Geraardsbergen

 

Jasmine Debels (1 van 1)

Everbeek

Een zoen aan Kian. Een high five aan Logan en Tristan. “Dankjewel voor jullie gastvrijheid. Ik heb genoten van zoveel moois te mogen zien”, zeg ik tegen Ingeborg. “Dankjewel, het doet plezier”, antwoordt Ingeborg. 

De weg gaat naar beneden in tegenstelling tot gisterenmorgen. In een tarweveld ontmoet ik Maarten en Jonas, die de andere richting uitgaan. “Hallo, waar gaan jullie naartoe?” “Naar ‘de Fiertel’, een jeugdherberg ”, weten ze me te vertellen. “En jij?” “Ik wandel richting Brussel.” We delen met elkaar waarom we aan het wandelen zijn, wensen elkaar succes en gaan elk onze eigen weg. Wanneer ik aankom aan de kerk van Zarlardinge, is er een begrafenis. Agnes, een pianiste. Ik blijf buiten wachten en luister naar de klassieke muziek. De kist wordt naar buiten gedragen. Een prachtige, eenvoudige, kunstig versierde kist. Bovenop een boeketje veldbloemen. De rouwstoet vertrekt te voet naar Agnes haar laatste rustplaats. Op kop een blaasorkest.

Ik ga op een terras zitten van een café. Ik krijg compagnie. De onderwerpen: drugs, vrouwen, alcohol… . “Allé, lees ne keer het laatste stukske voor uit je dagboek”, krijg ik te horen. Ik kijk de man in de ogen. Zowel een verbale als non-verbale ‘neen’ volgt. Met mijn pen in de hand verdwaal ik in mijn schriftje. Ik neem nog even een foto binnen. Er wordt me een vraag gesteld. Mijn antwoord krijgt bijna geen kans te bestaan. “Naar waar gaat u nu?” “Tot in Geraardsbergen.” “Succes, ik ben benieuwd hoe het zal zijn om daar een overnachting te vinden.” Een stilte volgt… ”Want met zo een bekrompen mentaliteit. Misschien wel bij de vreemdelingen”, krijg ik te horen. Met deze woorden in mijn hoofd en een niet goed voelen verlaat ik Zarlardinge via het kerkhof. Het graf van Agnes. Haar foto op een kruis versierd met partituren. Met muziek heeft ze geleefd, met muziek is ze heengegaan. De woorden van daarnet komen terug aan de oppervlakte. Ik wandel verkeerd. Ik probeer terug in mijn eigen kracht te staan. De woorden alsook de vooroordelen die ik te horen kreeg verdwijnen. 

Op de markt van Geraardsbergen vind ik vlot een slaapplaats. De dekenij. De deken wijst me de weg in het huis en vertrekt naar zijn afspraak. Ik doe mijn was en leg deze plat op het gras om te drogen. De deken komt later terug. “Hier, de sleutel voor wanneer je je was binnen zou halen. Zodat de deur niet achter je dichtslaat”, meldt hij me terwijl ik een glimp mag opvangen van plezier. Oeps, ik voel binnenin een zekere beschaamdheid en doe alsof ik het niet zag. Hmm, ik kan me wel inbeelden dat dit een grappig zicht is, mijn onderbroeken en bh te drogen in de tuin van de dekenij. Met zicht op de kerktoren val ik in slaap.

GPX Bestanden Ronse/Renaix naar Geraardsbergen/Grammont

Grammont

Une bise à Kian, un ‘high five’ à Logan et Tristan. “Merci beaucoup pour votre hospitalité. C’est avec grand plaisir que j’ai vu tant de belles choses”, dis-je à Ingeborg.

“Merci beaucoup, cela fait plaisir”, me répond Ingeborg.

Le chemin descend, le contraire de hier matin. Dans un champ de blé je rencontre Maarten et Jonas, qui se dirigent dans l’autre sens. “Bonjour, ou allez-vous?” “À ‘de Fiertel’, une auberge de jeunesse”, me répondent-ils. “Et toi?”  “Je marche direction Bruxelles.” Nous partageons la raison de notre cheminement. On se souhaite mutuellement bien du succès et continuons chacun notre chemin.

Lorsque j’arrive à l’église de Zarlardinge, un enterrement à lieu. Agnès une pianiste. J’attends à l’extérieur en écoutant la musique classique. Le cercueil sort de l’église, porté par 6 personnes. Un magnifique cercueil, simple et décoré artistiquement. Dessus, un bouquet champêtre. Le cortège se dirige vers la dernière demeure d’Agnès. En tête, une fanfare.

Je vais m’asseoir à la terrasse d’un café. On vient me tenir compagnie. Les sujets de conversation: la drogue, les femmes et l’alcool… “Allé, lis-nous le dernier fragment de ton journal”, me dit l’un d’entre eux. Je regarde l’homme, droit dans les yeux. Un ‘non’ aussi bien verbal que non verbal s’en suit. Ma plume à la main, je me perds dans mon cahier. Je prends encore une photo à l’intérieur. Une question m’est posée. Ma réponse n’est d’aucune importance.

“Vous allez où maintenant?” “Jusqu’à Grammont (Geraardsbergen).” “Bonne chance, je suis curieux de savoir comment cela ira pour trouver un logis là-bas.” Un silence suit… “Avec leur esprit borné. Peut-être bien chez les étrangers”, me dit-il.

Avec ces mots en tête et un certain malaise, je quitte Zarlardinge en passant par le cimetière. La tombe d’Agnès, sa photo, sur une croix garnie de partitions. Elle a vécu avec la musique et elle est partie avec la musique. Les mots de tout à l’heure me reviennent à l’esprit. Je vais dans la mauvaise direction. J’essaie de me recentrer. Les mots ainsi que les préjugés disparaissent.

