De Bedding

Een grote serre. De muur van de gevel kreatief versiert in pasteltinten en fleurige, elegante lijnen.
Rond mij verschillende tafels en houten stoelen, de één al wat meer doorzeten dan de ander. Een bord ‘fin septembre le bistrot sera définitivement fermé’.
Een lange gang met oude Franse meubels, meubels met een ziel.
Voor mij, twee postbeambten die hun ronde hebben volbracht. Op tafel dampende koffie.

Mijn ronde is wat over de helft voor vandaag. Prémery… De straten zijn leeg. Zes jaar geleden kwam ik hier langs in de andere richting en kon ik er slapen in een caravan. Er waren toen nog weinig commercanten… vandaag kan ik zeggen de stad is ‘bijna dood’… Geen leven te zien in de straten… neen, dit heeft niets te maken met de huidige situatie. Wel wat men door de jaren heen gecreëerd hebben rond ons…

Ik herinner me nog levend, alsof het gisteren was… Een man op de markt in Guerigny – waar ik gisteren sliep-… “Vous savez monsieur ils n’y que une chose qui peut sauvé les villages. C’est que les jeunes osent revenir, créée leurs commerce. 1 boulanger, 1 épicerie, 1 bar tabac. Que les jeunes un jours ou autre peuvent voir que en peut vivre heureux avec moins… De tous cœur j’y crois.” We hadden toen een lang gesprek en nadien kreeg ik onderdak in ‘les Halles du marché’, er bestond toen nog geen Rufuge/gîte Pèlerin.

Ik blijf erin geloven, dat dit terug mag komen. Niet achteruit. Wel naar de eenvoud, in evenwicht met de huidige technologie en niet altijd ‘meer en meer willen’ najagen.
Een paar jongeren heb ik mogen ontmoeten en wisten me te ontroeren. De één was opzoek naar een woning om in de buurt van de Auvergne zijn beroep als bakker uit te oefenen ‘pas de fond de commerce, mais faire les marché. Aller vers les habitants’ en de ander had reeds zijn schort afgegeven in de grote supermarkt waar brood geen kwaliteit meer heeft. In een kelder had hij een oude brood oven. De ruimte was heel klein. Vier jongeren tussen 20 en 28 jaar. De één knede, de ander vulde de bakplaten, de ander haalde de gebakken broodjes van de plaat en bereide de markt voor. De bakker gaat naar de mens. In een ander stuk van de kelder de geite boerderij, met overheerlijke verse Geitenkaas. ‘1 litre de lait pour un petit tomme de chèvre’.
En dan was er de samenwerking.
Een broodje met geitenkaas en daslook.
Mijn hart deed een vreugde sprong en ik deelde mijn wederkerig vreugde met hen. Een warme harmonieuze vreugdevolle energie vulde de ruimte.

Toen ik dit zag voelde ik een sterk verlangen om deze jongeren aan te moedigen. Dit liet me niet meer los, hun moed, doorzetting, kracht, creativiteit… en dat verwerkt in een heerlijk passioneel gemaakt broodje.
Dit kunnen realiseren… Ik wens het vele jongeren toe.

Een paar dagen nadien zag ik op FB het volgende verschijnen vzw. De Bedding van Evi en Matthias.
Hmmm, het sprak me enorm aan. Daar zat alles in wat de laatste jaren sterk naar voren kwam in mijn leven… de natuur, hartgedragenheid, dienstbaarheid, delen, ontvangen, waarderingsprincipe, jongvolwassenen ontmoeten, het groter geheel… een bedding… De Bedding.

Hmm…vanuit een vanzelfsprekendheid nam ik contact met Evi via messenger.
‘… als je nog iemand zoekt voor de ‘De Bedding’…ik hoor het graag en stel me graag voor 🌞, lot of love, Jasmine Marie José 🌞💖’
Oehoe, mezelf voorstellen. Wanneer ik dit nu terug lees… amai, heb ik dit gedurft.

