Je kunt het

 

Maandagmorgen… ontwaken. Een vertikaal, wit licht schijnt op een bruine eikendeur. Dageraad.
‘Jasmine wat brengt je dag vandaag’ gaat door meheen. Ik draai me om en nestel me nog eens in de veren.
Leegte en volheid is voelbaar. Niet de leegte en volheid waarin ik me vrij voel, wel deze die me belemmert te bewegen en in beweging te komen.

De volheid van talrijke gedachten die me heen en weer slingeren en me vastzetten. De leegte van niet kunnen in beweging komen door de gedachten.

En daar voor mij ligt de weg, de weg waar ik voel en me bewust ben dat dit de enige weg is. Diep van binnen voel of hoe kan ik het benoemen ‘besta’. De weg waar mijn lijf vrij voelt. Waar mijn hart gevuld is, gevuld door ‘Liefde’ die door gans mijn lijf stroomt. Daar waar het ‘Licht’ in mij mag stromen en andere harten geraakt mogen worden. En ook al ben ik me dit bewust, ik ben me ook bewust dat daar waar ik me nu in bevind zijn redenen heeft en ik niet van weg hoef te rennen.

De laatste weken krijg ik tal van lichamelijke signalen. Een lichaam die niet ten volle stroomt. Organen die me af en toe komen wakker schudden. Samen met een manueel therapeut gaan we opzoek in het labyrint van het lichaam. Terwijl aan een andere zijde de klassieke molen van bloedonderzoek tot mri aan het draaien is, gelukkig met schitterende resultaten. Nog eentje te gaan.
Wat gebeurt is niet raar. Mijn lijf vertoont en laat voelen waar mijn Geest en Ziel niet vrij kunnen zijn. Net als de lijnen met een potlood of een blad papier, wordt de huid, getekend door het leven inwendig, kenbaar gemaakt aan de buitenzijde.

Wanneer mij wordt gevraagd hoe ik het doe op de weg omtrent hygiëne, zie ik vaak verwonderde gezichten. Niet raar wanneer men plots iets hoort die niet gekend, vanzelfsprekend of alledaags is. Neuzen worden opgetrokken, ogen worden gefronst.
Het is zo wanneer ik op stap ben, worden mijn kleren niet alle dagen gewassen. Mijn kleren krijgen een wasbeurt wanneer ik ergens een wasmachine ontmoet in een stad, ongeveer om de 14 dagen. Mijn onderbroek draag ik ongeveer een week… dit is voor velen blijkbaar onbedenkelijk.
Wel stel je voor, je leeft dag in dag uit in de natuur. Je krijgt geen viezigheid via je omgeving binnen. Je wandelt iedere dag. Je eet gezond en veel minder. Er is geen stress. Geen zweet. Geen onaangename geuren naast je. Geen gassen.
Stel je nu compleet het tegenovergestelde voor..
. Dan is dit toch zo voor de hand liggend dat je lichaam op een andere manier en veel meer zal moeten werk verzetten om de omgeving te verwerken, die je niet enkel binnenneemt via voeding, ook via je poriën. En dit verteren weegt meer en zwaarder op het lichaam.
Mijn lichaam vraagt alleszins veel meer. Een duidelijk voorbeeld is mijn haar. Op de weg was ik mijn haren om de 14 dagen, shampoo is soms zelfs overbodig. In stad is een speciale shampoo nodig en vragen mijn haren om de drie dagen om gewassen te worden. In stad camoufleren we ons met geuren, in de natuur ontvangen we geuren. Wat raakt het me dan om te zien en te horen hoe mensen onverschillig met de natuur omgaan. Dit even terzijde wat mijn lijf betreft versus omgeving.

Vorige week zat ik in de zetel en werd ik misselijk van de weinige materie die ik rond mij had. Op mijn schoot had ik mijn computer en was ik een film in elkaar aan het steken. Ik zette de computer uit. Ik voelde dat tranen aan de oppervlakte kwamen. Er was geen verdriet of pijn voelbaar… Er was geen reden, toch niet wat ik me bewust van was. Ik stelde me geen vragen en liet de tranen komen en vloeien. Het duurde een eind, de tranen kwamen van ver en diep. Ik nam toen de beslissing te gaan slapen. Want waarom zou ik me laten omringen met iets wat me misselijk maakt. In bed kwam het verdriet terug…
De ruimte voelde vreemd waardoor angst en onrust zich installeerde. Mijn handen bedekte mijn borstkas, ze voelde enorm aan. Door bewust met mijn ademhaling bezig te zijn kwam ik tot rust… viel ik in slaap. Ik had een goede nachtrust en ”s anderendaags was alles met de nacht verdwenen.

