Nederigheid

Hoewel ik niet gefeest of geboemeld heb met de Eindejaarsfeesten en er in alle rust en in warme compagnie heb van genoten, is de drukte en de zware energie die het met zich meebracht toch wel in mijn huid gekropen.
Massa mensen waren aanwezig in de binnenstad. De Kerstmarkt gevuld met eet – en drankgelegenheden. Af en toe wat artisanal werk zoals kaarsen, houtensnijfiguren en veel made in… Wat me opviel was de vele zoete voeding… chocolade in overvloed… De mens hunkert naar zoet.

Op bezoek bij de Grauwzusters. Sedert mijn pelgrimstocht in België kom ik hier zo twee keer per jaar. Vanaf de eerste keer was er een klik tussen de gemeenschap en mij. Nadien ben ik er telkens met Driekoningen. Wanneer ik hier ben pas ik me aan, aan de uren en structuur van hoe de inwoners hier leven. Iets wat ik trouwens overal doe als ik onderweg ben. Gewoon met een open hart in ontmoeting zonder iets te willen of te wensen. Gewoon ‘Zijn’ in het Nu en dankbaar met wat er is. Nederigheid zou je dit kunnen noemen, een woord waar voor velen nog een lading opzit omdat men dit ziet als zich wegcijferen, onderdanig zijn en niet kan loskoppelen van situaties die door de jaren heen gecreëerd geweest is waarin – meestal- de vrouw onderdanig was aan de macht van de man, waaruit angst is ontstaan bij de vrouw en nog meer macht bij de man. (het kan ook in de andere richting). Duidelijk onevenwichtig.
Gelukkig is er hier verandering in te zien en meer dan tijd om hierin evenwicht te brengen.
De nederigheid waarover ik spreek heeft hier juist niets mee te maken, integendeel. Wanneer je nederig bent van hart sta je in eigen zachtekracht en ontneemt dit niet dat je een ‘neen’ kan plaatsen en grenzen stellen. Nederigheid van hart zorgt er net voor dat er evenwicht ontstaat tussen jezelf en de ander.
Dit bracht me de mogelijkheid en kans op mijn weg om waar te nemen, te voelen, gewaarworden, te ontvangen, te geven, om open te kunnen staan in contact met mannen….waar angst en macht niet aanwezig was… waar we beiden in ons ‘Zijn’ stonden, in evenwicht…in en met respect naar en voor elkaar. Dankbaar dat ik deze mannen hebben mogen ontmoeten. Door hun ‘Zijn’ hebben ze me de weg geopend van healing, waardoor ik de stap kon zetten… mij losrukken… en een volle NEEN kon zeggen tegen macht en onderdanigheid rond me heen bij aankomst.

Een zuster komt naar beneden. Ze is bleek en heel kort van adem na het gebruik van een aérosol. Ze voelt zich niet goed. Ze zet zich naast mij. Ik laat me leiden en leg zonder twijfel mijn rechterhand op haar rug tussen haar schouderbladen. Mijn linkerhand volgt op haar borst. Ik wordt gewaar en snel is er een duidelijke stroming voelbaar in mijn handen. Ik voel me stevig en krachtig. Mijn lichaam voelt gevuld met een zachte volle énergie. De zuster wordt rustiger, het geruis die ik voelde op haar rug verdwijnt. “Haar kleur komt terug”, meld een andere zuster. De zuster komt inderdaad bij… het geruis is verdwenen, de rust is voelbaar… Ze kijkt me aan. “Pfff, ik dacht dat dit het einde was”, ze dankt me. En stelt me verder geen vragen. Dankbaar om het gebeuren.

Na drie dagen verlaat ik de gemeenschap. In mijn oor wordt gefluisterd, “draag goed zorg voor onze broer”…in mijn valies een prachtig beeld van Fra Franciscus.

 

Artikel

 

De dag ontwaakt. Het is nog stil in huis

…Stilte…

Zo een waardevol iets. Waar zoveel aanwezig is. Hoe dichter ik bij het thuisfront kom, hoe meer ik kan zien en gewaarworden welke weg ik heb afgelegd. Vooral hoe ik kan zien via anderen hoe ik veranderd ben. Ik ben me bewust dat hierbij sneller mijn ruimte en grenzen mag gaan respecteren om niet mee te gaan in iets wat niet van mij is.