Zonder twijfel… wens ik dit prachtig, waardevol project te steunen.
En al snel kwam alles in een stroomversnelling… alles viel als puzzelstukjes in elkaar… niet enkel wou ik dit project meehelpen dragen er ontstond ook een nieuwe thuisbasis… Een co-housing… in Brakel.

Alles kwam op zijn plaats. Geduld en vertrouwen werd beloond

Wanneer je blijft vertrouwen…
De weg van het Hart bewandeld…
De weg naar puurheid…
Daar groeit iets wonder-baarlijk

In Liefde

Groen

Kathedraal Le Puy-en-Velay

Église Saint-Martin à Polignac

Retournac

La Haute Loire

Met mijn voeten languit onder tafel, geniet ik van een heerlijke maaltijd gemaakt met pure ingredienten uit de Auvergne streek. Dit veranderd van de maaltijd die ik gisteren at, een bord gevuld met klaargemaakte supermarkt gerechten zonder enige smaak, behalve het conserveermiddel die de bovenhand nam.. brrr

Net zoals daarnet vier rétro wagens – hoe graag ik ze ook zie- voorbij reden en een dikke zwarte wolk achterlieten, dan weet je wat kwaliteitslucht is.

Na de Cévennes, Lozère, de PO (Pyrénées Orientale), nu de Auvergne/le Puy dôme met zijn vulkanisch landschap. De verschillende heuvels die om de haverklap van uitzicht veranderen. Met een wat fantasie kan je bijna zelf in de landschappen menselijke vormen zien.

De wandelweg ‘La Regordane’ van Nîmes naar Le Puy-en-Velay heb ik achter de rug. De eerste vier wandeldagen van deze route waren niet de mooiste, integendeel.
In le Puy-en-Velay overnachte ik in een klooster waar mijn lichaam 2 nachten kon genieten van rust.
De voorbije dagen mocht ik zorg dragen voor verschillende mensen. Ik klopte aan bij mevr. Rivière -die ik ontmoette bij het doorgaan- het was een fijn terug zien. Ik werd uitgenodigd om mee aan tafel te schuiven en las hen het stukje voor uit mijn dagboek waar ze in vernoemd zijn. Na de maaltijd kreeg de vrouw een Reiki behandeling. Een uur nadien “Gertie, je vais continuer mon chemin. Je vois que tu a besoin de repos. Tu t’endors.” Stilletjes verlaat ik het huis, terwijl de vrouw gaat slapen.
Twee hoogbejaarde vrouwen hebben wat overdaad gedaan in het klimmen naar de Kathedraal in Le Puy. Elk kregen ze een been massage met mijn zelfgemaakte olie – Calophyle met daarin druppels van Gaultheria en Helicrysum. En zo kon ik verder nog wat mensen op mijn weg helpen… en telkens toverde ik op zo een manier een grote glimlach op hun gezicht. Zalig.

De eerste zomerse onweersbuien hebben hun sluizen geopend. De aarde is er ontzettend dankbaar om….en ook ik ben er tevreden mee. De zacht heerlijke geur die vrij komt in de natuur door de regen, doet me beseffen hoe zeer ik het heb gemist.
Hoe dankbaar ik ben om terug het groene zachte gras onder mijn voeten te voelen, de vele jonge kruiden in de berm te zien groeien – Brandnetel, Sint janskruid, kleefkruid, smalle weegbree… De maiskolven hebben nog tijd nodig om te groeien. De Malva, wilde thijm, en de citroenverbena…
De afgemaaide graanvelden.
De vogels die hun schoonste lied zingen en mij een ochtendconcert brengen. De naaktslakken die op hun ritme de straat oversteken. En niet te missen de buizerd die af en toe een goede dag zegt.

Deze morgen ontmoette ik een grote loslopende jachthond op mijn weg. Het was even schrikken. Zijn baasje riep in de verte “vient mon Bidouyou, vient…”. Zalig om beiden te zien. De hond op zijn twee achterpoten was groter dan het baasje.