Vrijdag werd ik terug misselijk deze keer op de bus. Drie mensen, afzonderlijk van elkaar, waren luidruchtig aan het praten. Ik kon me niet afschermen. De ene persoon had ruzie aan de telefoon, bij de andere was ook onenigheid te horen, een derde keek tv waar harde woorden verder de kleine ruimte vulden. Ik vroeg aan de chauffeur naar zuurstof, de dakramen werden geopend. Afstappen van de bus nam ik de kortste weg naar huis. Een stad vol prikkeling… een parlofoon… geklop op een blokkendoos… ontevredenheid was te horen… politieke affiche… Rood… Paars… Regenboogkleuren en hoewel een regenboog harmonisch is… Was de situatie heel chaotisch, zonder harmonie… Geklingel en geklengel …
Thuis aangekomen maakte ik mijn lijf vrij van kledij… ik kon niet snel genoeg mij ontdoen van wat ik op mij had… Mijn lijf greep naar iets om te eten…. als een leeuw die uitgehongerd was en zijn prooi had gevonden… voeding… Stilletjes aan voelde ik mijn terug in evenwicht komen…er was duidelijk geen balans… ik moest gaan aarden.

Het huis waar ik momenteel in woon beperkt me in mijn vrijheid. Hier waar ik het idee had en mij ergens werd gegeven een stiltehuis op te richten.
Niet het huis opzich, wel het verouderd systeem die er al jaren aan vasthangt en waar bepaalde mensen niet uitkunnen of willen. En dat is OK voor hen, niet voor mij.
Een eind geleden kwam ik in contact met ‘la Verna’ in Gent. Een stiltehuis.
Door in aanraking te komen met deze ruimte en wat er werd gecreëerd en is, was de behoefte om hier waar ik woon, verder geen inspanning te steken in iets die vastgeroest is.
Een huis waar ik me niet vrij kan en mag voelen. Me hierin begrenzen en zorg dragen voor mezelf is even belangrijk. Niet meer met mezelf in verzet gaan door toch maar te proberen. Door trouw te blijven aan mijn lijf en signalen. De laatste maanden hebben me genoeg duidelijk gemaakt dat blijven proberen niet altijd een noodzaak is om evenwicht te creëren, integendeel. Wanneer een deur weigert te openen dan is het duidelijk dat daar mijn weg niet is.
En waarom zou ik een stiltehuis creëren wanneer er al op een paar minuten stappen van dit huis, er een prachthuis is.

Al twee dagen groeit het woord India in mijn lijf. ‘Vreemd’ gaat erdoor meheen… zou dit nu willen betekenen dat ik richting Indie wordt geroepen. India daar waar het zo overbevolkt is! Ik laat komen wat komt… Iets is zeker en blijft aanwezig… Vertrouwen… Vertrouwen dat wat zich aanbied, altijd klopt.

Straks ga ik terug op stap en werk ik verder aan de pelgrimsweg ‘de buizerd’. De papiermolen belemmert me wat, gelukkig krijg ik hulp van mensen die me omringen. Wordt vervolgd…

Boeken beperken me.

Deze morgen na het ontwaken haalde ik mijn kaarten uit.
Momenteel voel ik me werkelijk ‘in between’. De overbodige materie voelt voor mij niet goed. Mijn lijf roept naar eenvoudige neutrale niet gestileerde kledij. Ruimte. Mijn lichaam, wat al materie is vraagt naar eenvoud en puurheid. Lichaam, geest en ziel vragen naar geraakt te worden en aan te raken.
Spontaan neem ik de kaarten van de opgestegenmeesters, de engelentherapie en de Jezus kaarten van Doreen Virtue. Ik maakte contact met de kaarten en vroeg om hulp ‘Vul mijn hart en wijs me de weg’.
Spontaan nam ik de opgestegen meesters als eerste. Ik opende de kaarten in mijn hand, nam er één uit… het antwoord was duidelijk… een tweede en derde kaart was overbodig. Diep van binnen was ik niet alleen…

‘Je kunt het’ ~ Aertsengel Michael.

