Gedragen

Ik herinner me nog toen ik een klein kind was dat de eerste man waar ik op verliefd werd… neen… het was niet mijn papa, hij zorgde wel voor de verbinding…wel Jezus, ik voelde me nauw verbonden met wie hij was.
Mijn ouders heb ik zelden tot nooit naar de kerk zien gaan. Zelf ben ik er naartoe geweest tot rond mijn 13de op de momenten dat mijn doopmeter aanwezig was. Ik wou zoveel mogelijk momenten met haar doorbrengen wanneer ze er was. Toen zij overleed ben ik niet meer geweest of nog een paar keer. Het was niet meer hetzelfde. Ik miste iets.
Ik keek maar rond, hoorde en zag dingen die ik niet passend vond met wat vooraan werd verkondigd. Het was vaak zo tegenstrijdig. Het was alsof ik al die tijd ervoor in een bubbel zat. Een bubbel van Liefde.
Ik zat nadien meer rond te kijken naar de structuur van de kerk. Was geïnteresseerd in de rietenstoelen, het flinterdunpapier van een rood boekje en liet de geur van wierook mijn ziel vullen en wegdromen.

Op een dag in oktober zag ik een prachtige wijwatervat liggen in de etalage. Niet te groot, wit natuursteen met het lichaam van Jezus. Ik sprak met mijn vader af om dit samen te kopen voor mijn moeder haar verjaardag. Toen leefde mijn vader nog thuis. Zo gezegd zo gedaan. Het vat kwam op een smalle muur te hangen… tussen de slaapkamer deur van mijn ouders en mijn eigen slaapkamer.
Iedere morgen stak ik mijn vinger erin en maakte mijn kruisteken voor ik de deur uitging naar school. Dit duurde een paar maanden. Nadien werd het vat af en toe nog gevuld, onaangeroerd of zelf droog te staan…

Op de middelbare school voelde ik me niet echt op mijn plaats. Ik voelde me vaak heel alleen en verloren. Verveelde me en voelde me vaak anders. De gesprekken kon ik niet echt volgen. Gesprekken rond uitgaan, discotheken, de bloemetjes buiten zetten… van maandag tot woensdag was het praten over de liefjes van het voorbije weekend en vanaf woensdag was het voorbereiding naar het weekend. Door het zien en horen bleef mijn gevoel van integriteit groeien, mijn waarden en normen werden hierdoor steviger.
Mijn weekends waren werken in de horeca om mijn Tampax te kunnen betalen omdat ik maandverband niet aangenaam vond. Ik was 14. En uitgaan als meisje was sowieso uitgesloten.
Toen ik de toelating kreeg was ik twintig, de goesting was over en voelde me telkens niet goed wanneer ik toch een stapje buiten zette. Ik vond daar maar niets aan. Mja… De fases van het leven en/of eerder het beeld dat de maatschappij voorschotelt van hoe leeftijdfases verlopen. Hmm, telkens liep ik erin mee, ik wist van niet beter en telkens voelde ik dat het niet juist was. Niet klopt met mijn Zijn.

Ik weet nog dat ik als jong volwassenen soms zei, “oh, ja als het me niet lukt in het leven dan wordt ik non.” Als ik nu ga voelen waarom ik dit toen zei, was omdat ik ergens de reactie van andere hierop wou zien. Soms werd ik ook uitgelachen, pestgedrag… “haha, gi goat een nunne komen.”
Omdat ik trouw wou blijven aan mijn waarden…
Het voelde onveilig en was telkens geraakt. Het deed pijn.
… en toch wat zij niet wisten… ik had ook een ander pad van liefde ernaast lopen. Waar ik trouw aanbleef en veel betekenis had in mijn jeugd en mij geholpen heeft doorheen mijn zoektocht naar wie ik was.

