Pelgrimstocht ‘De buizerd’

img_20190426_1016503239100309946975494.jpg

Sint Jacobskerk Gent

De lente is ondertussen goed in het land. De jonge merels komen hun nest uit. De bijen genieten van de vele bloesems. De zon laat zich voelen. De natuur opent zich.

Hier in huis werk ik verder aan de gpx bestanden van mijn vorige tochten. Beelden worden geselecteerd om een algemeen zicht te geven aan de weg en er kleur aan te geven.

Zo ook is de pelgrimstocht ‘De buizerd’ aktief gebleven, een pelgrimstocht die ik in 2016 heb afgewerkt. 1600 km lange wandeltocht doorheen de verschillende regio’s en natuur in België.

Een klein groepje vrijwilligers werd gestart. Samen opzoek gaan naar hoe de weg kenbaar te maken voor het grote publiek. De anderen de mogelijkheid bieden deze weg te leren kennen, bewandelen en in ontmoeting gaan met alles wat is.

Brainstormen rond de bewegwijzering, de weg, onderhoud, overnachtingen… Een afspraak rond eventuele subsidies…

Ondertussen was mijn innerlijke weg me goed binnenste buiten aan het keren. Leerrijke vermoeiende confrontaties met mezelf en anderen. Zaken die niet vloeiend waren, lage energie die me weerhielde om aktief in beweging te komen. Alles bleef binnenin aanwezig. Mezelf hierin de tijd geven en bewust er aanwezig in blijven staan hebben me op het gepaste moment duidelijkheid gebracht.

Zo bracht een afspraak rond de werking van subsidies duidelijkheid. Ik werd voortdurend tegengehouden in tijd en ruimte. Een data die verzet werd, een hond die mijn broek beet had, een vergadering die onderbroken werd door er iemand van de trap viel, de honden die weigerden dat ik hulp zou aanbieden….

De subsidies… instanties gaan aanspreken op politiekniveau, kerkinstantie, diensttoerisme. De mallemolen van papierendossiers, vragen die worden gesteld voor de toekomst waar ik vandaag, in het Nu geen antwoord kan opgeven….

Bij mijn onderweg zijn naar huis voelde er dingen niet goed, zaken die ik hoorde, ook zaken die ikzelf voor ogen had klopte niet met mijn voelen.

Mijn intentie en de bedoeling van de weg van ‘de buizerd’ is deze zoveel mogelijk in zijn puurheid te laten. Een weg om de mens zoveel mogelijk terug te brengen naar zijn of haar bewustzijn, naar pure ontmoeting met de medemens. Waar de verbinding kan ontstaan van hart tot hart zonder in het achterhoofd aan eigenbelang moeten denken.
Het voelde voor mij dan contradictorisch wanneer ik mensen moet gaan aanspreken omwille van financiële mogelijkheden. Waar zit dan de puurheid bij de start?

En verder, in tijden waar men aandacht moet gaan schenken rond de problematiek en het zorg dragen voor de natuur. Waar ik de mens van harte aanmoedig om in beweging te komen, in contact met de natuur. De natuur die zo helend is voor de mens. Hoe contradictorisch is het dan om stickers in plastiek te laten drukken die dubbel schadelijk zijn voor de natuur. Zowel bij het maken als op termijn slijtage en waardoor de stickers dan in de natuur zullen terechtkomen.

De subsidies zouden eventueel dienen om credencials (pelgrims paspoort), papieren drager van de weg, stickers, houtenpalen, stempels te laten vervaardigen, eventueel kampeerbedjes voor bij de hospitalier…

Wanneer ik dit allemaal bekijk kwamen er vragen bij me op. Heeft de pelgrim hier werkelijk nood aan? In werkelijkheid niet, neen.
Men kan zeggen iedereen durft niet de weg op zonder papieren drager, er zijn mensen die een houvast nodig hebben. Dit is waar.
Vandaag heeft iedereen bijna een smartphone en daar kunnen GPS bestanden op. Bestaat er een schitterende app zoals Mappy. cz
Is er geen app of smartphone, dan kan iedereen ergens wel gaan uitprinten.

Het is voor mij belangrijk dat de weg in zijn puurheid blijft bestaan zoals hij gecreëerd geweest is. Een weg in verbondenheid en die opzich bestaat zonder dat er instanties aan vasthangen.
Zonder gekleurd te zijn en dit kan alleen wanneer hij ook los staat van financiële doeleinden, winstbejag, eigenbelang…

De weg zal op het net komen te staan. Gpx bestanden zullen vrij zijn. Zo zal iedereen de weg kunnen wandelen.
Een credential zal ik creëren zodat de pelgrim zich kan identificeren bij de overnachtingen. (hierbij plaats ik dan ook een oproep. Wie wenst een pelgrim onderdak te geven voor 1 nacht, wees welkom)
De credential zal ik persoonlijk bekostigen. Dit is mijn persoonlijk inbreng aan de pelgrim. De credential zal en mag niet verkocht worden.

