OverKop-huis

Het was een zalige nacht in de grotwoning. Geen mummy slaapzak deze keer – waar mijn benen niet breder kunnen dan schouder breedte – wel een dubbel bed met polar dekens, best wel aangenaam om daar in te slapen.

Centrum van Guadix. Langs de Alcazaba de Guadix, de Convento de las Clarissa y de Santiago, de kathedraal…
en nadien even de oneffen ondergrond opzij laten om mijn voet wat te sparen.

Graag zou ik even jullie aandacht wensen. Jullie hebben de naam Hannelore al gelezen. Wel, op de tweede dag meld een vriend me via FB. “Is dit ook niet de weg dat je bezig bent?” Hannelore is op 1 dag na mij begonnen aan de Mozarabe. Haar eerste camino, en onmiddellijk een pittige.
Ik piep even op haar pagina. Een kaart valt me op… 2 richtingen, een richting Almeria – Compostella en de andere Compostella – Lisboa. Och, bijzonder, ik wandel dezelfde richting uit.
Ik ontmoet haar voor de eerste keer in Abla. We delen wat… Hannelore wandelt haar tocht voor een goed doel nl. ‘Overkophuizen’ in Menen. Allé, hmm, Menen, mijn geboortedorp. De dag nadien delen we eenzelfde kamer… en wanneer twee meiden vroeg in bed liggen… wat doen we… praten, delen… Hmmm, Hannelore kent Kurt. Kurt werkte samen met me in Chenee. En om het plaatje nog wat aan te vullen, Hannelore woont in dezelfde straat als mijn vader op een paar huizen van elkaar. Bijna ongeloofwaardig, en toch.

Maar nu even terug naar de reden waarom ik graag jullie aandacht wens. ‘Overkophuizen’ in Menen.
In een OverKop-huis kan je als jongere vanaf 12 jaar gewoon binnen en buiten lopen, wat chillen en ook allerlei leuke activiteiten doen.
Het is een veilige plek waar je terecht kan voor een babbel, maar ook gewoon tot rust kan komen.

Bij zo een ‘Overkophuizen’ denk ik dan aan mezelf. Ik heb geen gemakkelijk jeugd gehad. Was ver verwijdert van mezelf en weet hoe belangrijk het kan zijn om ergens een plaats te hebben waar jongeren terecht kunnen om er te praten of om er gewoon te kunnen Zijn.
Wel graag vraag ik jullie of je samen met mij, Hannelore hierin kan steunen, en voor de zovele jongeren die ik een warme plaats toewens. Samen zijn we sterker.
Alvast bedankt om jullie steun.

Hannelore schrijft:
“Een voettocht van 2500 km
3 maanden stappen voor mezelf, maar ook een beetje voor anderen:
Met mijn camino wil ik graag wat geld inzamelen (dankbaar voor elk bedrag, groot of klein🙏) voor een project dicht bij huis. Ik koos voor de OverKop huizen Kortrijk & Menen, die zich inzetten voor jongeren met een psychische kwetsbaarheid.
Wie wat wil bijdragen aan dit mooie project, kan overschrijven tót 1 juni op het rekeningnummer BE89 7430 8587 1585
Het bedrag gaat integraal naar dit regionale initiatief.
Grote merci 🌱”

Dit is de link naar OverKop.
https://www.overkop.be/search/node?keys=OverKop+Menen

Guadix

Buen Camino, wensen we elkander toe. De koude ochtend temperatuur is voelbaar op mijn handen. Momenteel bevind ik me op een hoogte van 1200m altitude. De landschappen zijn prachtig. Een eerste dorpje kondigt zich aan in de verte. Eerst nog een afdaling en een pittige stijging trotseren. “Het is allemaal plat”, zei de man deze morgen. Hmmm.
In het dal geniet ik van het geluid van een stromend riviertje. Op de oevers is vorst zichtbaar.

De inspanning wordt beloond wanneer ik de sfeer in het dorp, Jérez del Marquesado, mag opsnuiven.
Een fijn gesprek met twee dames die de straten netjes houden. Beiden gemaskerd, kan ik enkel hun ogen zien, zo sprekend en stralend.
“Bijzonder rustig is het hier in het dorp. De zuivere lucht, het water die rechtstreeks uit een bron van de Sierra Nevada komt. Waarom zouden wij naar het stad gaan, stad is er om te werken. Hier is het gezonder om te leven”, vertelt de vrouw met fierheid. Hmm, idd. een luxe en daar zijn beide dames heel bewust van.

