Gedragen

image

15 juli 2015 – “Pater kan ik u straks hier nog vinden. Ik zou eerst graag mijn kleren gaan aan doen”, vraag ik aan Pater André.  “Ja” en terwijl hij op het gemak verder stapt draait hij zich nog een kwart draai om, “het is je aangeraden”, zegt hij nog met lachende ogen. 🙂 . Ik kom terug van de kamer, gepakt en gezakt. “Hier”, zegt pater André “Nog iets om je dag stevig te starten”. Een groot stuk abrikozen taart. Ik neem afscheid van de Paters en Peter. De taart smaakt. De basiliek. Ik steek drie kaarsjes aan . Eén voor de mooie ontmoetingen. Eén voor de mensen die er mij om vroegen en eentje voor mezelf. 
Donkere wolken vergezellen me. Af en toe een regenbui waarvan ik de nattigheid niet voel. Via een bos en langs de Demer naar Aarschot.  Mijn kledij voelt klam. Een onfris gevoel. In Aarschot,  een wassalon. Geen plaats om mijn reserve kledij aan te trekken.  Er recht over, een café.  De tijd bleef er stilstaan.  In een hoekje kleed ik me om. De wastrommel.  Hups, alles erin. Zeep van mijn buurvrouw.  Een half uur. Mijn dagboek. In gedachten ontsnap ik aan de ruimte.  Een piepsignaal. Mijn was gaat in de droogtrommel samen met een andere was.

image

Na een uur rust kan ik terug fris op stap. Ik verlaat Aarschot langs een verhoogde onverharde berm langs de Demer. Op mijn rechterkant de Demer, links een toonzaal van zwembaden. Een diep verlangen van gedragen worden komt aan het licht. Water. Gedragen. Wiegen. Het doffe geluid. Gedragen.
De maïs staat al hoog.  De granen staan droog. De laatste zes kilometer wegen fysisch zwaar. Mijn doorzetting laat het eventjes afweten.
Voor mij een vrouw. Ze haalt het onkruid tussen de tegels vandaan.  “Mevrouw, het centrum van Tremelo is dit nog ver”? “Nog een kwartiertje”. “Oh”, een zucht van opluchting volgt. De vrouw nodigt me uit om iets fris te drinken. Ze roept haar man erbij. De man staat verbaast te kijken. Drieëntachtig jaar. “Alleen…”, het klinkt voor hem ongeloofwaardig wat ik onderneem. Na een frisse frisdrank en een chocolade praline, ben ik even terug op kracht voor de laatste kilometer.  Ik zoek de pastorij. Die staat er verlaten bij. Aan de overkant komt een vrouw in mijn richting gewandeld. Ik vraag om hulp. Christel zoekt een oplossing.  Een telefoon naar vrienden.  Bij Ria, Jan en de hond Nelson.  Een kamer staat klaar. De avond is gevuld met gesprekken en verhalen. Christel haalt nog een pakje friet voor me. Een mini pakje die er reuze groot uitziet.

De was: €3,50

image

Duizend jarige Eik

image

14 juli 2015 – Spek, eieren,  vers gebakken brood.  Een stevig ontbijt.  Een sms van Peter naar Elfried ‘Waterfles niet vergeten in de koelkast’. Oh, wat schattig! Mijn uurwerk. Oeps, bijna 10 uur. De vraag ‘waar ben je morgen om elf uur’ van Jacqueline was me ontsnapt. Nog een selfie en ik vertrek richting de ‘Duizend jarige Eik’. Ik verlaat vandaag Limburg en ga terug Vlaams Brabant binnen. Een witte bestelwagen stopt. Een vrouw met een gevulde broodzak in de hand.  De bakker. ” We hebben elkander al eerder gezien op de baan”, vertel ik de vrouw. “Ja, waar gaat u eigenlijk heen”? “Naar de duizend jarige eik,  voor nu”. “Oh, dat is niet ver meer”, en de vrouw wijst me de weg. Ze stapt in auto. Even claxonneren en roept hardop “veel geluk” door het venster.  Terwijl inblijf wandelen neem ik de gsm.  Het notitie boekje.  Ik noteer in het kort het voorbije gesprek.  Op mijn rechterkant iets blinkend. Metaal kleur. Het komt dichterbij…. Te dicht. Een wagen in achteruit.
Een paar seconden,  meer is niet nodig.  Mijn wandelstokken. Het geluid van metaal. Mijn hand die me afduwd. Een kreet. Een zijsprong naar links. “Ben ik niet zichtbaar genoeg”, roep ik naar de chauffeur geschrokken. De chauffeur stapt uit. “Sorry ik had je niet gezien. Ik was gehaast. Gaat het met je”, vraagt de man zelf geschrokken.  “Haast en spoed is zelden goed en het is ok met me”, meld ik, beseffen dat dit voor mij ook geldig is.  Ik steek mijn hand uit.  Een stevige handdruk.  De man krijgt tranen in zijn ogen.  Ik geef hem een schouderklopje. “Je leeft maar één keer”, voeg ik toe. Ja, Jasmine, je leeft maar één keer. De telefoon verdwijnt in mijn zak. Aan de eik lees ik de geschiedenis.  Aan de andere kant zie ik een gekleurd jasje en hoor ik twee bekende stemmen.  Een blij weerzien,  een onverwachte ontmoeting. Jacqueline en Lieve, twee heel goede vriendinnen.

image

Een groot deel van de tocht wandelen we samen.  De tijd vliegt. Uitgehongerd komen we om half drie aan in Diest.  ‘Wannes Raps’. Ik wordt getrakteerd met een overheerlijke maaltijd.  Een dubbele verrassing.  Dank je dames. We bezoeken samen de prachtige Saint Sulpitius kerk en nemen dan terug afscheid van elkander.  Nog 7 km, Scherpenheuvel. Naar de Basiliek. Naar ‘De Pelgrim’, ik bel aan. Peter en Pater André ontvangen mij.

image