 

 

Hoe dichter ik kom, hoe meer ik het beeld voor me zie van een trechter. Niet in de richting naar het smalste stukje toe. Wel van het ZijnInAlleenEenheid naar de grote groep, de massa waar de hoop is dat we kunnen uitgroeien naar SamenZijnInAlleenEenheid. De menigte voelt wat bangelijk aan.

Gisteren kregen we een fijne overnachting bij de vriendelijke en gastvrije Baronheer in Lozer. Straks mogen we aan de ontbijttafel ten huize Sien en Paul.

 

Uitkijkend om straks een hartsvriendin en de kleinste pelgrim op mijn weg te mogen ontmoeten ‘Janne’.

 

img_20181130_2321534250149043587300995.jpg

Graag deel ik met jullie de tekst over het interview met Sim. Eronder is er dan een foto-video montage te zien die een globaal zicht brengt over de weg.

Jasmine is niet aan haar proefstuk toe. In 2014 trok ze naar Compostela. In 2015 wandelde ze de Sint-Jacobsweg, die alle Sint-Jacobskerken in Vlaanderen met elkaar verbindt. In 2016 deed ze hetzelfde in Wallonië. Zo ontstond een nieuwe pelgrimsweg, tussen alle Sint-Jacobskerken in België. Nu trok een innerlijke stem haar naar Assisi.

Assisi, Rome en…

Jasmine Debels • Sinds een aantal jaar vertrouw ik erop dat er een groter geheel is dat me leidt. Toen ik vertrok naar Assisi dacht ik: Dan kan ik evengoed langs Rome passeren. En waarom niet terugkeren langs Compostela. Maar dat was een mentale constructie. Het werd me snel duidelijk dat die weg niet klopte.

Onderweg werd Jasmine telkens opnieuw herinnerd aan de aartsengel Michaël.

Ik voel me sterk aangetrokken door de manier van leven, de natuurbeleving en de inzichten van Franciscus van Assisi. En Franciscus had een nauwe band met de aartsengel Michaël. In Rome heb ik beslist om 600 km verder te wandelen naar Monte Sant’Angelo (It), een bedevaartsplaats voor de aartsengel, en terug te keren langs de Sacra di San Michele nabij Turijn (It) en de Mont Saint Michel (Fr), twee andere plaatsen toegewijd aan de engel. Nu was alles juist.

Vertrouwen op gastvrijheid

Als een pelgrim vroeg Jasmine elke avond onderdak waar ze op dat moment was.

Jasmine Debels • Meestal klopte ik aan bij de eerste deur waarnaar ik geleid werd. In België en Frankrijk waren dat meestal gewone gezinnen. In Italië de pastorie. In België is aankloppen bij een pastorie niet zo evident omdat regels verhinderen dat je er overnacht of omdat ze leegstaan. De eerste deur was meestal de goeie.

Verrassend, maar de enige plaats waar ik buiten heb moeten slapen is Assisi. In erkende pelgrimsplaatsen was er wel vaker weerstand bij onverwachte aankomst. Als pelgrim heb ik geen eisen. Ik slaap even goed op de grond of op een tafel als in een bed.

Pelgrimeren betekent voor mij leven in het nu. Ik bel niet op voorhand dat ik afkom, want ik weet niet wat de dag mij zal brengen. Ik weet niet wat er onderweg gebeurt. Kan mijn lijf het wel aan?

De mensen zijn bang

Jasmine Debels • Ik ervaar dat mensen angstig geworden zijn. Waarom reageren ze vijandig? Het komt er bijna altijd op neer dat ze geen ruimte meer nemen, geen tijd meer nemen en stress hebben. Dan kan je niet in communicatie en verbinding staan.

Als je wandelt heb je de tijd en de ruimte om te luisteren naar je eigen lijf. Dan kan er eigenlijk nooit iets gebeuren. Ik ben vertrokken met het idee dat ik nooit meer mijn hart sluit. Ik ben dankbaar dat ik me dat voorgenomen heb. Het was niet altijd gemakkelijk, maar het heeft mijn hart krachtig gemaakt. Ik heb wel af en toe grenzen moeten stellen, dat wel. Maar ik blijf in verbinding met mijn hart.

En de volgende tocht…?

