Jimmy

image

7 juni – Een gorgel, een sheet, een boer…dit zijn de geluiden die ik hoor tijdens het ontwaken. Als ik deze geluiden kan dulden voor de rest van de Camino, dan verdien ik niet enkel één pluim wel een ganse hoed 🙂 . Vijf uur in de morgen sommige staan al in hun start schoenen,  ik draai me nog even om. Zes uur alle lichten gaan aan. Met trage bewegingen maak ik mijn rugzak en ga mijn schoenen halen in de schoenruimte die bijna leeg is. De weg loopt door de Navarre streek.  Op een hoogte van 900 meter wandel ik door de bossen. Na de middag gaat het bergaf. Door de vele pelgrims op de weg zullen de dieren minder aanwezig zijn. Wat zal ik ze missen.  Vijf minuten later komt een vos (of zou dit Rudjard kunnen zijn) mij vergezellen. We kijken elkander kortstondig aan. Zijn staart is lang en elegant. Zijn pootjes zien er donzig uit. Hik verdwijnt nadien via de velden richting het bos. Een jonge pelgrim vergezeld me. Jimmy. We hebben een boeiend en intens gesprek over imperfectie en deze aan God te geven. Na een uur scheiden onze wegen terug.
Onder mijn knieën zie ik het zweet langs mijn benen druppelen.  Mijn armen zien er glanzend uit. Net zoals gisteren ben ik rond 14 uur in auberge.
*Robin en Rudjard – Ronny Dhulster – isbn 97890-90280-462

Spanje

image

6 juni – Ik voel me net als een klein kind die op schoolreis ga. Niet kunnen gaan slapen en om vijf uur uit de veren, eerder uit de zijde 🙂 . Voor de eerste keer in een dormitoire met 24 mensen. Een meevaller. Wel goed dat oordoppen bestaan. Om 06:45 verlaat ik de rustige straten van Saint Jean Pied de Port.  Onmiddellijk gaat de weg omhoog richting Orison en Col de Bentarte met een hoogte van 1337 meter. Net de refuge van Orison voorbij en ik voel een fikse wind.  Het heeft deze nacht weinig afgekoeld en al snel gaat mijn pull in de rugzak. Hoe hoger op de berg, hoe moeilijker het wordt met de wind. De vlakke en open delen boven zorgen ervoor dat afscherming onmogelijk is. De hevige wind blaast me van de ene kant van de baan naar de andere kant. Wandelen langs de kant van de ravijnis niet aangeraden. Mijn wandelstokken heb ik nog nooit zo stevig vast gehouden. Mijn rugzak maak ik stevig vast zodat deze vlak op mijnrug komt. (Oeps, even te hard anders kan ik niet ademen). Schapen kruisen ondertussen mijn weg. Koeien vechten kop tegen kop en laten zo hun koebel horen.  Paarden nemen een bepaalde houding aan. Niet raar als je hier op de top mag staanin de weide. Ik sta stil en kijk naar hen. Mijn twee benen stevig op de grond. Mijn armen zijwaarts. Ik denk terug aan de oefeningen ter voorbereiding van een vuurproef.  Ik begin te lachen en zet ondertussen de weg verder.  Met een schuine houding naar voor ga ik de wind tegemoet.  Hup, naar rechts, hup naar links. Ik voel mijn buik. De kracht. Ik hoor mijn klank. Yes, ik ga ervoor.  Yes, het mag er  zijn. Ik krijg de slappe lach. Ik ga verder. Rond kilometer 15 een laatste halte op Franse grond en dan terug naar boven tot 1430 meter. Nadien is het een twee uur durende hevige daling naar Roncesvalles.  De knieën zien af.  Al zigzaggend en bijna lopend blijf ik dalen. Ik voel kracht, energie. Ik daal met een spelend ondeugend gevoel.  Om 14 uur heb ik een bed in een schitterende en luxueuze gerestaureerde refuge. Ik ben in Spanje na 66 dagen wandelen.