“Alle torens hier zijn van Moorse afkomst, ook de kerk”, vervolgd de vrouw.
De regio hier doet me enorm denken aan Marokko, het Hoge Atlas gebergte. De olijven, dadels, de rode grond.

Mijn knie doet het wat beter. Een goede taping doet wonderen. Maar wat er vooral meer wonderen zou doen is dat ik mijn bovenbenen meer zal mogen trainen, om zowel de knie als mijn heup minder onder druk te zetten. Goede voornemens, hopelijk kan ik ze waar maken.

In Guadix heeft Hannelore – haar Spaans is pakken beter dan het mijne – ervoor gezorgd dat we een nacht in een ‘cueva’ kunnen overnachten. Een grotwoning. Gezellig vertoeven en warmer binnen dan buiten bij zonsondergang. Bijzonder om in zo een woning te leven. Ikzelf zou snel al het natuurlijk binnenkomend licht missen en de vergezichten die men soms kan waarnemen door een venster.

Vrouwen

Terwijl een nieuwe dag tevoorschijn komt, geniet ik van de stilte van de natuur en het golvend landschap.
De zachte roze, oranje tinten weten me te bekoren.
In één dag kan de flora zo verschillen. Geen Hibiscus of jasminoides meer, wel de prachtige en uitbundige bloei van de amandelbomen, afwisselend met mijn favoriete boom, de olijf.

Ik verheug mij bij het zien van de naaldbomen, en terwijl mijn neusvleugels zich spreiden geniet ik tenvolle van hun vrijlatende helende geuren.
Op de toppen van de Sierra Nevada is een vloeiend sneeuwtapijt te zien.

Een dorp kondigt zich aan, in de verte hoor ik een haan die kraait, vogels tjielpen erop los, de geur van verbrande takken.
Na een pauze gooi ik mijn kousen en broekspijpen uit, als ik nu een mond op mijn benen zou tekenen dan zou deze beginnen glimlachen. Stel je voor!

In de dorpen zijn prachtige muurschilderijen te zien. Ik vraag aan een vrouw op straat wat de bedoeling is van deze schoonheden, want het zijn praktisch allemaal vrouwelijke afbeeldingen. De vrouw weet me uit te leggen dat door de vele handenarbeid in de dadel – en olijfboomgaarden er mensen komen werken van andere culturen. Culturen waar de vrouwen niet gelijkwaardig gesteld zijn als de mannen.

En hun manier van bewustmaking vind ik best geslaagd. Men kan er niet naast kijken. Zelf tot op de servietten in de bar is het te lezen.

Mijn dag eindigt in Alquife. Koken voor Chris en Hannelore en dan gezellig samen tafelen.

Valiente

Gisterenavond kreeg ik nog berichten van de hospitaliero. Voor mij wat vreemd aanvoelend. Ik voelde dat er geruis op de communicatie was komen zitten. Zoals niet snel genoeg reageren, niet reageren zoals men het verwacht, een ongeloof van mijn niet goed voelen, achterdocht… WhatsApp, is nu ook niet ‘het’ middel en zeker niet bij een taalbarrière.

Ik liet los en had een goede nachtrust. Mijn hart was rustig en zacht. Een bijzondere droom over drie zusters van de fraterniteit van Jeruzalem, die eventjes uit het monastieke leven waren gestapt en me om hulp vroegen.

In de ochtend vertrekte de ene pelgrim na de andere. Ik had er zelf ook zin in, koos echter om mijn lichaam wat rust te geven en er zorg voor te dragen. Ik vroeg om nog een extra nachtje te blijven, wetend dat er geen nieuwe pelgrims zou komen opdagen en ik hun plaats niet innam. Ik wachtte een antwoord af.

De communicatie bleef onzuiver met de hospitaliero. Een nadeel wanneer een hospitalier niet ter plaatse is. Men ziet niet en kan de situatie niet juist gaan inschatten. Ik neem de telefoon en probeer met haar in gesprek te gaan. Tevergeefs. Nadien volgt een bericht van de présidente met machtsvertoon, tal van regels, eisen van een ziekte briefje zoniet dreiging tot expultie.
Het was voor mij duidelijk, ik had hier niets meer te zoeken. Pakte mijn rugzak in. Versterkte mijn pezen aan voet en knie met tape verband om wat verder te stappen, met hoop op goed verloop.
Ik vond dit allemaal wat vreemd en had het gevoel dat er een ontbrekende schakel zat in hun doen.
Een pelgrim aan de deur zetten in een moment dat het lichaam niet ok is. Niet echt pelgrims waardig.
Ik ben hier duidelijk geen dag langer welkom, schud het stof van mijn voeten en stap verder.

