Paster Norbert

Clamecy

In de regen en met een scherpe wind verlaat ik Clamecy, via een grindpad en langs windmolens.

In gedachten herinner ik mijn mystieke nachtdroom van deze nacht. Zonder angst en vond het best intrigerend. Boeiend en een vernieuwende ervaring. Het is al een paar dagen dat ik er duidelijke en belangrijke boodschappen ontvang zonder enige inspanning.
Ik probeer de beelden terug voor ogen te halen. Een metalenpoort met een engel waar de zon doorscheen, maar waar de schaduw op de grond totaal iets anders was. Een rots met een gebouw erop en waar ik de boodschap kreeg om ernaar toe te gaan omdat daar het antwoord was…

Op de linkerkant een open veld, rechts een grote dikke haag die me afschermt tegen de felle wind, ik ben de boeren dankbaar. Voor de tweede maal spot ik een bijna witte vos.

Een rustpauze in een plaatselijk café ‘la maison du chasseur’. Een vrouw opent de deur, in een roze katoenen lange broek en bijhorende gebloemd T-shirt. Twee mannen zitten aan een tafel in een blauw werkplunje.
De vrouw weet me te vertellen dat ze de derde generatie is die in het huis woont. De tijd is hier stil blijven staan. Ik geniet van de eenvoud die hier is en de openheid van de mensen.
Een babbel met de mannen. Voor mijn neus een bokaal oploskoffie en een kan heet water.
De kachel die midden de ruimte staat verwarmt mijn koude benen. De muren zijn geel gekleurd nog van toen de tijd we in een café mochten roken. Blij dat die tijd voorbij is.
Na een goede rustpauze en opwarming verlaat ik de nog authentieke, hartelijke plaats in zijn eenvoud en puurheid. La simplicité authentique.

’s Avonds klop ik aan bij een priester. Eerst op zijn Frans en al heel snel in het WestVloams. Norbert ut Bavikhove. Nen paster van tvolk en ien noar min herte. Gein poespas of protocol, integendiel. Een warme ontmoeting. Een avond waar ik geniet van zijn verhalen en het delen van zijn leven.

Vézelay

De twee volle dagen rust in Vézelay waren deugdzaam.
Mezelf drie nachten toedekken onder een dikke laag wollen dekens. Warmhartige ontmoetingen. Bijzondere ervaringen en gewaarwordingen. De ontmoeting en eenwording met nieuwe, waardevolle en intense lichaamssignalen in het samenzijn met anderen. Met een wederzijdse dankbaarheid.
En terzelfde tijd een hoofd die volledig aan het loslaten is. Zelfs een verkoudheid kan vreugde brengen.
Twee dagen doorbrengen met José. Delen, boodschappen doen, samen koken, samen eten, lachen. Een nieuwe vriendschap.
Kennis maken met Marie… – en de rest ontsnapt me- die me wat kennis bijbrengt hoe een icoon te creëeren. Vertederd zijn door een hoogbejaarde orthodoxe priester die in een bolletje gedraaid zit in de basiliek tijdens de laudes. Zijn lange armen die zijn opgekrulde ledematen omarmen. Zijn grijze lange baardharen zien bewegen bij het gebed. Hem horen het orgelgeluid meeneurien…. Ik zou beide personage zo in een strip kunnen plaatsen met dwergen, pratende dieren, een eenhoorn, een tovenaar…

Een Barokconcert met 5 jongeren waar ik niet enkel genoot van hun muziek, ook van het zien hoe ze met veel enthousiasme hun talent naar voor brachten. En geef toe wie zou nu geen vreugde voelen bij…

Op zaterdagavond werden er op zeventien sanctuaires in Frankrijk het 25 site uur samen gevierd. Waaronder belangrijke pelgrimsplaatsen zoals Rocamadour, Mont Saint Michel, Chartres, Ars, Le Puy-en-Velay, Lisieux, Lourdes…samen op hetzelfde uur de klokken deden luiden.
En dan een avondwandeling met toortsen doorheen het dorp vergezeld door een gids en zijn pelgrims verhalen. Daarna werden we door de broeders en zusters van Jeruzalem met muziek en tekst meegenomen in de basiliek om te eindigen in één van de vele 12°eeuwse kelders- Pelgrimszalen- die de inwoners van Vézelay in de tijd hebben gegraven door de grote opkomst van pelgrims tijdens belangrijke feesten. De Pelgrimszalen waren allen met elkander verbonden waardoor er ondergrondse gaanderijen ontstonden. Stel je voor 10000 pelgrims per dag.

