Regio Napoli

Ik ga naar het plein waar ik gisteren voor het laatst Pico heb gezien. Geen levend wezend te bespeuren. Ik had ergens wel een beetje op gehoopt… weet dat het echter goed is zo.

In de verte komen drie dames aangewandeld tussen de fruitboomgaarden. De zwarte rechte jurken zorgen ervoor dat de rondingen minder zichtbaar zijn. Eenvoudige kralen sieren hun hals. De kapsels liggen piekfijn. Alsof ze net uit een poppenhuis komen, zo midden de gaarden. Naar waar ga je naartoe vragen ze me op een wat botte manier. Een botte manier die hier al een paar dagen duidelijk is. Waarschijnlijk wat typisch voor het zuiden. Ik blijf rustig en op een zachte manier reageren. Zo even eerst diep in en uitademen helpt altijd voor het terug reageren… het zorgt ervoor dat ik me niet laat meeslepen in de energie van de andere. En met deze handeling is net tijd genoeg om bewust in de situatie te zijn.
De dames praten zo snel tegen elkaar, nemen de tijd niet om te luisteren en hun reaktie is al klaar. Met een luide stem en handengebaar wijzen ze maar de andere kant op. Daarheen… daarheen.. Het scheelt niet veel of ze nemen me bij de arm.
“No, no… Via Francigena del Sud…. Si, si Campagna”…

Paprika, appels, pruimen, perziken, meloenen, pepers, zelfs tabak wordt hier gekweekt. Het valt me op dat minder en minder dames zichtbaar zijn in de loop van de dag. Het Zuiden is duidelijk meer een mannen wereld… in alle opzichten.
Een lange geasfalteerde weg met een kanaal scheiden de velden. Kilometers lang wandel ik niet enkel langs gaarden, ook langs asfalt, gedumpte vuil alken, plastiek van de serres, flessen water, metalen machines… ik kan het niet allemaal opnoemen. Broodbakken vliegen in het rond. Mijn hart doet pijn bij het zien. Het contrast is enorm bij het zien hoe hun domeinen verzorgt uitzien binnen hun muren en erbuiten ze er zo een vuilnisbelt van maken.

Op een versmald stuk. De gekende toeter achter me… Ik hoor de motor niet vertragen. Ik ga opzij.
“Een beetje geduld kan ook”, zeg ik terwijl hij voorbij rijd. Op zijn vracht de lege zakjes brood. Hij stopt en gaat achteruit. Duim en wijsvinger tegen elkaar terwijl hij me vraagt “Dove Vai”?, schuddend met zijn hand.
“Italy”, antwoord ik terug. “No capito”, zegt hij.
Ik spendeer er geen woorden niet meer aan. Hij rijdt weg. De lege broodzakken vliegen in het rond.

Een grote stofwolk voor me… een wagen aan hoge snelheid. Het dak is afgesneden, overal blutsen. Achteraan twee mensen van vreemde origine zittend op het metaal. Houten stokken tussen hen. De chauffeur, een blonde knaap, ernaast een wat oudere vrouw. Het lijkt net een beeld uit de brousse. De blikken van de twee mensen vooraan zijn gelijkaardig als mensen die ten strijde gaan en niets meer te verliezen hebben. Uitdagend, agressief, leeg… De jonge knaap kijkt naar de vrouw… Beiden lachen en bij het voorbij rijden geef hij extra plankgas zodat ik niets meer zie. Even stond de tijd stil.

Ik heb al veel gereisd beetje overal ter wereld… maar de sfeer en onveilig gevoel die in deze regio is…. Daar ga ik uit en weiger ik langer in te blijven.

Elvira van in Terracina had me hier ergens wel gemeld dat ik voorzichtig moest zijn. De vrouw gisteren had mij ook iets gemeld. Ik neem altijd wel zo een zaken met een korreltje zout en ga zelf graag ontdekken om geen verkeerde info te geven en niet mee te doen aan “ze zeggen dat…” Ze hadden het juist. Behalve op een iets, het zijn niet de refugees die gevaarlijk zijn, wel hun eigen bevolking.
Morgen (ondertussen… vandaag geworden) neem ik de trein en verlaat ik de regio van Napoli.

Morgen wandel ik verder vanuit Benevento… en ga ik de Appenijen in. In hoop dat ik terug de vriendelijkheid, open en spontane mensen mag ontmoeten van in de bergen.

Capua

Aertsengel Michael

Hieronder de link naar de kaart van hoe mijn weg er zal uit zien in de komende maanden en welke richting ik uit ga.