En dan de verschillende gebeurtenissen signalen van de laatste jaren. Laatste maanden… Vézelay, Maria Magdalena, Madeleine, de ontmoeting met… een Roos, een tekening die kwam bevestigen wat gaande was/is in mijn leven. Teksten, talrijke symbolen, mensen die mij ook iets komen vertellen, de ontmoetingen…. Het Heilig Huwelijk binnenin mezelf, mijn naam.
Mijn naam… iemand zij me nog laatsleden “ik kan echt die naam niet koppelen aan je, dat lukt me niet…”. Net op het moment dat ik bewust de keuze maak om mijn volledige tweede naam voluit te schrijven ‘Jasmine Marie Josee’. Ik heb altijd ergens gevoeld dat ikzelf mijn naam niet volledig kon dragen, er iets ontbrak. En nu voelt het juist aan Jasmine Marie Josee. (Marie werd niet genoteerd op mijn geboorte akte. Zonde niet! En als ik het volledig nog zou maken, dan komt nog een David erbij)
Ja, dit is de naam die ik verder volledig wens te dragen, daarin wens ik te staan. Ik mag ze beiden dragen… Zo wordt ik graag in de toekomst aangesproken. In verbondenheid met mijn doopmeter, grootmoeder, Marie, Yeshua, Maria van Magdala…

In het delen met mijn hartsvriendinnen de laatste tijd kon ik de woorden niet meer inhouden, werd ik geduwd om te uiten wat ik te zeggen heb. Nl. of ik al of niet geroepen wordt om in te treden. Telkens word ik diep ontroerd en geraakt in wat ik deel. En telkens voel ik hierbij dat het alsmaar krachtiger wordt. En ik niet meer wens te ontkennen. Tranen van vreugde waar mijn hart zich telkens meer weet te vullen in Licht en Liefde en mag gewaarworden dat ik telkens dieper en dieper thuis mag komen.
Waarin ik geen twijfel niet meer voel, geen oordeel niet meer opzit en geen afstand niet meer wens te nemen van wat zich aanbied. Integendeel.
Het moeilijkste was/is het bewust worden dat ik niet in de maatschappij sta zoals vele andere vrouwen. Wat wel is, het weegt niet op tegen mijn vreugde.

Hoe het zich verder zal uiten. De weg zal mij verder wijzen. Wat ik wel weet dat ik mijn opleiding Herboriste wens af te werken samen met de prachtige mensen in mijn klas. Ook hierin heb ik me nog nooit zo thuis gevoeld als in deze opleiding. Altijd uitkijkend naar de volgende les. Geboeid door de lesgevers. En het enthousiasme in mijn lijf is soms niet te temperen en verder iets doen met kruiden in de toekomst… Jazeker.

En in welke vorm het zich zal gieten… Pfff, dat zien we wel. Zeker niet volgens het katholieke structuur. Niet mijn keuze.
Non, zuster, sister… wat het ook moge zijn
Jasmine Marie Josee

~SamenZijnInAllEenheid~

VrouwZijn

img_20190706_2210256795261793221845521.jpg

 

Ik word wakker midden de nacht van een hels gedonder. De bliksemschichten verlichten de kamer. Het gordijn zwiert van recht naar links.
Ik kruip uit mijn lakenzak en zwier hem rond mijn bovenlichaam. De lucht kleurt donker met een rode gloed. Een warme windstroom komt langs mijn lijf.
Ik wandel terug naar mijn bed en val onmiddellijk terug in slaap dans ‘les bras de morphee’.

Een uur later ontwaak ik mezelf, nog voor de wekker, door mijn eigen stemgeluid ‘hou ermee op’… een droom.
Om 8.00 ga ik samen met Aude (medepelgrim, die 12 dagen meestapt) en nog 2 andere Belgische medepelgrims naar de pelgrimszegen. Deze keer voelt het anders, geen ettelijke kilometers vooraf. Wel het startpunt.

