La Storta

Zes uur in de morgen en je voelt al zo de warmte op je afkomen. Gelukkig komt er af en toe een fris briesje langs.

In Formelo schatten we ons verkeerd in wat een drankgelegenheid betreft. Helaas geen eten of een pauze. We blijven doorstappen en hopen op ergens nog een waterkraan te mogen zien. Heel spaarzaam gaan we om met het water. Pas ver op het einde van onze etappe vinden we in midden van velden, drie grote bassins met fris water. Zonder twijfel ga ik uit de kleren en stap een bassin in. Door het enorme verschil van temperatuur doe ik het voorzichtig aan.

Een welverdiende en deugddoende pauze. Als dit geen luxe is, een bad midden de velden, de wind en water op je huid mogen voelen.

Campagnano di Roma

Sutri

Nog drie dagen en ik kom aan in Roma. Het is alsof de laatste dagen zwaarder wegen dan de andere. Misschien is het gewoon omdat ik weet dat het einde van de Via Francigena in zicht is.

De temperatuur is gestegen. Weinig bomen om ons af te schermen tegen de zon. Holle wegen en heel veel fijn stof.
Een waterval die ik links laat liggen omwille van de vele mensen die aanwezig zijn. Ook al zou frisheid me wel deugddoen.
In Campagnano di Roma overnachten we in een oude school waar de zolder volledig is ingericht voor de pelgrim. Oorspronkelijk zouden we hier niet komen omwille van de negatieve reacties die we over de Ostello hoorden.
Zowel Jean-Paul als ikzelf vinden dat we zelf eerst moeten gaan kijken of de info klopt.
De Ostello is super. Ik laat de positieve boodschap verspreiden via FB op de VF pagina.
Een avond uiteten en een zalige overnachting brengen me dichter bij Rome.

Campagnano di Roma

Liefde zijn

Terwijl de hospitaliero nog slaapt verlaten we in stilte de slaapzaal. Voor we de stad verlaten nemen een ontbijt. De serveerster tovert een bloem en dubbelhart op de cappucino’s.
Wat fijn om mijn wandelvriend terug aan mijn zijde te hebben.
Een diepe hechte band en een gevoel alsof ik hem al veel langer ken dan een paar dagen geleden. Een hechte band die ik binnenkort zal verlaten of terug verlaten. Alsof we dit al hebben meegemaakt. Echter voelt het voor mij niet meer als een niet meer zien of afscheid, eerder als een nieuwe kans om het beiden anders te doen. Mijn weg is de laatste jaren zo gegroeid dat afscheid geen afscheid niet meer is. De liefde die ik mag dragen kent geen grenzen of verlies. En wanneer je Liefde bent weet je dat er geen afscheid niet meer is, want diep vanbinnen weet je dat je voor eeuwig verbonden blijft.

Capranica

Eentje waar ik minder graag mee verbonden ben… Is de mug… Echter lusten die mij veel te graag.
De weg gaat via bossen, hazelnoot plantages, ruines van de eerste eeuw na Christus.
Het doorkruisen van Capranica waar in de straten overal theelichtjes, sterren en spreuken worden opgehangen. Vermoedelijk om de verjaardag te vieren van Antoine de St. Exupery.

We eindigen in Sutri waar je het centrum bereikt na een stevige klim. Na een douche wandelen we wat door de straten. Een vrouw… In haar linkerhand een hond, rechts een enorme boodschappen tas. In het Frans vraag ik haar of we kunnen helpen. Ze knikt van neen. We wandelen verder en draaien ons om. De vrouw sleurt nog altijd met haar zakken. We lopen naar haar toe en nemen de zak – die behoorlijk zwaar is-van haar over. Ze dankt ons.

Ostello di San Francisco

Montefiascone

Goed geslapen na de tumultueuze avond. Terwijl ik mijn ogen de kost geef met de opkomende zon, laat ik mijn smaakpapillen genieten met een heerlijke verse meloen.
Ik hoor Laurent zijn stem, hij stelt zich luidop vragen over mij op een denigrerende manier. Ik probeer er geen aandacht aan te geven.
Ik verlaat de kamer… de badkamer… ik kruis Laurent. Ploef het lag eruit. “Bonjour Laurent, Au lieu de regarder où être constamment occuper avec les autres. Utilisé cette énergie pour ton propre ‘Etre’ tu en a besoin. Regarde ta haine et tu trouvera amour.”
Later stel ik me de vraag of ik er goed aandeed mijn gedachten te delen. Geen spijt… Ik vond het noodzakelijk om de punten op de I te plaatsen en een gepast moment in tijd en ruimte om te reageren.

