Petit bonheur

Braman

‘Le chemin du petit bonheur’… Zalig om de dag mee te beginnen. De zon verbergt zich nog achter de bergen. Hier en daar brand een houtkachel.
Met mijn stokken onder mijn armen en mijn handen gevonden stap ik ontspannen in de naaldbossen, op een zacht naaldbed. Genietend van de vogels, de zwarte eekhoorns met wit buikje die van ene tak naar de ander vliegen.
Aan de ingang van het bos.. een bord… ‘Chasse fermée’… Oef.

Verbinding… wat voelt het fijn om in verbinding te zijn met al wat is. Met de natuur, mensen, dieren en vele andere zichtbare en onzichtbare wezens. In verbinding met mezelf… met mijn ziel en geest.
Verbinding met de anderen op een tastbare en niet tastbare manier.
Verbinding met… die op zoveel verschillende manieren kan. Waar niet altijd een reden voor hoeft te zijn.
In het gewoon ‘Zijn’ is al een heel diepe verbinding voor jezelf en de ander… Hiermee wil ik dan ook jullie danken voor jullie verbinding.

De weg blijft verder goed verlopen….de weg naar huis… De weg naar ‘thuis’… De weg naar mijn diepste zelf…en wat voelt dit goed. Ik voel me goed, ontspannen en rustig. Niets moet en het diepe vertrouwen en geloof dat er meer is dan wat met het oog zichtbaar is, is niet meer uit mijn leven te bannen.

Aan de vooravond kom ik aan in een dorpje. Mijn rug wordt moe. Tijd om een overnachtingsplaats te zoeken. Een vrouw wijst me de weg naar het gemeentehuis. Links een huis….mijn innerlijke stem… Ik ga naar rechts. Uiteindelijk eindig ik links… Haha, Jasmine, je was er eventjes uit.
Ik bel aan. Een venster op het derde verdiep opent. Ik zie twijfel. Een man komt naar beneden, rent terug naar boven… Ik wacht geduldig… De man komt terug. “Vient”… Een keuken, 3 dames… Koffie… Ten huize en warme onthaal bij Danila en Guy… Een avond die zich opent in het salon. Genietend van de dagelijkse gewoontes die mensen hebben… Huiselijke sfeer. Praten over de streek, de zelfgemaakte pure streekproducten… Génépi, kéfir… Dit zijn van die momenten die zoveel waardevols brengen op je weg. Verbinding, verbonden… Laten we in verbinding gaan, open je aan andere.

Vol-zachtheid

De Gentiaan staat uitgebloeid, campanula, anthémis zijn hier en daar nog zichtbaar. Terwijl de ochtendzon de bergtop in een warme gloed onderdompelt, vliegen wat vogels over de lage struiken.
Krekels in een verschillend jasje springen voor me uit. Marmotten huppelen over de grasveld om dan wat verder in hun hol te duiken. De rozenbottels contrasteren tegenover de helderblauwe lucht. De natuur verkleurt naar herfsttinten.
De weg stijgt zacht waardoor ik het bijna niet voel dat ik al bijna op 2000 meter ben. De omgeving van ‘Lac de Mont Cenis’ is een streling voor het oog. Een gamma van rood bruine tinten tot groen blauw. Ik laat me onderdompelen door de stilte en wat te zien is.

Weg van le Lac. Een huisje. Het huis van Noël en Joseph. Ik ga zitten op een bank en rust wat uit. Noël komt me vergezellen en al shell hebben we een fijne babbel. “Je vous offre à boire, que voulez vous”. “Vous avez du lait frais de votre ferme ?”, vraag ik haar. Met een groot glas verse melk van hun koeien komt ze terug me vergezellen. Wat later schenkt Noël me nog een overheerlijke, pure en kleur-rijke maaltijd. Beetje kip, rodebieten-aardappel salade, hmmm zelfs loof mag ik smaken. Ik sluit mijn ogen terwijl ik haar kookkunst mag proeven en richt me ten volle op de smaak en wat het met me doet.
Noël, haar man en één van haar kinderen wonen hier ongeveer vijf maanden op het jaar. Bij het begin en einde van het seizoen verhuizen ze al wat leeft van Bramans naar le Col du Cenis, en omgekeerd. Koeien, kippen, bloemen, honden, poezen… Allen de berg op of af… en dit doen ze al van generatie op generatie.
Het interieur is een zaligheid in al zijn eenvoud. Een betonnen vloer, een oude kachel in gietijzer. Een afwasbak in steen.
Tijd om terug verder te stappen. “Je peut vous embrasser Noël ?” “Bien sur”. Une embrassade.
Joseph ligt ondertussen met zijn vest als hoofdkussen in een hoek afgeschermd van de wind, een middagtukje te doen.