Na een gezegende en telkens onvergetelijke pelgrimszegen, ondertussen terug op stap. Mijn lichaam is terug op kracht en gevuld met heel veel moois.
Richting Mont Saint Michel.
De herfst is hier eindelijk ten volle voelbaar. En overal zichtbaar. De natuur maakt zich klaar om naar binnen te keren…
In de beweging voel ik dat mijn lichaam dezelfde richting volgt en naar vraagt… En hoewel de natuur er somber uit ziet en de zon er niet doorkomt, mijn lichaam is vol- licht.

Een lange weg doorheen le bois de Madeleine. Een buizerd vinden langs de baan, waar kop en hals opgegeten is. Zijn vleugels… Intact… Ze vergezellen me richting thuis.
’s Avonds me laten leiden door het muziek in het gemeentehuis van Clamecy om er Justin te ontmoeten die me uitnodigd om bij hen te logeren. Eerst genieten van een Bluesconcert.

Basilique Sainte Madeleine

Zeven uur…. Een nieuwe dag ontwaakt…na een fiks uitzweten deze nacht sluit ik de kamer in het hotel en dank in gedachten de onbekende persoon die voor mij deze kamer heeft benuttigd. Gisterenavond was ik namelijk hier terecht gekomen omdat de eigenaars nergens te bespeuren waren en daardoor mij niet konden wijzen waar de verwarming was in de gîte d’étape. Dus ben ik maar zelf opzoek gegaan. Ik ga terug naar de gîte om mijn ontbijt klaar te maken. Wat later verlaat ik het dorp na een bezoek aan de apotheek voor mijn bestelling aan natuurproducten.

Dik ingeduffeld en op drie dagen stappen van Vézelay vertrek ik met volle moed, zien wat de dag me brengt.
De natuur is stil, een rust ligt over het landschap. De enige klanken die hoorbaar zijn… mijn voeten en de druppels water die van de bladeren parelen.
Ook al is mijn fysieke kracht op een laag pitje, de zachte kracht in mij blijft aanwezig. Na ongeveer vijf kilometer hoor ik een wagen in mijn richting rijden. Ik steek mijn duim uit. Hij stopt. Het komt me goed uit, hij rijdt gewoon naar daar waar ik dacht mijn halte te houden. Ouroux le Morvan.

Naar het gemeentehuis. Een telefoonnummer wordt me gegeven. Ik bel een gite d’étape. Het antwoordapparaat. Omwille van mijn verkoudheid klop ik niet aan bij de plaatselijke bevolking en wens ik mezelf de ruimte te schenken die ik nodig heb om te herbronnen en naar binnen te gaan.
Een bar. Bij het openen van de deur komt de warmte van een openhaard naar me toe. Deugddoend. 20 minuten later belt de vrouw me op van de gîte d’étape. “Oui, bonjour madame j’ai entendu votre message. Est ce pour ce soir ? Je ne peut que ouvrir à 17 heures. Puis je dois encore préparé la chambre. C’est aussi obligatoire de téléphoner 48h avant d’arriver.” Haar woordenvloed gaat zo snel dat spreken geen zin heeft. Ik wacht af.” Bonjour madame, je vos remercie de m’avoir rappelé. Il n’y a personne d’autre qui peut m’aider à me faire entrée”. “Non” “Alors je vais continuer mon chemin. Je suis aussi rien obliger et téléphoner 48h avant que je sais que je vais tomber malade, faut le faire… Mon lit ne dois pas être préparé. Mais ce n’est pas grave c’est que je ne doit pas m’arrêter ici.” Ik hoor aan de andere kant plots een veel zachtere benadering gevolgd door,” vous avez êtes voir un docteur ? “.” Non, merci. Un docteur n’est pas nécessaire. ” We danken elkander en nemen afscheid. De bar sluit. Ik stap verder. Het gaat wat beter dan deze morgen. De middagpauze deed me deugd.

La Cordelle

Ik ben amper op veertig kilometer van Vézelay. Een plaats die me niet onbekend is, veel voor mij heeft betekend tijdens mijn eerste pelgrimstocht en waar ik in een warm kader mij zal kunnen laten glijden. Ik beslis dan ook om verder mijn duim uit te steken. In twee verschillende wagens kom ik uiteindelijk aan beneden in de buurt van Asquin.