Ik verlaat Montefiascone met een prachtig zicht op de vallei.
Vandaag heb ik de beslissing genomen om een dubbele etappe te doen. Op deze manier zal ik Laurent achtermij laten met een verschil maakt van 1 dag. Het zal wat ruimte scheppen zowel voor mij als voor Laurent. Want eigenlijk hoop ik echt dat wat ik zag en voelde bij hem dat hij er doorheen mag gaan, transformeren en zich bevrijden.

Van Montefiascone naar Viterbo, naar Vetralla.
Via holle wegen en Romeinse paveien.
Rechts olijfboomgaarden, links de wijngaarden.
Net voor Viterbo zie ik Laurent en Pascal nog even “Buen camino”, ik steek mijn hand op.

Verderop een militair domein. Militairen in oefening… In kadans kruisen we elkaar.
Met zanderige wegen kom ik aan in Viterbo. Een drukte van jewelste… Overal wagens. Het is warm… Ik wandel erdoor richting Vetralla… een lange weg. Geen schaduw, zand.
In de vroege vooravond ontvang ik een sms van Jean-Paul ‘je suis à Vetralla. Tu est ou’… Ik kom net aan… ‘enbas a Vetralla’…
Een stevige helling… Uitrusten… De laatste meters van de dag… Zweten.
Ik kom aan in Ostello di San Francisco.
Een man komt naar me toe, Pietro. Een warm onthaal, een wegwijs doorheen de Ostello.
In de binnentuin zit een priester te praten met mensen. Kinderen spelen en ravotten…
Een man hangt zijn was aan de lijn, Jean-Paul, een fijn weerzien.

Viterbo

De Chiesa di Francisco… verwonderd stap ik ze binnen… Een heel fijne énergie. Niet enkel in de kerk, ook in de Ostello. De mensen die hier vrijwillig handenarbeid verrichten doen dit met zo een grote zorg. Een warm aanvoelen en voor mij de eerste plaats in een convent waar de spirit van Heilige Franciscus duidelijk voelbaar en zichtbaar is.
De telefoon… mijn metekind. “En ?!” “Geslaagd!” Haar eerste jaar middelbaar, hostellerie’. Wat ben ik fier op mijn metekind en amai wat een schitterend parcours heeft ze afgelegd. Verwonderd ben ik… Nogmaals proficiat lieve Liudmila dit heb je schitterend gedaan, je marraine.

Chiesa di San Francisco – Vetralla

Monte-Fiasco

Ostello Santa Christina

collegiate di Santa Christina Bolsena

Aertsengel Michael

San Benedetto

De laatste pelgrim verlaat de Ostello. Het voelt vreemd. Jean-Paul is vertrokken om etappes samen te voegen en vroeger aan te komen in Rome. ‘Mon compagnon de route…’ nooit gedacht dat dit iets met me zou doen. Een leegte.
Langs de apotheek voor mijn zalf tegen de jeuk. De insecten hebben me al goed beet… het is worstelen tussen muggen, spinnen en grasvlooien… niet echt plezant.

Voor ik Bolsena verlaat, een bezoek aan één van de grootste sarcophagen van Europa.
Indrukwekkend om hierin te wandelen. Wandelen tussen meer dan honderd begraafplaatsen in een lange smalle gang van wel 8 à 10 graven boven elkaar.
Ook de collegiate di Santa Christina en vooral de kapel van Santa Lucia is meer dan de moeite waard.