Onderweg stopt een wagen “en vous emmène en bas ?”, vraagt een man. Ik bedank en geniet nog van de laatste kilometers stappen van de dag. Na een stevige afdaling kom ik aan in Braman.
Hier en daar klop ik aan. Niemand thuis. Tot iemand me de weg wijst naar Mr en Mm LeBlanc. Ik klop aan.” Bonjour madame, je suis une pèlerine et à la récherche d’un abri pour la nuit.” De vrouw onderbreekt me, “on vous a vue, c’était vous à pied” en zo beland ik in een zalig huisje voor mij alleen en bracht de vrouw na het hart te hebben gevuld, wat vulling voor de maag.

Ondertussen ben ik al twee dagen in Frankrijk.
Ik zie gezichten, plaatsen, situaties… ik hoor stemmen van doorheen de vier maanden in Italië. Van mensen waarmee ik een deel van de weg heb gedeeld, of een kortstondige ontmoeting. De ontmoetingen met honden waarmee ik een boeiende innerlijke weg heb afgelegd. Van aangename tot minder aangename ontmoetingen of situaties… bij allen is een warm vreugdevol gevoel vanbinnen.

Sedert vorig jaar had ik de keuze gemaakt om mijn hart niet meer af te sluiten. De keuze om ook in moeilijke situaties me kwetsbaar op te stellen en niet meer zelf in hardheid te gaan.
Telkens terug evenwicht zoeken, mijn eigen grenzen respecteren. Mijn kracht die zich beperkte tot een bepaalde plaats in mijn lijf verspreide zich stilletjes aan over gans mijn lijf in zachtheid. Mijn kracht werd zachter en hoe meer er hardheid op de weg kwam, hoe meer ik de weg naar zachtheid nam. Hoe meer ikzelf de weg van hartelijkheid en openheid neem hoe meer de hardheid me opvalt. Ik ben fier dat ik trouw gebleven ben aan mezelf, dat ik ben blijven geloven in mijn kunnen en Zijn. Mijn volharding werd vol-zachtheid.

En wat voor mij niet aangenaam was is het daarom niet voor een ander. Mijn neerschrijven en delen van ervaringen, mijn gewaarwordingen, mijn realistische kijk vertrekt allen vanuit de weg die voor mij noodzakelijk was. Dus mensen als je naar Italië op pelgrimstochten komt, mijn ervaringen zijn daarom niet zo voor jou.

Ik ben alvast elk individu dankbaar voor wie ze waren. Ze hebben me doen groeien in mijn Zijn. En me geholpen in de weg naar binnen.

Grazie Mille a tuti.

Frankrijk

Susa

De ochtendwolken… geen bergtoppen te zien. Ik verlaat Suza na een fijne babbel met één van de franciscaanse zusters. De eerste kilometers richting ‘Le petit Mont cenis’ 2200 meter hoog, beginnen al onmiddellijk in stijgende lijn. Regelmatig hou ik halte en kijk wat rond me. In de verte schijnt de ochtendzon op de streek van Turino. Een topje van de Sacra di San Michèle is nog te zien…

Hoe hoger, hoe rustiger het wordt, hoe minder voertuigen.
Een brug… omleiding… Ik neem de oever. In de verte komt een vrouw aangewandeld met vier honden.
We zeggen elkander een goede dag en spreken verder in het Frans met elkaar. “Je vais tous les jours marcher. Au moins deux heures cela fait reposer les penser.” “Vous avez êtes à Compostelle”, vraagt Corine me. Waarop ik bevestig. “J’allais faire le chemin avec ma sœur”, deelt ze verder terwijl tranen zichtbaar worden. Haar zus is overleden. In stilte blijf ik naar haar luisteren. We geven elkander de hand. Met mijn tweede hand omvat ik haar hand. Verbinding.. gedeeld… gedragen… hartelijkheid … “Bon retour en Belgique”, roept ze nog. In het diepste van mezelf hoop ik dat ze de nog de kracht mag vinden om de eerste stap te zetten naar Compostella

Novalesa

Rondom zijn watervallen zicht–en hoorbaar. Een eerste klein bergdorp is zichtbaar. Novalesa. In de kerk een paar pareltjes van schilderijen, oa. één van Michelangelo. De Alpen oversteken gaat goed. Eigenlijk had ik niets te vrezen wat de Alpen betreft na zo een lange voorbereidende tocht in de Apeninno. Naar het volgend dorp. Moncenisio. Ik probeer een overnachtingsplaats te vinden. De huizen zijn dicht… en het ene toeristische plaats die nog open is, is ver boven mijn budget. Ondertussen trekken de wolken op, is de zon duidelijk zichtbaar en een intens blauwe lucht komt tevoorschijn. Waw… De bergpieken zijn dichter dan ik dacht.