Sur le marché de Grammont je trouve facilement un logis. Le doyenné. Le doyen me familiarise avec la maison et part à son rendez-vous. Je fais ma lessive et la mets à sécher sur le gazon.

Le doyen revient un peu plus tard. “Voici la clé pour quand tu rentreras ton linge. Au cas où la porte se ferme derrière toi”, me dit-il et je remarque dans son regard un certain plaisir. Oups, je ressens une certaine gêne et fait semblant de n’avoir rien vue. Heum, je peux m’imaginer le spectacle drôle que cela est, mes petites culottes et mon soutien-gorge séchant dans le jardin du doyenné.

Je m’endors avec vue sur le clocher.

 

Picknick

 

Jasmine Debels (1 van 1)-3

Onze-Lieve-Vrouw van Wittentak

De ontbijttafel. Een telefoon rinkelt. Myriam neemt op. Haar zoon, Pierre, om te melden dat hij goed aangekomen is op zijn werk. Myriam geeft de telefoon aan me door, “Bonjour Jasmine. Bien dormi?” “Oui, très bien, merci. Je ne vous ai même pas entendu partir.” “Vous allez jusqu’au bois de Brakel aujourd’hui?” “Oui.” “Je vous souhaite une bonne journée.” “A vous aussi Pierre. Merci. Au revoir.” Een half uur later. Vertrekkensklaar neem ik afscheid van Myriam.

De weg gaat bergopwaarts. Prachtige vergezichten! Een eenmanspad, schouderbreedte. Drie honden, Mechelaars, getraind om aan te vallen. Hun muil op een halve meter van mijn schouder. Een man brengt de honden tot rust. Ik voelde me toch niet op mijn gemak om hierdoor te wandelen. Het weer is aan het veranderen. Zou er onweer op komst zijn? Ik stap het Muziekbos binnen. Een sms van Jacqueline: “Ik ben al aan het genieten van de vogelliedjes in het Brakelbos”.  Ik stap van het ene bos het andere in. Naar beneden, naar boven. De Vlaamse Ardennen. Mijn huid is net een spiegel, de zon reflecteert op mijn zweet. Nog een sms. Jacqueline komt me tegemoet. We wandelen samen en genieten van een fris drankje op een terras. Babbelen wat bij en na een tijd zitten we samen in een open koffer een lekkere picknick te eten die Jacqueline heeft klaargemaakt. Met een volle maag wandelen we nog even samen en nemen daarna afscheid. 

Ik wandel nog een laatste bos in. Het Livierenbos. Een forse klim. Vier huizen. Het vijfde huis. Een man op een grasmaaier. Een vrouw en een jongen in de moestuin. Sla, aardappelen, aardbeien…  Alles vers van de tuin. ’s Avonds zit ik met hen aan de tafel. Ivan en Ingeborg en hun drie knappe, bijzondere kinderen. Kian, Logan en Tristan. Voor het slapengaan geef ik de kinderen nog een high five.

Gpx Bestand Ronse/Renaix naar Geraardsbergen/ Grammont

Le pique-nique

Le petit déjeuner. Un téléphone sonne. Myriam décroche. Son fils Pierre, pour dire qu’il est bien arrivé à son travail.

Myriam me passe le téléphone, “Bonjour Jasmine. Bien dormi?” “Oui, très bien, merci. Je ne vous ai même pas entendu partir.” “Vous allez jusqu’au bois de Brakel aujourd’hui?” “Oui.” “Je vous souhaite une bonne journée.” “À vous aussi Pierre. Merci, au revoir.”

Une demi-heure plus tard, prête à partir, je prends congé de Myriam.

Le chemin monte. Les perspectives sont magnifiques!

Un sentier de la largeur d’un homme. Trois chiens, Bergers malinois, entrainés pour attaquer. Leurs gueules à cinquante centimètres de mon épaule. Un homme calme les chiens. Je ne me sentais quand même pas à l’aise pour traverser ce passage.

Le temps change. Un orage se prépare-t-il?

J’entre dans le bois ‘Muziekbos’. Un message, Jacqueline: “Je profite déjà du chant des oiseaux dans le bois ‘Brakelbos’ “. Je marche d’un bois à l’autre. Ça monte, ça descend, les Ardennes Flamandes.

Ma peau ressemble à un miroir, le soleil brille sur ma transpiration. Encore un message. Jacqueline vient à ma rencontre. Nous marchons ensemble et nous régalons d’une boisson fraiche en terrasse. On bavarde et peu après on se retrouve dans un coffre de voiture ouvert, mangeant un pique-nique préparé par Jacqueline. L’estomac plein nous marchons encore un peu ensemble et prenons congé un peu plus tard.

J’entre encore dans un dernier bois. Le ‘Livierenbos’. Une rude montée. Quatre maisons. La cinquième maison, un homme sur un motoculteur. Une femme et un garçon dans le potager. De la salade, des pommes de terres, des fraises…. Tout cela venant du jardin. Le soir je suis assise à table en leur compagnie. Ivan et Ingeborg avec leurs trois enfants, beaux et particuliers. Kian, Logan et Tristan. Avant d’aller dormir on échangent un high-five.