 

Vrijheid ervaren

img_20190226_2032047802088523616410404.jpg

Het ervaren van vrijheid ligt niet in enkel in het positieve te willen zien en beleven. Het ligt niet, in het vluchten wat minder aangenaam is. Ook een keuze kan een vluchten zijn.
Vrijheid ervaar je pas wanneer je durft te kijken en de duistere kant te herkennen in jezelf. Duistere kant is niet negatief. Het herkennen en ermee aan de slag gaan brengt je naar het licht. Zo ontstaat balans tussen duister en licht. Zo ervaar je vrijheid binnenin jezelf en ziet men duister en licht niet meer als negatief en positief.
Zonder licht geen duister, zonder duister is geen licht.

 

 

Onsterfelijkheid

img_20190225_1800011149474046889698497.jpg

Hieronder deel ik graag een tekst van Omraam Mikhael Aivanhov.

Het doet me terug denken aan een vraag die recent werd gesteld op FB ‘Wat zou je nog zeggen als je weet dat je straks dood gaat’. Mijn antwoord is ‘ik ben klaar, welkom’.

De dood, sterven… voor velen angstaanjagend laat staan dat we bij die vraag zouden stilstaan. Het is voor velen al geen evidentie om stil te staan bij de vraag ‘wat is leven’. Terwijl dat beiden niet los van elkaar kunnen zijn. Terwijl er iets in mij sterft, wordt iets anders geboren. Terwijl ik afscheid neem van iets, groeit iets anders….

Heb ik dan nooit angst gehad van de dood. O ja… Ik herinner me een lange tijd geleden…

Mijn nachtelijke dromen als kind en jongvolwassene. Waar ik iedere avond schrik had om mijn ogen te sluiten. Mijn vele nachtmerries (wat ik vandaag niet meer zo noem omdat ik de inhoud beter kan begrijpen).

Terwijl ik dan soms het leven zo verfoeide en smeekte om niet meer te ontwaken.

Een ander moment toen ik alleen in een kille donkere kleine kamer in het ziekenhuis lag na een poging tot zelfdoding via de pols. Voor mij zag ik toen een deur op een kier waar licht en leven te zien was op de gang. Terwijl ik wachtte lag ik daar uren of waren het minuten… het leek toen heel lang… alleen… of was het AllEén…

Wat toen gebeurde was heel bevreemdend. Wat in de gang gebeurde was niet meer vanuit een zelfde dimensie aan te voelen. Ik zag mijn lichaam uittreden. Ik voelde mezelf op tafel, terwijl boven mij ik mezelf zag in een soort witte waas netjes afgetekend. Mijn angst was toen zo groot dat toen wanneer ik me bijna recht zag zitten en mijn bekken begon te voelen. Ik vanuit buikniveau en met volle kracht terzelfde tijd mijn ogen opende waardoor mijn lichaam in hardheid zijn plaats terug nam. Ik keek toen rond me, .. Het was de laatste keer dat ik ooit een zelfmoordpoging heb ondernomen.

Als ik hierop terug kijk naar die momenten in mijn leven. Had ik schrik van de dood, ja, ik had nog een grotere angst deze om te leven.

De voorbije jaren, maanden heb ik eindelijk mogen leren en vooral aanvoelen wat ‘leven’ is en inhoud niet door het buiten mezelf te gaan zoeken. Wel door het leven gewaar te worden via alle cellen van mijn lichaam. De naar bewustzijn. En mij te laten leiden door mijn innerlijk kompas en het groter geheel.

~

‘Zelfs nu de mensen niet meer geloven in goden die, feestmalen aanrichten waar nectar en ambrozijn worden opgediend, heeft het zoeken naar een elixir, een onsterfelijkheidsdrank, hen onophoudelijk beziggehouden, en nog steeds.