Dit is voor mij de juiste vorm van hoe de weg verder zal groeien. Vrijwilligers blijven sowieso belangrijk op de weg. Alvast bedankt aan de mensen die zich hebben aangeboden. Wens je zelf ook aktief mee te werken via contact formulier kan je mij bereiken. Wat houd het vrijwilligerswerk in… contact leggen met de mensen op de weg, veiligheid nazien, veranderingen vermelden, netheid op de weg…

Deze vorm verteld niet dat de weg niet zal bestaan. Het komt wel vertellen dat het anders mag zijn.

Tot onderweg…

Uitwerking ‘de buizerd’

Zoals jullie al hebben kunnen lezen zal ik in 2019 een ‘pelgrimshuis’ (plaats nog onbekend) oprichten.

Eén van de aktiviteiten is het uitwerken van de pelgrimstocht ‘De buizerd’ in België die alle Sint-Jacobskerken verbind.

Bij het uitwerken komt veel bij kijken oa.
– GPS track op punt stellen
– opzoek gaan naar overnachting, eetgelegenheden (accomodatie)
– contact nemen met de gemeentes
– signalisatie
– uitwerken plan
– brochure in elkaar steken
– onderhouden weg

Ik ben dan ook opzoek naar gemotiveerde enthousiaste mensen om dit samen uit te werken en op te bouwen.

Heb je de tijd en ruimte… Wens je een taak op je te nemen of eerder af en toe een handje helpen…
Zin om samen in een groepje dit project uit te werken… Heb je zelf nog invullingen welkom.

Zin om samen op weg te gaan…

Ik kijk ernaar uit je te ontmoeten.
Eerste samenkomem voorzien februari 2019.

Interesse neem contact via jasmine.debels@gmail.com

Herdenking

Hup, richting Gargilesse verder langs het water en via de GR 654.

Fietsers komen in mijn richting aangereden. Amai, aan de snelheid dat ze rijden en met een afgrond aan hun zijde, ik zou het niet durven.
Op een grote rots zwevend boven het water met een diepte van wel zeventig meter, geniet ik van het prachtig uitzicht. Mijn telefoon. Mijn mama, een fijn gesprek.

Ik geniet van de rust en de stilte die het water met zich meebrengt. Gedragen. De warme kleuren van de bomen reflecteren in het water. Reflecties. Telkens weten ze mijn aandacht te trekken.

Terwijl ik een helling afwandel rijden twee fietsers hem naar boven. Uitgeput. Ik maak plaats voor hen. ‘Ah, vous avez vu que en est cuit. Merci’, reageert één van de fietsers. ‘Prenez bien soins de vous, courage’, antwoord ik terug.
Wat verder in een dorp haalt een hoogbejaarde vrouw haar hout binnen. Op de achtergrond een kleine man met wijde bruine broek tot aan de enkels, klompen, een pet, een geruit hemd en bretellen. Haar man, hij kapt het hout.

Gargilesse

Gargilesse

Romaanse kerk en zijn prachtige fresco’s in de Crypte

Fresco – crypte

Aangekomen in Gargilesse kruis ik mijn vingers in de hoop ergens warm te mogen zitten bij een warme kop koffie. Tevergeefs. Ik was vergeten dat het een feestdag is vandaag. Oeps, op een lege maag doe ik verder.

Met de zon in mijn rug. De vele kraanvogels in de lucht. De kraaien, merels die weg vliegen bij mijn komst en de roodborstjes en pimpelmeesje die zingend me vergezellen denk ik even terug aan de mensen in mijn familie die heengegaan zijn.
Aan mijn meme (moederszijde) die op haar sterfbed lag en toen ik binnen kwam één oog opende en mompelde ‘kzin nog niet dwou wè’. Achter haar hardheid schuilde een fragiele vrouw.
Pepe, die zo jaloers kon zijn en een grote mond opzetten, maar zo een klein hartje had.
Pepe l’eau (had ooit een huisje aan het water) waar ik niet durfde een vinger veranderen aan tafel omdat hij mij voortdurend in het oog had, achter zijn strengheid schuilde een zacht iemand. En dan mémé l’eau die zo rancuneus kon zijn en weigerde haar dochters te zien, terwijl in het diepste van haar hart, haar hart pijn deed. Wat ben ik blij dat ik bij elk van hen verder kon kijken dan wat ze op het eerste zicht zichtbaar was. Ik zag ze allen graag, met hun gebreken.
Met een open hart komen er herinneringen naar boven, die me vreugde schenken op de weg. Hartverwarmend.