Moncenisio

Sedert het contact met Corine deze morgen voel ik de noodzaak om mijn diepere gevoelens en gewaarwordingen niet te uiten en te delen, eerder ze me eigen te maken en integreren, zodat ze zich diep kunnen gaan wortelen.

Hup, nog een uurtje richting de Franse grens.
In vreugde en zachte kracht kom ik moeiteloos aan in Grand-croix waar ik de nacht zal doorbrengen in een dortoir. Voor het slapen gaan een korte wandeltocht in de supergrote tuin… De maan belicht wat de toppen van de bergen, de sterren schitteren aan de hemel.

Susa

Amai, wat was me dit een nachtje. Plots kwam ik terug in een pelgrims plaats met 5 andere pelgrims. Drie pelgrims die zich ergerden aan elkaar… De ene snurkte… De andere babbelt… de ander wandelt… De fixatie was zo groot op wat hen stoorde dat dit wel 10 maal erger leek te zijn … Tot… tot ik plots zei “e.. O.. Basta perfavore”, het werd stil. Hmmm… en dan… snurkt en babbelde ik zelf in mijn droom… hi…oordoppen is nu eens een goede uitvinding.

Bij mijn vertrek is mijn bril spoorloos. Ik was ervan overtuigd dat hij op mijn bed lag. Na even mijn rugzak uit te pluizen vertrek ik met een paar grammen minder op mijn neus. Ik laat los… Ik vertrouw, wie weet bellen ze deze avond om te zeggen dat hij terug gevonden is. Nog even naar de bar om een koffie. Ik vul mijn dagboek in en klaar is kees. Uit de bar, naar rechts richting Susa. De Alpen… Niet te zien.. Een grijze dag en wat fris, dit was ik niet meer gewoon. Niet erg… het licht schijnt van binnen.

Voor de rest gaat het heel goed met me op een paar spanningen na die voelbaar zijn op mijn lijf. Wat stramheid in de onderrug en het bed van deze nacht heeft er niet echt goed aangedaan. Een paar nieuwe taping op benen en voeten. Voor de rest moraal tiptop… Humeur kan niet beter… Mijn Italiaans met de dag beter… nog twee dagen om te oefenen.

De weinige mensen op straat… een kort babbeltje en een ‘ciao’. Een vriendelijke bakker. Een apotheker die haar opperste best doet in het Frans terwijl ik antwoord in het Italiaans…Mijn lievelingsstripfiguur mogen terug zien van vroeger ‘Sara key’… op een boekenkast… Een fijne herinnering…een plakboek.

En dan bij aankomst in Susa naar de zusters Franciscanen. De vrouw van het onthaal vraagt me of ik van Antonino kom. “OH… mes lunettes” antwoord Ik onmiddellijk. Yes… terug gevonden. Morgen mag ik ze om 8uur afhalen aan het station.

Naar de avond toe klaart de lucht op, de zon… De eerste bergtoppen zijn zichtbaar. Oehoe… Onder een sterrenhemel mag ik gaan slapen… neen een niet buiten… Achter glas, vanuit een zacht bed.

Nog een fijne avond aan iedereen… toedeloe.

Sacra di San Michele

De kerkklokken van Trana luiden op de achtergrond. Met een zalige frisse temperatuur verdwijn ik het bos in, langs de rivier.

Na een helende nacht met twee intense wonderlijke, heerlijke, helende dromen. De één mocht ik reizen door een kleurrijk, lumineuze sterrenhemel. De andere een healing op gans mijn lijf waarbij een 2de chakra in zachtheid mocht ontwaken en mijn lijf subtiel dansend in beweging tot leven kwam in volle overgave en acceptatie. In resonantie van tijd…een wedergeboorte. De angst die gisteren in een fractie van een seconde opkwam en ik in vol vertrouwen en hand hand mee verder stapte, werd de vreugde van deze morgen.