In de namiddag kwam het aan het licht. De hospitaliero deelde me wat een pelgrim haar zei, ze was achterdochtig geworden nadat de Spaanse pelgrim had meegedeeld dat ik gewoon in de albergue zou blijven zonder de toelating te vragen. Er ontstond controle, angst. En wat ik vanaf dat moment ook mocht zeggen,ik maakte reeds geen schijn van kans meer. Ik was blij dat ik mijn innerlijk stem vertrouwde en niets persoonlijks nam.

De weg was rustig zonder teveel stijgen en dalen. Wat ongemak was voelbaar op de onregelmatig grond in de rivierbedding. Mijn lichaam deed het goed en ik nam voldoende rust.
Ik genoot van de ondergaande zon en haar zachte roze kleuren over de vallei.
Hier en daar kwam ik in aanraking met honden, voornamelijk Podenco’s. Ze doen me af en toe denken aan Lumake, een lieve hond gered uit een asiel in Spanje en die nu leeft bij Els in haar warm en liefdevol nestje.
”s avonds laat kom ik aan in Huéneja. Een dame spreekt me aan. “Valiente”, deelt de vrouw in het Spaans, nadien spreken we verder in het Frans. “Merci, de me parlais en Français”, deel ik haar… en dan komen we tot het Engels. Een vrouw uit England die hier woont. Er volgt een uitnodiging om bij haar te logeren. Ik maak de keus om naar de albergue te gaan. Bij het verder stappen draai ik me nog eens om en zeg, ” Thank you for your invitation and kindness, it makes my day. In gratitude”, en we zwaaien naar elkander. Wat later een vriendelijke Spaanse vrouw wijst me de weg, we hebben een kort gesprek. “Muchas grazias, buenas noches”, verwijderen ons met een grote glimlach en gezwaai.
Oef.. de avond eindigt in vreugde en goed gezelschap in Hueneja.

Abla

Abla

Vandaag van Ocana naar Abla. Een korte afstand om dan nadien mijn benen te kunnen laten rusten, alsook mijn Hart.

Onderweg besef ik dat ik nog mag lossen uit mijn bagage. De rugzak is me nog te zwaar en deze laat het via mijn lichaam duidelijk verstaanbaar maken.
‘Als ik dit niet doe, zou het wel het einde kunnen zijn’, gaat door me heen. Ik voel dat dit me raakt en het voelt als een ‘scheur’ op hartniveau. Tranen komen vrij… mijn longen open zich… ruimte… een zee van ruimte komt vrij.

Ik besef dat ik straks mijn binnentent mag achterlaten, ook al had ik het verlangen om in een tent te kunnen slapen. Het maakt mij ook niet minder pelgrim omdat ik het niet kan dragen. Integendeel, durven lossen, kijken wat gaande is maakt me in mijn beleving pelgrim ‘tot op den draad’. En in wezenlijkheid met een tastbaar dak of niet… een dak boven mijn hoofd zal er altijd zijn.

Net vóór Abla, stopt een bakker. Ik laat me verleiden met een koek met crème en een laagje chocolade.

De Albergue ligt op het uiterste puntje bijna van het dorp, met een prachtig zicht op de Sierra Nevada. De temperatuur is hier duidelijk lager dan aan de kust.

Kort na mijn aankomst, komt een Spaanse man aan. Kort en opgejaagd wijst hij mij op de manier van hoe ik met de sleutel van de albergue moet omgaan… Ik voel me wat verdwaasd kijken, ‘Alle, ook een goede dag!’, denk ik dan. “Si, comprendo”, deel ik, hihi, of dit nu werkelijk Spaans is?!, en ik breng mijn twee handen naast elkaar en laat ze beiden wat dalen, gevolgd door een vriendelijke glimlach. Later installeerd hij de regel, ‘daar de vrouwen, daar de mannen.’

Op de middag zet ik me op een terras, met een boekje. Een man komt naast me zitten. En maakt contact. Wat later vraagt hij mijn leeftijd. (Hmm, jaja, hij denkt….), hij deelt zijn leeftijd. De man maakt teken met zijn vinger’ jij-ik’ en kruist zijn vingers op elkaar. (… verkeerd gedacht.) ‘No’, kijk hem aan, en breng mijn aandacht terug naar mijn boek.

Later komen er nog pelgrims aan in de albergue.
Een Zweedse mama en haar dochter. Een Belgische dame ‘Hannelore’ … en later nog Chris. Er is leven in huis.