Kluisbergen

Jasmine Debels (1 van 1)-4

Vlas – Lin

Aan de kerk van Avelgem wrijf ik mijn voeten in met Traumeel, in de hoop dat de lichte achillespijn die ik voel mag verdwijnen. Nog even tot bij Lucas om hem te danken voor zijn hulp. Aan een Scheldearm ontmoet ik een klas dat op fietstocht is. Einde examens voor sommigen. Net voor Kluisbergen ontmoet ik Jean-Pierre, hij fietst doorheen België, zijn startpunt was Luxemburg. Geboeid luister ik naar zijn fietsverhalen uit India en Nepal. Het is warm. Ik wandel verder langs een vierkantshoeve uit het jaar 1818, langs vlasvelden. 

Een lindeboom. Ik sta even stil, sluit mijn ogen en laat de geur van de linde tot mij komen. Zalig! Een verwilderd stukje natuur, waarin ik de keuze moet maken tussen traag en aangevallen worden door muggen of snel en de brandnetels trotseren. Ik kies het laatste. Op bepaalde plaatsen ben ik in Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen of Wallonië. Zelf een straat die links de Kattestraat heet en rechts Chemin de la valleè. Mijn gevoel zegt alles is één, geen grens. Mijn denken, alsof het gesplitst is. Wat een absurde situatie.

Mijn kuiten worden flink op de proef gesteld. Op een helling aan een weide staat Karin, een goedlachse en spontane vrouw. Wat hoger haar dochter, even goedlachs en open. Een korte babbel, een uitnodiging voor een overnachting. De frisheid van het bos op de Kluisberg is welgekomen. In de verte het geluid van hout dat gekapt wordt, houthakkers. De varens staan mooi gegroepeerd. Het bladerdek van de krachtige bomen geven me schaduw. In café d’Oude Hoeve, een halte. Mijn voeten zijn gezwollen en doen pijn. Joëlle, de eigenares, ook een pelgrim die naar Compostela is geweest, is verheugd te horen dat haar café op de weg ligt die de Jacobskerken met elkaar verbindt. We blijven praten en ervaringen uitwisselen. Tijd om verder te wandelen, anders sta ik hier deze avond nog. Ik wandel nog een beetje, geniet verder van de natuur en de omgeving. In Ronse (Renaix) klop ik aan de eerste deur. Myriam, 76 jaar. Zonder enige twijfel krijg ik een volwaardige ja om er te overnachten. Later op de avond ontmoet ik ook haar zoon Pierre.

GPX bestand Kluisbergen/ Mont de l’Enclus  naar Ronse/Renaix

Mont-de-l’Enclus

Arrivée à l’église d’Avelgem, j’enduis mes pieds de Traumeel en espérant que le léger mal au talon d’Achille disparaîtra.

Je me rends encore un instant chez Lucas pour le remercier de son aide. À hauteur d’un bras de l’Escaut je rencontre une classe en balade en vélo. Fin des examens pour certains. Juste avant d’arriver au Mont-de-l’Enclus (Kluisbergen) je parle avec Jean-Pierre. Il traverse la Belgique en bicyclette à partir du Luxembourg. J’écoute avec passion ses récits de parcours en vélo à travers l’Inde et le Népal.

Il fait chaud. Je continue mon chemin longeant une belle ferme datant de 1818, je traverse la campagne, longeant des champs de lin.

Un tilleul. Je m’arrête, ferme les yeux et m’imprègne de son odeur. Un délice. Un morceau de nature inculte, ou je dois faire un choix entre la lenteur et me faire piquer par les moustiques ou la vitesse et traverser les orties. Je choisi la dernière option. À certaines places je me trouve en Flandre-Orientale, Flandre-Occidentale ou Wallonie. Il y a même une rue s’appelant à gauche rue des chats (Kattestraat) et à droite Chemin de la vallée. Mon sentiment me dit que le tout ne fait qu’un, il n’y a pas de frontières. Mon esprit, semble être en désaccord. Je n’essaie pas de comprendre.

Mes mollets sont mis à rude épreuve. Dans une montée, le long d’un champ, je rencontre Karin, une femme souriante et spontanée. Un peu plus en hauteur, sa fille, aussi souriante et accueillante. Quelques instants de conversation, une invitation pour à passer la nuit. La fraîcheur du Kluisbergen est la bienvenue. Au loin le bruit du bois que l’on abat, des bucherons. Les fougères sont joliment groupées. Le feuillage des grands arbres me donne de l’ombre. Au café ’D’Oude Hoeve’, une halte. Mes pieds me font mal et sont gonflés. Joëlle, la propriétaire, elle aussi un pèlerin du chemin de Compostelle, est enchantée d’apprendre que son café se trouve sur le chemin reliant toutes les églises Saint-Jacques de Belgique. On continue de parler et d’échanger des expériences. Il est temps de continuer mon chemin si je ne veux pas être encore ici ce soir. Je promène encore un peu et apprécie la nature et des alentours. À Renaix (Ronse) je frappe à une première porte. Myriam 76 ans. Sans aucune hésitation, je reçois un grand ‘oui’ pour un hébergement. Plus tard dans la soirée j’ai l’occasion de rencontrer son fils, Pierre.

Bewust wording

Aalbeke

Aalbeke

Terwijl de zon al van de partij is, zingen de vogels in volle glorie. Ik geniet van een verse smoothie als ontbijt. Mijn lichaam heeft nog niet veel zin om in beweging te komen. En toch! Toch kijk ik ernaar uit om terug op ontdekking te mogen. Al heel snel is me duidelijk dat de vlakte plaats heeft gemaakt voor stijgen en dalen. Ik blijf verwonderd van zoveel schoonheid zo dicht bij huis. Ik wandel een heel eind op een hoogte, waardoor ik rondom oneindig ver kan zien.