De geur van het afgemaaid gras. Die mijn neusvleugels komen strelen en als een bijna onzichtbare nevel mijn lichaam intiem binnendringt en de geneugten van het leven schenkt. Mijn lichaam in een verankerde fluditeit brengt. Hoe paradox het ook klinkt.

Le Puy-en-Velay to Vorey

Vorey to Retournac

Retournac to Valprivas

Bedding

Ondertussen ben ik al een paar dagen verwijderd van Nîmes. Met de zon in de rug richting het Noorden. Verheugd om terug wat meer groen te zien, gras, de bloemen in de bermen. De Cévennes. Verwijderd van de ruwheid en droogte van het Zuiden.

Mijn weg gaat verder richting Le Puy en Velay en daarna naar Vézelay. Reeds een paar dagen schrijf ik geen verhalen meer omdat ik gewaar werd dat dit me verwijderde van waar ik was, in het ‘NU’. Het begon een beetje aan te voelen als een ‘monoloog met mezelf’. Het schrijven voedde me niet meer.

Er is heel wat warms en bijzonder aan het groeien rondom mij en ben ik de vruchten aan het plukken van mijn 7 jaren pelgrimeren. Diep van binnen was een klein stemmetje die wist dat 7×7 levensjaar een bijzonder jaar zou worden. Het is.

Voor nu… Iedere stap die ik zet is een stap dichter bij mijn eigen bedding naar ‘De Bedding’. Hier later meer over…

Saint-Maximin la Sainte-Baume

Wachtend op de twee mannen, vul ik mijn dagboek aan…
“Allé hup en est prêt pour partir”, komt de man mij vertellen. “Vous voulez allez ou ?” “Je voudrai prendre un bus direction Nîmes en espérant que je peut reprendre le chemin.” “Ce cera difficile, il n’y a pas vraiment une gare. Nous en va à la Basilique en vous déposera la. Cela vous va ?” “Oui, bien sûr après je me débrouille. Vous parlez d’une basilique. Elle s’appelle comment ?” “Basilique Marie Madeleine.” “Oh, super. Je la visiterai. Je ne ’s avez meme pas que elle exister.”
Ondertussen vraag ik ook na of er een 2de grot bestaat in La Sainte Baume waar een boom staat in de vorm van een letter’ L’. Blijkbaar is er maar 1 grot ingang.

Aangekomen in Saint-Maximin la Sainte-Baume aan de basiliek. Wanneer ik er binnenstap voel ik een enorme ontlading, een afronding of eerder een heling. Dezelfde ontlading die ik gewaar werd in Sint Pieters basiliek in Rome….
En wat ben ik blij dat ik niet tot aan de grot kon en ze gesloten was, anders was ik nooit tot hier geweest. In de crypte is een schedel te zien, die volgens wat men zegt van Maria Magdalena zou geweest zijn.
“c’est comment votre nom”, vraag ik aan de man die me tot hier bracht. “Yves” “Merci Yves de m’avoir enmené jusqu’ici.” Een traan rolt op zijn wang.

Een zucht… Een vreugde… Hier voel ik deze weg afgerond. De grot met de boom in ‘L’ vorm, het was niet de grot de belangrijk was wel de ‘L’. Zoals niet de tryskel belangrijk was in 2018 maar de ‘3’ van zijn benen.
Zonder de ‘L’ had ik geen verbinding gemaakt en gezien dat mijn tante op de weg lag. Zonder de dames in Vézelay, had ik deze weg niet gewandeld. Zonder Jacqueline Hobbs was ik niet terug in kontakt gekomen met mijn tante. En de ‘L’ dit hoort tot mijn leven.