Het verste punt in het zuiden is Mont San’t Angelo. Het verste punt naar het Noorden is Mont-Saint Michel. In het midden ter hoogte van Turijn ligt Sacra Michael.

Mensen die me kennen en me al een eindje volgen weten dat mijn pelgrimswegen gevormd worden door wat ik mag ontvangen. Zo werd ik op mijn vorige pelgrimstocht Chartres-Nevers naar Assisi geroepen.

Deze tocht werd dus realiteit op 1 april 2018…met mijn denken voegde ik daar Rome aan toe (was niet zoveraf… Dus waarom niet) en ik kleefde er nog eens Compostella aan toe kwestie van het spannend te maken.

In het begin van deze tocht vroegen mensen naar mijn tocht. Al lachend zei ik toen “en wie weet ga ik verder naar Mont – Saint Michel.” Diep van binnen voelde dit ergens als juist aan.
Toen kwam de Triskele meerdere keren op mijn weg. Mijn nieuwsgierigheid werd geraakt.
In Vercelli gebeurde de eerste verandering… Ik blijf de Via Francigena volgen tot aan Rome ipv eerst naar Assisi. Assisi bleef als juist aanvoelen. Een priester toont neemt me mee naar zijn bureau zonder enig woord toont hij me een affiche ‘Michael rots in Le Puy’… Michel de Italiaan… Jean-Paul en de patroonheiligen Aertsengel Michael… Het zien van… En het evenwicht die hij me bracht in mijn ‘Zijn’, we waren elkanders ‘pierre blanche’, op de weg. Zo noemde hij me ‘ma pierre blanche’…

De weg naar Compostella voelde niet meer ok…
Mijn eindpunt voelde niet juist… Wel Mont-Saint… Dit voelde OK.
Het midden zat ik ergens nog mee en voelde niet als evenwichtig… Tot de ochtend met Paola…
Alles werd duidelijk, evenwichtig en juist.

De triskele was een belangrijk symbool en sleutel die ik mocht ontvangen in Rome tot de… Aertsengel

Voor de mensen die ontchoogeld zijn dat ik niet naar Compostella ga… Weet dat er meer is… Veel meer dan…

Tot binnenkort op een volgend verhaal via tekst en/of beeld.

Liefs Jasmine

https://debelsjasmine.com/etappes-2018-2019-belgie-naar-belgie-via-francigena-en-compostela/

La Storta

Zes uur in de morgen en je voelt al zo de warmte op je afkomen. Gelukkig komt er af en toe een fris briesje langs.

In Formelo schatten we ons verkeerd in wat een drankgelegenheid betreft. Helaas geen eten of een pauze. We blijven doorstappen en hopen op ergens nog een waterkraan te mogen zien. Heel spaarzaam gaan we om met het water. Pas ver op het einde van onze etappe vinden we in midden van velden, drie grote bassins met fris water. Zonder twijfel ga ik uit de kleren en stap een bassin in. Door het enorme verschil van temperatuur doe ik het voorzichtig aan.

Een welverdiende en deugddoende pauze. Als dit geen luxe is, een bad midden de velden, de wind en water op je huid mogen voelen.

De merel

“Je vous souhaite une bonne route, que dieux vous protège”, zegt Cyril terwijl hij mij een kruisje op het voorhoofd tekent. Zoals een vader aan zijn kind zou geven bij het verlaten van het huis op weg voor een nieuwe dag.

Een bezoek aan de Basiliek de Saint-Maurice.
Recent vernieuwd naar aanleiding van het 1500 verjaardag. Een prachtig versierde doopkapel met een doopvont waarop Adam en Eva in de steen zijn uitgehouwen, mozaïeken, de glasramen met astrologische afbeeldingen. Aan de hoofdingang, doe ik een poging om de deur – die met vakmanschap is bewerkt – te fotograferen, niet eenvoudig wanneer een sensor boven je hoofd hangt en telkens je beweegt de deur in beweging gaat. De deur doet me wat denken aan deze van la Sagrada Familia in Barcelona.

Saint-Maurice

Dichterbij… Dichterbij… Le col du Grand Saint-Bernard.
Hoewel het verlangen heel groot is om de col over te wandelen, krijg ik meerdere keren te horen dat het niet aangeraden is. Een man in een tea-room met wie ik de tafel deel is een vervente wandelaar van de col.
Hij weet me te vertellen dat het veel meer gesneeuwd heeft dan de voorbije jaren. Veertien dagen geleden zijn nog zeven wandelaars omgekomen hier in de buurt. De weg die vrijgemaakt is, is wel 8 à10 meter hoog, zelfs hoger en kan nog altijd instorten. Een zuster was gisteren tot aan haar hals naar beneden gezakt. De col langs de Zwitserse kant gaat pas officieel open op 5 juni. Langs de Italiaanse kant de vijftiende juni. Vermits ik alleen ben, noch de bergen, noch de sneeuw ken is het vertrouwen op anderen groter dan mijn eigen verlangen. Ik voel dat ik hier in dubbelheid zit… tussen mijn denken en mijn hart…, mijn angst en mijn verlangen Ik laat het wat rusten zodat ik hier een evenwicht mag in vinden. Het eindresultaat zal het vertrouwen zijn in wat de weg me toont en brengt.