Rollegem. Bellegem en zijn mooie kerk. Na het Orveytbos en het kanaal Kortrijk-Bossuit, wandel ik naast een oude spoorwegbedding in een dichtbegroeid bos. Ik heb daar altijd een onaangenaam gevoel bij. Weten dat er maar twee uitgangen zijn, voor en achter en dan nog eens constant spinnenwebben trotseren. Arghhh, dit is me nu eventjes teveel. Eenmaal eruit brengt een lang smal pad me tot in Avelgem. Ik kom uit aan het station om dan via een lange winkelstraat tot aan de kerk te wandelen. Het valt me op dat er nog weinig winkels open zijn. Het ziet er een verlaten straat uit, die wellicht ooit een bloeiende winkelstraat was. Ik dacht dat dit enkel in Frankrijk gebeurde!

In de kerk van Avelgem, mijn eindpunt voor vandaag en startpunt voor morgen, vind ik een grote flyer van alle openkerkenmonumenten. Weinig Sint-Jacobskerken. Eén iets valt me op: de Sint-Jacobskerk in Doornik (Tournai). Een kerk die niet opgenomen is in de lijst van de achttien kerken op het Jacobskerkenpad. Is dit over het hoofd gezien? Of…

Bij de dekenij, niemand. Spikerelle, het cultureel centrum van Avelgem. Een jongen verwelkomt me, Lucas. Eén telefoon en Lucas regelt een overnachting voor me in zijn ouderlijk huis. De ontmoeting is kort en krachtig. Lucas vertrekt naar zijn liefje, Lore, die vandaag jarig is, en morgen is het zijn beurt.

Met een glas witte wijn op het terras met Rita, de mama van Lucas, eindig ik deze mooie zomerdag.

GPX Bestanden Geluwe – Rollegem

GPX Bestanden Rollegem- Kluisbergen

Prise de conscience.

Le soleil étant déjà levé, les oiseaux chantent de tout cœur. Je me régale d’un smoothie frais, au petit déjeuner. Mon corps n’a pas encore vraiment envie de bouger. Et pourtant je me réjouis de reprendre le chemin de la découverte. Très vite je m’aperçois que le terrain plat fait place à des montées et des descentes. Je reste étonnée par tant de beauté si près de chez moi. Je marche tout un temps en hauteur, ce qui me permet de voir au loin.

Rollegem, Bellegem et sa belle église. Après le bois d’Orvey, le canal Courtrai (Kortrijk) – Bossuit. Je promène dans le bois en longeant une ancienne voie ferré. Le bois est dense. Cela me procure toujours une sensation quelque peu désagréable. Savoir qu’il n’y a que deux issues, l’une devant et l’autre derrière moi et devoir continuellement affronter les toiles d’araignées. Arghhh….c’en est trop. Une fois sortie, un long chemin étroit me mène à Avelgem. J’arrive à hauteur de la gare pour continuer mon chemin vers l’église par une longue rue commerçante. Je remarque qu’il y a peu de magasins ouverts. La rue, autrefois prospère, a l’air aujourd’hui abandonnée. Je croyais que cela été seulement le cas en France!

À l’église d’Avelgem, terminus pour aujourd’hui et point de départ de demain, je trouve une brochure de renseignements sur les monuments religieux ouverts au public. Peu d’églises Saint-Jacques. Une chose me surprend. L’église Saint-Jacques de Tournai (Doornik). Une église qui n’est pas mentionnée dans la liste des dix-huit églises reprises dans la description du ‘Jacobskerkenpad’. S’agit t’il d’une négligence ou…..

A la maison du doyen, personne. Spikerelle (Centre Culturel). Un garçon m’accueille, Lucas. Un coup de fil et Lucas me règle une nuitée dans sa maison familiale. La rencontre est courte et intense. Lucas part retrouver sa petite amie Lore, qui fête son anniversaire aujourd’hui et demain on fêtera le sien.

Avant d’aller me coucher je termine cette belle journée ensoleillée en terrasse avec un verre de vin blanc en compagnie de Rita, la maman de Lucas.

Verwennerij

Aalbeke

Aalbeke

Met een stevige stap, een diepe in- en uitademing verlaat ik mijn geboortestad.

Adem! Ruimte! Zucht!

Op automatische piloot wandel ik langs de Leie. Ontspanning. Ik kan ontsnappen aan de laatste regenbuien. Via Rekkem richting Aalbeke, waar ik blijf plakken in een bekend stekje, een warm nest. Het huis van Rita. Een babbel. Mijn kleurpotloden, een tekening.

Terwijl ik dit schrijf, lig ik te genieten en te relaxen in een bad met zout uit de Dode Zee. Als dat geen verwennestje is. Mijn lichaam en geest krijgen de nodige zorg. Muziek van vreemde oorden op de achtergrond. Mijn ogen sluiten. In de verte hoor ik de vogels, een koekoek.

Een week met zoveel moois is voorbij. Nagenietend en dankbaar om wat is geweest.

GPX Bestand Geluwe – Rollegem

Dorloter

Je quitte ma ville natale d’un pas ferme et en respirant profondément.

De l’air! De l’espace! Un soupir!

Je marche le long de la Lys (Leie) sur pilote automatique. Détente. Je réussi à échapper aux dernières averses. Par Rekkem, direction Aalbeke ou je m’attarde dans un endroit bien connu, un nid douillet. La maison de Rita. Une conversation. Mes crayons de couleurs, un dessin.

J’écris ceci en jouissant et en me relaxant dans un bain au sel de la mer morte. Si cela, n’est pas un nid câlin… Mon corps et mon esprit reçoivent les soins nécessaires. Musique de lieux lointains sur l’arrière-plan. Mes yeux se ferment. Au loin le chant des oiseaux, un coucou.