Saint Jean Pied de Port

5 juni – Zestig dagen om volledig Frankrijk te doorkruisen.  Zestig dagen, op een paar dagen na bijna de ganse tocht alleen. Hup naar Saint Jean Pied de Port. Sedert gisteren zijn de pyreneeën duidelijk zichtbaar.  Het is warm. De gieren vliegen in grote groepen van 20 naast de weg. Af en toe is er een roofvogel te zien.  Mijn voeten beginnen te knellen in mijn schoenen.  Ik maak ze wat los en drink een fikse slok water. De bergen geven me een portie energie waardoor ik vergeet te pauzeren. 14 uur zie ik Saint Jean Pied de Port. Eerst een klim en dan een lichte daling om via de poort van Saint Jacques de stad binnen te wandelen.  Mijn lichaam voel ik inwendig snikken. Ik geef mijn emotie de vrije gang. Met mijn wandelstokken onder ene arm en een zakdoek in de hand wandel ik verder tot het bureau voor pelgrims.  Vier hospitalier wachten op de vele pelgrims die vandaag zullen toekomen.  De credential wordt afgestempeld, overnachting regelen en wat info voor de volgende dag. Na een goede douche, opmaak van het bed, mijn kleren een goede wasbeurt geven, ga ik langs bij de post. Nog 2500gr stuur ik terug naar België en als aangename verrassing ligt er lieve post voor me klaar die me aan het lachen brengt. Ik ga wat eten halen, vul mijn dagboek wat aan en ga dan slapen. Een fikse tocht wacht op me.

Belle histoire

image

4 juni – De maan, de sterren, het geluid van het water. Af en toe hoorde ik de otters die op een paar meters voor me aan het eten waren. Dit was een aangename verrassing.  In het midden van de nacht verdween de maan en de sterren.  Ik voelde wat druppels op mijn slaapzak. De rest van de nacht bracht ik door onder een party tent. Om zes uur vertrek ik. De regen en de modderige wegen geven extra pit aan de weg. Mijn wandelstokken compenseren de sleitage van mijn schoenen.  Op bepaalde plaatsen is mijn profiel volledig weg. Een wit bloemblaadje van de eglantier op de weg. Een vorm van een hartje.  Als ik verder kijk valt het me op hoeveel hartjes er aanwezig zijn in de natuur. Het blaadje van de overwoekerende Convolvulvus, de klimop.  Gewoon zomaar, zo dichtbij. Overal. Gewoon zien.  Het dringt tot me door vanwaar mijn kracht kwam doorheen de voorbije jaren.  Het blijven zien en voelen heeft me gebracht waarik vandaag ben. Eventjes op mijn weg, Laurent, hij zou vandaag heel graag tot in Saint Jean Pied de Port wandelen en hoopt er terug een pelgrim te zien die hij eerder had ontmoet.  Zijn ogen fonkelen terwijl hij het vertelt. Zou er een ‘Belle histoire’ ontstaan.  Ik hoop dat hij er geraakt.  Na een middag maal in Saint Paulin wandel ik vol energie richting Ostabat.  Een heuse stijging tussenin met bovenaan een prachtig zicht op de pyreneeën.  Immens en krachtig. Op een uur van Ostabat,  een kapel ‘Saint-Nicolas d’Haranbeltz’. Prachtig!  Wat me opvalt is het plafond.  De schepper in het midden, ernaast de zon en de maan. In het Baskenland staan ze heel dicht bij de natuur. Hun symbool, het Baskenkruis zijn de vier elementen: water, lucht, vuur, aarde. 

Het veulen

3 juni – 21 uur aan de oever van de rivier. Het water is glas helder en heeft een stevige stroom. Twee ‘Vlaamse gaaien’ of moet ik ze ‘Béarnaise gaaien’ noemen, vliegen van de ene naar de andere kant van de rivier.  Het was een dag met veel hellingen.  De ene wat heviger dan de ander. De bossen zijn vochtig en op vele plaatsen is er modder. Verder in een dorp komt een auto aangereden met zijn muziek hardop.  Ik werd uit de rust gehaald. Ik draai me nog even om, om te kijken naar de wagen. Op een voorgevel lees ik plots ‘Boulangerie’. Ik keer terug op mijn stappen.  “Monsieur sans votre musique je n’aurai j’amais vu la boulangerie”.  Met een mooie glimlach kijkt hij me aan en vraagt me of ik naar Santiago ga. Wanneer ik het dorp uit wandel,  komt dezelfde wagen aangereden.  Met een grote glimlach steken we onze handen op naar elkaar. Ik zal nooit meer chagrijnig zijn wanneer ik zo een wagen hoor aanrijden 😉  . Na een hevige helling in het bos steek ik een straat over om te dalen. In de verte zie ik de pyreneeën.  Ik knipper even met de ogen of ik goed zie, het klopt. Ik voel de nood om dit te delen en denk aan mijn ouders. Ik draai me om. Een paard en een spelend veulen. Mijn tranen vloeien. Ik sms naar mijn ouders. Op de weg een slang,  une couleuvre.  Ok, wat heb je me te melden. Ze ligt breed op de weg, kort na een bocht. “Ik heb het begrepen. Ik ga aan de andere kant van de weg wandelen”, spreek ik haar toe. Ik geef een tik met mijn stok op de grond zodat ze achteruit zou gaan en verdwijnen in de berm.  Net op tijd, een wagen komt aangereden.  Ze verdwijnt in de berm. 16 uur de kerk van Sauveterre.  Een ontmoeting met Pierrette. Een open gesprek ontstaat. We krijgen beiden tranen in onze ogen, we weten niet waarom. Er was iets, iets bijzonders mooi. Aangekomen aan de plaats waar ik nu ben, zag ik haar aan de toren aan de overkant van de rivier. We zwaaiden naar elkaar. Bij ieder stap die ze nam, zwaaide ze tot ze me niet meer zag. Een eend komt aangevlogen en land in het water voor mij. Ik zink weg in gedachten.  Ik ga slapen. Het was een ontroerende,  emotionele mooie dag.