Een sprankeltje hoop geven, aanmoedigen, licht in het leven van een ander brengen. Zoals Jean-Paul ooit zei ‘tu est ma pierre blanche’ sur mon chemin’ of Jeannette die zegt ‘je bent een witte raaf’. Mensen kunnen aanzetten tot iets.
Het licht in hun ogen zien fonkelen, zien glimlachen wanneer ze een knoop hebben durven doorhakken. Mensen ontroerd zien wanneer onze wegen even kruisen nadat ze me vragen wat ik doe. Is een geschenk dat zei op mijn beurt geven. Zoals een vlinder soms voor je fladdert en je een innerlijke glimlach brengt.
Gewoon Zijn.

Dit kunnen waarnemen en laten binnenkomen dit mag ik nog meer toelaten.

En wat de verhalen, légendes of wat dan ook mogen zijn… Van ‘de Graal’ tot ‘de schedel’… is het belangrijkste niet ‘de graal’ in onszelf te mogen laten Leven. Het Hart.

Grotte la Sainte Baume

Basilique Sainte Marie Madeleine

Volle Maan

Gémenos, na het ontwaken komt de lieve priester me verwittigen dat de wandelwegen, de GR paden vanaf vandaag verboden zijn in gans les Bouches de Rhône ‘Risque d’ incendie’. Daarbij komt nog eens de hevige Mistral erbij aan 75/u de kop opsteken. Ik word genoodzaakt om de asfaltwegen te nemen, een langere weg richting le Plan d’aups.
Op de helft van de weg maak ik toch de keuze om een deel via GR pad af te leggen. Geen zon en wind te bespeuren. De weergoden waren me welgezind tot na de middag en gelukkig kwam ik ook geen enkel gendarme tegen, een boete van 135€ kan ik wel vermijden.

Ik bevind me in een immens bad van rust en stilte. Traag en zeker neem ik afwisselend het pad met af en toe stijle rotsen richting ‘le Pic de Bertagne’ . Een halte… Ik bewonder de prachtige omgeving… een diepe zucht…een gewaarwording, ik voel plots een duidelijke ontspanning in mijn onderbuik, terzelfde tijd voel ik mijn staartbeen hevig reageren. Een stuwende opwaartse-en neerwaartse energie gaat langs mijn ruggengraat. Een aangename, hevige sensatie die ik niet lang kan dragen. Zacht geraakt, tranen vloeien, ik roep en hap naar adem… kanaliseren.

Na een pauze in le Plan d’aups richting Sainte Baume. Aangekomen bij de dominicanen en hotelier Sainte Baume ga ik naar de receptie… “Vous avez réservé madame”. “Je vous est envoyée un mail pour la demande d’être volontaire. Puis reçue un e-mail de retour que en me donnera une réponse, que je n’ai pas reçue. J’attendais la réponse pour oui ou nom réserver”. Ik zie aan de vrouw dat er zich een probleem creëerd. Geen kamer. Ze belt de broeder op die me zou antwoorden.
Een lange man in wit tuniek komt langs meheen, stapt het bureau binnen en sluit de deur. Ik volg mee vanop afstand. Plots gaat de deur open en roepen ze me naar binnen. Hi, ik voel me plots zoveel jaren achteruit, toen ik het bureau van de school Directie binnenstapte.
De broeder spreekt de secretaresse aan, “de toute façon il y a écrit que le bénévolat est que jusque à 33 ans. Et puis si la dame n’a pas reçue de mail elle aurais pas du venir jusque là”.
Oeps, dat is duidelijk.
Ik blijf luisteren. Uiteindelijk is er toch een kamer vrij dankzij een vrouw die een toelating moest geven, een vrouw die verantwoordelijk is voor het kamp ouders/kind die vandaag start. Ik dank de vrouw.
Met of zonder kamer hier, was er een oplossing gekomen. Dit is een van de redenen waarom ik nooit op voorhand kan reserveren. Telkens wanneer ik dit doe loopt iets verkeerd. ‘Vivre l’ instant present’, was een van de 5 dingen die ik me vooropgesteld had vóór mijn eerste pelgrimstocht.