In werkelijkheid is dit elixir overal om ons heen verspreid; in de aarde, het water, de lucht en vooral in de stralen van de zon.
Daar kunnen we dit dus opnemen, als we leren met wijsheid en liefde alles te gebruiken wat de Schepper ons in de natuur ter beschikking heeft gesteld.
Het is begrijpelijk dat iedereen zijn leven en zijn gezondheid zo lang mogelijk wil behouden, maar de roeping van de mens houdt niet in dat hij oneindig op aarde blijft; ooit moet hij zijn fysiek lichaam verlaten.
Men zegt dat hij sterft, maar in werkelijkheid blijft hij leven, en wel in de geest.
Hij streeft naar onsterfelijkheid, omdat hij diep in zichzelf intuïtief aanvoelt dat hij werkelijk onsterfelijk is.
De mens is echter onsterfelijk in de geest, niet in zijn fysiek lichaam.
Het bewustzijn van onsterfelijkheid, net zoals het besef van eeuwigheid, betekenen voor de mens een zoektocht naar het spirituele leven.
Laat hij dus zijn dagelijkse handelingen een ruimere dimensie geven, een meer verheven betekenis en geleidelijk aan zal hij erin slagen zich te laven aan de bronnen van het eeuwig leven.

~

Omraam Mikhael Aivanhov

Valentijn

 

Valentijnsdag… Een plein…een bank… Rust… De beiaard… De zon… In de verte een vogel.
In mijn achterhoofd flitsen zinnen en situaties van de laatste weken me voorbij.

Pijn… Pijn om kwetsende uitspraken
‘zij heeft ze niet allemaal…’ ‘ze zweeft en dit terwijl ik mij openstel en me laat aanraken door de Liefde.
Evenmin is het pijnlijk om mijn grenzen te moeten stellen naar mensen die me nauw aan het hart liggen.
Grenzen stellen omwille van zelfrespect, zelfliefde… neen, zelfliefde is niet egoïstisch, is niet egocentrisch zoals men vaak beweerd of denkt. Grenzen stellen wil niet zeggen dat je de andere niet ziet of herkend wie hij of zij is, wil niet zeggen dat je de ander niet respecteerd.
Grenzen stellen is noodzakelijk om in je eigen kracht te gaan staan, je waarden waarin je staat te respecteren, om zelfvertrouwen te laten bestaan, zelfzorg… . te Zijn wie je al bent en je niet weg te cijferen uit angst.

Ik herinner me wat door meheen kwam op mijn weg ‘als ik niet zal spreken is het uit angst, en als ik zal spreken zal ik mijn naasten verliezen’.

Het is niet dat ik ze zal verliezen – misschien in contact – maar eerder dat deze mensen die een deel van de weg zijn geweest, dat we elkander niets meer bij te brengen hebben op de weg naar wie we in werkelijkheid al zijn. Of dat de relatie een andere gedaante zal aannemen. Zowieso de mensen met wie de wegen scheiden zullen nooit verdwijnen want zij zijn gewoon een deel van de weg.

En begrenzen is een noodzaak op de weg waar men het Licht verder wil laten zijn op de weg van Liefde.

En hoewel er pijn af en toe voelbaar kan zijn en dit is OK, het mag er zijn, staat ernaast ook vreugde.
Vreugde om de mensen die me respecteren wie ik ben en waar ik de mogelijkheid krijg in mijn waarden te blijven staan. Zo van die mensen waar je bij mag en kan zijn zonder dat er maar een spanning voelbaar is in mijn lijf. Mensen die ontroerd raken door mijn verhaal, mensen die hun hart openen… daar waar pure verbinding kan zijn, daar waar contact in de essentie mogelijk is…daar waar Liefde mag stromen.

Valentijn…

 

 

Schets

pixlr_201902071123184632332497285119352320.jpg

Een schetsboekje…. een pen… Blanco…
Mijn hand beweegt… ik begin te schetsen. Mijn ervaringen van laatsleden tijdens een meditatie, mijn ervaringen tijdens mijn tocht.

Het idee is deze later in kleur en groter te tekenen.
Ik kijk naar mijn papier. Mijn denken… ruim en vrij. Een subtiele energie komt vrij wanneer ik mijn laatste schets op papier zet…. De energie vult mijn armen, mijn handen. Mijn lijf, alsof het niet tastbaar is. Mijn pen beweegt aan een snelheid over het papier. Rechts…. Links… Zinderend…warmte….intenser… Zachter…
Ik kan alleen maar kijken naar mijn blad en kijken wat mijn hand aan het verwezenlijken is…alsof iets mijn lijf heeft overgenomen en ik gestuurd word door iets. Alles vloeit en gaat in een vanzelfsprekendheid. Ik laat gebeuren, ik kan het trouwens toch niet tegenhouden.

