Triggers

Ik verlaat de stad Sansevero via de wijnvelden en olijfboomgaarden. De woorden die ik te horen krijg wanneer ik boeren ontmoet zijn… ‘dove va, solo, mamamia, Madonna, forte’.
Een derde uilenveer gaat mee in de rugzak. Bijzonder, niet de buizerd komt op de voorgrond, ook al is hij soms wel te horen, deze keer zijn het de uilen die sterk aanwezig zijn.

Af en toe schrik ik van de krekels die me voorbij zoeven. Hier en daar zijn brandhaarden te zien…De geur van verbrand plastiek. En als ik dan zie wat er wordt verbrand… flessen geconcentreerd insecticide en andere afval.

De weg neemt me mee op een domein, ik twijfel even. Koeien… en waar koeien zijn, zijn… waakhonden. Ohoh, daar heb je ze… en je moet er maar één hebben die aanvalt, de rest volgt. Bij deze… Geen één, met vijven staan ze plots rond me. Hun bovenlip gaat naar boven, de haren staan recht. De kleinste komt op mijn rechterzijde, de grote – wat hoger dan de knie – op mijn linkerzijde. Die vertrouw ik niet. Een kleine aansteker, een grote aanvaller, een meeloper, een baas.

Door zelf proberen rustig te zijn kan ik ze wat bedaren en keren ze me de rug toe…
Tot wel vijf maal lappen ze me een aanval. Plots voel ik dat ik genoeg van ze heb… Gedonder in Keulen!
Niet enkel in Keulen, boven mijn hoofd hangt een onweer. “Ist gedaan, trap het af”, hoor ik mezelf zeggen vanuit een kracht die recht uit mijn buik komt. Ik voel een geweldige kracht in gans mijn lijf, zelfs in mijn buik voel ik mijn hart kloppen. Er zijn grenzen aan hierarchie en aan misbruik van positie, want zo voelde het.
Je mag dan nog zacht en hartelijk zijn, op bepaalde momenten gaat mijne leeuw brullen en is het genoeg.
Ze verdwijnen….ik dacht dat het over was… tot ik ze achter mij voelde rennen… Omcirkeld…. Ik voelde me net een gladiator in een arena. Kort was hun aanval…met hun staart naar beneden draaien ze zich om. Schijnheiligheid en in de rug aanvallen pik ik niet…. Ze verdwenen voorgoed… Ik moest toch wel even bekomen en terug landen…

Ondertussen komt het onweer naderbij… storm…
Ik trek mijn regenvest aan, bescherm mijn rugzak en knoop mijn sjaal rond mij en de rugzak zodat de wind niet in mijn hoes terechtkomt. Hevige windstoten duwen me opzij…
Ik vraag een man of ik bij hem thuis mag schuilen. Hij vraagt of ik alleen ben. Ik zie twijfel… hij laat het toe. Oef… net op tijd ontsnapt aan een hevige regenbui…

Samen met Antonio, Johan zit ik onder het dak van een bijgebouw. Later komt de vrouw van Johan aan met nog twee jongens. Johan en zijn vrouw komen hier werken voor Antonio en wonen tijdelijk in dit huis, zelf zijn ze Roma. Als ik deze mensen zie kan ik me voorstellen dat sommigen nooit hen zouden durven aanspreken. De klederdracht, houding, voorkomen… hier doorheen kijken, zag ik alleen maar ogen vol goedheid. Wie heeft dit eigenlijk ooit uitgevonden en het woord ‘mooi’ in de weegschaal gelegd. Wie heeft daar ooit gezegd ‘zo moet het zijn’.
Na het onweer en een les Italiaans/Frans stap ik verder met een doos vol aperitief tomaten en heerlijke mini peren vers geplukt van de boom. Antonio kijkt me aan bij het afscheid nemen en zegt “tu amore e grande”, hij houdt zijn handen tegen elkaar en beweegt ze op en neer ter hoogte van zijn hart en rolt met zijn ogen naar boven.
Ondertussen heeft het onweer en de wind alles opgekuist van wat was.

Koebellen. .. Oh neen…. Oh ja… ‘de patou’s’… vier. Ik blijf staan, twee jonge kerels jagen ze weg waar ik ben. Ik begin er wat genoeg van te krijgen.
De laatste kilometers in stijgende lijn…
Hoewel er hier niet veel woonsten zijn… zijn de drie die ik kruis meer dan voldoende… Patou’s.
Naast een kanaal een onaangename geur – lichtjes uitgedrukt- een kadaver van een koe ligt te rotten. De huid op de berm… De rest in het water.
Ook verderop een onaangenaam geur… Het water schuimt en het ruikt hier heel chemisch… lozing….
Een volgende boerderij… En nog nen Patou. Dd vrouw zegt, “no preocupare”… Mijn voeten jaaaa, dacht ik bij mezelf. Dat beest staat hier gewoon met recht vacht en hoektanden vrij…. No preocupare zeggen ze dan.