In de namiddag voel ik mijn hart nog tekeer gaan terwijl ik op bed lig te praten met Hannelore. Ik leg mijn handen op mijn borst en stuur mijn hart Liefde.
De pittige dagen is goed voelbaar in mijn lichaam, want ook mijn knie en voet vragen aandacht. Ik overweeg een extra dag hier te verblijven om terug op eigen ritme te komen en me niet onder druk te laten brengen door de soms wel overdonderende berichten via what’s app van de hospitaliero. Indien niet beter, vraag ik om hier een extra dag te blijven.

Ying-yang

7u30 er rinkelt iets…. het is ver… Hmmm, mijn wekker. Ik kom net uit een droom. Twee grote poezen, speels en wat lomp bewegend. Oh, neen het waren twee welpen (tijger). De ene wit met zwarte lijnen, de ander zwart met witte lijnen. Ze deden me denken aan het Ying-yang teken. Ik blijf nog wat liggen. Het is donker buiten.
Deze nacht ben ik wakker geworden door hartkloppen, ze voelde diep en verhinderde om terug de nachtrust te vatten.
Ik legde toen mijn armen breed en opwaarts… en toen… kwam de wekker.

Rustig maak ik me klaar. Mijn voetkussens voelen wat gezwollen. De blaar vooraan is opgedroogd. Een ander maakt zich klaar aan de andere voet. De twee kleine blaren aan de hiel op iedere voet voorzie ik van tape. Ik herinner me mijn vader die altijd tegen me zei: “denk aan je grote teen”, als ik ergens pijn had. En dat lukt… maar nu mag ik mijn aandacht op een anderpunt leggen. Ik neem de neus zoals in de ‘Vipassana’. Eigenlijk gaat het er hem gewoon om dat je je aandacht niet bij het pijnpunt houdt, zo verdwijnt de pijn.
En een blaar, ook al is het niet aangenaam, nadien komt de verharding een natuurlijk bescherming van de huid.

Ik ben me hier bewust dat ik met verschillende zaken te dealen heb, de warmte, het gewicht in de rugzak, café con leche, de kilometers en niet te vergeten de bergstreek, het soort ondergrond waar ik op wandel. Drie zaken kan ik niets aan veranderen. Wel het gewicht van de rugzak. Ik laat mijn nieuwe buitentent achter, meedragen tot een postpunt is niet te overwegen. Geld of zelfzorg, mijn keus is snel gemaakt. Zonder mijn voeten kan ik me niet voortbewegen.

De maan staat nog in haar volle glorie te schijnen boven de bergflank, daar waar het dorp tegen gebouwd is. Terwijl aan de andere kant de zon stilletjes aan tevoorschijn komt.

Een stevig klim komt me al snel in mijn keuze bevestigen. Blij dat ik mijn boventent achterliet. Aan de andere kant van het dal hoor ik een hond huilen. Ik probeer hem waar te nemen. Ik zie hem niet. Een tiental meters blijft zijn gehuil me volgen. Ik voel me machteloos.

Bij het afdalen in een andere vallei, in de rivierbedding, geniet ik van de schaduw van de eucalyptus, de populier en de struiken.

Een pauze in Nacimiento doet me goed. In plaats van een koffie probeer ik een ‘cerveza sin alcohol’. Ik strek mijn benen uit en val bijna in slaap. Ik krijg een bericht van Nelly ‘Abla’ nog 16 km’. Pff, probeer maar in het nu te leven.
In Dona Maria stel ik me de vraag, ‘hoe zit het hier met de bejaarden. Waar gaan ze heen, of blijven ze bij de kinderen wonen. Op het moment van mijn vraagstelling hoor ik muziek. Ik ga kijken. In een klein zaaltje volgen bejaarden turnles. Ze zwaaien.

Nog een paar kilometers en ik hou het voor bekeken. Genoeg voor vandaag. Mijn dag eindigt via een mooie olijfboomgaard met een wateririgatie systeem.
Bij aankomst voel ik terug de hartkloppen door gans mijn lijf… Rusten.

Hart

14 – febr. 2022. Reeds zeven maand geleden werd la Vesdre overstroomd. Na bijna zeven maand vrijwilligerswerk verlaat ik Wallonië voor een nieuw avontuur. Dankbaar om wat er de laatste maand aan het ‘Licht’ is moge komen en zich heeft moge transformeren.
Vandaag neem ik ook afscheid van de zusters van l’Abbaye Paix Notre-Dame. Hier moge zijn/Zijn was heel verrijkend op mijn weg.
Het leven naast hen, zo dichtbij, mijn hulp aanbieden. Mijn kloosterkamer. Een ontmoeting met de zusters in de gang, ook al was het soms kort… wat heb ik daarvan genoten en voelde ik me nauw verbonden met hen. Ik zal hen missen.