Naast mij komt een koppel zitten. Mijn koffie wordt op tafel gezet. Ik kijk het scherm aan waar de uren van de trein op staan.

Ik kijk terug naar het papier… Ik voel me in het verhaal… daar toen, hoog in de Appenijen. Toen ik de beslissing nam niet meer de kroon van anderen te dragen.

 

Trechter

img_20190127_1328487798668381434450054.jpg

In de ‘materie’ plaatsen… De materie een woord die heel breed kan ingevuld worden. En ik heb vooral het idee dat men daar vaak een geldige reden voor zoekt en invulling aangeeft op een moment dat het ons ten goede komt en dan heb ik hier over de menselijk gecreëerde materie.

Iemand deelde me overlaatst een korte zin, “in materie daar zit het woord mater in, moeder’.

Af en toe komt deze zin terug aan de oppervlakte. Ik laat ze dan vrij rond zweven zonder ze werkelijk te willen vastnemen.
Dan verschijnt voor mijn ogen vaak het symbool van infinity of een zandloper waarin dezelfde vorm aanwezig is maar niet dezelfde beweging maakt. En als ik het dan verwoord dan komt het woord ‘trechter’ eruit.

Trechter… zo voelde het voor mij wanneer ik dichter bij België kwam.
Van de wijdse vlakken, open natuur gebieden, oneindige horizonten naar dichtgebouwde gebieden, drukke straten, beperkte vergezichten.
Van een weinig, minimale rugzak waar ik maanden met dezelfde kledij heb gewandeld.
Van twee t-shirt, een paar kousen, twee onderbroeken, een paar schoenen, een trui, een lange broek, een vest, een muts, een paraplu, een tandenborstel, een klein handdoekje, een smartphone en een thermische lakenzak naar een overvolle kleerkast, 5 paar schoenen per seizoen, ontelbare kousen en onderbroeken, garage vol materiaal. Materie die ik voor mijn vertrek al een pak had geminimaliseerd. In plaats van op een zetel maak ik nu gebruik van mijn meditatie zitkussen, van een tweemans bed naar een eenmans… met een minimum ruimte creëeren en gezellig warm maken… En toch, toch voelt het vaak nog teveel, teveel aan materie die geen noodzaak zijn om te leven. Die geen extra of meerwaarde geven aan wat men in essentie nodig heeft.
De steden zijn er overvol nutteloos meegevuld.

En hoe meer ik hierin leef en mee omringd ben, hoe meer het me duidelijk wordt dat in de ‘materie’ plaatsen voor mij niets te maken heeft met de tastbare materie.

Wel… dat wat ik mag ontvangen, gewaarworden in de vertikale richting dit mag gaan neerzetten op moederaarde. En dat is voor mij ‘materie’.
In verbinding en in evenwicht hierin staan en verder delen in verbondenheid.

Hierin ben ik nog wat onwennig en onzeker, het komt en daar vertrouw ik op… dien ik me nog eerst door het middelpunt te begeven. En op lichamelijk vlak is dit goed voelbaar.

 

Lebenslicht

 

Brugge. Een ruime hedendaagse concertzaal. Het podium. Een orkest. Een filmscherm. Een filmconcert. ‘Lebenslicht’ Collegium Vocale Gent en Philippe Herreweghe & Clara Pons

Een vrouw, drie mannen, drie generaties. Een verhaal van leven en dood, jong en oud, liefde en afscheid.
‘Wat bevreemdend’ klinkt het in mijn hersenen bij de start. Een beeld horizontaal in twee gedeeld, een spiegeling…een vertikale splitsing… De jonge cinéaste speelt niet enkel met splitsingen in het beeld, ook met tijd. Het is meer dan gewoon maar iets in beeld brengen, doordacht, subtiel… Drie mannen, verschillende personages, verschillende generatie… en toch smelten ze in elkaar en worden de drie één om dan terug op zich te bestaan. Een film in meerdere diepere lagen.