Alcool de Melisse

2 juni – De laatste dag door de Landes. De verandering is heel goed zichtbaar en voelbaar. Weg vlakke wegen.  Ik voel me soms net op een roetsjbaan.  Boven mij de buizerd.  Wat ben ik blij hem terug te mogen zien. Sedert het begin van de Landes wat hij er niet meer. Ik vermoed dat de reden waarschijnlijk de veranderingen is van Fauna & Flora. Bamboebossen overwoekeren andere soorten bossen. De Chevrefeuille is op veel plaatsen te zien. Met zijn overweldigende geur is hij zeker welkom. Op de middag wandel ik les Pyrenees Atlantique binnen. De laatste regio voor de Spaanse grens. Een lichte hoofdpijn komt terug opdagen samen met een lichte pijn in de leverstreek. Ik was deze eventjes vergeten.  Ik probeer stil te staan wat de oorzaak zou kunnen zijn. De zon, niet genoeg drinken,  de anti parasieten,  vermoeidheid of een teveel van die lekkere Chocolatines. Of zou het de roetsjbaan zijn van een weg die  op en neer gaat. Dan ben ik hoogstwaarschijnlijk niet wagenziek maar stapziek 🙂  .  Straks alcool de Melisse halen bij de apotheek.  Eerst nog even genieten van de geur van de Jasminoides die me verwelkomt in Orthez.

Een kronkelig, onverhard pad door een groen bos, omringd door bomen met bladeren en mosbedekte stammen.
Een schilderachtig pad omringd door weelderig groen in de Landes

Nieuwsgierig

image

01 juni – Terwijl de anderen nog slapen ga ik koffie zetten.  Wachten op een kopje neem ik mijn dagboek en probeer ik deze wat bij te houden. Een pelgrim ontwaakt en vergezeld me aan tafel.  Mijn dagboek gaat terug dicht. Het wordt drukker in de keuken. Vier pelgrims aan tafel die door elkander spreken. De toon wordt hoger. Ik verlaat de ruimte en ga naar boven. Ik doe de deur achter me dicht en begin te zingen.  Het doet me goed.  Veel later dan anderen  verlaat ik de refuge. Ik had nood aan alleen zijn. Een uur later wandel ik ‘het pad’. Mijn nieuwsgierigheid in mezelf en de andere proberen te begrijpen belemmerd me om rust in mijn hoofd te blijven houden. Ik neem alles denkbeeldig vast op mijn handpalm en blaas het heel zachtjes weg. Kort na de middag Hagetmau. Ik ga binnen in een ‘vide grenier’ ten voordele van een handbal groep. Ik eet er frietjes en heb er fijne gesprekken met de jongeren.  Naar het zwembad om de code voor de refuge.  Ik ontmoet een nieuwe pelgrim. Terug een nieuwe confrontatie om in eigen kracht te blijven.  Het lukt me goed.

