Duizend jarige Eik

image

14 juli 2015 – Spek, eieren,  vers gebakken brood.  Een stevig ontbijt.  Een sms van Peter naar Elfried ‘Waterfles niet vergeten in de koelkast’. Oh, wat schattig! Mijn uurwerk. Oeps, bijna 10 uur. De vraag ‘waar ben je morgen om elf uur’ van Jacqueline was me ontsnapt. Nog een selfie en ik vertrek richting de ‘Duizend jarige Eik’. Ik verlaat vandaag Limburg en ga terug Vlaams Brabant binnen. Een witte bestelwagen stopt. Een vrouw met een gevulde broodzak in de hand.  De bakker. ” We hebben elkander al eerder gezien op de baan”, vertel ik de vrouw. “Ja, waar gaat u eigenlijk heen”? “Naar de duizend jarige eik,  voor nu”. “Oh, dat is niet ver meer”, en de vrouw wijst me de weg. Ze stapt in auto. Even claxonneren en roept hardop “veel geluk” door het venster.  Terwijl inblijf wandelen neem ik de gsm.  Het notitie boekje.  Ik noteer in het kort het voorbije gesprek.  Op mijn rechterkant iets blinkend. Metaal kleur. Het komt dichterbij…. Te dicht. Een wagen in achteruit.
Een paar seconden,  meer is niet nodig.  Mijn wandelstokken. Het geluid van metaal. Mijn hand die me afduwd. Een kreet. Een zijsprong naar links. “Ben ik niet zichtbaar genoeg”, roep ik naar de chauffeur geschrokken. De chauffeur stapt uit. “Sorry ik had je niet gezien. Ik was gehaast. Gaat het met je”, vraagt de man zelf geschrokken.  “Haast en spoed is zelden goed en het is ok met me”, meld ik, beseffen dat dit voor mij ook geldig is.  Ik steek mijn hand uit.  Een stevige handdruk.  De man krijgt tranen in zijn ogen.  Ik geef hem een schouderklopje. “Je leeft maar één keer”, voeg ik toe. Ja, Jasmine, je leeft maar één keer. De telefoon verdwijnt in mijn zak. Aan de eik lees ik de geschiedenis.  Aan de andere kant zie ik een gekleurd jasje en hoor ik twee bekende stemmen.  Een blij weerzien,  een onverwachte ontmoeting. Jacqueline en Lieve, twee heel goede vriendinnen.

image

Een groot deel van de tocht wandelen we samen.  De tijd vliegt. Uitgehongerd komen we om half drie aan in Diest.  ‘Wannes Raps’. Ik wordt getrakteerd met een overheerlijke maaltijd.  Een dubbele verrassing.  Dank je dames. We bezoeken samen de prachtige Saint Sulpitius kerk en nemen dan terug afscheid van elkander.  Nog 7 km, Scherpenheuvel. Naar de Basiliek. Naar ‘De Pelgrim’, ik bel aan. Peter en Pater André ontvangen mij.

image

Babbelwater

image

13 juli 2015 – “Ik had nooit gedacht dat ik iemand vreemd in huis zou laten slapen”, vertelt Jeannine me bij het naar buiten gaan. ” “Goed gedaan hé! En dat heb je schitterend gedaan. Je bent gaan voelen en tijd genomen voor de beslissing die je nam. Knap! “Oh misschien kan je aan onze kleindochter denken”, vraagt Jeannine. De kleindochter wordt binnen twee dagen geopereerd.  “Dat zal ik zeker doen. Ik neem ze met me mee”.
De dag begint met regen. In de verte een hoge heuvel. Voelt vreemd aan. De Mijnsteenberg. De regen valt met heel fijne druppels en vormen na enige tijd grote druppels op mijn regenjas. Het valt me op hoeveel sigaretten pakjes, lege energie- en suikerflesjes er langs de weg liggen. Hebben we zo weinig respect voor moeder natuur. Weegt dit zo zwaar om het mee te nemen!  In de verte een geel fluo jasje, een kruiwagen, een hark. Jeroen.  Jeroen werkt al 11 jaar voor de groendienst. Als ik dan zie met welke zorg hij met de aarde omgaat,  kan ik alleen maar denken en zeggen ” heb respect voor het werk van deze mensen en draag zorg voor de natuur die we van moeder aarde hebben  gekregen.

image

Het blijft verder regen en het ziet ernaar uit dat dit voor de rest van de dag is.
Rechts, links, zoveelste straat links, 50m, 100m… In een bosweg vraag ik me af waar ik mee bezig ben. Ik zie mijn thuis voor me. Een zetel, potje koffie, dekentje, muziek, een boekje… Luieren.
Beetje verder een huis, een vierkante rooster in de gevel. De dampkap! De keuken. De geur van grootmoeders keuken. Voor mijn ogen verse frieten, een paardebiefstuk,  boerenboter. .. zaterdagse kost bij grootmoeder.  De pan om uit te kuisen 🙂  De vogels brengen me terug op de weg. Dit was toen. ..lang geleden.  In Zolder stap ik binnen in een vissers kantine. “Uw vliegtuig is al vertrokken”, roept een man me toe.  Ok, laten we even mee doen dacht ik bij mezelf. “Goede,  den deze had ik nog niet gehoord. Ga je skiën.  Ben je op zoek naar sneeuw.  Er zijn hier geen bergen. Een wandelende rugzak…Een parachut, ja zo had ik het nog niet gehoord.  Dank je wel!” Stilte! 
Rond achttien uur kom ik aan in Eversel. De Sint Jacobskerk is dicht. Ik bel aan bij pastoor Frans voor de sleutel. “Waar ga je nog naartoe”, vraagt de pastoor me. “Dit is mijn eindpunt voor vandaag. Kan u me helpen meneer de pastoor.  “Ik heb wel een kamer, wel geen bed”. “Geen probleem, ik heb een slaapmatje en slaapzak”. “Ik ben niet thuis tot rond middernacht”. 🙂 Ik had het ondertussen begrepen 😉 . Verder zoekend kom ik bij Peter en Elfried.  Wat weet ik dit te appreciëren wanneer je als pelgrim je onmiddellijk thuis kan en mag voelen. Dit betekent heel veel op een lange weg. Je thuis mogen voelen. 🙂 Peter belt de zus van Elfried om op bezoek te komen en elkander te ontmoeten. Ook zij deden de tocht,  wel met de fiets.  Een douche maakt brengt me terug energie. Daarna volgt  stamppot met worst een welgekomen maaltijd na een sombere regendag. We hebben nog een goed gevulde avond en ik heb zo een vermoeden dat er babbelwater in de stamppot was 😉

Choco:€ 1,30

image