Aan mijn doopmeter die me met weinig woorden kon begrijpen en me in stilte de weg wees. Ze was mijn houvast.

Dampierre

Château de Châtelier

Voor de tweede maal zag ik vandaag een uil wegvliegen. Ik wist niet dat dit zo een grote vogels waren. Ze zijn ook zo stil, geen geluid, zwevend over de velden. Een wezel komt mijn richting aangelopen.
Het is bijna avond, ik nader mijn voorlaatste dorp voor Cluis. De geur van verse soep komt mijn neusvleugels strelen. Hmm, ik doe mijn ogen even dicht. Een witte rook pluim boven een kookpot…
Terug naar hier. De avond valt. Terwijl de zon op mijn rechterkant de horizon verlaat in een warme gloed, staat links de maan in vol ornaat aan de hemel. Het is bijna volle maan.

Tip: op de weg naar Compostela neem vanaf Gargilesse de GR654 tot in Crozant ipv de pelgrimsweg

Groep

Stilletjes vul ik mijn rugzak. Ik verlaat het huis terwijl iedereen nog slaapt. De bakker. Buiten aan de deur staat een man in bruin-zwart pak. ‘Vous etes le boulanger’, vraag ik aan de bakker . ‘Oui’. ‘Bravo, votre pain est délicieux’, vertel ik hem terwijl ik de bakker aankijk.

Van de bakker naar de bar om er mijn ontbijt te eten bij een warme koffie.

Via landelijke wegen verlaat ik Bourganeuf. In de verte hoor ik geweerschoten. Geblaf. Jagers. 

In de verte twee wandelaars. Wandelstokken, een kleine rugzak. Pelgrims. Terwijl de man beelden neemt van de natuur, praat ik wat met de dame.

Geronk. Motorgeluid. Onmogelijk te achterhalen vanwaar het geluid komt. Plots scheren ze in een snelheid langs mijn rechterkant. Heel onvoorzichtig en zelfs gevaarlijk om op zo een snelheid in een bos en op een wandelweg te razen zonder rekening te houden met anderen. De natuur wordt vernield.
Ik ben wel blij om tot de vaststelling te komen dat, ook al is de beweging en geluid voor mij geweldig, ik bij mezelf kan blijven. Terwijl ik vroeger zou gevloekt hebben en me kwaad hebben gemaakt. Het tegengestelde is aanwezig. Ik voel twee bewegingen in mijn lijf. Een stroom in mijn rug die een dalende beweging maakt, een stroom vooraan, in de breedte, die ruimte brengt.

Mijn gedachten dwalen even af naar wat de weg me gebracht heeft en wat het me brengt. Ik voel dat het wat met me doet en wordt wat weemoedig. Ik laat het gebeuren. Dingen worden me duidelijk. Eigenlijk beetje verwonderd van mezelf, verwonderd omdat ik me eerder als een solitair persoon aanzie en niet in groep. Ik voel dat de tijd is gekomen, dat de tijd rijp is om naar buiten te komen met het pelgrimeren, wat het pelgrimeren met zich meebrengt. Tijd om de beweging naar buiten te laten gaan ipv alleen op stap te gaan. In verbinding te gaan niet enkel achter een scherm, wel mij te richten naar groepen, in groepen gaan staan. Ik laat het gevoel en wat er voelbaar aan het gebeuren is zijn weg vinden en zoeken. Wordt vervolgd…

Moe

Ik ben nu zowat al een goeie drie dagen aan het stappen in de Corrèze. Fikse hellingen en dalingen. Bossen blijven talrijk aanwezig.  De natuur is prachtig en ik geniet met volle teugen.

Aubazine-abdij

De nachtrust in Aubazine was een ramp. Vier uur slapen was echt te weinig. Mijn lijf protesteert. Een bezoek aan de abdij om dan via het kanaal van de monniken Aubazine te verlaten. De weg klimt richting een dolmen. De enige steencirkel in de Limousin. 

Dolmen-Aubazine


Tulle, een grootstad, voelt voor mij niet zo aangenaam. Ik vind er niet echt mijn plaats. Het is er druk en er heerst een onaangename sfeer. Ik slenter wat rond en twijfel even of ik de bus neem om verder te gaan naar Naves. Weg van de drukte en geluid. Voor de eerste keer maak ik gebruik van een gemotoriseerd voertuig, zo ontsnap ik aan Tulle en kom ik aan in Naves nog voor het donker is.
Een half uur later, de rust van een dorp. Wat een verschil en wat ben ik blij dat ik mijn gevoel heb gevolgd.