Op de gang panikeerd een vrouw ‘Pierette’. “Mes que me font ils. La chambre n’est même pas n’etoyer”. De vrouw zit met haar handen in haar haren. “Vous inquiète pas madame, je vous aide. Je vais faire la chambre” . Ik kuis mijn kamer en help haar verder de volgende kamers klaar te maken voor de nieuwe gasten.

Naar de grot Sainte Marie-Madeleine. Benieuwd. “Madame la grotte est fermée pour risque d’effondrement. Et vous avez pas le droit de marcher dans le parc… Risque d’incendie”.
Hmm, niet welgekome, geen toegang… ‘wat gebeurt er’, stel ik me de vraag.
Heb ik dan de boodschap niet goed begrepen, deed ik een verkeerde interpretatie. Ik laat los en zie wat de nacht mij zal brengen. Ik wandel op het einde van de tuin en ga even over de omheining. Een stenen beeld staat er met ingebeitelde kalligrafische letters.

‘Du métier à l’ esprit,
Du visible à l’invisible
nous ouvrons à la lente progression
vers le chef-d’œuvre intérieur’

‘Bien heureux celui qui au détour d’ un chemin, recevra la sublime image envolee d’un autre univers, il pourra dire qu’il la vu… ‘

Hmm, dankjewel dat ik deze woorden mocht zien. Ik mijn rebels zijn durfde inzetten om over de omheining te kruipen. Dankjewel aan de persoon die dit werk creëerde en hier neerzette. Dankbaar om de weg en om wat hier gebeurde.

”s Avonds laat maak ik kennis met Myriam en Anna. Bijzonder… twee lieve Italiaanse dames, waarvan Anna een documentaire heeft gemaakt rond de’ Heilige lijn van de Aertsengel Michaël’. We delen elkanders ervaringen in Italië en over deze plaatsen en in ons verhaal komt het uit dat we beiden dezelfde ervaring meegemaakt hebben met de vrouw die de weg ‘Con e Ali a piedi’ hieruit tekende over het leven van Franciscus en de Aertsengel Michael. We waren beiden bezeten door de duivel. Zo kwamen in het verleden vrouwen en mannen op de brandstapel terecht omdat mensen het moeilijk hadden dat er naast de kerkinstantie mensen zijn die ontvangen en hun weg hierin durven te volgen.

Nadien ontmoeten we twee mannen. Ik hoor een man zeggen, morgen gaan we richting… Ik vraag of dit richting Saint Maximin la Sainte Baume is. “Oui”. “J’aimerai y prendre un transport pour allez direction Nîmes. Car à cause des incendie tous les GR, chemin rondonnee sans fermer dans le bouche du Rhône.” “Oui, bien sûr en vous y emmènera”

Gemenos to Sainte Baume

In mijn kamer laat ik het venster open, de frisse lucht, de hevige wind… plots wordt het minder donker buiten. Ik ga door mijn kamervenster hangen. Wat een pracht, wat een wonder.
De volle maan komt te voorschijn achter de rots van de grot Marie Madeleine. Er net onder drie gele lichtjes schijnen. De plaats is bewoond. Het silhouet van een naaldboom verschijnt.

‘L’ Leven, Licht, Liefde
Leven in Liefde
Liefde is Licht
Licht in het Leven
Liefde is Leven

Sainte Marie de la Mer

Arles–Le Chemin d’Arles

Ik neem afscheid van mijn nonkel “Oh, ou tu vas ?” “je reprends le Chemin, il est temps–lees de tijd is rijp-de continuer ce que j’ai à faire”. Hij is geschrokken, de boodschap die gisteren werd gedeeld was blijkbaar niet binnenkomen. Ik geef hem een zoen. Hij gaat mee tot aan de deur. Terwijl ik in de gang sta met de rugzak op, zie ik zijn ‘niet begrijpen’ en het water komend in zijn ogen. “Attend…”. Ik doe mijn rugzak af en ga naar hem toe. Ik open mijn armen, “vient que je te prends dans mes bras”,ik geef hem een liefdevolle knuffel en nog een zoen. Ik leg mijn handen op zijn armen, “prend bien soin de toi”, terwijl ik hem in de ogen kijk. “Tu sais ce que tu vient de faire là. Personne me la fait auparavant”, zegt mijn nonkel. Hij kijkt mijn tante aan, zijn tranen rollen.