Une semaine vient de passer avec tant de belles choses.

Erna en Dario

Dario en Erna

Dario en Erna

Deze nacht vond ik onderdak bij Erna en Dario. Twee hartelijke mensen die elkaar hebben mogen terug vinden na een lange tijd, die veel hoogtes en laagtes kennen en die vandaag geconfronteerd worden met de onrechtvaardigheid van het systeem. Aan de muur vijf foto’s. Drie honden, één poes en hun huwelijksfoto. Binnen hun mogelijkheden hebben ze hun deur voor mij geopend en me onderdak gegeven. Voor ik hen verlaat, schenk ik hen de vier euro die ik kreeg in Lichtervelde, het weinige financiële dat ik op zak heb. Ik ben ervan overtuigd dat de mensen van wie ik het heb gekregen mij hierin kunnen volgen. Ik verlaat het huis. “Draag goed zorg voor elkander”, terwijl ik naar hen zwaai. Ze steken hun hand op en wandelen samen terug naar binnen. Verderop wandel ik langs de Sint-Jacobskerk van Ieper.

Ik trotseer de regen en trek me terug onder mijn regenkap. Een stilte komt over me heen. In het domein de ‘Palingbeek’ probeer ik recht te blijven staan. De ’keikoppen’ die glad zijn geworden door de regen vragen mijn volle aandacht. Op het einde van het domein voel ik de spanning, die er gekomen is door de inspanning om niet te vallen, uit mijn lichaam verdwijnen. Rond dertien uur neem ik een pauze in de kerk van Houthem. De enige plaats op de weg waar ik droog kan schuilen. Mijn natte kleren gaan uit. Ik krijg het een beetje koud, na wat eten voel ik de energie terugkomen.

Graan-, maïs-, aardappelen-, en de frêle uitziende vlasvelden. De smalle wegen zijn bezaaid met talrijke kamillebloemen, die telkens een geur vrijlaten wanneer ik tegen hen aanloop. De eglantierrozen verliezen door de wind hun hartvormige bloemblaadjes, die neerdwarrelen op de weg. Doorweekt kom ik aan in het huis in Menen waar ik mijn jeugd heb doorgebracht. Aan de voordeur mijn metekind. In een haastje kunnen we elkander zien. In de wagen zit mijn broer op haar te wachten.

GPX Bestand Diksmuide naar Geluwe

GPX Bestand Geluwe naar Rollegem

Erna en Dario

Cette nuit j’ai logé chez Erna et Dario. Deux personnes chaleureuses qui se sont retrouvés après de nombreuses années. Ils connurent bien des hauts et des bas et aujourd’hui ils sont confrontés à l’injustice du système. Au mur cinq photos. Trois chiens, un chat et leur photo de mariage. Selon leurs moyens ils m’ont ouvert leur porte et donné un abri. Avant de les quitter je leur remets les quatre euros qui m’ont été offert à Lichtervelde, le peu que j’ai sur moi. Je suis persuadée que les personnes qui me les ont offerts comprennent mon attitude. Je quitte la maison. ”Prenez bien soins l’un de l’autre”, leur dis-je en les saluant. Ils me font signe de la main et rentrent ensemble.

En passant par l’église Saint-Jacques d’Ypres, je quitte la ville en empruntant les remparts. Je défie la pluie en me retirant sous mon capuchon. Un silence m’enrobe. Au domaine du ‘Palingbeek’ j’essaie de me tenir droite. Les pavées, rendues glissantes par la pluie, exigent toute mon attention. Arrivée à la fin du domaine je sens disparaitre la tension corporelle, qui c’était installée avec les efforts fait pour ne pas tomber. Vers treize heures je prends une pause dans l’église de Houthem. La seule place sur le chemin ou je peux m’abriter. J’ôte mes vêtements mouillés. J’attrape froid. Après avoir mangé je sens l’énergie revenir.

Des champs de blés, de mais, de pommes de terre, et de lin. Les chemins étroits sont parsemés de fleurs de camomille, qui exhalent leur parfum à chaque touché. Le vent éparpille sur le chemin, les feuilles en forme de cœur des églantines. J’arrive, toute trempée, à la maison ou j’ai passé vingt années de ma jeunesse, Menin. Sur le pas de la porte ma filleule. Une rencontre furtive. Dans la voiture mon frère l’attend.

Peter

Aan de Driegrachtenbrug

Zondagochtend. Buiten ontbijten samen met Annick, Geert, Ansje en Kasper. Zalig! Op het zondagsritme maak ik me klaar. Via de IJzertoren kom ik na een goede twee kilometer aan in Sint-Jacobskapelle. Een klein pittoresk dorpje met een Jacobuskerk. Ernaast de ‘Gevallen Engel’, waar ik iets kan drinken. Een aangename, sfeervolle plaats waar de muziek je meeneemt in andere sferen. Met Jeanne, de uitbaatster, spreek ik over Marokko en delen we ervaringen over reizen.

Ik wandel verder. De wind blaast mijn zilverkleurige haren voor mijn ogen en ze worden één met de kleur van de lucht. De donkergrijze wolken geven de groentinten in de natuur extra pit. Tot in Ieper wandel ik langs het water. De reigers genieten van de opkomende zon en ik geniet met hen mee. Bij de Driegrachtenbrug stap ik op een boot. Een fototentoonstelling trekt mijn aandacht. Ik ontmoet er Peter. Hij is pas terug van Montpellier met de fiets. Peter startte een project ‘De tour van je leven’ nadat hij genezen was van kanker. Hij gaat met zijn project op zoek naar spiegels, geen materiële, wel zijn eigen spiegels. Die spiegels die je de kans geven te groeien wanneer je in ontmoeting gaat.

