Gorges de Covatannaz

Een zonnestraal. Ik spring uit mijn zijdenlaken. De vensters… luiken… En dan… Adembenemend…
Aan de horizon, de Alpen.

Op een traag ritme daal ik St. Croix af. Op een splitsing tussen een dubbele weg en een smalle weg zie ik staan ‘Gorges de Covatannaz’. De via Francigena neemt me mee langs de dubbele weg. Hmmm… Een vrouw komt naar me toe. “Vous cherchez ?” “Bhein, je voie que cette route est beaucoup plus calme ! Et j’ai envie de la prendre.” “N’hésite pas, elle est magnifique et vous aller arrivée au même village en bas.” “Je vous remercie beaucoup madame ?” De vrouw had me zien staan en kwam naar buiten om me de weg te wijzen.

Een stap zetten is er bijna een teveel…niet dat het fysiek zwaar is, wel omwille van alles wat ik mag zien en vooral gewaarworden. Alsof ik gedwongen wordt om te vertragen.
Een wondermooi landschap…het ademen van zuivere lucht… ruimte… Een open lichaam, een open geest. Na wat asfalt, een weide kom ik al heel snel op een bosweg in een ravijn… Een heel aangename en ook intense energie is voelbaar. Op bepaalde plaatsen geraak ik niet meer vooruit… groots… ruim… intens… diep… geankerd… Ik laat me leiden door de bijzondere plaats… thuiskomen… aanraken…geraakt worden. Aarde… Water… Vuur… Lucht…
Een open plaats. Een reuze boom… Zeven… Een grot… Bedding… Geborgen…
Ik kan zelf niet echt in woorden of me in een zin uitdrukken wat hier is… het heeft zelf geen zin omdat het niet in woorden kan gevat worden… Misschien kan ik me via mijn beelden uitdrukken… Neen, ook dat niet…via aanraking, via stilzwijgen bij elkaar…ja, dit voelt juist

Een vrouw komt aangewandeld. Sarah. “Vous ressentez une énergie ?” Zonder twijfel antwoord ik, “oui, la, allez y” en ik wijs naar de plaats. Een aangenaam contact en babbel volgt. Een omarming… we nemen afscheid.

Vanaf verschillende plaatsen kan ik duidelijk de Alpen zien. Twaalf dagen heb ik normaal nodig om van de Franse-Zwitserse grens naar de Zwitserse-Italiaanse grens te wandelen. Ik ben wat verwonderd van de polutielaag die boven de horizon hangt, Saint-Croix was veel zuiverder van lucht dan hier beneden in de buurt van Neufchâtel.

Pas naar de avond toe zie ik de Mont-blanc op het moment dat Vàlerie me haar wijnvelden laat zien, en haar verhaal deelt over het contact en hechte band met haar overleden grootvader.

Zwitserland

Terwijl Françoise haar maaltijd klaar maakt voor een familiefeest, vul ik mijn dagboek aan. Buiten is het grijs en regen het. Pas rond de middag vertrek ik en trotseer ik de regen. Nog zes kilometer en dan wandel ik op Zwitserse bodem.
Na België – Frankrijk te hebben verbonden, nu Frankrijk – Zwitserland. 744 km… op de teller.

Een vrouw stapt een bakkerij binnen. Beetje vreemd… Skibril, muts, vest… Fluoriserend roze…
Geen sneeuw, het regent…

Na de grens veranderen niet enkel de signalisation voor de Via Francigena ( rood-wit en een klein vierkant met een pelgrim. Naar gele wegwijzers met nummer 70) ook de weg (asfalt naar koeienweiden) tussen de koeien.
(Later op de dag krijg ik te horen dat voorzichtigheid is geboden wanneer de koeien samen met hun kalfjes in de weide zijn).
Wat een ruimte, wat een schoonheid…
Wat ben ik blij deze weg te mogen wandelen… Wat ben ik blij dit leven te mogen wandelen…

Een stijging tot 1100m het gaat goed… De wolken die zich voor me verplaatsen… Aan de andere kant een vergezicht met Saint-Croix voor me. Narcissen, magnolia… De seringen zijn klaar om te openen. Aan mijn voeten orchideeën.
Dankbaar om gelijken te mogen ontmoeten.

Saint-Croix (Zwitserland)