Cluny

Een korte dag wacht me op. Van Cluny naar Taize.
In Taize zal ik twee nachten verblijven zodat ik me kan laten onderdompelen in wat daar is en benieuwd wat deze plaats me zal brengen.

Na de Laudes neen ik een stevig ontbijt. Vul ik mijn dagboek in… broodnodig… ik sta drie dagen achter. Om negen uur is er een misviering… eindelijk durf ik aan mezelf eens ‘Neen’ te zeggen. Amai, de beleefdheidsvorm van een misviering niet af te wijzen zat blijkbaar goed in mijn lijf gebakken. Het voelt goed van niet te gaan. In de vespers en laudes kan ik me wel vinden en is voldoende voor me, en ik hou er nog meer van wanneer ze gezongen worden. Plots hoor ik kinderen spelen. Ik ga naar het venster. Een school. Jong en oud in hetzelfde gebouw. Nu begrijp ik de aangename en jonge sfeer hier in het klooster.

Even wat slenteren door de stad en rond de abdij. Ik laat me verleiden door een boek, een pocket ‘Le Christ philosophe–Frédéric Lenoir’. Zou het me lukken om hem uit te lezen. Hmm… Ik hou jullie op de hoogte.

In een café met een nog authentieke façade en binnenin muren geschilderd met bloemen, vogels in groene tinten, komt een vrouw binnengewandeld in de stijl van édith piaf… De vrolijkheid tussen de klanten en zaak order is een plezier om naar te kijken.
De straten van Cluny hebben nog veel bewaarde Romaanse façades. De kleuren zijn in verschillende soorten Pasteltinten en heeft een fris en aangenaam uitzicht aan het dorp.

Une voie vertes gaat tot in Taize. Op de weg voel ik een gedaante in mijn lijf komen. Het voelt vreemd en toch bekend. Terzelfde tijd voel ik op horizontaal niveau een verandering komen. Ik zie een gekend iemand voor me verschijnen. Het voelt wat vreemd. Een verandering in nabijheid, in verbondenheid. Alsof het contact niet meer vanuit aardsniveau is.

Tien kilometer verderop kom ik dan uiteindelijk aan in Taize. Ik geniet nu al een paar jaar van hun muziek en hoop ze nu zelf ook mee te zingen. Ik krijg een uitleg van het reilen en zeilen. Een kamer wordt me toegewezen. ’s Avonds volg ik de avondgebeden mee. Een heel grote kerk met wel zeventig broeders in het midden. Tijdens het stille moment… hoor ik plots een plof. Een broeder is van zijn stoel gevallen. Bewegingsloos. Een gewaarwording. Ik hou mijn handpalmen tegen elkaar en op borsthoogte. Ik maak een diepe neerwaartse buiging, alsof het aanvoelt als een laatste groet. Na de stilte gaan de gezangen verder. Diep, ingetogen, verbonden. Op het einde van de viering wordt er gemeld dat fr. François is overleden aan een hartaanval.
Terwijl de gezangen nog bezig zijn verlaat ik om 22u de kerk. Een korte avondwandeling onder de sterrenhemel.

Marie-Agnès

Ik sluit de deur van de pelgrimsherberg. Een man staat te rusten op zijn krukken. “Bonjour monsieur, une belle journée nous attent.”… en zo begint een gesprek met een bewoner over angst, moed en volhouden.
Twee woorden die in vele levens aan de oppervlakte liggen. En wanneer we hier te lang aan denken en onze bovenkamer ermee vullen…. Dan… Wel de eerste stap wordt telkens opzij geschoven.
De moed, volhouden eerlijk ik weet zelf niet waar ik ze haal…of toch… Gedragen door het hart… Iedere dag mag het groeien en blijven groeien… En dan delen… Delen wat groeit en zo ontstaat terug plaats voor wat groeit en ontstaat evenwicht….

“Et votre lessive. Comment vous faites ?” … “Que trouver vous de mes vêtements.” “Bhein il sont propre” “Et oui il le sont… Et pourtant cela fait dix jours que il n’ont pas êtes laver.” Vous savez c’est tous comme la tête, le corps ce purifie. “Bhein, je vous admire madame…”

Parter dans l’instant présent, faites confiance et le chemin vous apprendra.

Vrij, vrijer wandel ik een nieuwe dag tegemoet. Een jonge vrouw in kleurrijke kledij met rugzak komt aangewandeld. Eli of Élisabeth. We staan een lange tijd de babbelen langs een wei waar geiten ons staan aan te kijken. Af en toe geraken we ontroerd door ons delen…
“Est ce que vous pensez que vous allez encore faire des pèlerinages?” “Non, très profondément je resent que c’est le dernier. Je rentre enfin à la maison…. Après quatre ans et plus, le temps est venue de partager et de construire un endroit pour le partage.” De vrouw krijgt tranen in haar ogen wanneer ik dit vertel. “Je suis heureuse d’entendre vos mots cela me donne du courage et de la force. Cela me touche ce que vous dites.” We geven elkander een knuffel en nemen afscheid.

Samen met de kleine prins redden we een bidsprinkhaan op de baan. De derde die we mogen ontmoeten. Deze was echter aan haar laatste uur gekomen.

De geitenboerin rijdt heen en terug met haar wagen op de veldweg. “Alle hup… Oeee… Oeee… Vous n’avez rien à faire ici.” De geiten waren uitgebroken.
Mijn dag eindigt in Cluny bij de zusters. Een warm hartige ontvangst… Zuster Marie-Agnes.
Voor de avondgebeden ga ik op boodschappen. Een heerlijke quiche op het menu deze avond met een salade en een zelfgemaakte vinaigrette.
Twee dames wandelen uit een kinderwinkel… “… Bhein… Lettres aux père Noël…”

Een warm gevoel vanbinnen.