Na een weekje gaat mijn notie van tijd wat verloren. Mijn denken gaat in ontspanning. Verder wandelend langs het kanaal Ieper – Ijzer, in de lange grassen en met als reisgenoten de schapen, zie ik in de verte drie mannen. Vissers. Ze hebben net een vis gevangen. Ik sta met grote ogen te kijken. Wat een kanjer van een vis, een gewicht van een zestien kilo ongeveer. Met fierheid poseert Kjel voor de camera; ondertussen dragen zijn vrienden goed zorg voor het dier. Af en toe een emmer water, de mondwonde wordt verzorgd. Ik wandel verder, draai me nog eens om en roep, “Dankzij jullie heb ik een andere kijk op vissers, nog veel succes.”

In Ieper aangekomen ga ik richting de Menenpoort voor de ‘Last Post’. Iedere avond is er hier om twintig uur een eerbetoon aan zij die sneuvelden in de Eerste Wereldoorlog. Een trompetsignaal weergalmt onder de poort. Mijn benen kunnen dit er nog net bij nemen.

GPX Bestand Diksmuide – Geluwe

Peter

Dimanche matin. Petit déjeuner dehors en compagnie d’Annick, Geert, Ansje et Kasper. Heureuse! Je me prépare au rythme du dimanche. En passant par la tour de l’Yser (IJzertoren) je rejoins, après deux bons kilomètres, ‘Sint-Jacobskapelle’. Un petit village pittoresque avec une église Saint-Jacques. Tout près de là de ‘Gevallen engel’, un café ou je peux boire quelque chose. Un lieu agréable où la musique vous emporte dans d’autres sphères. Avec Jeanne, la propriétaire je parle du Maroc et nous échangeons des expériences de voyages.

Je continue mon chemin. Le vent souffle dans mes cheveux grisâtres, qui me tombent devant les yeux, avant de ce fondre avec la couleur du ciel. Les nuages d’un gris foncés accentuent la couleur verte de la nature. Je longe l’eau jusqu’à Ypres (Ieper). Les hérons profitent de l’apparition du soleil et je fais de même. À hauteur du pont de ‘Driegrachten’ je monte dans un bateau. Une exposition de photos attire mon attention. J’y rencontre Peter. Il vient juste de rentrer de Montpellier en bicyclette. Peter a lancé un projet après sa guérison du cancer ‘Le tour de ta vie’. Il va pour son projet à la recherche de miroirs, pas des miroirs comme objets  mais nos propres miroirs. Ces miroirs qui nous permettent de grandir quand on va à leur rencontre.

Après une semaine je perds quelque peu notion du temps. Moins de pensées, je me détends. Continuant ma route, le long du canal Ypres – l’user, marchant dans les hautes herbes avec les moutons comme compagnons de route, je vois au loin trois hommes. Des pêcheurs. Ils viennent juste d’attraper un poisson. Je regarde avec de grands yeux. Quel énorme poisson, il pèse environ seize kilo. Kjel pose avec fierté devant la caméra, pendant ce temps ses amis prennent bien soin du poisson. De temps à autre un seau d’eau, la blessure à la bouche est soignée. Je continue mon chemin, tout en me retournant je leurs crie, “Grâce à vous j’ai maintenant une autre idée sur les pêcheurs, encore bien du succès.”

Arrivée à Ypres je me dirige vers la ‘Porte de Menin’ (Menenpoort) pour le ‘Lastpost’. Chaque soir, à vingt heures, a lieu ici une cérémonie de commémoration des personnes décédées durant la premiere guerre mondiale. Le son de clairon retenti sous la Porte. Mes jambes supporterons encore bien cela.

Frezen

Poppy’s

Richting Diksmuide. Open velden, weilanden, vergezichten. Poppies (klaprozen) overal. Eventjes ben ik mijn weg kwijt. Een vrouw in een hondentrimsalon helpt me verder. Op een uur van Kortemark is een kleine halte noodzakelijk. Een man staat in zijn tuin te spitten. “Meneer zou ik even je toilet mogen gebruiken?” “Bah ja, waarom niet”, leunend op zijn spade. Ik trek mijn schoenen uit. Bij het buitenkomen praten we wat over de camino, mijn ervaringen en wat de weg is. Een fijn en kort contact.

Door de hitte voel ik mijn voeten zwellen. Aan een eetautomaat hou ik halte. Ik trakteer mezelf op een bakje ‘frezen’, dat zijn zo van die rode blinkende kleine bollen, spits uitlopend, groene pukkeltjes, een groen steeltje en heerlijk geurend en wanneer je erin bijt een zoete lekkere smaak.

Kort na de middag neem ik een lange rustpauze. Een plaatselijk café in Werken. Een moeder en haar dochter komen samen aan. Ruzie, harde woorden, tranen. Ik twijfel. Kom ik ertussen of niet. Na enige twijfel doe ik het toch. Ik roep het meisje. We praten een klein uurtje samen. Ze doet haar verhaal en laat haar emoties de vrije loop. Er ontstaat opluchting bij haar. Na twee uur zie ik lachende gezichten, en zachtheid verschijnen op hun manier. Ik verlaat met vreugde het café.

Boeren op het veld, grassen worden gemaaid. Mijn neus jeukt. Het laatste rechte stuk langs de Handzaamsevaart voor ik in Diksmuide aankom. Op de markt komen Annick en Ansje  naar me toegewandeld. Een hartverwarmende knuffel. Een warm weerzien. Een terrasje. Ik eindig de dag in familie en ga een rustige nacht tegemoet.

