeken vind ik een weg midden de velden… In de verte… een rode stip…. ‘Cato boy’… Ben ik nu aan het dromen of wa…. Een identieke ballon als vijventwintig kilometer voordien… Iers ontsnapt me, en ik begin te lachen…. Wat ben ik toch een ‘super girl’… Ik heb deze dag doorstaan.

Oh… just in mijn opsomming van gisteren van wat de brengt ben ik twee heel belangrijke vergeten…
Geloven en Zelfvertrouwen… Vertrouwen gewoon in het algemeen… vertrouwen in het leven, in de stroom.

In het rustig aangenaam dorp Celle di San Vito mag ik mijn lichaam laten rusten.

Celle di San Vito

Gemis

Verder richting Monte San’t Angelo. Van regio zee in regio bergen en het is al heel snel voelbaar in de kuiten.
Via de industriezone van Benevento naar Buonalbergo.
Een brede asfalt straat, een brug…. eronder…
‘Milmiljardemillesabord’ .. ! Afval, afval, afval en hoe graag ik er zou willen naast kijken… niet om mijn ogen te sluiten of de realiteit te negeren… gewoon omdat het me TE is geworden. Bergen vol. Dan hoor ik op het nieuws de gouverneur een vergelijking maken met de kust van Afrika… ivm het afval op Belgische stranden. Dit is Europa. Italië, zo dichtbij. Walgelijk. De onverschilligheid, het mentaliteit ‘de ander zal het wel opruimen’, geen respect voor moeder aarde, voor de ander, ik vrees gewoon ook niet voor zichzelf. En daar is waar alles begint. Dit was me even teveel en wou ik kwijt. Voilà, het is.
Ik voel geprik aan mij enkels. Vlooien, niet vreemd met wat rond mij is.

Een fikse helling… Zo een waar je de indruk hebt tegen een muur aan te lopen. Het water druppelt van mijn voorhoofd en komt terecht tussen mijn bril… damp… Plots denk ik terug aan Jean-Paul toen we een gelijkaardige klim hadden… en al heel snel ben ik deze klim vergeten en sta ik aan de top.
De natuur is prachtig… heuvels en op de achtergrond hogere bergen, de Apennijen. Wat gelijkaardig met Toscanië, maar naar mijn idee met een serenere sfeer. Geen massa toerisme, kortom geen.

Terwijl de Gentse Feesten nu bezig zijn… moet ik wel toegeven dat ik het een beetje mis. Het gebeuren, de collega’s van de Jacobus kerk… en mijn pelgrims pak.
Gemis. Lang heb ik dit woord uit mijn vocabulaire geschrapt… Gemis was gekoppeld aan verlies… aan afhankelijkheid, sterk zijn, overleven, pijn. Dus heb ik het maar geschrapt. Vandaag kan ik zien dat gemis niet pijn hoeft te doen, ik daarom niet afhankelijk hoef te zijn, ook geen verlies, het eerder heel waardevol is tussen twee individuen, samenhorigheid, ook al is de persoon er niet of niet meer.

De eerste borden van de weg ‘Cammino dell’ Archangelo’ of de ‘Via Mi-Ka-El’ zijn zichtbaar. Zoals de schelp en teken is voor de weg naar Santiago, een geel pelgrimsventje voor de Via Francigena, is een veer het kenteken voor Archangelo. Veren heb ik niet tekort… de buizerd en de nachtuil sieren mijn rugzak.

Ik ben blij dat ik het initiatief heb genomen om de trein te nemen en voor mezelf te zorgen. Wat niet altijd évident is. Ik herinner me vier jaar geleden, mijn eerste Camino, dit was ‘not-done’ geweest. Het openbaar vervoer nemen, een etappe voorbij laten gaan, een andere weg nemen… ‘dan heb je gefaald’… dit is wat velen dan denken, incluis ikzelf, dit dacht ik toen ook…. En amai, wat was dit afzien om wat in mijn gedachten was te veranderen omwille van zelfzorg. Het ‘ego’ had me goed beet.
Vandaag kan ik het verschil zien en voelen, het evenwicht die zich heeft mogen installeren tussen de ziel en het hart.
Op de weg leer je je grenzen kennen, jezelf te respecteren, zorg dragen voor jezelf, je lief te hebben…en misschien klinkt het cliché, ook al is het zo… Je kan alleen liefhebben als je jezelf liefhebt… Is dit dan egoïsme… Neen… je verwaarloosd en maakt de andere niet ongelukkig hiermee… Integendeel…je zal heel veel kunnen bieden zonder werkelijk iets te hoeven doen.