Pas na 11 uur verlaat ik Bolsena. Een enorm verschil is voelbaar…van het samen wandelen naar terug op mijn eentje. Hoewel ik voorstander ben om pelgrimstochten alleen te doen, omdat je dan werkelijk veel dieper naar binnen kan gaan. Bewuster op de weg bent. Kon ik het samen stappen ook appreciëren, de pelgrimstocht heeft voor mij dan wel een totaal andere gevoel. De aandacht gaat niet meer naar wat rond mij te zien is, de natuur, de dieren… wel naar de mens. En eigenlijk voel ik al een eindje op deze weg dat de tijd er rijp voor is om naar en met de ander in contact te komen op pelgrimstocht en. De verschillende contacten met pelgrims en hospitaliero hebben me hierbij zonder ze het zelf wisten, bij geholpen.
Ik vind het ook heel fijn te horen te krijgen dat mijn ‘zijn’ en mijn wijsheid anderen iets hebben bijgebracht en bijbrengen op de weg. Als ik samen wandel zou je het kunnen omschrijven als een vorm van coachen, zoals in de vocabulaire van vandaag heel vaak wordt gebruikt en bijna een modewoord is geworden. Het pelgrimeren met Jean-Paul was het net ietsje meer.

Plots dacht ik aan het woord ‘SamenZijnInAllEenheid’ een woord die ik een paar jaar geleden in elkaar stak naar aanleiding van een opleiding lichaamswerk en ik belangrijk vond. Iedereen is, en mag zijn. Elk in zijn eigen stuk, met zijn eigen mogelijkheden en kunnen. Delen met andere zonder jezelf te verliezen. Alleen kunnen zijn om dan pas naar de ander te kunnen toestappen. Met je eigen zijn samen komen om dan in eenheid samen te creëren, vertrekkend vanuit jezelf in puurheid zonder iets te willen bereiken, wel iets creëeren gewoon door te zijn en zonder je weg te geven of te verliezen in de ander.

Het zicht is prachtig. Het blauwe van het meer. De olijfboomgaarden. Pas laat in de namiddag kom ik aan in Montefiascone.
Ik klop aan… Het convent Corpus Armore.
Een kleine, bejaarde vrouw… Zwarte lange klederdracht, een zwarte kap met een wit hoofdband. Haar kleine zachte handen verwelkomen me. Door een lange blinkende gang met aan beide kanten huisplanten neemt ze me mee naar mijn kamer.
Wat later hoor ik mijn buren, Pascal en Laurent.
We nemen samen een heerlijk avondmaal die de zusters hebben klaargemaakt. Aan tafel voel ik wat spanning en zie ik ergernis bij Laurent. Heb ik eigenlijk nog niet anders gezien. De grove reactie, commentaar en nooit tevredenheid van Laurent, zijn voor mij welletjes geweest. Ik voelde dat de tijd was aangebroken “demain ils ne faut plus réserver pour moi, je continue mon chemin.”.
Laurent opent het VF boek…. “la grosse”(een vrouw) , hoor ik…. Ik vraag hem waarom deze benaming. Deze vraag werd hem teveel… Een agressieve lading komt naar me toe. De haat in zijn ogen is groot. Ik ben me bewust dat wat ik zie niet rechtstreeks met mij te maken heeft. Een pion in zijn leven.
Ik zwijg wijselijk en kijk hem aan… Er is geen ophouden… Hij verlaat de eetruimte al gooiend met de deur en verwijten. Een stilte… Ik kijk Pascal aan… we kijken beiden verwonderd.

Ik neem een fles water… beven… Ik probeer terug op adem te komen… Een traan… Lossen.
De voorbije dagen werd ik vaak geconfronteerd met een gelijkaardig gedrag van vroeger. Als ik achteruitkijk begrijp ik waarom mijn weg deze van Laurent heeft gekruist.
Ik ben blij te zien hoe ik in zo een contact kan blijven staan zonder zelf in reactie te gaan, maar gewoon in liefde te staan. Alsof ik hierop meer en meer wordt uitgedaagd. Gelukkig ben ik dit bewust… Ik wens Pascal een goede avond en we nemen afscheid van elkaar. Blij dat ik deze avond een eigen kamer mag hebben.

Basilica San Salvia no – Montefiascone

Bolsena

Ondertussen ben ik vergeten hoeveel dagen ik samen met Jean-Paul wandel. Notie van tijd gaat vaak verloren op de weg….en dan nog eens in fijn gezelschap heeft het totaal geen belang niet meer.
Van Aquapendente naar Bolsena.
Bij het verlaten van de stad staat aan de andere kant van de straat een camera, een man en vrouw. De tv.
Men roept en vraagt of men nog eens zou willen terug wandelen.
Zonder zich vragen te stellen, keren we ons om en op een paar honderd meter worden we gefilmd voor TV.