Jasmine Debels • Die komt er niet. Dit is mijn laatste. Tenzij ik ertoe geroepen wordt… (lacht)

Ik zou graag een pelgrimshuis beginnen. En in 2019 wil ik met een groepje werk maken van de officiële erkenning van de pelgrimstocht langs alle 29 Sint-Jacobskerken in België. Want niet iedereen kan of wil naar Compostela. Ik zou willen dat de tocht in België aangeduid wordt zoals de GR-paden. Dan kunnen mensen vertrekken zonder voorbereiding. Dat is heel belangrijk. Het zou fijn zijn om in sommige dorpen overnachtingsplaats te regelen. Dan kan je de hele 1600 km wandelen in 80 dagen. Als de Belgische pelgrimstocht officieel wordt, zal ik hem ieder jaar wandelen. Want hij moet wel in orde blijven.

Zet gewoon de eerste stap

Jasmine Debels • Pelgrimeren kan ik iedereen aanraden. Zet de eerste stap. Pak je rugzak, goede schoenen en vertrek gewoon. Zonder voor te bereiden. Voor m’n eerste tocht naar Compostela heb ik na een halve dag de computer toegedaan. Anders zou ik nooit vertrokken zijn. De ervaring doe je wel op onderweg.

Bron: kerknet-redactie

Auteur: Sim D’Hertevelt

 

img_20181201_0837126725599373017975351.jpg

 

La tactique

Zondagmorgen. Uitslapen… No way zegt mijn lijf. Een lange babbel met Nadine. Gabin: “Tu reviendra ? “. Ik kijk hem aan “oui”.
Laat in de voormiddag ben ik terug op weg. Een telefoontje. Verbinden. Luisteren.
Nadine komt langs met de wagen “c’est pas le bon chemin !” “Sisi, je suis le GR”. Uiteindelijk had ze gelijk. Dit was niet de weg die ik wou nemen en na de telefoon keer ik even terug op mijn stappen.

Het begint te regen. Mijn paraplu. Ik vind het zalig om eronder te wandelen. Geen regenkledij waarin ik zweet. Geen water die tussen mijn rugzak en rug heen sijpelt. Droge voeten. En dan is er het getik van de regen op de paraplu, zalig !
Een specht zijn geroffel vergezeld het getik van de regen.

In Beauchemin – mooie naam voor een dorp – vraag ik een jonge kerel om zijn toilet te mogen gebruiken. Voor ik naar buiten ga vraagt zijn vrouw of ik zin heb om iets te drinken. Een koffie.

Wat een energie heb ik vandaag. Mijn lichaam voelt echt supergoed. Mijn rugzak is terug aan het toveren. Alsof ik er geen draag. Op het ritme van het muziek – la tactique du gendarme, van Bourvil- en al zingend stap ik richting Landres. Ook al regent het en is het grijs, ik geniet ervan. De natuur zal er dankbaar om zijn. De grond stond droog.

Église Saint-Cyr à Saint Ciergues

Lac de la mouche

Rond 18 u kom ik aan in Langres. Een stad op een heuvel en zijn bijna drie kilometer lange vestingsmuren. Le presbytère. Een man met hoed op, paraplu en regenjas wijst me de weg.

De klokken luiden. Ik ga naar de mis. Lang geleden. De priester komt naar me toe, schud me de hand “oh, vous êtes le pèlerin”. ‘Amai, hij weet dit al’, gaat door me heen.
De mis begint met het voorstellen van de aanwezigen… “il y a même une flamandine entre nous”. En eindigt met “j’ai essayer de mettre le chauffage…. Eh bhein… ‘tintin’, zalige priester.
Na de mis komt de priester naar me toe en vraagt welke beelden voor me staan. Maria en de andere twee herkende ik niet ‘Jeanne d’ Arc en Elisabeth’.” Il faut apprendre un peut l’histoire de France”, krijg ik als antwoord. “Mon père.. Olala”.