Morgen wandel ik verder naar Bar. Een plaats die al heel lang in mijn gedachten aanwezig is en op mijn weg was aangeduid. Een plaats waar Annemie Struyf is geweest voor ‘La vie en rose’. Waar een woonst aan €150 nog te huur is. En vermits de gemeente niet op mijn telefoon en e-mail reageerde, dacht ik, ik ga er zelf heen. Benieuwd. Maar nu, hopelijk een langere diepere nachtrust.

Tranen

Zondagmorgen. Samen met Gilles – hospitalier – aan de ontbijttafel. Een integer, warm en hartelijke man een voorbeeld voor velen. 

Nadien een eerste kennismaking met de religieuze site. Een zachtgeborgen gevoel. Ik daal de grote trappen af tot in de hoofdstraat restaurants en winkeltjes met prullaria vullen de straat. In l’Hospitalet, in het verlengde van het dorp doe ik wat boodschappen. Het is er druk, een kruispunt van verschillende wegen richting grotten en dierenparken.

Sint-Jacob, Rocamadour

De klokken luiden. Via de monumentale trappen – de ingang voor de vele pelgrims en die men vroeger op de knieën naar boven wandelde – stijg ik richting de Basiliek Saint-Sauveur. Oef, amai, als ik denk met welke snelheid ik gisteren deze trappen heb genomen, dan sta ik versteld met welke kracht ik dit heb gedaan. Puffend kom ik boven aan en neem ik plaats in de kerk voor de misviering. Bij de eerste noot van de orgel wordt ik binnenin diep geraakt. Ontroerd. Tranen glijden over mijn wangen. Ik krijg er geen woorden meer uit. Het komt en het gaat.

In de namiddag maak ik een korte wandeling vanaf de pelgrimsherberg via het kasteel om dan terug naar beneden te gaan via de kruisweg.
Bovenaan zie ik de weg vanwaar ik kwam in het donker. Een canyon. Prachtig. Op de kruisweg overvalt me hetzelfde gevoel als deze morgen in de kerk. Tranen blijven zachtjes rollen over mijn wangen tot ik beneden aankom. Ik stel me er geen vragen bij en laat het gebeuren. Deugddoend en bevrijdend. De rest van de dag heb ik fijne ontmoetingen met andere pelgrims. Onderwerpen als religie, geloof, liefde, vertrouwen komen aanbod.

Hospitalier

Périgeux

​’Aller bonne vendage’, hoor ik aan de toog een man roepen terwijl hij zijn hand opsteekt. Het zingend accent van het zuiden is meer present.

Via de GR 654 zal ik Périgeux en Bergerac verbinden, eerst een brief posten…wat rondslingeren op de locale markt om dan richting de kathedraal te vertrekken.

La Maladrerie – vroeger pelgrimsherberg

Bolet de Satan

Langs de weg een grote dikke paddestoel. Een boleet, welkeen…ongekend. Een man op de fiets. ‘Pardon monsieur, vous connaisser un peut les champignon?’ ‘Pourqoui, vous en avez trouver une, je connais un peut’, antwoord de man terwijl hij naar de paddestoel kijkt. ‘Oh, c’est un Bolet de Satan, c’est comme cela que je les appeler quand j’étais petit. Indigest, mais pas mortelle’, volgt er al heel snel.

Vlinders fladderen rond me heen. Icarus vlinder. Kikkers kwaken, het gekwaak is net een gelach. Heide, korte brem en klavers. Onder mijn voeten talrijke bolsters en kastanjes. In de winkel worden ze verkocht aan €8/kg. Toch wel duur als je het mij vraagt,  om dan te weten dat er hier zo velen liggen te rotten.
Kort boven mij een buizerd. Hij blijft boven mij draaien zonder re stijgen. Ik open wijd mijn armen, kijk hem aan en draai mee op zijn ritme.
Het brengt me ruimte en ontspanning. Ik besef hierdoor plots dat de ervaring in de pelgrimsherberg me onder spanning heeft gebracht. Ik blijf draaien, zak hierdoor meer en meer in mijn lijf. Ontspanning komt voelbaar in mijn ruggengraat.
Tijdens het wandelen blijf ik aandacht schenken aan mijn rug. Telkens spreek ik mezelf in ‘zakken Jasmine, zakken’ en tekens verdwijnt en stukje pijn tot mijn rug ontspannen is. Het werd me ook duidelijk waarom het me zo raakte.
Er kan soms zoveel structuur zijn dat er geen ruimte niet meer is voor gehoor en menselijk contact. Men is dan zo sterk bezig met het hoofd, dat er geen ruimte meer is voor vrijheid binnen de structuur. Het zacht menselijk contact ontbreekt dan. Terwijl ik dit neerschrijf wordt ik me bewust dat wanneer het te druk wordt rondom mij ik in een bijna identiek zelfde patroon kan stappen. Dankjewel Hospitalier.