De natuur is veranderd… het heuvellandschap met cypressen – wat typisch is voor Toscanië – is wat minder geworden.
Een lange kronkelende weg langs maïs en aardappelvelden. Een rustpauze.
Een prachtig zicht op het meer van Bolsena.
Een weg die ik in een mum van tijd heb afgelegd en al heel vroeg aan kwam in Bolsena.

Terwijl Pascal en Laurent naar het reisbureau zijn. Doen Jean-Paul en ik de boodschappen voir het avondmaal. En hoewel ik niet echt een verhalenverteller ben met wat eten we, hoeveel kilometer en de snelheid… Even een uitzondering.
Op het menu… Meloen en ham, salade met croûton en Geroosterde spek. Tomaten salade… Terwijl ik kook, dekt Jean-Paul de tafel ik tover nog een kaarsje uit mijn rugzak. Een gezellig diner in de Ostello.

Gebed

Abbadia San Salvator

Geen pelgrim die met zijn belletjes de andere pelgrims wakker maakt. Geen deuren die dicht bonzen door geen gebruik te maken van de klinken. Gewoon spontaan mogen ontwaken, zalig. Lang geleden.

In de loop van de dag deel ik aan Jean-Paul dat ik een engel zag deze nacht. Hij kijkt me aan.

“Je m’adresse à vous, mon Dieu
Car vous donnez Ce qu’on ne peut obtenir que de soi.
Donnez-moi, mon Dieu, ce qui vous reste,
Donnez-moi ce qu’on ne vous demande jamais.
Je ne vous demande pas le repos
Ni la tranquillité,
Ni celle de l’ âme, ni celle du corps.
Je ne vous demande pas la richesse,
Ni le succès, ni même la santé.
Tout ça, mon Dieu, on vous le demande tellement,
Que vous ne devez plus en avoir !
Donnez-moi, mon Dieu, ce qui vous reste,
Donnez-moi, ce que l’on vous refuse.
Je veux l’insécurité et l’inquiétude
Je veux la tourmente et la bagarre,
Et que vous me les donniez, mon Dieu,
Définitivement.
Que je sois sûr de les avoir toujours
Car je n’aurai pas toujours le courage
De vous les demander.
Donnez-moi, mon Dieu, ce qui vous reste,
Donnez-moi ce dont les autres ne veulent pas,
Mais donnez-moi aussi le courage,
Et la force et la foi.
Car vous êtes seul à donner
Ce qu’on ne peut obtenir que de soi.”

Vertelt Jean-Paul terwijl hij me aankijkt.” Tu c’est que c’est l’archange Saint-Michel le patron des para!”” c’est vrai ?! ”

Ontroerd door het gebeuren en wat ik te horen krijg.

(Een gebed voor de para geschreven door André Zirnheld.)

Abbadia San Salvatore

San Qiurico d’Orcia

Ik open het raam van de kamer… De straat lampen zijn nog aan. Kleine wolken hangen boven San Quirico d’orcia. Samen met Jean-Paul verlaat ik het dorp. Een lange tocht staat ons te wachten… 33 km richting Abbadia San Salvator.
Droge granen, klaprozen, malva, korenbloem en nog iets met een geel (plantnaam ontsnapt me), kleuren de border.
Een warmkleurige opkomende zon…de aarde kleurt werkelijk Sienna…
De weg is heuvelend afwisselend. Kleine dorpen.

In Bagno Vignoni nemen we even rust. Laurent vergezeld ons bij het ontbijt en verlaat ons ook snel. Ik geniet van het landschap en het samen zijn. We vinden elkaar in wat we delen en dit heeft een fijn gevoel. Het voelt goed.
Af en toe valt een stilte… “Elle est pas belle la vie !”, vraagt Jean-Paul. “Oh que si…!” We kijken elkaar aan. Een glimlach.
En zo gaat de dag verder en vliegen de kilometers voorbij…

Op een bepaald punt op de weg kiest Laurent- ondertussen terug bij ons – voor de oude Via Francigena. Jean-Paul en ikzelf kiezen deze van de app, een recente.
Een enorme wolk in de verte. Onweer opkomst.
Een afdaling… Een helling van jewelste… Zo eentje als je vooruit kijkt je gewoon op een muur kijkt…. een twee drie… een twee drie… En zo tel ik tot ik boven ben.