Mijn creativiteit bruist langs de weg. Een tekst ontstaat rond het verhaal van de Hazelnotenbomen in België. Ik beleef er plezier aan en het is alsof alles rond mij een nieuw leven werd ingeblazen. Op het moment dat de woorden uit mij vloeien, komt er een wind in de kruin van een hazelaar alsof hij me dankbaar is en me in feest en vreugde dankt.
Ik stop… een uitnodigend dansend geluid…mijn recorder van mijn gsm… Op het moment dat ik de opname wens op te nemen wordt het muisstil… Spirits kan je niet vangen…

Een nieuwe buizerdsveer prijkt tussen mijn huid en bril.
Een wagen stopt en vraagt: “Sacra di San Michèle”. “Sisi, cinque chilometri dritto, à piedi”, deel ik hem met vol enthousiasme. Een bosweg neemt me mee 900m hoger.
Op een top sta ik te kijken naar een getransformeerde bijenkast in boekenkast… ‘Oh, zouden de mensen hier de wijsheid kunnen uithalen en beseffen dat de bijen belangrijk zijn’, gaat door meheen.
Ik draai me om om verder te stappen. Omvergeblazen… het ene wat nog uit mij komt is… ‘OooooOOOOO’
Sacra di San Michèle prijkt hoog op een berg badend in het licht.
In een niet vattende tijd brand het licht in mezelf. Hoewel deze weg geen zoektocht, dat er geen vragen en antwoorden zijn van aardsniveau. Is het me duidelijk dat antwoorden naar me toekomen vanuit een totaal andere dimensie en vanuit dit stuk dien ik deze weg verder te wandelen. Alsof een tweede deur werd geopend.
Wat ik heel bijzonder vind is dat zowel in Monte Sant’Angelo als hier in Sacra di San Michèle ik eraan kom op de vooravond van de Volle Maan en ik de plaats mag verlaten met zijn energie.

In de Sacra ontmoet ik Dorothea een vrouw uit nederland. Een fijne ontmoeting, een delen, een samenzijn, een afscheid op elk onze weg.
In volle vreugde, vuur en licht stap ik verder deze weg van Liefde.

De tijd is rijp

Ik wandel langs een terras van bar. Het is 7u30 in de morgen…drie mannen…hun drie hoofden gaan mee in mijn wandelrichting. Ik hoor één van hen zeggen “Arrivo dal mare” … een Sint Jacobsschelp hangt op mijn rugzak.

Na None zie ik plots een heuvel…erachter… ‘un Mirage’… Non, c’est bien les Alpes, verborgen achter een laag vochtigheid en polutie waarvoor de autosnelweg van Turijn naar Frankrijk voor zorgt.

Ik voel een spanning in mijn buik opkomen. Een gelijkaardig gevoel van angst, een gebroken hart van toen ik klein was…als toen er mij iets werd opgedwongen die ik niet wou en waar ik machteloos tegenover stond, het gevoel had alleen in de kou te staan …diezelfde gevoelens had ik ook in mijn nachten… De vele nachtelijke dromen, wat voor mij toen nachtmerries waren… een hel… Van kale ruimtes met een slinger die heen en weer gaat en enkel het geluid ‘tik-tak-tik-tak’… ‘. Gekluisterd aan een bed en een reis met het bed doorheen het heelal aan onmetelijke snelheid…
Oeroude angst. Mijn hart gaat sneller kloppen, mijn ademhaling versneld… rustig Jasmine, rustig Jasmine.

Ik stap een supermarkt binnen. Een lied raakt me. .. verdriet komt aan de oppervlakte…ik loop verder. Ik voel terug angst.
‘Tijd om afscheid te nemen’, gaat door meheen, ik snik. Afscheid van wat was, wie je was, afscheid van een verleden… ik voel door gans mijn lijf… Rouwen… de tijd is aangebroken om afscheid te nemen. Het voelt wat vreemd en toch niet onbekend. Afscheid nemen van wie ik was… angst om al het bekende los te laten en vertrouwen om al het nieuwe te mogen ontvangen.
De tijd is rijp.

Doorheen de jaren heeft men vaak willen sleutelen, me bijbenen, in een richting duwen, gedacht…en soms was de ‘wil’ er om anders te doen en kon ik niet en andere keren wist ik duidelijk van ‘neen’ en rebeleerde ik.
Vaak willen we de andere helpen en bijsleutelen… Zo normaal en intermenselijk. Daarnaast is er nog de vrijheid in groei, de tijd (niet de tijd dat de mens heeft gecreëerd).
De andere de kans geven om te groeien in het tempo die voor het wezen noodzakelijk is en waar wij als mens niets aan kunnen sleutelen…
En toch… Ook al waren bepaalde momenten niet ‘het moment’, ze maakten deel uit van mijn leven. Vreemd hé!