Moet ik me dom of minderwaardig gaan voelen omdat ik de geschiedenis niet ken. Neen, heb ik echter vroeger wel gedaan, ik was beschaamd. Jah… omdat ik dacht dat wat men leerde op school dat dit parate kennis moest zijn. Ik herinner me de opmerkingen, ‘Alle, je zou dit toch moeten kennen…’ Of’ ale, ken je dit niet!’, met een neerbuigende intonatie… Blijkbaar vond ik toen al als kind dat het leven in het’ Nu’ belangrijker was dan iets vanbuiten te blokken waar ik geen boodschap aanhad. En nog min als ik de druk voelde en eisen die men verwacht van een leerling, dan bak ik er niets van. – Zelfs vandaag nog.- En als ik dan iets tegenkwam die mijn interesse opwekte. .. Wel dit is heel simpel… Boeken openen en… dan pas bleef het kleven en vergat ik het niet omdat het zich voordeed in het nu. Toch… hebben de ogen en meningen van anderen hieromtrent veel impact gehad in mijn reacties en gedragingen. En heb ik lang gedacht minderwaardig te zijn. Mijn kennis, kunnen en beleving uit het leven zijn voor mij vandaag heel waardevol en daar ben ik fier op. Mijn levenschool op mijn manier en ik hoef niet onder te doen.

Boodschappen. Een man komt naast me wandelen. De man met de hoed op, paraplu en regenjas. Hij helpt me dragen en neemt mijn paraplu in zijn handen. Oef, anders heb ik straks geen eieren niet meer. We praten met elkaar. “Oh, mes vous êtes le prêtre. Désoler je vous avez pas reconnu”. Mijne ‘frank’ viel… In stukken (glimlach)

Église Saint-Martin, Langres

Symbool Svastika

Lessines

 

 

 

img_20180404_1248386532111389934856063.jpg

Livierenbos

 

Een zuster sluit de deur achter me. De andere zusters zijn in de mis. De ochtend start langs veldwegen. Lammetjes zijn hoorbaar in de achtergrond, naast mij één… twee rammen en in de verte is een haan hoorbaar. Een lange bosweg neemt me mee door het Livierenbos.
Het gezang van de vogels. Ik sta stil. Mijn ogen sluiten. De wind is voelbaar op mijn wangen. Ik verdwijn in gedachten. De vogels zijn overal hoorbaar. Pimpelmees, koolmezen, vinken en waarschijnlijk nog zoveel meer die ikzelf niet herken. Een diep zucht. Ik open terug mijn ogen. De wind laat fris groene blaadjes dansen.

Lessines. Geboortedorp van kunstschilder René Magritte (1898-1967). Naar het gemeentehuis. Iets wat ik vergeten ben, zijn de verkiezingen eind 2018. Formaliteiten. Oef, die kan ik binnen een paar maanden uitprinten. Lessines en net zoals zovelen steden en dorpen, leeg. Geen kat te zien, lege straten, verlaten winkels. De Sint-Pieterskerk binnen. In de twee kleine zijportalen is een mini tentoonstelling te zien. Een detail op een wit gewaad uit 1890 trekt mijn aandacht. Wat een detaillering. Een waar kunstwerkje. Plots gedonder en een fikse bui. Ik ontsnap aan een onweersbui. Niet ver van de kerk Hôpital Notre-Dame à la Rose. Een ziekenhuis ontstaan in het jaar 1242. Deze was toen volledig zelfbedruipend. Deze plaats was er om de hongerige te spijzen. De dorstige te laven. De zieken bezoeken. De naakten kleden. De daklozen herbergen. De doden begraven. De gevangen verlossen en ook pelgrims kwamen hier over de vloer. Oorspronkelijk wou Lessine hier appartementen op bouwen. Gelukkig zijn er mensen geweest die inzagen dat dit een waar erfgoed was. Wie het hospitaal in Beaune heeft gezien, het is zeker de moeite waard om dit musea te bezoeken. Waar Beaune eerder gericht was op de kamers zie je hier vooral een schat aan medische apparatuur. Ook een waardevolle kruidentuin.

‘Moge uw voeding uw geneesmiddel zijn en uw geneesmiddel uw voeding’,Hipocrates

img_20180404_1934572000115712310253419.jpg

 

 

img_20180404_2048186337478618461791929.jpg

Na Lessines kom ik plots de Sint-Jacob schelp tegen… De weg naar Santiago. Mijn nacht breng ik door in een garage. Een gans atelier. Een babbel met de eigenaar. Voor hij de deuren van zijn huis sluit brengt hij me nog een gieter vol water en een teil. Een fles water en koffie en mag ik nog even zijn toiletten gebruiken.
Ik gebruik wat isomo om op te slapen. Mijn nooddeken erop, daarop mijn matras. Het ijskoud water warmt mijn lichaam op. Met wollen muts en wollensokken kruip ik in mijn dons. De sokken en de muts zullen ervoor zorgen dat mijn lichaam zijn warmte in evenwicht kan houden en ervoor zorg dat ik niet afkoel. Oordopjes in en… Tot morgen.