Lange grassen komen mijn benen strelen. Een brug… het water stroomt krachtig…
De vlier staat in bloei. Binnenkort is het aan de linde… verlangend naar haar geur.

Voor mij een jongen. Hij komt een huis uitgewandeld. Voor hem een man. De jongen loopt er achter en probeert in de passen te lopen. Af en toe een looppas er tussen. Zijn poep draait opzettelijk naar links en rechts…zijn armen zwieren nonchalant heen en weer. Doet me denken dat ik dit als kind best leuk vond om te doen. De jongen draait links af… Op weg naar school. Op het plein van het dorp staan bloembakken gevuld met kruiden… Laat je zintuigen werken… staat vermeld op een bord.

Cascade de la pissevache

De drukte en geluid van de wagens blijven aanwezig, alsook de asfalt. In de verte een waterval ‘Cascade de la pissevache’,letterlijk vertaald de ‘waterval van de pissekoeie’. Een vrouw staat de waterval te bewonderen. Ze komt dichterbij. Een gsm in de hand. Ik vraag of ik haar fotografeer. Ze nodigt me uit om samen iets te drinken, Barbara.

Net voor Martigny… een gebouw… een kraan… Geen wijn zoals op de Camino, wel stromend smaakvol bronwater.
In Martigny ga ik opzoek naar de toeristische info voor nader info ivm de col. Naar mijn mening niet genoeg ervaring wat de berg betreft, wel de officiële boodschappen.
Voor ik het avondmaal neem samen met de broeders van Saint-bernard, ga ik eerst in de binnentuin van de abdij.
Een bankje. Een water reservoir. Een kraan. Terwijl daar wat zit te mediteren en genieten van de stilte, komt een merel een bad nemen. Ik geniet van het zien hoe hij kopje ondergaat zonder enige schrik van mijn aanwezigheid. La Joie.

Het avondmaal neem ik samen met de broeders van Saint-bernard. Een ronde tafel met in het midden een ronde schotel die ronddraait, beste wel handig wanneer je met velen aan tafel zit. Wat voelt het hier goed, ontspannen in losse sfeer. Samen tafelen.

Voor de eerste keer doe ik een terras. En ja hoor een zeldzaamheid… maar een Belgisch biertje lacht me toe en ik laat me verleiden. Het terras zit vol jongeren van tussen de 14 en 20 jaar. Het is vrijdagavond…

Martigny

Dansen met de regen

Ik open het gordijn van de klas die gelegen is op een hoogte van 400m. Amai, zo een vergezicht. Had ik in zo een klas gezeten als kind, dan had ik waarschijnlijk nog meer linialen op mijn vingers ontvangen (allé, dit hebben ze geprobeerd, knipoog). Grijs. Regen. Hevige windstoten. Benieuwd wat de dag mij zal brengen.
‘Je niet laten ontmoedigen Jasmine’, zegt een klein aanmoedigend stemmetje.

Morgen is het 1 mei. Ik hoop dat ik wat voorraad kan vinden voor vandaag en morgen.
In Torcenay maak ik een ommetje van één kilometer naar Chalindrey opzoek naar een bakker. “Pardon madame, pouvez vous me dire ou se trouve la boulangerie ?” “Oui, la a côté du Colruut (Colruyt). Twee vliegen in één klap.

Een kilometer om en zo ontsnap ik ook aan twee grijze wolken banden. De ene links, de andere rechts. In het midden blauw… en daar onder is mijn weg. (glimlach). In de voorbije uren bracht de storm veel schade aan in de buurt. Door de weersomstandigheden pas ik mijn weg aan en volg ik de wegtekens niet.