 

Bijzonder wanneer ik terugkijk naar de laatste twee maanden en wat er zich allemaal al heeft aangeboden als voorbereiding.
Een periode waar de vertikale en horizontale lijn, zoals ik ze benoem samen zijn gekomen.
Waar ik terug in contact ben mogen komen met mijn bekkengebied. En vooral waar bekken en hart in continuïteit terug in contact is kunnen komen.
Een periode van afscheid van oude gedragspatronen, afscheid van systemen, oude dynamieken die mij belemmerden te groeien en in mijn volle kracht als vrouw te staan. Dankbaar om wat was.
Waar het vrouwelijke en het mannelijke in mezelf mocht de weg nemen naar evenwicht.
De laatste 10 dagen herkende ik me bijna niet. Hihi. Jasmine op de fiets met een rok of kleedje. Binnenin, mijn innerlijk landschap voelt zo evenwichtig en krachtig, fier dat ik me na jaren ten volle vrouw kan voelen. Waarin ik gewaar mag worden dat ik ten volle welkom ben en mag Zijn met al wat is, zonder er maar iets moet weggeduwd worden. En dat ik het ook ten volle kan delen. Wat een vrijheid. Het voelt zelfs vreemd om in broek op stap te gaan.

 

Ten volle vrouw kunnen Zijn. Waw, en dan nog mogen vertrekken vanuit deze bijzonder krachtplaats gewijd aan Marie Magdalena richting Jeruzalem, Jesus.

Op weg naar huis…

De weg van vrouw-man zijn
Moeder aards en Vadershemels. De weg van de Aertsengel Michael die voor mij symbool staat voor evenwicht.

We wandelen door bossen, langs veldwegen. Een ontmoeting met een pelgrim ‘Michel’ 🙂
”s Avonds overnachten we op het onverwachts in een gîte d’ etappe, een oude koeie stal als dortoir.
Wanneer ik als laatste het bed in stap begin het te onweren.
Ik draai me om en ga met mijn hoofd aan mijn voeteinde liggen op mijn buik. Ik geniet van deze natuurkrachten van zo dichtbij te mogen ervaren. Een rust is in mijn lijfje aanwezig. Een diepe verbondenheid is voelbaar met het thuisfront… Dromenland… Ik ontwaak terug wanneer de donder boven mijn hoofd hangt en wanneer ik de grond onder het bed voelt trillen.
Wat een schoonheid, wat een kracht.

img_20190706_2206516162181516498111007.jpg

Vézelay

img_20181029_0948274550254452781525937.jpg

img_20181029_0945186406358477004792259.jpg

img_20181029_0941512861436594400353390.jpg

De twee volle dagen rust in Vézelay waren deugdzaam.
Mezelf drie nachten toedekken onder een dikke laag wollen dekens. Warmhartige ontmoetingen. Bijzondere ervaringen en gewaarwordingen. De ontmoeting en eenwording met nieuwe, waardevolle en intense lichaamssignalen in het samenzijn met anderen. Met een wederzijdse dankbaarheid.
En terzelfde tijd een hoofd die volledig aan het loslaten is. Zelfs een verkoudheid kan vreugde brengen.
Twee dagen doorbrengen met José. Delen, boodschappen doen, samen koken, samen eten, lachen. Een nieuwe vriendschap.
Kennis maken met Marie… – en de rest ontsnapt me- die me wat kennis bijbrengt hoe een icoon te creëeren. Vertederd zijn door een hoogbejaarde orthodoxe priester die in een bolletje gedraaid zit in de basiliek tijdens de laudes. Zijn lange armen die zijn opgekrulde ledematen omarmen. Zijn grijze lange baardharen zien bewegen bij het gebed. Hem horen het orgelgeluid meeneurien…. Ik zou beide personage zo in een strip kunnen plaatsen met dwergen, pratende dieren, een eenhoorn, een tovenaar…

img_20181029_0947072649047833102648581.jpg

img_20181029_0951322511246119684789148.jpg

img_20181029_095107489898521801308356.jpg

Een Barokconcert met 5 jongeren waar ik niet enkel genoot van hun muziek, ook van het zien hoe ze met veel enthousiasme hun talent naar voor brachten. En geef toe wie zou nu geen vreugde voelen bij…