Even ben ik op zoek om het totaliteit in me op te nemen. Kijk ik naar het concert? … naar de film… concert… film… zonder ik het doorheb wordt ik meegezogen in de film. De muziek neemt me mee naar het onbegrijpbare.
Mijn ademhaling veranderd…. tranen rollen zachtjes over mijn wangen.
Mijn lichaam wordt gevuld. Het Goddelijke in mezelf wordt geraakt, mijn Ziel.
Waar liefde op het scherm en podium mij raakt in Liefde.
Nog voor ik het besef zijn we aan het einde.
Iedereen begint te klappen. Ik krijg mijn gekruiste armen niet open. Beeld en muziek blijven verder zijn weg vinden in mijn lijf. Wat diep aanwezig is wens ik nog bij mij te houden. Sprakeloos. Ik kijk al die mensen op het podium aan. Zoveel blijde gezichten… zoveel talent… Ontroerd. Het duurt wat even voor ik zin heb om los te laten.

Op het programma boekje… ‘Hemel op aarde’

 

Voordracht

 

Ik open mijn gordijnen, het is nog donker. Naar de badkamer, de keuken… verwarming op 2…in de gang het hedendaagsbeeld van Franciscus in compagnie van Jacobus, Aertsengel Michael en de Kleine Prins. Een beetje verder een Boeddhabeeld. Ik steek het kaarslicht aan. Terug de keuken in geniet ik van de warmte van de verwarming. Het kaarslicht en op de achtergrond het muziek van les ‘Frères et les Sœurs de Jérusalem’ die een rust met zich meebrengt.

Deze avond geef ik de eerste voordracht rond mijn acht maand pelgrimstocht. Ik voel hierrond wat spanning…wat…beetje teveel naar mijn zin.
Ik heb moeilijkheden bij het ademhalen. Mijn voeten voelen koud. Kortademig. De ganse dag ga ik hier bewust mee om. Het belangrijkste is dat ik me hierin rustig kan houden. ‘Jasmine, waarover moet jij je nu zorgen maken. Je kent het, je hebt het beleefd, gevoeld, doorleefd. Geen enkel reden dus om me zorgen te maken’, gaat door me heen… en toch.

img_20181109_1006413969785188719918338.jpg

De woonkamer. Een landkaart staat klaar. Mijn credentials liggen op de stoel. De kerstlichten gebruik ik als lichtpunten in de ruimte. Ik vul de kaarsen aan. In het midden een schaal, bloemen, water, vuur en roze kwarts. Ik demp het licht… warmte en huiselijkheid… belangrijk dat iedereen zich thuis mag voelen.

De bel… een vriendin… We brengen nog wat stoelen naar boven. We eten samen. De bel…nog iemand. Terwijl de twee personen samen in mijn keuken zitten te praten wordt ik wat rustigere en maak ik me de ruimte eigen… Ik steek de kaarsjes aan… De bel…. De bel en zo gaat het een paar keer door. Wanneer de laatste persoon aangekomen is, is er al een fijne energie aanwezig. Het zit goed. Mijn spanning is verdwenen.
De avond begint in stilte met een Harte groet. Nadien volgt het verhaal van hoe mijn pelgrimstocht zich gecreëerd heeft. Fijn om te zien hoe de mensen aandachtig zitten te luisteren. Hoe mensen zich doorheen de avond zich gaan ontspannen. Zelf voel ik me volledig terug op mijn weg, alsof het gisteren was. Mijn lichaam voelt goed. De spanning is compleet verdwenen. Mijn verhaal gebeurt spontaan zonder censuur. Ik heb ook het volste vertrouwen dat wat gedeeld mag worden, zijn plaats zal krijgen op het gepaste moment. Zo wordt ik dan ook even tegengehouden om te praten over een persoon die een belangrijke plaats in mijn leven heeft gehad en sluipend aanwezig was. Het recente verleden heeft me daarin nu al verschillende malen aangetoond dat ik hierin niet alleen ben en beschermd wordt. En zolang alles vanuit het Hart vertrekt en in Liefde, is het altijd juist.
Na de pauze komen vragen naar me toe. Hoe verder de avond, hoe meer ik in mijn kracht ben, hoe meer ik me bewust ben dat dit mijn weg is en dat ik deze weg verder wens te laten groeien.
Boeiende vragen met een rijke inhoud. De antwoorden komen vloeiend, zonder gêne en van een grote vanzelfsprekendheid.
Ik voel me ontroerd, vrij, open, stevig… alle spanning is verdwenen. Dankbaar om de vragen, de vraagsteller die me over een streep hebben geholpen.
Een warme verbondenheid heeft zich geinstalleerd doorheen de avond. En wat fijn om gewaar te worden en te zien hoe mensen in openheid, zacht en hartelijk de woonst verlaten.
De kaarsen gaan uit… De nacht gaat in.