GPX Bestand Kortemark – Diksmuide

Fraise

Direction Dixmude (Diksmuide). Des pâturages, des champs, des plaines à perte de vue. Des coquelicots partout. Je m’égare quelque temps. Une femme, d’un salon de toilettage pour chiens, me vient en aide. Une heure avant Kortemark un arrêt est nécessaire. Un homme est occupé à bêcher son jardin. “Monsieur, pourrais je me servir de vos toilettes?” “Bein, oui pourquoi pas”, s’appuyant sur sa bêche. J’enlève mes chaussures. En sortant on parle un peu de mon camino, de mes expériences et de ce qu’est le chemin. Un contact agréable et court.

La chaleur fait gonfler mes pieds.  Je m’arrête à un distributeur d’alimentation. Je me paie un ravier de ‘frezen’ (fraises). Ce sont de ces petites boules rouges, légèrement allongées, avec des petits points verdâtres, qui sentent horriblement bon et qui dégagent, quand on les croque, un délicieux goût sucré.

Peu après midi, je prends un long repos. Un café local à Werken. Une mère et une fille arrive ensemble. Dispute, mots durs, larmes. J’hésite. J’interviens ou pas? Après quelques hésitations je le fais quand même. J’appelle la fille. On parle une petite heure ensemble. Elle me conte sont histoire et laisse libre cours à ses émotions. Un certain soulagement s’installe chez elle. Après deux heures je voie des visages souriants et une certaine tendresse apparait. Toute joyeuse, je quitte le café.

Des paysans dans les champs, fauchent les herbes. Mon nez chatouille. La dernière ligne droite le long du canal de Handzame avant d’atteindre Dixmude. Sur la place du marché Annick et Ansje viennent à ma rencontre. Une étreinte chaleureuse. Un plaisir de se revoir. Une terrasse. Je termine la journée en famille et vais à la rencontre d’une nuit paisible.

Raftje

Raf

Half acht, het ochtendgebed. De klank van de gezongen gebeden is zo mooi dat mijn eigen stem niet vrij komt. In stilte geniet ik mee. Aan het ontbijt een onverwachte fijne ontmoeting, Hilde, een vriendin. Rond tien uur ben ik in Torhout. Het marktplein wordt omgebouwd voor het vertrek van de ‘Nacht van West-Vlaanderen’. Aan de apotheek, een groep mannen allemaal rond de leeftijd van tachtig jaar. Ik stap naar hen toe. De één al wat plezanter dan de ander. Eén springt er werkelijk uit, een echte stand-up comedian. Ik vraag zijn naam. “Aerts Raphaël, voor de vrienden, Raphaël. Moar min vrouwke noemt me Raftje”, antwoordt hij me met pretoogjes. Of hij werkelijk Aards-Raphaël heet, laat ik in het midden. Deze naam draagt hij goed. “Tis goe, meug ik Raftje zeggen”, zeg ik met een knipoog terug. “Das goe moa nie zeggen aan min vrouwtje hé!” En zo blijven de gesprekken een uur duren en hebben we samen veel plezier. Ik neem een beeld van hen en een van Raftje. “En woa goa je doar mee doen”, vraagt een andere man. Met mijn hand naast mijn mond ga ik richting het oor van Raftje en fluister “tis voor op mijn nachttafel”, zodat de anderen het ook kunnen horen. “Jaja, we zin bekend van ‘Iedereen beroemd’ enne van …”, zegt één van de mannen met grote fierheid. En zo verlaat ik al zwaaiend deze hechte mannengroep op de markt van Torhout.

Na Torhout, naar de Sint-Jacobskerk van Lichtervelde en Gits. Langs open velden en weiden kom ik aan in Kortemark. Een wagen vertraagt. Een korte kennismaking en een onverwachte uitnodiging voor een overnachting. Twijfel. Ik blijf nog even doorstappen. In het centrum van Kortemark ga ik op zoek naar het adres van de onverwachte uitnodiging. Bij Annemie en Erik. Een bad, een heerlijke maaltijd, een wasmachine en een goede nachtrust staan op me te wachten.

GPX Bestand Groenhove – Kortemark

Raf

Sept heure et demie, la prière du matin. Le son des chants religieux est si beau que ma voie en reste muette. Je me réjouis en silence. Au petit déjeuner une rencontre inattendue et bien agréable; Hilde, une amie.

Aux environs de dix heures j’arrive à Torhout. La place est transformée pour le départ de la ‘Nuit des Flandres’. A hauteur de la pharmacie, un groupe d’hommes, tous octogénaires, les uns plus rigolos que les autres. Je m’en approche. L’un d’eux se distingue vraiment, un vrai humoriste. Je lui demande son nom. “Aerts Raphaël, Raphaël pour les amis. Mais ma femme m’appelle Raftje”, me dit-il avec un regard coquin. Je laisse, la question de savoir si Aerts Raphaël est son vrais nom, de côté. Il porte bien son nom. Je lui demande avec un clin d’œil, “je peux t’appeler Raftje.” “Bien sûr, mais ne dit rien à ma femme, hein!” La conversation continue sur le même ton durant près d’une heure et nous avons bien du plaisir ensemble. Je prends une photo du groupe et une de Raftje. “Et qu’es ce que tu vas en faire”, me demande l’un d’entre eux. En mettant ma main devant ma bouche, je souffle dans l’oreille de Raftje de façon à ce que les autres puisent l’entendre, “C’est pour sur ma table de chevet”. “Oui, oui nous sommes célèbres, tu sais, nous passons dans l’émission ‘Iedereen beroemd’ et de… “, dit l’un d’entre eux avec une certaine fierté. C’est comme cela que je quitte, avec un signe de la main, ce groupe d’hommes au marché de Torhout.