Op zaterdagavond werden er op zeventien sanctuaires in Frankrijk het 25 site uur samen gevierd. Waaronder belangrijke pelgrimsplaatsen zoals Rocamadour, Mont Saint Michel, Chartres, Ars, Le Puy-en-Velay, Lisieux, Lourdes…samen op hetzelfde uur de klokken deden luiden.
En dan een avondwandeling met toortsen doorheen het dorp vergezeld door een gids en zijn pelgrims verhalen. Daarna werden we door de broeders en zusters van Jeruzalem met muziek en tekst meegenomen in de basiliek om te eindigen in één van de vele 12°eeuwse kelders- Pelgrimszalen- die de inwoners van Vézelay in de tijd hebben gegraven door de grote opkomst van pelgrims tijdens belangrijke feesten. De Pelgrimszalen waren allen met elkander verbonden waardoor er ondergrondse gaanderijen ontstonden. Stel je voor 10000 pelgrims per dag.

img_20181029_0953467768843275620741105.jpg

Na een gezegende en telkens onvergetelijke pelgrimszegen, ondertussen terug op stap. Mijn lichaam is terug op kracht en gevuld met heel veel moois.
Richting Mont Saint Michel.
De herfst is hier eindelijk ten volle voelbaar. En overal zichtbaar. De natuur maakt zich klaar om naar binnen te keren…
In de beweging voel ik dat mijn lichaam dezelfde richting volgt en naar vraagt… En hoewel de natuur er somber uit ziet en de zon er niet doorkomt, mijn lichaam is vol- licht.

Een lange weg doorheen le bois de Madeleine. Een buizerd vinden langs de baan, waar kop en hals opgegeten is. Zijn vleugels… Intact… Ze vergezellen me richting thuis.
’s Avonds me laten leiden door het muziek in het gemeentehuis van Clamecy om er Justin te ontmoeten die me uitnodigd om bij hen te logeren. Eerst genieten van een Bluesconcert.

 

 

Basilique Sainte Madeleine

img_20181026_1725352161229471101220154.jpg

img_20181026_1725577796251231101698912.jpg

Zeven uur…. Een nieuwe dag ontwaakt…na een fiks uitzweten deze nacht sluit ik de kamer in het hotel en dank in gedachten de onbekende persoon die voor mij deze kamer heeft benuttigd. Gisterenavond was ik namelijk hier terecht gekomen omdat de eigenaars nergens te bespeuren waren en daardoor mij niet konden wijzen waar de verwarming was in de gîte d’étape. Dus ben ik maar zelf opzoek gegaan. Ik ga terug naar de gîte om mijn ontbijt klaar te maken. Wat later verlaat ik het dorp na een bezoek aan de apotheek voor mijn bestelling aan natuurproducten.

Dik ingeduffeld en op drie dagen stappen van Vézelay vertrek ik met volle moed, zien wat de dag me brengt.
De natuur is stil, een rust ligt over het landschap. De enige klanken die hoorbaar zijn… mijn voeten en de druppels water die van de bladeren parelen.
Ook al is mijn fysieke kracht op een laag pitje, de zachte kracht in mij blijft aanwezig. Na ongeveer vijf kilometer hoor ik een wagen in mijn richting rijden. Ik steek mijn duim uit. Hij stopt. Het komt me goed uit, hij rijdt gewoon naar daar waar ik dacht mijn halte te houden. Ouroux le Morvan.

Naar het gemeentehuis. Een telefoonnummer wordt me gegeven. Ik bel een gite d’étape. Het antwoordapparaat. Omwille van mijn verkoudheid klop ik niet aan bij de plaatselijke bevolking en wens ik mezelf de ruimte te schenken die ik nodig heb om te herbronnen en naar binnen te gaan.
Een bar. Bij het openen van de deur komt de warmte van een openhaard naar me toe. Deugddoend. 20 minuten later belt de vrouw me op van de gîte d’étape. “Oui, bonjour madame j’ai entendu votre message. Est ce pour ce soir ? Je ne peut que ouvrir à 17 heures. Puis je dois encore préparé la chambre. C’est aussi obligatoire de téléphoner 48h avant d’arriver.” Haar woordenvloed gaat zo snel dat spreken geen zin heeft. Ik wacht af.” Bonjour madame, je vos remercie de m’avoir rappelé. Il n’y a personne d’autre qui peut m’aider à me faire entrée”. “Non” “Alors je vais continuer mon chemin. Je suis aussi rien obliger et téléphoner 48h avant que je sais que je vais tomber malade, faut le faire… Mon lit ne dois pas être préparé. Mais ce n’est pas grave c’est que je ne doit pas m’arrêter ici.” Ik hoor aan de andere kant plots een veel zachtere benadering gevolgd door,” vous avez êtes voir un docteur ? “.” Non, merci. Un docteur n’est pas nécessaire. ” We danken elkander en nemen afscheid. De bar sluit. Ik stap verder. Het gaat wat beter dan deze morgen. De middagpauze deed me deugd.