Een fors geblaf… Een witte grote hond rechts in de zijberm. ‘Un Patou’ een herdershond. Op mijn rechterkant schapen. Drie andere honden op mijn rechterkant… Wawwwww… Even voel ik mijn hart bonzen. “Ils faut j’aimais se mettre entre les chiens et troupeau”, zegt Jean-Paul. Oeps, Jah wat doe je dan als ze jezelf tussen hen plaatsen. Rustig blijven… Amai, wat ben ik fier op mezelf dat ik niet in paniek ben geschoten. De honden gaan richting de schapen… Het ontroerd me… Krachtig… De vier honden staan beschermend rond de schapen, eentje likt in de oren van een schaap. Een boeiende en leerrijke ervaring.

Ondertussen bijna tien kilometer in stijgende richting door bossen, langs velden… Mijn krachten geraken op… Eenmaal boven nog een drie kilometer in dalende richting naar Abbadia San Salvatore. Het onweer is opkomst… we beslissen om de weg te nemen en nemen geen risico. Aan de andere kant van de weg staat een wagen. “Tu vois la… Une voiture, elle nous attend”, zeg ik tegen Jean-Paul. Een man stapt uit en vraagt of we naar de Ostello gaan. Net op tijd… het onweert.

We komen aan in de Ostello. Plaats voor drie ipv voor vier, de hospitalière vond dat de vierde persoon op de grond moest slapen. Jean-Paul beslist om niet te blijven. Ik vergezel hem bij het zoeken naar een andere plaats. Uiteindelijk kiest hij voor een hotel. “Et si je prends aussi l’hôtel c’est peut être moins cher à deux, une serviette fraîche me ferais du bien”. We delen samen een hotelkamer. Verse lakens en handdoeken, dit zal genieten zijn. Ik ga even om mijn gerief in de Ostello… Bij het terug keren stap ik eerst even de crypté binnen van Abbazia San Salvatore.
’s Avonds praten we nog wat over het leven, de weg, het mystieke… Laat op de avond… gaat het licht uit. ..

Moeder Theresa

img_20180624_2139546220633472922708135.jpg

img_20180624_2141415244698398064256860.jpg

img_20180624_2148591558516652491593705.jpg

img_20180624_2144252422937924192629405.jpg

img_20180624_2153081969580565309630186.jpg

img_20180624_2151064582684174633322740.jpg

img_20180624_2152023344322723437544726.jpg

img_20180624_2151358830662183639603074.jpg

Ik verlaat de aangename Ostello van Ponte d’Arbia. De ochtendzon schijnt door het bladerdek. De graanvelden kleuren goudgeel.
In de verte stijgt een luchtballon met zijn opvallende regenboogkleuren.

Buenconvento… Een middeleeuwse stad-je ontwaakt terwijl ik al een uur genoten heb van het ochtendgloren. “Buongiorno,un caffè e una brioche crema per favore.” Mijn ontbijt halte. Verschillende mensen komen voorbij gewandeld de krant onder de arm.
Een man met rugzak, loopschoenen komt binnen gewandeld. “Buongiorno”, zeg ik hem terwijl ik hem aankijk. Geen reaktie.
Na een half uur vertrekt hij terug. “Buen camino !”, wens ik hem. Hij blijft verder de bar uitstappen vooruitkijkend… Gehaast.

img_20180624_2155043444844590759199209.jpg

 

img_20180624_2200358456520913640433075.jpg

Buenconvento

img_20180624_2158512282138329658124943.jpg

img_20180624_0735092316476078593090118.jpg

img_20180624_0731299158521781519304655.jpg

De laatste kilometers van gisteren is het landschap en zijn omgeving wat veranderd. Opvallend is de weinig hoorbare motorvoertuigen. Ik begin eindelijk Toscanië te appreciëren. Energetisch voelt het hier ook veel zachter, mag de natuur hier wat meer zijn eigen ding doen. De Italianen die ik ontmoet zijn terug wat opener, de vrolijkheid en openheid ontbrak wat de voorbije dagen.
En hoewel velen melden dat het deel Lucca tem Sienna het mooiste stuk zou zijn, ga ik hier tegendraads op in… als pelgrim heb ik niets aan souvenir winkels, massa restaurant, luxe, beton… Het neemt niet weg dat ik ”s morgens om zes uur wel kan genieten van het midden van een oude stad. Dan pas is ook zichtbaar wat zichtbaar mag zijn.