Ik geniet van het samenspel tussen de verschillende elementen. Le ‘soufle de la vie’ die krachtig de bomen laat dansen, die de wolken aan een snelheid laten voorbij gaan, die samen met de zon het water op de grond laat verdwijnen.
De donkere blauw-grijze lucht, de groene velden, de koolzaad velden en dan de zon die zich af en toe laat zien versterken de kleuren.
De regenbuien komen als gordijnen naar beneden. Ik kan zo zien waar het water zal uit de lucht vallen. Genieten en af en toe probeert de regen me uit te dagen. Ik kan zo het water horen vallen en dichtbij komen. Dan is het paraplu open. Een kort douche en het water horen verdwijnen achter mij. Ik krijg bijna zin om te dansen in de regen. En als is ik nu van die magische schoenen zou hebben waar ik mijn hielen tegen elkaar aantikken dan neemt de paraplu me van de grond… Ik zie me al vliegen…

Een gebouw. Een vroegere abdij. Ik ga even piepen. Een houtzagerij. Een vrouw met een doekje op haar hoofd, een geruite schort. Een man met blauwe overal. Een cirkelzaag. Een transportband die het hout van beneden naar boven op een dikke plankenvloer laat vallen. De mensen doen hun voorraad hout klaar voor volgend winterseizoen.

Ik verlaat la Champagne en Ardenne voor la Franche Conté. Van la Haute-Marne naar la Haute-Saône.

Gisteren een warm bericht mogen ontvangen ‘… Cela inspire de la joie et de la paix…’, om verder mee te dragen op mijn weg.

Wat ben ik dankbaar dat ik deze morgen de kracht had om de deur uit te gaan. De kracht om mijn gedachten in toom te houden en me niet heb laten beïnvloeden door de weersomstandigheden. Dankbaar dat ik ben opgestaan. Dankbaar om de vreugde die ik mag ervaren van al het wondermoois rondom mij. Dankbaar om al wat wat niet tastbare is. Dankbaar dat ik mezelf kan zijn. Dankbaar om al wat is.

Na een nacht op yoga matjes nu een nacht op een heupbreed kampeerbed.

Leffond

La tactique

Zondagmorgen. Uitslapen… No way zegt mijn lijf. Een lange babbel met Nadine. Gabin: “Tu reviendra ? “. Ik kijk hem aan “oui”.
Laat in de voormiddag ben ik terug op weg. Een telefoontje. Verbinden. Luisteren.
Nadine komt langs met de wagen “c’est pas le bon chemin !” “Sisi, je suis le GR”. Uiteindelijk had ze gelijk. Dit was niet de weg die ik wou nemen en na de telefoon keer ik even terug op mijn stappen.

Het begint te regen. Mijn paraplu. Ik vind het zalig om eronder te wandelen. Geen regenkledij waarin ik zweet. Geen water die tussen mijn rugzak en rug heen sijpelt. Droge voeten. En dan is er het getik van de regen op de paraplu, zalig !
Een specht zijn geroffel vergezeld het getik van de regen.

In Beauchemin – mooie naam voor een dorp – vraag ik een jonge kerel om zijn toilet te mogen gebruiken. Voor ik naar buiten ga vraagt zijn vrouw of ik zin heb om iets te drinken. Een koffie.

Wat een energie heb ik vandaag. Mijn lichaam voelt echt supergoed. Mijn rugzak is terug aan het toveren. Alsof ik er geen draag. Op het ritme van het muziek – la tactique du gendarme, van Bourvil- en al zingend stap ik richting Landres. Ook al regent het en is het grijs, ik geniet ervan. De natuur zal er dankbaar om zijn. De grond stond droog.

Église Saint-Cyr à Saint Ciergues

Lac de la mouche

Rond 18 u kom ik aan in Langres. Een stad op een heuvel en zijn bijna drie kilometer lange vestingsmuren. Le presbytère. Een man met hoed op, paraplu en regenjas wijst me de weg.

De klokken luiden. Ik ga naar de mis. Lang geleden. De priester komt naar me toe, schud me de hand “oh, vous êtes le pèlerin”. ‘Amai, hij weet dit al’, gaat door me heen.
De mis begint met het voorstellen van de aanwezigen… “il y a même une flamandine entre nous”. En eindigt met “j’ai essayer de mettre le chauffage…. Eh bhein… ‘tintin’, zalige priester.
Na de mis komt de priester naar me toe en vraagt welke beelden voor me staan. Maria en de andere twee herkende ik niet ‘Jeanne d’ Arc en Elisabeth’.” Il faut apprendre un peut l’histoire de France”, krijg ik als antwoord. “Mon père.. Olala”.