img_20181026_1729353190765941510124214.jpg

La Cordelle

img_20181026_1507048375477664044544283.jpg

Ik ben amper op veertig kilometer van Vézelay. Een plaats die me niet onbekend is, veel voor mij heeft betekend tijdens mijn eerste pelgrimstocht en waar ik in een warm kader mij zal kunnen laten glijden. Ik beslis dan ook om verder mijn duim uit te steken. In twee verschillende wagens kom ik uiteindelijk aan beneden in de buurt van Asquin.

Via la Voie de Vézelay of via Lemovicensis. Ga ik eerst naar ‘La Cordelle’ (eerder Chapelle saint Croix) de plaats waar in het jaar 1217 de eerste franciscanen zijn aangekomen op vraag van fra Francesco. Vanuit deze geschiedenis en gebeurtenis ontstond de pelgrimsweg ‘Chemin d’ assise’ (van Vézelay naar Assisi) . De weg die ik onbewust nam vanuit Assisi en die ik spontaan noemde ‘Chemin de Vézelay’ zonder te beseffen dat het andersom was.

img_20181026_1730226684684727118481368.jpg

Saint Croix

img_20181026_173051117689229031435738.jpg

Een rust komt over mij… Ik zet me neer op een houtenbank in de eenvoudige en serene ruimte.
Ik wordt gewaar dat een subtiele beweging mijn lichaam vult… Via mijn benen voel ik traag mijn lichaam zich vullen met een aangename gewaarwording.
Met zorg en in zachtheid neem ik de weg via la Saint-Croix naar de basilique Saint Madeleine.
Hoewel mijn benen zwak aanvoelen, mijn borstkas en buik vullen zich met wat het thema van deze tocht inhoud…. Liefde.

Aan de voet aangekomen van la basilique barst ik uit in tranen. De tranen komen en gaan, ik laat ze vrij vloeien.
In Centre Madeleine heb ik mijn nestje klaargemaakt in één van de zalige slaapzalen. Op mijn bed… mon sac de rêves en vier wollen dekens.
Ik blijf hier in Vézelay tot het juiste moment er is om de weg verder te zetten.
En mijn verkoudheid… die is er niet zomaar.