 

Nederigheid

Hoewel ik niet gefeest of geboemeld heb met de Eindejaarsfeesten en er in alle rust en in warme compagnie heb van genoten, is de drukte en de zware energie die het met zich meebracht toch wel in mijn huid gekropen.
Massa mensen waren aanwezig in de binnenstad. De Kerstmarkt gevuld met eet – en drankgelegenheden. Af en toe wat artisanal werk zoals kaarsen, houtensnijfiguren en veel made in… Wat me opviel was de vele zoete voeding… chocolade in overvloed… De mens hunkert naar zoet.

Op bezoek bij de Grauwzusters. Sedert mijn pelgrimstocht in België kom ik hier zo twee keer per jaar. Vanaf de eerste keer was er een klik tussen de gemeenschap en mij. Nadien ben ik er telkens met Driekoningen. Wanneer ik hier ben pas ik me aan, aan de uren en structuur van hoe de inwoners hier leven. Iets wat ik trouwens overal doe als ik onderweg ben. Gewoon met een open hart in ontmoeting zonder iets te willen of te wensen. Gewoon ‘Zijn’ in het Nu en dankbaar met wat er is. Nederigheid zou je dit kunnen noemen, een woord waar voor velen nog een lading opzit omdat men dit ziet als zich wegcijferen, onderdanig zijn en niet kan loskoppelen van situaties die door de jaren heen gecreëerd geweest is waarin – meestal- de vrouw onderdanig was aan de macht van de man, waaruit angst is ontstaan bij de vrouw en nog meer macht bij de man. (het kan ook in de andere richting). Duidelijk onevenwichtig.
Gelukkig is er hier verandering in te zien en meer dan tijd om hierin evenwicht te brengen.
De nederigheid waarover ik spreek heeft hier juist niets mee te maken, integendeel. Wanneer je nederig bent van hart sta je in eigen zachtekracht en ontneemt dit niet dat je een ‘neen’ kan plaatsen en grenzen stellen. Nederigheid van hart zorgt er net voor dat er evenwicht ontstaat tussen jezelf en de ander.
Dit bracht me de mogelijkheid en kans op mijn weg om waar te nemen, te voelen, gewaarworden, te ontvangen, te geven, om open te kunnen staan in contact met mannen….waar angst en macht niet aanwezig was… waar we beiden in ons ‘Zijn’ stonden, in evenwicht…in en met respect naar en voor elkaar. Dankbaar dat ik deze mannen hebben mogen ontmoeten. Door hun ‘Zijn’ hebben ze me de weg geopend van healing, waardoor ik de stap kon zetten… mij losrukken… en een volle NEEN kon zeggen tegen macht en onderdanigheid rond me heen bij aankomst.

Een zuster komt naar beneden. Ze is bleek en heel kort van adem na het gebruik van een aérosol. Ze voelt zich niet goed. Ze zet zich naast mij. Ik laat me leiden en leg zonder twijfel mijn rechterhand op haar rug tussen haar schouderbladen. Mijn linkerhand volgt op haar borst. Ik wordt gewaar en snel is er een duidelijke stroming voelbaar in mijn handen. Ik voel me stevig en krachtig. Mijn lichaam voelt gevuld met een zachte volle énergie. De zuster wordt rustiger, het geruis die ik voelde op haar rug verdwijnt. “Haar kleur komt terug”, meld een andere zuster. De zuster komt inderdaad bij… het geruis is verdwenen, de rust is voelbaar… Ze kijkt me aan. “Pfff, ik dacht dat dit het einde was”, ze dankt me. En stelt me verder geen vragen. Dankbaar om het gebeuren.

Na drie dagen verlaat ik de gemeenschap. In mijn oor wordt gefluisterd, “draag goed zorg voor onze broer”…in mijn valies een prachtig beeld van Fra Franciscus.