img_20180624_0703554084944093519702399.jpg

img_20180624_213021999798060982423363.jpg

img_20180624_2201025184586723401771439.jpg

img_20180624_2130517166817027595576707.jpg

img_20180624_1342154360196014070983422.jpg

img_20180624_134414676362671670826189.jpg

 

 

Op een helling haalt een pelgrim me in. Dezelfde man die ik gisteren in een kort moment op een terras heb gezien. En waar ik toen een gevoel had hij niet zomaar een passant was.
“Bonjour!” Hij kijkt me aan “Bonjour”. Aan zijn uitspraak hoor ik dat hij een Fransman is.
We blijven contact nemen en al heel snel wandelen we in hetzelfde kadans verder richting
San Quirico d’orcia. En zonder we het weten en de tijd voorbij hebben zien gaan komen we rond de middag aan San Quirico.
De kamer wordt gevuld niet meer met drie pelgrims, wel met vier.

Een bezoek aan de stad, een geslenter door de straten… een terras… Terwijl de drie andere pelgrims op een terras zitten met hedendaagse muziek boven het hoofd. Kies ik voor een rustig terrasje buiten de muur van de stad en… een minder groot gat in mijn budget. Na een kwartier vergezel ik hen terug.

In de collegiate dei Santi Quirico e Giullata staat een prachtig vermoedelijk wassenbeeld van Moeder Theresa. Ik kan mijn kijk niet vrij maken van het beeld. Hoe langer ik ze aankijk hoe beter ik kan zien dat een traan uit haar linker oog komt. Bijna echt.

 

img_20180624_1348238367588014762429017.jpg

img_20180624_1347455557999819330344086.jpg

img_20180624_1346236145849813880696077.jpg

img_20180624_2127342671014502667278324.jpg

San Qiurico d’orcia

img_20180624_2127088066565899692893869.jpg

img_20180624_1507322767995725374286269.jpg

img_20180624_212648192335220942269161.jpg

 

 

 

 

 

img_20180624_1608511269058181782046206.jpg

img_20180624_1620401508718283242839249.jpg

Ponte d’Arbia

 

Zes uur ik verlaat Sienna via de immense stadspoorten in neerwaartse richting. De grootstad slaapt nog. De afvalgeur van de ophaalwagen vergezeld me een paar meter.

Tien kilometer – lees een halve dag – stappen is noodzakelijk om beton, hacienda, asfalt, industrie achter me te laten.
Voor ik een looiend landschap met grassen en tarwe in stap komt een auto aangereden.
Een hoogbejaarde vrouw, vermoedelijk klein van gestalte en wat doorgezakt in de zetel. Ze steekt haar hand op. Een grote glimlach, wat ontbrekende tanden. Een hand waarvan de vingers afwisselend zich strekken en terug de handpalm raken… Een teken van goede dag. Het raakt me. Een gebaar van amper enkele seconden. Een waardevol contact.

Mijn mama… via messenger… een verhaaltje… het eindigt met ‘voilà ik heb een beetje in je plaats geschreven’ Ze brengt me aan het lachen en het doet me terug denken aan de momenten wanneer ik als kind kwaad was en niet wilde toegeven. Dan zei mijn mama altijd ‘fait risette à maman’. Dan kwam ze gewoon voor mij en de manier waarop ze het zei daarmee kreeg ze me altijd aan het lachen.

Pas na vijftien kilometer mag ik het gras en de aarde eindelijk terug onder mijn voeten voelen op een oneffen pad. Genieten van de stilte die natuur met zich meebrengt. Zalig!
Vlinders fladderen om me heen. Voetsporen van everzwijnen. Korenbloem. Een veld van zonnebloemen. Het gekraak van een haan.
Rond de middag kom ik aan in Ponte D’arbia. Ik breng de namiddag door op terras met Pascal en Laurent.

’s Avonds maak ik een piperade klaar en een heerlijke tomatensalade voor Pascal en mezelf.