img_20181026_1731415822569087863334947.jpg

Marie Madeleine

img_20181026_1732052592704499756205594.jpg

img_20181026_1732302024920492022278225.jpg

Jacobus

img_20181026_1733583891097863285998634.jpg

fra Francicus

img_20181026_1734195877316668551489644.jpg

img_20181026_173433226430578705207654.jpg

Hartelijkheid

Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay

Basiliek Sainte-Marie-Madeleine van Vézelay

14 april 2015 – De laatste dag richting Vézelay.  Even checken in de ruimte dat ik niets vergeten ben. De fietszakken vullen en om acht uur ben ik klaar om mijn eerste kilometers te trappen.  Om de vele hellingen te vermijden tijdens deze zonnige dag kies ik voor het kanaal Nivernois. Prachtig. De ene na de andere reiger. De mooie dorpjes volgen elkaar op. Ik verlaat het kanaal voor terug een paar stevige hellingen.  Het is zweten.  Ik verlang zo naar mijn aankomst dat ik vergeet te eten. Aan het einde van een dorpje, een stenen tafel. Honger! Brood, geitenkaas.  Aan mijn voeten talrijke madeliefjes. ‘Je t’aime, un peut, beaucoup, profondement, a la folie’. Een glimlach,  een traan. Citroengele vlinders fladderen heen en weer.  De bosanemonen staan freel en toch met veel kracht gericht naar de zon. Door het park du Morvan. Ik voel mijn borstkas die breder wordt,  ik voel openheid.  Een diepe ademhaling. Ik voel leven. Ik voel liefde. Het laatste stuk wandel ik verder te voet tot aan de croix Saint -Bernard.  Rechts een buizerd. Ok, ik heb je begrepen. Ik volg die richting.  Een mooie kapel. Nog een duwtje en ik ben er. Na een hevige stijging sta ik voor de Basiliek Saint-Marie-Madeleine van Vézelay. Ik ben blij hier terug te mogen zijn op deze vredige plaats. Een plaats en een weg die ik in mijn hart mag dragen.  Ik wens jullie allen veel Hartelijkheid op jullie weg.

Saint Franciscus

Meidoorn

Meidoorn

Meidoorn

13 april 2015 – Witte bonen als  ontbijt. 🙂
Op ‘la petite Vienne’ (een wandel en fiets weg om Troyes rustig te verlaten), op een bankje, Joce.
Joce is de vrouw die me vorig op Pasen uitnodigde aan tafel om in familie het Paasmaal te delen.
We zitten wat bij te praten, na een korte pauze rij ik verder. Het is warm. Af en toe hoor en zie ik roofvogels. Telkens voel ik een blijheid wanneer ik ze zie.
De bloeiende meidoorns vormen lange natuurlijke hagen langs de weg. De meidoorn dankt de zon door op haar beurt haar frisse geur vrij te laten in de natuur. Ik rij Sommeval uit. Een lange weg die op en neer gaat. Ik waag me op de roetsjbaan.  Mijn handen stevig op mijn stuur. Mijn benen gestrekt en voeten van de pedalen, laat ik me de ene helling na de andere af glijden. De wind blaast langs mijn oren. Het is genieten.
Ik denk aan de vele afdalingen die ik al nam. Hi, het kan niet anders ik daal ook de kaart af 😉 , vandaag richting Chablis. De refuge, ik klop aan. Een pelgrim doet open, Gertjan. De hospitaliére is nergens te vinden. Een verfrissende douche.  Een visgerecht om de vingers af te likken in ‘Le bistrot des grands crus’ au prix des petits 😉 . Wanneer ik terug wandel naar de refuge met Gertjan staan we plots voor een gesloten deur. Een onaangename ontvangst, door een wantrouwen van een hospitaliére. Ik laat het niet aan mijn hart komen en ga een goede nachtrust tegemoet.

Refuge - Chablis

Refuge – Chablis

Even terug…

Chavot-Courcourt

Chavot-Courcourt

11 april 2015 – Mijn wekker,  oeps! Het gebed, oeps! Ik hoor de klokken. Roepen de zusters Clarissen naar het gebed. Ik heb me overslapen. ‘Oh, c’est parce que vous l’avez besoin’, antwoord een zuster. Buiten is het grijs, wind en regen. Ik spreek mezelf moed in. Hups, richting Montmort. De wind blaast zo hard dat ik bij een afdaling in het midden van de weg kom. Een afdaling van 6% bij nat weer voelt niet veilig. Hautevillers.  In de bar. Een koffie.  Naast mij een nederlandstalige vrouw en haar man. We stellen ons voor. Het koppel woont op een straat verder dan mijn geboorte plaats. We praten over de lagere school. De veranderingen. Over Gent. Mijn telefoon. Een sms, mijn moeder.  Hmm, net nu. We nemen terug afscheid en wensen elkander een goede reis. Mijn fiets. Mijn lichaam voelt moe. Mijn kracht is op een laag pitje. Ik ga even terug met mijn denken in de tijd. Ik voel kwaadheid, verdriet.  Ik weiger de kwaadheid in mijn lichaam te steken. Geen geduw, geen gesleur op de fiets. Ik stop. Adem diep in en uit en laad even mijn stembanden trillen. Oefff…Mijn geheugen,  mijn denken,  vragen  rust. En alleen ik ben hiervoor verantwoordelijk,  tijd om dit te veranderen.  Montmort en na een vermoeiende weg stop ik hier en kom ik terecht bij Michelle een vrouw van 78jaar. Ik help haar wat in de keuken en eindigen samen voor het tv.