Aan het station in Perpignan neen ik de wagen. Ik rijd mee met iemand tot in Arles.
Ik geef mijn tante een dikke knuf, voor ze terug naar huis gaat. Ik voel haar lichaam snikken. Tranen vloeien.” Tata, en ne ce perd plus”, fluister ik haar toe. Ik steek mijn rugzak in de koffer van de wagen… en steek nog even de straat over om haar een dikke knuffel te geven.

In de wagen stel ik me de vraag hoe het komt dat ikzelf geen verdriet of gemis voel. ‘Jasmine, moet je dit voelen?’, gaat er verder door meheen. Neen, natuurlijk niet en natuurlijk wel ben ik geraakt door te zien wat mijn bezoek zowel bij mijn tante en nonkel heeft gebracht. Wat ik vooral voel is vreugde. Vreugde omwille dat we terug verbonden zijn. Vreugde omwille van mijn volhouden, ver-trouwen, geloof in het Leven en in de Liefde. Vreugde om te kunnen blijven bewegen in vloeiendheid, moeiteloosheid in wat zich aanbied op mijn weg, ook in de momenten die minder aangenaam aanvoelen.

Zo heb ik soms het gevoel dat mijn hart traant wanneer ik hoor, zie wat gebeurt in de wereld, hoe mensen elkander benaderen in hardheid.
En zo duwt en weent mijn verlangen soms omdat het verlangt naar SamenZijn, Samenwonen, ontvangen, dienstbaar zijn, creëren in het groen, tuinieren, groenten kweken, met de handen in de aarde… En dit is me heel duidelijk geworden… Voor minder ga ik niet meer.

Arles. De jeugdherberg. Gesloten vanaf vandaag. Ik heb het geluk er toch te mogen overnachten.
Een heerlijk stukje harde gedroogde geitenkaas op een toost en yoghurt met ‘la crème de Marron’. Een eenvoudige heerlijke picknick. Een man van Portugese afkomst komt naast me zitten. “je voudrais aller en ville, mes avec la pluie c’est un peut loin. J’aurais besoin de la marihuana..” Ik negeer zijn laatste gedeelde zin. Wat later nodigt hij me uit om champagne te drinken. “Non, merci. Je ne bois pas d’alcool, ni fumer”. Hij steekt zijn duim op, als teken van ‘goede beslissing’ . Ik rond af en ga slapen. Ik laat mijn kamerdeur op een kier om tocht te maken.
Ik zet mijn nacht in. Slaapt onrustig… een nachtmerrie. Ik ontwaak in angst, met mijn hand en vingers verkrampt in een griezelig vorm naast mijn keel.
Op de gang hoor ik iemand in stilte bewegen. Een schim komt voor het licht van mijn kamerdeur. De reflectie verdwijnt op het plafond. Hmm, ben ik wel wakker, of droom ik wakker verder.
Ik voel ogen op mijn lijf.
Mijn lichaam gewikkeld in het laken ga ik naar de deur, open ze verder… in de gang, de man.
Het was geen droom meer…. wel werkelijkheid. Ik sluit mijn kamerdeur ‘nr 7’ en voel een opstandigheid.
Met 1 oordop slaap ik verder… op mijn qui-vive maar zonder angst.