 

img_20180404_2117159187269805235619102.jpg

 

Zwalm

 

cof

Het is stil in huis. Ik open de deur van de woonkamer. Iemand komt naar beneden. Rocky. Hij kijkt me argwanend aan. Ik hou rekening met zijn houding en ga voorzichtig met hem om. Wanneer ik klaar ben om te vertrekken zie ik dat de deur op slot is. Een stoel, een tafel, de keuken. Ik vul mijn dagboek aan in afwachting dat de grootmoeder of Amber ontwaakt. De ouders zijn al vroeg de deur uit. Rocky blijft aan mijn rechterzijde. Wat is het fijn om te voelen dat er nog veel mensen openstaan voor elkander. Waar een volledig vertrouwen van beide kanten aanwezig mag zijn. Wie durft nog zijn deuren te openen wanneer iemand komt aankloppen en vraagt naar een onderdak voor een veilige nacht. Een warm en waardevol gebaar dat men niet enkel schenkt aan de ander, ook zichzelf hiermee goeds kan doen.

Voor ik volledig de weg op ga, even langs de bakker. Ik kom terug op mijn stappen. In de verte hoor ik roepen ‘daaggg Jasmine’, in een deuropening Amber en haar grootmoeder, ze staat met open armen in de lucht te zwaaien. ‘Daag Amber, daaggg’, roep ik terug.

 

 

Linksonder , de Zwalm. Een man tot aan zijn liesen in het water. ‘Goedemorgen. Wat is er hier te vissen?’, vraag ik de visser. ‘Kleine forellekes, deze zijn nog niet zolang te vinden hier.’ We praten nog wat verder en wensen elkander een goede dag.
De weg neemt me verder mee via de oevers van de Zwalm, sluizen en landwegen. De Vlaamse ardennen. Aan de andere kant van de oever een paaldanseres aan het oefenen rond een boomstronk. Hmm, ik waag me niet. Een mode pop.

Mijn grote teen. Een eerste blaar is voelbaar. Om ze minder te voelen en ze niet de kans te geven zich verder te ontwikkelen, hou ik aandachtig rekening met haar. Mijn rugzak wat lichter gemaakt en een rechte houding aannemen. De blaar zelf laat ik zitten, binnen een paar dagen versterkt ze mijn huid voor de komende tijd.
Mijn knieband liet ik achter bij vrienden. Deze was meer een last, dan goeds. Mijn knieschijf moest hierdoor normaal steun krijgen en pijn verlichten, echter bracht het me een omgekeerde beweging. Zonder voelt het veel beter.

img_20180403_2149592009842044167398402.jpg

Ken en Gaby

 

Een wagen met aanhangwagen komt aangereden. Twee mannen stappen uit. De aanhangwagen ligt vol met metalen vierkanten. Het zien er net vangnetten uit. ‘Amai, dat is sportief’, zegt een wat rijpere man. Gaby heet hij. Samen met zijn compagnon Ken vangen ze ratten. We praten wat over de weg. Het al of niet alleen stappen, de voor en nadelen ervan. Of er eenzaamheid is… Eigenlijk ken ik geen eenzaamheid op de weg, er is zoveel te beleven en zoveel ontmoetingen.

De lucht kleurt af en toe donkergrijs. Op een openvlakte kijk ik hoe de lucht continue verandert en lichtstralen tovert aan de horizon. De wind komt is van de partij. Het landschap is open met veel vergezichten. Tegen de vroege vooravond ben ik in Brakel. Een pauze, anders zou ik die wel eens durven vergeten. Wanneer ik de weg terug verder zet kom ik langs een klooster. Een groot Franciscus beeld staat in een nis van een gevel. Ik bel aan. Een zuster opent de deur en laat me binnen. Zuster overste komt erbij… Ik doe mijn verhaal waarom ik aanbelde… Het Franciscus beeld trok mijn aandacht. Ik kon dit niet aan mij voorbij laten gaan op mijn weg naar Assisi. We kijken elkander aan en plots schieten onze woorden te kort. Ze werden overbodig. Een krachtige energie is voelbaar. De zuster geraakt ontroerd. Vocht komt in haar ogen te staan. Een verfrissende douche voor het avondgebed. Het avondmaal. En we eindigen samen de avond in de woonkamer kijkend naar het nieuws en nadien een avondlied.