Montmort-Lucy

Traumeel

Hospitalière Mm. Agnes

Hospitalière Mm. Agnes

10 april 2015 – Na een ontbijt met een heerlijke sinaas/pompoen konfituur, vertrek ik met een pelgrim richting de apotheek om Traumeel. Jammer genoeg in Frankrijk niet te verkrijgen. Ik geef haar mijn tube Traumeel en het halve doosje tabletten. Het zou fijn zijn voor te mogen aankomen op haar eindbestemming. Ik vertrouw de weg dat ik deze niet nodig zal hebben. We geven elkander een stevig knuffel. Onze wegen scheiden.  Een vrouw loopt over de weg. Haar lichaamsbouw is voor mij kenbaar. Ik ga naar haar toe.  Idd. de vrouw waar ik vorig jaar in haar huis mocht slapen in Thin le moutier. Kort na mijn vertrek stierf haar man. We zeggen elkander een goede dag. 20 min. Nadien trotseer ik wat stevige hellingen. Af en toe een fiks gevloek. Ik permiteer me dit als uitlaatklep 😉  .
Af en toe mag ik wat bloeiende bloemen zien in de gracht. De forsythia staat er terug stevig bij. De koolzaad velden laten op zich wachten. In Wasigny, een rustpauze onder de XV eeuwse Halle. Een fijn briesje is aanwezig. Een sluier van wolken komt voor de zon. In de vooravond sta ik voor de lachende engel van de Kathedraal van Reims. Ik heb geen zin in een luidruchtige CSI voor de nacht en kies om verder te rijden tot in Cortmontreuil voor een overnachting bij de zusters Clarissen.

Kathedraal van Reims

Kathedraal van Reims

Leffe

Abdij Maredsous

Abdij Maredsous

7 april – 5u30 mijn wekker gaat af.  Na een half uur stap ik met Brigitte de deur uit. Vorst, ik kleed me goed aan.  Het is nog donker, het dorp slaapt nog. Ik geniet van de stilte. Ik voel dat ik nog niet volledig één ben met de weg. Voor Charleroi rij ik terug een weg langs het water. De wegen rond een groot stad zijn niet altijd het mooiste. Zwerfvuil, afschuwelijke slecht onderhouden fabrieksterreinen, onaangename geuren. Ik laat het voor wat het is en geniet van de andere kant, het water.  Na Charleroi geniet ik van een fietsvriendelijke weg (Ravel- genaamd). Af en toe verlaat ik deze voor een dorpje. Een rustpauze en bezoek aan de Abdij van Maredsous. De zon brengt warmte. Terug de fiets op richting het Abdij van Leffe ( hmm, neeneen. Ik drink niet 😉 ) In Anhee kom ik langs de Maas. Aan de andere kant herken ik een huis waar ik Geoffroy vorig jaar heb ontmoet (Pomme de Geoffroy). Een kilometer verder steek ik de Meuse over. Ik twijfel. Ik volg mijn gevoel en ga een 1 km terug om even een goede dag te zeggen.  Een fijn weerzien.  Na een limonade, een babbel rij ik tot het Abdij van Leffe waar Père Bruno me met open armen ontvangt. Na de vespers, een avondmaal met 6 studenten ga ik mijn tweede nacht in op een serene plaats.

Abdij van Leffe

Abdij van Leffe

De bank

image

De trein, afgeschaft.
Een bank aan het station. De zon. Een helder blauwe hemel. Mensen komen en gaan.