Moet ik me dom of minderwaardig gaan voelen omdat ik de geschiedenis niet ken. Neen, heb ik echter vroeger wel gedaan, ik was beschaamd. Jah… omdat ik dacht dat wat men leerde op school dat dit parate kennis moest zijn. Ik herinner me de opmerkingen, ‘Alle, je zou dit toch moeten kennen…’ Of’ ale, ken je dit niet!’, met een neerbuigende intonatie… Blijkbaar vond ik toen al als kind dat het leven in het’ Nu’ belangrijker was dan iets vanbuiten te blokken waar ik geen boodschap aanhad. En nog min als ik de druk voelde en eisen die men verwacht van een leerling, dan bak ik er niets van. – Zelfs vandaag nog.- En als ik dan iets tegenkwam die mijn interesse opwekte. .. Wel dit is heel simpel… Boeken openen en… dan pas bleef het kleven en vergat ik het niet omdat het zich voordeed in het nu. Toch… hebben de ogen en meningen van anderen hieromtrent veel impact gehad in mijn reacties en gedragingen. En heb ik lang gedacht minderwaardig te zijn. Mijn kennis, kunnen en beleving uit het leven zijn voor mij vandaag heel waardevol en daar ben ik fier op. Mijn levenschool op mijn manier en ik hoef niet onder te doen.

Boodschappen. Een man komt naast me wandelen. De man met de hoed op, paraplu en regenjas. Hij helpt me dragen en neemt mijn paraplu in zijn handen. Oef, anders heb ik straks geen eieren niet meer. We praten met elkaar. “Oh, mes vous êtes le prêtre. Désoler je vous avez pas reconnu”. Mijne ‘frank’ viel… In stukken (glimlach)

Église Saint-Martin, Langres

Symbool Svastika

Openen

Ken je die momenten waar je iets nodig hebt en het niet vind. Op zoek naar een nieuw kledingstuk, sleutels en waar je dan net ook in tijdnood zit (alle, dat denk je). Willen… Men wilt op deze momenten en meestal vanuit een diepe aanwezigheid van ‘ik moet en wil’. Of een relatie willen… Of hoeveel zwangerschappen zijn er al geweest nadat ouders meerdere malen hebben geprobeerd, tevergeefs en dan na het opgeven… zwanger worden.

Terwijl ik wandel in een schaduwrijk bos, met zijn dansende bomen en zingende vogels, komt op een paar meter vanuit de rechterkant een hert rustig de weg over. Alsof hij in slowmotion beweegt… Zo sierlijk en stevig. Midden de weg kijkt hij me aan… Rustig verdwijnt hij naar links terug in het bos… Een krachtig moment.
De momenten dat ik het bos in wandelde en hoopte… Eerder willen… een hert zien. Dan zie je het niet.
De momenten dat ik de gedachten kan lossen (ego) en vertrouwen dan komt het gewoon naar me toe op het juiste moment.
Wat je dan ontvangt zonder te willen is meer dan wat tastbaar is. Een vreugde die veel dieper en intenser is dan het ‘eureka gevoel’. Waar balans is. Harmonie met al wat is.

Kort na deze gedachten. Wat zie ik… Ja hoor tot 4 maal een hert.
Soms gaat dan in een fractie van een sec door meheen mijn ‘camera’.
Om nog dieper in het vreugde gevoel te mogen indalen, laat ik de camera zitten. Met een open hart gewaarworden. Deze waardevolle momenten ben ik me bewust dat wat voelbaar is nooit door een ander kan ingevuld worden. Ik bedoel dat alles start vanuit mezelf. Als er geen openheid is vanuit mijn hart, mijn buik, mijn bekken… Kan ik niet ontvangen. Alles start vanuit onszelf zonder het buiten ons te willen plaatsen. Geduld, bewustzijn, vertrouwen en tijd nemen spelen hierin een belangrijk rol. Hartverwarmend.

De everzwijnen zijn hier goed aktief geweest. De vele graszoden werden omgedraaid. Stil en met respect voor hun habitat geniet ik van de omgeving.

Morment gaat mijn aandacht naar een resterende kerk- hospital die nog overblijft uit de periode van de eerste kruistocht (1095) en die in 1300 werd geschonken aan de orde van de tempeliers.

Na wat zoeken voor een overnachting kom ik bij Nadine terecht. Er zijn zo van die contacten die onmiddellijk klikken. Waar vragen overbodig is en alles vloeit, een vanzelfsprekendheid is.
Ik help Nadine samen met haar kleinzoon Gabin een polyvalente zaal klaar te zetten voor een avondje theater.
Een plaatselijk talentvolle theatergroep ‘les baladins’.
Warme ontmoetingen. Een plezant theaterstuk. Een zwarte hoed die langs komt voor dhama. Het zien van hoe mensen zich verbinden is een waar genot.
Voor het slapen gaan neem ik samen met Gabin mijn kleren van de waslijn. In de late uren ga ik slapen. Met een warm gevoel slaap ik in.