Jarig

A display case filled with colorful meringue pastries, labeled with prices and flavors such as mango, strawberry, and nougat.
A colorful display of meringue varieties in a pastry shop

31 mei – Naast mijn bed staan twee omslagen die ik hebben ontvangen zes dagen geleden in Bergerac.  Ik doe ze open.  Wat zijn ze mooi. Zowel de teksten als het beelden op de kaart. Eentje ervan, een spelend meisje met haar pop. Dank je wel lieve meid, kus 🙂 . Jarig op de camino! Wat fijn deze verjaardag op deze weg mogen vieren. Mijn ontbijt, een aardbeien gebakje. Kort na de middag zit ik al te genieten van ‘une menthe a l’eau’ op een terras in de zon. Voor mij de Notre Dame in Saint Sever.  Ik probeer wat terug in mijn eigen kracht te komen na de drukte en ongeduld van pelgrims bij het toekomen in de refuge. De weg stelt me vandaag op de proef heb ik de indruk of is dit als voorbereiding voor de komende drukte in Spanje.
Een koppel van in de refuge komt me tegemoet.  “Vous buvez une menthe a l’eau le jour de votre anniversaire”? “Oui”, antwoord ik met een glimlach. “Mais alors vous n’êtes pas une vrai Belge”! Ik laat deze reactie voor wat ze is.  Gelukkig kan ik zien waarom en vanwaar zo iets komt. Tweede uitdaging van de dag 😉 Het begint te regenen.  Ik ga wat boodschappen doen en daarna rustig wandelen door de stad.  Voor het slapen gaan bekijk ik nog eens al de boodschappen die ik mocht ontvangen.  Met de mooie beelden,  de zingende vogels, de prachtige natuur en de zovele wensen laat ik me zachtjes indommelen.

Ingetogen

26 mei – Patrick is al vertrokken richting La Réole.  Ik kijk uit het raam, grijs, geen enkel wolkje aan de lucht. Een regenkap voor de rugzak en regenjas zal noodzakelijk zijn. Ik doe de deur van de refuge achter me dicht en vertrek voor een nieuwe dag, nieuwe ontmoetingen en ervaringen. Een fijne regen vergezeld me tot na de middag. Tussen de wijnvelden door op kleine departementale en soms op modderige wegen. Ik blijf wandelen tot ik ergens een bank tegenkom om mijn middagmaal te nemen.  Weinig banken te bespeuren. Een kerk, zou daar iets zijn! Ja, een stenen muur onder een afdak, ideaal. Met terug wat energie wandel ik mijn laatste kilometers, nog 12 te gaan. Net voor La Réole op een helling zie ik in de verte een blauwe lucht en hoge witte wolken. Gevoelsmatig voel ik mijn lichaam die zich opent. Bewust dat ik de ganse dag heel diep in mezelf was gekeerd. Ingetogen. Een wagen rijd stapvoets naast me. “Bonjour,  pelerine vous allez ou? A La Réole! ” vraagt een vrouw me met een stralende glimlach.  “Bonjour, oh oui j’ai l’ai pieds épuises”. “Vous voulez que je vous conduit”. “Je vous remercie, je préfere continuer à pieds”. “Je comprends.  A partir d’ici il vous reste plus que 30 minutes. Bon courage. Ultreïa”. “Merci beaucoup”. We steken nog even onze hand op en mevrouw rijd verder. In het gemeentehuis van La Réole verneem ik dat er geen refuge is voor pelerin.  De vrouw aan de balie doet al het mogelijke om een overnachting te regelen bij een particulier.  Ondertussen geniet ik van zoeteheid en water die ik van haar kreeg. Een uur later ben ik in mijn kamer waar ik een nachtje zal uitrusten.

Le popcorn de Thierry

image

24 mei – De weg roept me. Snel krijg ik het ritme terug van de camino. De buizerd komt me een goede reis wensen. Via de Dordogne naar de wijnvelden.  De tocht is zwaar en afwisselend. Stevige hellingen. Door de vele onweersbuien is de grond in de wijnvelden modderig. De klei blijft stevig aan de schoenen kleven. Uit de velden komt een kleine hond naar me toe lopen. Hij heeft een zware ketting rond zijn nek en vind het plezant zijn scherpe tanden te laten tonen. Ik bescherm me met mijn wandelstokken. Ik sta ter plaatse te draaien door de snelheid van de hond. De eigenaar kan net zijn hond in bedwang houden.
Verderop kom ik aan een overstroming. Blootsvoets steek ik het riviertje over. Fris en deugddoend. Ik vergat bijna de popcorn van Thierry.  Met mijn hand grabbel ik in de zak popcorn. Ik draai me rond en zie het mooie landschap rond me. Een 360° cinema.