 

 

 

 

Ijzerkotmolen

 

img_20180402_2334324633764917636080375.jpg

Munte

Na vier dagen kamperen in eigen huis, een overnachting in een voor mij gekend bed bij vrienden.

Het is fris buiten, mijn muts en handschoenen zijn niet overbodig. Via gekende dorpen zet ik mijn tweede dag in. Het gevoel van volledig weg zijn, is er nog niet ten volle.

Langs de wegen staan vol ontluikende bomen. Lente is op komst. De eerste lente bloeiers zijn aanwezig. Forsythia en krokussen kleuren de bermen geel.

Af en toe wandelen ik langs een frisse zoete geur. De Skimmia. Ik blijf voor de plant staan en laat me bedwelmen door zijn overheerlijke geur.

Van landskouter naar Munte. Op een grote baan, mij niet onbekend, kies ik om rechts af te slaan en een goeie dag te gaan zeggen aan de kleine Lena en haar mama en papa. Een deugddoende pauze.

Altijd wel fijn om je laten te verrassen door de weg, een voordeel van niets vast te zetten en te genieten van wat op je afkomt. Zo kom ik aan in Dikkelvenne en bel ik op het onverwachts aan bij Marleen. De tijd van een koffie, een babbel en hup…

De GR 122 neemt me mee via landelijke wegen richting de Vlaamse ardennen. Naar de avond toe stop ik in een ijzerkotmolen om iets te eten. De tijd is hier stil blijven staan. Een openhaard verwarmt de ruimte en is meer dan welkom. Als ik mijn maaltijd wens te betalen krijg ik te horen ‘met plezier geschonken door het huis, neem ons mee in gebed naar Compostella’. Dit is altijd even wennen wanneer een maaltijd zomaar wordt aangeboden, en toch o zo dankbaar en kan ik het met open armen ontvangen.

Na een half uur stap ik nog verder langs de Zwalm. De avond is in aantocht, tijd om een overnachting te zoeken. Na drie maal aankloppen wordt ik met open armen ontvangen bij Els, Piet en Amber. Rocky een herdershond laat me zonder enig probleem toe in het huis en ontwijkt niet van mijn zijde. Een grote levende knuffel. In de zetel val ik diep inslaap op weg naar…dromenland.

 

img_20180403_0452093274727127599005053.jpg

Zwalm

Pelgrimszegen

img_20180403_0504148995738626880282414.jpg
Jeannette

1 april 2018.

Een bezoek aan mijn bovenbuur vrouw Jeannette. Een bijna 90 jarige (14 april) en in superform voor haar leeftijd. Het daglicht schijnt op haar rechterkant. Haar ogen glinsteren, ‘oh, ik gau nu min cremekarre nie mej hoaren’ (ze bedoelt het geluid van haar deurbel). We krijgen beiden de slappelach. ‘Wa go ik joan missen’… Het raakt me en voor de eerste keer laat ik dit woord toe. Ik vond dit altijd vervelend wanneer me iemand dit me zei, ik duwde dit af. Afhankelijkheid, afscheid… koppelde ik hieraan. Het komt binnen en voor de eerste keer voelt het goed en juist in mijn beleving en kan ik het toelaten. Iemand betekenen voor iemand en vice versa…

Bij een andere buurvrouw Francine. Hebben we een fijn en boeiend gesprek rond geloof en wat het voor elk van ons betekent. Een half uur later zet ik mijn voeten op de Gentse kasseien en de naam van het appartement ‘Esperanza’ verdwijnt om de hoek.