Ik heb een gevoel dat ik voortdurend uitgedaagd wordt…. uitgedaagd door de natuur.
Alsof ik op de proef gesteld wordt.
Vliegen zoeven massaal rond me heen. Onder en naast mijn voeten stekelige planten met prikkers van wel twee centimeter. Iedere stap vraagt aandacht. Een ongemaaid pad. Reukererwten ontroeren me. De cicaden die wild in het rond vliegen, meestal zwijgen ze wanneer je langs komt. Hier springen ze gewoon op me. Geen aandacht Jasmine, geen aandacht…
Mijn adem helpt me in mijn kracht te blijven…. ‘Neen, je doet er niet aan mee, je laat je niet meeslepen. Neen, je reageert niet’, gaat er door meheen.
De ene trigger na de ander, en hoe meer triggers hoe meer ik in de ‘niet reactie’ kan blijven, en ik kan voelen dat ik met zachtheid in mijn kracht kan blijven zonder dat er iets binnenin blijft hangen.
Op het moment dat ik het doorheb… komt de rust terug om me heen… Alsof ik uit een lange tunnel kom vol met triggers. Vliegen zijn verdwenen. Krekels vliegen de andere kant. De zon. Het pad is open…

Divine providence

Ik bekijk een filmpje op FB. Een pelgrim zit er door… Pijn, ontgoocheling, verdriet, warmte, vermoeidheid, ook kwaadheid is hoorbaar… na een niet zo fijne ervaring.

Een pelgrimsweg is niet anders dan een levensweg. Je komt in contact met anderen, er kunnen zich projecties, spiegelingen voordoen, herhalingen uit het verleden… Het is hier niet anders… wat voor mij wel anders is, is dat je alle wijdse ruimte kan nemen om er iets mee te gaan doen. En door in beweging te blijven ga je ook minder tobben.

We kunnen keuzes maken in ons leven… Hoe ga je ermee om… Soms loopt het niet zoals gewenst of zoals we het hadden ingevuld met ons denken.
Soms gebeuren er dingen dat je liever nooit had gewenst of ontmoet.

Maak dan eerder de keuze om het te bekijken niet door het buiten zichzelf te plaatsen… Eerder kijken wat het brengt in zichzelf. Wat heb ik eruit te leren. Wat doet het met mij.
Dit lijkt confronterend te zijn, wat soms ook wel is. Daar zit ook vaak angst achter die confrontatie en veel vragen ‘wat als…’, ‘Zal ik verliezer zijn’, ‘ik zal anderen verliezen’… Angst om te verliezen, en vanwaar uit is die angst ontstaan… en nog veel meer vragen die we ons kunnen stellen. En om eerlijk te zijn je bent nooit een verliezer wanneer je durft naar binnen te gaan, te kijken…
‘Leer je leraar te zijn in het nu’ Deze woorden van M. Goenka zijn me altijd bijgebleven en brachten mij een bevestiging op mijn eigen twijfels.

Net zoals gisteren een lange weg, geen schaduw, heet…
Vier mannen komen uit een klein stenen huisje midden de olijfboomgaarden. Naar waar ga je? Monte San’t Angelo. “Solo !” “Si”… De man wist niet wat hij hoorde… “oh, Madonna”.
Wat later komt een boer naar me toe. “naar waar ga je”. Als ik het woord Monte San’t Angelo uitspreek komt een vreugdevolle blik te voorschijn bij de man.

Mensen vragen me vaak, waarom ik dit doe… Ik kan daar geen duidelijk antwoord opgeven, omdat het iets is die niet tastbaar is. Ik heb erzelf naar gezocht… en het enige antwoord die ik kan geven in een duidelijk woord is ‘la divine providence’ het andere antwoord ligt ergens in mijn linkerborstkas, wat naar het midden.

Door mijn late vertrek deze morgen kom ik pas aan in de namiddag in San Severo. De straten zijn leeg. Ik bel een parochie. Pas 3 uur later mag ik terug bellen om te weten of ik kan overnachten.
Uiteindelijk kom ik er terecht. Een uur later komt de priester met een mand vol fruit, ontbijt, melk.