In de namiddag mocht ik nog eens alle zusters ontmoeten en ”s avonds kreeg ik de pelgrims zegen tijdens’ les Vigiles’. Een prachtig en persoonlijk gebed mocht ik ontvangen. Het raakte me. Merci, Soeur Madeleine et merci à la communauté. En gratitude.

15 febr. 22.
Een vlucht naar Almeria, met een tussenstop in Madrid. Alles verloopt vlot.
In het vliegtuig, zit ik weg te dwalen en keer ik even terug naar deze morgen na de Laudes. Toen ik de kapel verliet groette ik het altaar, draaide me om en deed de namaste groet. Ik zag sœur Madeleine en sœur Charlotte geknield, beiden mij aankijkend met een warme glimlach. We zwaaide naar elkaar. Mijn hart zag.
En dan sœur Francesca, die me vergezelde tot voor mijn vertrek. Een foto. Een knuffel, een zegen. Mijn hart zag.

Toen ik de trein van Brussel noord naar Zaventem nam, rechtstond bij aankomst en nog eens achteruit keek of ik niets vergeten was… Pas toen zag ik wat er naast mij stond getekend op het venster… Een hart.

In Almeria werd ik hartelijk ontvangen door Nelly en José. Ze stelde me gisteren voor om me te komen afhalen aan het station en zorgde voor een kamer in een convento (klooster). Wat een hartelijke verwelkoming. Grazias Nelly e José.

De eerste stap

20130729_182219_1_20140201132439573-2

De eerste stap naar Santiago de Compostela! De lichamelijke eerste stap zou april 2014 zijn, welke dag is nog niet gekend. Eigenlijk kwam mijn eerste stap al veel langer.

Deze zomer op mijn terugweg van Portugal naar België, zag ik een buizerd vliegen hoog boven de rotsen. De buizerd daalde om te rusten op een rots. Liudmila, mijn metekind was toen aan mijn zijde. Ik wou dit delen met haar en de buizerd laten zien. Ik parkeerde de wagen langs de weg. Terwijl we stonden te wachten tot de buizerd terug zou gaan vliegen, hoorden we op de achtergrond geklater van stromend water. We draaiden ons om en zagen er een brugje. Beiden nieuwsgierig wat er aan de andere kant van het kabbelend beekje was, kwamen we op een mooie open plaats met een kapel en wat verder zag ik de schelp van Santiago de Compostela. We waren blijkbaar op één van de wegen die leiden naar Compostela. Na een korte pauze keerden we terug naar de wagen. De buizerd zat er nog altijd. Ik dacht we hebben de buizerd niet zien wegvliegen, wel hebben we een mooie plaats ontdekt. We stapten de auto terug in. Kort erna vloog de buizerd weg. Kilometers verderop zien we een andere buizerd, we volgen hem met de wagen. Een oude abdij, een Sint Jacobschelp.

28 februari.

We zijn bijna een maand verder en nog een maand te gaan voor mijn uiteindelijk vertrek op 5 april.  De rugzak is gevuld met het belangrijkste. Soms komen er nog dingen bij en andere zaken gaan eruit. Niet gemakkelijk wanneer ik me wil beperken tot een minimum en toch wil zorgen voor enig comfort. Comfort betekent hier voor mij, geen koud hebben, een goede nachtrust en geen pijnlijke voeten. Hoewel dit laatste waarschijnlijk niet te vermijden zal zijn.

Enige twijfel ontstaat er of ik toch geen camera zou meedoen. Oorspronkelijk was ik dit niet van plan omwille van het gewicht en om afstand te doen van materie…. Jasmine op stap zonder camera….hmmm

Hoe meer ik ga wandelen en bewust wordt van mijn tocht naar Compostela, hoe meer ik besef dat je niet zomaar zonder reden zo een tocht onderneemt. Een innerlijke reis van loslaten en vernieuwen. In de hoop dat wat op mijn schouders ligt draaglijker mag worden, een plaats zal krijgen, om dan op het einde van de weg hand in hand verder te mogen wandelen. En hoe meer ik eraan denk, hoe meer ik het gevoel krijg dat deze groter wordt. Eén iets is zeker de wilskracht is aanwezig. Een boodschap die ik aan mezelf graag meegeef is aanwezig te zijn in het NU, met mildheid, zorg en liefde voor mezelf.