Piossasco

Ik wandel verder en voel spontaan de noodzaak om steun te vragen. ‘Allé Jasmine, stel je niet aan’, zegt een stem in mij… Twijfel…
Jasmine dit is jou stem niet, je hoeft ze niet meer te aanvaarden. Ik neem het hef in handen en vraag hulp, verbinding.
Een afgemaaid velt… een golvende fijne lijn beweegt doorheen het veld terwijl ik schrijf. Het stopt… Terug schrijf ik…. Terug beweegt iets in het veld deze keer op een andere plaats. Laat los Jasmine… Laat los…
Links van me op een paar meter boven het veld… een buizerd…

‘Gij bestaat… daar waar jij hem wenst te zien…’ Op het moment dat deze zin door meheen gaat, begint de zon te stralen in volle kracht en gaar de mais aan het dansen.

13.50 ik wandel door een dorp. Links een waterstroom. Rechts wat huizen….het geluid van couverts en borden… Etenstijd. Hier en daar het geluid van een film…

Mijn dag vult zich met… wandelen… Lange pauzes… Alles gebeurt in een enorme rust, stilte en gedragenheid.
En hoewel ik heel bewust bij mijn weg ben, voel ik de kilometers niet aan mij voorbij gaan. Mijn lichaam voelt vrij… het voelt bijna alsof het klaar is om in volle vertrouwen in overgave te gaan.

Aangekomen in Trana komen mensen spontaan naar me toe om voor me te zorgen. Ik ontvang de sleutel en broodjes worden gebracht.

Trana

None

In de frisheid van de morgen verlaat ik de hartelijke zusters van Sint-Anna. Gekende geluiden die me doen terug denken aan België… koeien. Afgemaaide maisvelden. Ochtenddauw.
Via velden en langs de rivier de Po. Dansende populieren. De opkomende zon boven het platte landschap tovert een zilverkleurig landschap in een gouden.

Een dipje… Mijn lichaam voelt wat gespannen aan. Mijn denken wat onrust. Een spanning is aanwezig om de Alpen over te steken. Ook een oud patroon die aan mij komt sleuren en roet kan gooien in het volhouden. Het is me niet helemaal duidelijk wat. Ik laat gebeuren en neem het verder mee.
Voor nu sta ik even stil, maak ik gebruik van mijn ademhaling en maak mijn lichaam los zodat ik ontspannen verder kan wandelen. Geef ik even wat aandacht aan mijn denken zodat ook dit wat rustiger wordt….het evenwicht tussen denken en hart komt terug.
Zonder je er soms bewust van bent is een dipje er heel snel… en aan een dipje is er ook niets mee. Het mag er zijn. En hoewel ze niet fijn zijn ben ik nadien altijd blij dat ze er waren, telkens brengen ze een groei met zich mee op het spiritueelpad wanneer je deze aankijkt.

Twee eekhoorns zitten elkander… slalom rond de mast en laten mee genieten van hun speelsheid.
In de Duomo van

In de Duomo van Carignano sta ik versteld van de bouwkunst van de religieuze plaats….een halve cirkel, muren vol fresco’s. Een vrouw spreekt me aan, Mariza. Wanneer ze hoort dat ik van België afkomstig ben wordt haar vreugde groot. Ze spreekt vol liefde over haar Belgische vrienden en vraagt me of ik ze ken. Bij deze heeft Mariza me gevraagd de groetjes te doen aan ‘Rita De cock, staat in het onderwijs, haar kinderen ook en woonachtig in Sint-Niklaas’, wie weet geraken de groetjes bij de juiste Rita.
We nemen afscheid waarbij Mariza zegt “Ik hoop nog eens naar België te gaan voor ik sterf”. We geven elkander de hand.

Duomo, Carignano

Langs de weg zie ik plots achter een boom midden de velden… een vrouw, half geleerd op een bureaustoel… “Madame !”, roept ze me na. Ik stap verder. Nog wat verder op mijn linkerkant…een lege bureau stoel, erop een waaier… Prostitutie.

Mijn weg eindigt in None in een gezellig en hartelijke parochie. Altijd wel fijn om hartelijk en warm onthaald te worden op de weg.
Naar de winkel. Bij het buitenkomen staat een man van andere origine op de parking. Ik ga naar hem toe en geef hem wat kleingeld. “Het is niet veel, zelf kan ik niet meer”. Hij kijkt me aan en dankt me met grote vreugde. Geraakt door deze ontmoeting ga ik terug naar de parochie.