 

Reiki

 

De feestdagen zijn voorbij… het is rustig buiten. Een stilte is aanwezig in de straten van Gent. Ik maak me klaar om straks mijn 2de graad Usui Tibetan Reiki te halen.
Ik kijk ernaar uit en ben heel benieuwd naar wat deze nieuwe ervaring me zal bijbrengen.

Een vriendin pikt me op… Samen rijden… Delen… Luisteren naar elkaar. Verbonden.

Aangekomen bellen we aan bij Emovere. De deur gaat open. Rob. We wensen elkander een nieuw jaar. Een aangename geur is aanwezig en vult de gang. Sandelhout.
Ik daal de trap af. Schoenen en jas uit…. Ik neem plaats op een matras… ik maak het rustig binnenin mezelf om met gans mijn lijf en geest in de ruimte aan te komen en mezelf comfortabel te maken.
Het voelt goed. Even delen wat ik met Reiki al heb gedaan en een eerste sessie volgt. Ik mag ontvangen. Ik word gewaar. Behalve dat mijn stuit al goed voelbaar is, voelt mijn lichaam goed. Wanneer ik op mijn buik ga liggen, dan pas voel ik dat mijn benen, billen en zitvlak volledig in ontspanning gaan. Alsof mijn lichaam – en dit vanaf mijn buik- plotseling op de aarde neerdaalt. Oefff… eindelijk. Hupsakee…
Aan mijn beurt om te geven. Eerste symbool… tweede symbool… Ik voel al heel snel mijn lichaam ontvangen en doorstromen. Mijn kaken voelen gloeiend… vurige kaken. Mijn handen worden van alles gewaar. Mijn linker zoekt contact met de grond.

Een eerste inwijding volgt. Ik ga zitten op een krukje. Mijn handen tegen elkaar op borsthoogte.
Al heel snel krijg ik kleuren te zien. Geel met paars binnenin… Een ware explosie… Recht, links… zoef, naar hier… naar daar…. Het voelt zacht en veilig aan.
Oehoe, van energetisch werk naar woorden en uitleg tussen de sessies door. Niet zo vanzelfsprekend.

Voor mij het Antahkarana symbool. Ik blijf het een eindje aankijken. Het symbool begint te bewegen en krijgt al snel een felgeel pulserend randje. Het beweegt… Draait… 3 benen…tryskele…7… Oh… vanwaar ken ik dit! Zo passend.

We ontvangen een tweede symbool….Gedachten patronen… Er wordt me gevraagt ‘Wat ik niet meer wil en naarwaar ik naartoe wil. En dit positief gaan neerzetten’. Al heel snel had ik iets. Geen twijfel….’afscheid nemen van het afhankelijk kleine meisje en ik wil de krachtige vrouw in me tot leven laten komen. De krachtige die recht geeft op levrn.’

Tijdens mijn tweede inwijding zie ik een duidelijk zittend meditatief silhouet met de handen boven het hoofd tegen elkaar. In de vrije ruimte boven het hoofd komt af en toe een felle witte gele lijn van links naar rechts voorbij komen. Na een eind wordt het dikker en komt een duidelijk derde oog zich installeren. Ik voel me groeien en stevig worden.

Nog wat technieken, theorie word meegedeeld. Ik voel me boordevol energie bij het vertrek en een totaal vrij hoofd.
Een volle week en nog tot deze morgen werd ik iedere morgen vroeg wakker met een diepe pijn en verdriet ( lees draagbare heel oude pijn) en levende gedachten… wel ze zijn plots met de Noorderwind verdwenen. Zaligggg

We stappen de wagen in. Joepie, ik mag rijden. Dit was lang geleden.
Bij het thuiskomen voel ik mijn creativiteit broeden. Terwijl ik nageniet van al het waardevolle die ik mocht ontvangen, alsook genieten van het bewust worden van welke mogelijkheden, de zachte kracht die ik in me heb en de warme hartelijke vrouw die ik ben.
Sta ik met de boormachine in de hand. Vijzen, pluggen, hout op de grond, steek ik nog een kast in elkaar.

Ik kan het terug voelen stromen… dankbaar om dit leven. Dankbaar om mijn hart gedragen bewustZijn in mezelf blijvend te mogen voelen.
Dankjewel aan de man die ik stiekem met me mee heb gedragen al die jaren en waarmee zijn wijsheid en warmte mijn hart vult.