Après Torhout, les églises Saint-Jacques de Lichtervelde et de Gits. Longeant des plaines et des prés, j’arrive à Kortemark. Une voiture ralentit. Une brève entrevue et une invitation inopinée pour passer la nuit. Hésitation. Je continue encore un peu à marcher. Au centre de Kortemark je vais à la recherche de l’adresse reçue de façon inattendue. Chez Annemie et Erik. Un bain, un repas délicieux, un lave-linge et un bon sommeil m’attendent.

Louis

Sint-Jacobskerk, Brugge

Met stramme spieren kom ik het bed uit. Ik rek mijn kuiten en wrijf mijn voeten in zodat mijn huid soepel kan blijven. Nadat de rugzak gevuld is, verlaat ik het huisje van Katleen, een vriendin. Het was een warm en blij weerzien.

Net voor ik de stad uit ben, help ik Louis. Om onbekende reden viel hij van zijn fiets. Hij ziet er opgejaagd uit. “Waar moet u heen?”, vraag ik terwijl ik hem mijn fles water geef. “Ik heb examens en ben al te laat”, kijkend naar zijn knie. Wanneer ik aan het stationsplein ben, zie ik Louis terug. “Oh, ik ben nu mijn sleutels verloren”, zegt Louis. “Louis je was deze morgen te laat vertrokken, daarna gevallen en nu je sleutels. Wees voorzichtig en neem je tijd. Het opjagen heeft geen zin meer en moet je er wel heen?” Louis kijkt me aan, geen woorden. We glimlachen allebei.

In het Tillegembos staat een bejaarde man te gluren naar de ingang van een taverne. Hij kijkt regelmatig op zijn uurwerk. Vreemd. Ik keer even terug op mijn passen. Nieuwsgierig. “Goede morgen meneer, bent u iets verloren?”, vraag ik hem. “De taverne gaat pas open om elf uur, binnen een uur”, wijzend naar zijn uurwerk, het is elf uur. Meneer Denis is 86 jaar. Het wordt me duidelijk wanneer meneer Denis zijn verhaal deelt omtrent het niet meer mogen rijden met de wagen wegens beginnende dementie. We spreken wat over het werk en het leven.

Mijn tocht gaat verder. Na de regen van deze nacht staat de natuur er fris bij. De bladeren wiebelen af en toe wanneer een regendruppel zijn weg zoekt. De frisse geuren komen mijn neusvleugels strelen. Aha, mijn vriend de eekhoorn is terug, hij speelt verstoppertje rond een boomstam. In de namiddag kom ik langs de Abdij van Zevenkerke om dan de schaduw te gaan opzoeken in het feeërieke bos van Merkeveld.

Uitgeput kom ik aan in Groenhove, waar ik onmiddellijk wordt opgevangen door zuster Marleen, die me een kamer toont en zorgt voor een avondmaal met soep. Na mijn avondmaal volgt een dagelijks ritueel. Slaapzak openen, zijdezak erin. Kleren klaarleggen voor ’s morgens. Zolen uit de schoenen. De wekker.

GPX Bestand Brugge – Groenhove

Louis

Je sors du lit, les muscles raides. J’étends mes mollets et enduis mes pieds de pommade de façon à tenir la peau souple. Après avoir rempli mon sac à dos je quitte la maison de Katleen, une amie. C’était de chaleureuses retrouvailles.

Juste avant de quitter la ville j’aide Louis. Il est tombé de sa bicyclette pour une raison inconnue. Il a l’air agité. Je lui demande, “Ou vas-tu?”, en lui tendant ma bouteille d’eau. Tout en regardant son genou il me répond, “J’ai des examens et je suis déjà en retard.”

En arrivant à la gare je revois Louis. “Oh, maintenant j’ai perdu mes clés”, dit-il. “Louis, ce matin tu es parti trop tard, puis tu es tombé et maintenant tes clés. Sois prudent et prend ton temps. T’énerver ne sert plus à rien et dois-tu vraiment y aller?” Louis me regarde, sans paroles. Nous sourions tout deux.

Au bois de ‘Tillegem’ un homme d’un certain âge guette l’entrée d’une taverne. Il regarde régulièrement sa montre. Bizarre. Je retourne sur mes pas. Curieuse. “Bonjour monsieur, vous avez perdu quelque chose?” Me montrant sa montre il me dit, “La taverne ouvre à onze heures, dans une heure donc”, il est onze heures. Monsieur Denis à 86 six ans. Je comprends mieux la situation quand Monsieur Denis me raconte son histoire et le fait de ne plus pouvoir conduire une voiture à cause d’une démence précoce. On parle un peu de travail et de la vie.

Mon parcours continue. Avec la pluie de cette nuit la nature est pleine de fraicheur. Les feuilles vacillent de temps à autre lorsqu’une goutte cherche son chemin. Les odeurs fraîches viennent me caresser les narines. Ah, mon ami l’écureuil est de retour. Il joue à cache-cache autour d’un tronc d’arbre. Dans l’après-midi je passe près de l’Abbaye de Zevenkerke pour ensuite aller à la recherche d’un peu d’ombre dans le bois féerique de Merkeveld.

Je suis épuisée quand j’arrive à Groenhove. J’y suis tout de suite accueillie par sœur Marleen, qui me montre ma chambre et me procure un repas du soir et un potage. Après ce repas, le rituel journalier. Ouvrir mon sac de couchage, y mettre le sac en soie. Sortir les semelles intérieures de mes chaussures, préparer les vêtements et mettre le reveil pour le lendemain.