Een man. Alleen. Oordopjes in de oren, een zonnehoed. Zit te praten.  Af en toe gaan zijn handen mee in beweging.  Zou hij aan het telefoneren zijn!
Verderop een meisje. Een klein zwart bakje in de handen, zwarte oordopjes. Zit af en toe met de handen in haar haren, om nadien haar hoofd te ondersteunen.  Wachtend… Vervelend…onrustig. ..?
Voor me een vrouw, kort geknipt, rode bril. Haar rug toekerend naar haar buurvrouw. Ogen dicht richting de zon.
Naast me een groep daklozen,  verbale communicatie. Een fles wodka,  blikjes bier.

Ikzelf,  papier en pen.
De pijn in mijn lichaam brengt me even terug in de tijd.

Begin 2014. Een vreemd lichaam werd ontdekt in één van mijn organen. Een parasiet. Een beestje die zomaar eventjes 3 grote eieren (cyste) is komen neerleggen. Eén in de linker long, twee in de lever. Vanwaar ze komen is niet te achterhalen en van weinig belang.

Mijn bedenking. Wat ligt erop mijn lever die ik niet gezegd kan krijgen. Met deze zin en een flinke dosis medicatie stapte ik de Camino.  (Voor alle duidelijkheid dit was niet de reden waarom ik de camino ben gaan wandelen).

De bedoeling van de medicatie was het inkrimpen en afsterven van de cyste. Alleen besliste het beestje er anders over.  Het groeide van twee centimeter binnen drie maand.  Al snel werd het me duidelijk dat een operatieve ingreep zich liet opdringen.

Terwijl ik dit neerpen ben ik herstellende van de long operatie.  Met groot succes werd de cyste verwijderd zonder aan het gezond weefsel te moeten komen. Op-ge-lucht.

De operatie verliep naar mijn weten en gevoel naadloos. (Zonder mijn rits mee te rekenen die mijn lichaam rijker is geworden).

Een ingrijpende gebeurtenis met veel beketenis voor me.
Zijn die cysten er gekomen om mij een les te leren?  Neen! Het zou straffend zijn indien ik een ja zou antwoorden.  (Hoe snel hebben we niet de neiging onszelf te straffen, in een negatief licht te plaatsen). Ze waren er gewoon en al heel lang
De tijd was rijp, rijp om te verdwijnen.
Rijp om eindelijk te uit-en .

Ik sta stil bij de beperking die mijn lichaam mij aangeeft.  De beperking wordt een tool. Een tool dat ik in zachtheid gebruik en anders te doen dan wat ik al altijd gewoon ben geweest uit overleving.

De pijn brengt me in kramp. Ik span me op als afscherming om geen pijn te moeten voelen waardoor ik afstand neem van mijn voelen. Ik sta in hardheid. Net door dit systeem toe te passen die al jaren in mijn lichaam gekend is weiger ik mezelf tot leven.
Dit is nou juist wat ik niet meer wil,  het niet mogen zijn.

Samen met de pijn ga ik in ontspanning staan. Ik accepteer.  De pijn vervaagd. Plaats voor zachtheid.  Hoe verder ik hier ga in staan hoe meer ik besef dat afscherming overbodig wordt.  Mijn zelfvertrouwen groeit. Angst voor pijn verdwijnt. Ik kom in mijn eigen kracht te staan.

Ik sluit mijn ogen en ga naar binnen. Ik beweeg. Kleine bewegingen. Ze voelen zelfzeker en krachtig.  Wat voelt het fijn! De rijkdom van mijn lichamelijke beperking.

In kleine zachte krachtige bewegingen blijf ik bij mezelf.  In plaats van grote sterke harde bewegingen waar ik mezelf verlies.

Mijn lichaam roept inwendig naar uiting. Met een zekere vanzelfsprekendheid opent mijn klankkast zich. Geluiden komen van diep uit de buik en vibreren zo een weg naar buiten. Dankzij de vibratie kan ik eindelijk -uitspuwen. Mijn longen krijgen ruimte. Het geloof in mezelf blijft groeien.

En het niet gezegd krijgen is alvast verdwenen met de cyst 🙂

De bank. Het zit goed.  Mijn onderrug in de opening van de bank. Mijn rug volgt de golving van de bank. Mijn borstkas krijgt een lichte strekking. Een boog. Ruimte.
Ik sluit mijn ogen.

Ik adem! Ik leef!