De klokken van de Sint-Baafskathedraal beginnen te luiden voor de paasviering. Vrienden zijn aanwezig. Hartverwarmend. Ook mijn ‘zus’ is er (dochter van mijn moeder haar tweede man), deze winter mama geworden van de kleine Lena. Op het einde van de viering vraagt bisschop Luc Van Looy me naar voor in de overvolle kathedraal voor de pelgrimszegen. ‘Er is hier een hij of is het een zij die naar Compostella vertrekt’… Ik vond dit gepast hij of zij… Noch het een noch het ander, ze voelt het voor mij. Met een rustige en stevige stap komt Mgr Van Looy voor me staan. Mijn ademhaling wordt dieper. Een diep verbonden contact… Zijn handen rusten elk op een schouder. We kijken elkaar aan… Ik sluit mijn ogen… Ik voel een hand op mijn hoofd. Het voelt stevig, beschermend… De zegen… We delen nog wat woorden… In schoonheid en verbonden geraakt…

Na de viering neem ik afscheid van mensen die me genegen zijn. Innige knuffels worden gedeeld. Een kruisje op mijn voorhoofd, een kaartje, een klein geschenk… Een foto. We verlaten samen de kathedraal via de middenbeuk. Nog even een goede dag aan monseigneur. Een stevige hand… ‘Je eindigt je weg terug langs hier’ vraagt de bisschop. ‘Absoluut’, antwoord ik terug.

Een zwaai langs hier, langs daar. Mensen komen me een goede weg wensen. Mensen die geraakt zijn door mijn vertrek. Dankjewel aan jullie die aanwezig waren. Het voelde zo goed. Nogmaals een dikke knuf.

Samen met vier stappers Lut, Koen, Els en Franky zet ik mijn eerste stappen richting Assisi. Een bijzondere ervaring om samen met anderen te stappen. Ideeën, vraag en antwoord worden gewisseld. Via de Schelde verlaten we Gent richting Melle. Aan het station in Gontrode nemen we afscheid. Een groepsfoto en ik zet mijn weg verder door het bos op weg naar vrienden voor mijn eerste overnachting.

Kunstenaar en bijenhouder Jef Wynants

1 april – Pasen

Toen ik vorig jaar besloot om op 1 april 2018 een nieuwe pelgrimstocht te beginnen – de Francigena, richting Assisi, Rome en uiteindelijk Compostela – kreeg ik de reactie: “Allé, wat een rare datum.” Toch voelde ik dat het klopte. Even later opende iemand de agenda en zag dat het die dag Pasen was. Dat bevestigde mijn gevoel nog meer, en ik was blij dat ik mijn intuïtie had gevolgd.

Ik zal vertrekken vanuit de Sint-Baafskathedraal, waar ik de pelgrimszegen zal ontvangen van Monseigneur Van Looy.

Het zou voor mij heel bijzonder zijn om deze paasviering met jullie te mogen delen, in jullie nabijheid.

Bij deze nodig ik jullie dan ook van harte uit voor de paasviering op 1 april 2018 om 11.00 uur in de Sint-Baafskathedraal te Gent.

Tot dan,

Liefs,

Jasmine

“Er is maar één weg, de weg van het hart.”

Doorzetter

De bus. Een schuifdeur. Vier wielen die me vijf kilometer verder zouden brengen dan de grootstad Nevers. 

Mensen stappen in. Een vrouw met kind, ik laat haar voor mij instappen. Mijn voeten, alsof ze genageld zijn aan de grond. Een weerhouden. Stap ik in of niet.Twijfel. Ik kijk voor me… naar links…voor me…naar links… ‘Jasmine niet neuten’, verteld een klein stemmetje me. Mijn denken. Mijn verleden. Ik kijk voor me…ik zie de mensen op de bus…iets weerhoud me…
Ik voel een kracht. Mijn voeten gaan van de grond. Met een overtuigende stap vertrek ik naar links…voorwaarts richting het treinstation…in mijn rug…het stemmetje…je bus gaat zo vertrekken…je faalt…doorzetter. De saboteur…

Doorzetter, voor wie… voor de te vroeg geworden volwassenen in mij.

Mijn innerlijk kind heeft verlangens en deze zal ik vandaag gaan koesteren en zorg voor dragen. Het terug tot leven brengen wat ik zolang heb verlangen en diep had begraven uit zelfbescherming om geen pijn te moeten voelen.  Vandaag ben ik me bewust dat deze verlangens kunnen ingevuld worden… dat er ruimte voor is …niet vanuit het kleine kind…wel vanuit de volwassene met het haar innerlijk kind. Een getransformeerde doorzetter met een vreugdevol hart. Een doorzetter die letterlijk en figuurlijk naar huis gaat. Thuis komen. Tijd om de luiken te openen 😉 🙂