Deze morgen bij het verlaten van de jeugdherberg zie ik de man in de tuin een boek lezen. Ik laat een brief achter voor de betaling van de overnachting, niemand van de verantwoordelijken is te vinden.
In het centrum van Arles, na een bezoek aan de kathedraal, hoor ik een luide stem, agressiviteit wordt geuit, een man spuwt voortdurend wild in het rond… Ik draai me om. De man nadert… Ik herken hem… De man van deze nacht.
Dit zien bevestigd nogmaals dat ik niet droomde.
Hij herkent me en stapt plots stil verder.

De bus naar Sainte Marie de la Mer. Bus af en naar de kerk. Les Gitanes spreken me aan en benaderen me wat opdringerig. “Vient ma belle un pendentif pour vous”, “ma jolie. Tenez c’est la tradition. Vous voulez que je lis les linge de votre mains, ?”… Ik dank vriendelijk en stap verder. Vanop de achtergrond kijk ik even hoe de vrouwen asn het werk gaan. Een bijzondere vorm van werken. Ik zie mensen agressief worden naar hen, mensen die bang zijn… Twee groepen tegen elkander op, en wanneer je ze tussen elkander ziet praten heeft de ene al wat een grovere mimiek dan de andere. Een vrouw valt me op. Wat heeft ze een zachte blik en ik zie telkens haar ontchooling wanneer het haar niet lukt om wat centjes bij te krijgen. Ik kijk wat dieper in mijn portemonnee en haal er een briefje uit. “Madame, tenez. C’est pour vous. Je vous le donne parce que votre doux regards ma touché. Ne le perds pas ce que il y a profond en toi” “Ze kijkt me aan,” tenez”, terwijl ze een medaille wil opspelden. “Non, merci. Je veut seulement vous offrir. Pas plus” “Merci madame”, en kijkt wat verwonderd.
Ik kan nog net een half uurtje binnen in de kerk ‘Notre-Dame-de-la-Mer ‘ Voor mij voldoende om deze plaats gewaar te worden. En ja hoor, geen spijt dat ik tot hier ben gekomen en kan begrijpen waarom mensen zo talrijk naar hier afdalen, tot in het uiterste puntje van de camargue. Eenmaal buiten is hier verder niets te beleven behalve de ene souvenir winkel en restaurant na de ander. Ik blijf op het plein en geniet van het zien wat zich hier allemaal afspeeld.
Een vrouw komt me aanspreken. Ze hoorde dat ik sprak over de credential. “Je peut vous demandez quelque chose ?” “Oui, bien sûr” “C’est quoi un credential ?” En zo begint het gesprek. We hebben een fijne uitwisseling omtrent de Camino, energieen, het hoe een weg zich creëert, wat het je bijbrengt niet enkel op de weg ook verder in het leven, bewustzijn, over wat het leven ons dagelijks toont en alles reeds aanwezig is en we het enkel hoeven te willen zien, er zich voor openen. Een uitnodiging volgt in Chambéry. De tweede persoon die ik ontmoet op deze weg, me uitnodigt in dezelfde buurt waar ik overnacht heb op de weg in 2018. ‘Hmmmm’.
“Allez en vous à prit de votre temps. Je vous laisse continuer votre chemin”. “Au, non vous m’avez pas prit mon temps, je vous remercie même de m’avoir posez la question. Cela fait parti du chemin. L’échange dans l’instant présent. Merci”, terwijl ik mijn handen bij elkaar breng en een Namaste groet buiging maak.

En wat een vloeiendheid vijf minuten nadien zit ik op de bus richting Arles om verder te reizen naar Aubagne waar mijn weg terug te voet verder gaat.

Ik wandel nog een 10 kilometer van Aubagne naar Gémenos. Een lieve priester biedt me een zaaltje aan waar ik mag verpozen. Wat later brengt hij me een gebakken omelet, fruit, kaas en brood.
Voor het slapen gaan geniet ik nog van een avondwandeling in de lege straten van het dorp. Achter de luiken, het licht van de tv’s schijnen op het interieur.

Église Notre-Dame-de-la-Mer a Sainte-Marie-de-la- Mer