Via la Voie de Vézelay of via Lemovicensis. Ga ik eerst naar ‘La Cordelle’ (eerder Chapelle saint Croix) de plaats waar in het jaar 1217 de eerste franciscanen zijn aangekomen op vraag van fra Francesco. Vanuit deze geschiedenis en gebeurtenis ontstond de pelgrimsweg ‘Chemin d’ assise’ (van Vézelay naar Assisi) . De weg die ik onbewust nam vanuit Assisi en die ik spontaan noemde ‘Chemin de Vézelay’ zonder te beseffen dat het andersom was.

Saint Croix

Basilique Saint Madeleine

Een rust komt over mij… Ik zet me neer op een houtenbank in de eenvoudige en serene ruimte.
Ik wordt gewaar dat een subtiele beweging mijn lichaam vult… Via mijn benen voel ik traag mijn lichaam zich vullen met een aangename gewaarwording.
Met zorg en in zachtheid neem ik de weg via la Saint-Croix naar de basilique Saint Madeleine.
Hoewel mijn benen zwak aanvoelen, mijn borstkas en buik vullen zich met wat het thema van deze tocht inhoud…. Liefde.

Aan de voet aangekomen van la basilique barst ik uit in tranen. De tranen komen en gaan, ik laat ze vrij vloeien.
In Centre Madeleine heb ik mijn nestje klaargemaakt in één van de zalige slaapzalen. Op mijn bed… mon sac de rêves en vier wollen dekens.
Ik blijf hier in Vézelay tot het juiste moment er is om de weg verder te zetten.
En mijn verkoudheid… die is er niet zomaar.

Marie Madeleine

Jacobus

fra Francicus

Verkoudheid

Een hevige keelpijn zorgde ervoor dat mijn nachtrust goed verstoord werd. Hmm, de keel… Lucht,taal, uitspreken, wat kan ik niet zeggen…Boum…. patat…. Ik zal het je niet vragen of ik mag… Daar ben ik… Een verkoudheid.

Goed aangekleed vertrek ik voor een nieuwe dag. Mijn lichaam vertraagt hoe verder ik stap en heeft het moeilijk om zich voort te bewegen. Rustig stap ik voort rekening houdend met mijn mogelijkheden en de buurt situatie, ik bevind me namelijk in ‘Le Parc du Morvan’

Mijn gedachten zijn onrustig en zorgen ervoor dat ik niet in mijn lijf zit. In de tuin van een boerderij een grootvader met zijn klein dochter. Het meisje zet zich bovenaan… Wacht… wacht… het duurt een tijd voor ze zich laat glijden….en hops… daar gaat ze.
‘Ja Jasmine, laat je maar glijden in wat aanwezig is. Overgave aan wat zich aanbied’,gaat door meheen.

Het leven zit vol betekenissen. Men hoeft zich er enkel voor te openen en ze te zien en ermee aan de slag gaan.
Komaan Jasmine, deel, vertel en bevrijd jezelf. Ik pak telefoon en bel.

Het thema… ‘Liefde’ die ik mag voelen. Af en toe komen er de laatste dagen daar wat verwarring rond. Niet omwille van Liefde op zich, om alle duidelijkheid wanneer ik spreek over Liefde met de grote L is sexualiteit niet aan de orde. Voor mij overstijgt het zelf deze vorm van contact.
De verwarring gaat om Liefde gericht naar een persoon versus Liefde naar allen. Koppel of een gemeenschap, het kan ook beiden in een koppel leven binnen een gemeenschap…. Verwarrend… Ik laat los en blijf vertrouwen. Mij even laten glijden, ik zie wel.

Een auto stopt langs de weg…. een luidruchtige claxon. De bakker. “Bonjour, vous avez encore quelque chose à manger ?” “Non, je n’ai plus rien madame.” “Zut, tempi, merci. Ah, je vois aussi que vous êtes de Anost. Vous retourner cette direction ? Et est ce que ce serais possible de m’y emmener ?” Ik zie bij haar plots een onwennigheid… angst… Ze deelt me mee dat ze nog een klant heeft en me nadien zal oppikken.” Oh, madame, je vois que vous avez peur. ” Ik laat haar haar ronde afmaken….en straks… Twintig minuten later steekt ze me voorbij. Haar angst was te groot. Een halte in een auberge. Een heerlijke warme en deugddoende soep, zorgt ervoor dat ik de laatste kilometers kan wandelen.
Langs een haag hoor ik plots geknor… ze zijn met meerdere… Oho, een everzwijn!… Ik blijf staan en zie verder een omheining. Oef… Het is Momo ‘le debrousailleur ecologique’.

Het telefoongesprek heeft deugd gedaan en de woorden die ik aan de andere kant mocht horen brachten inzicht… en een diep gevoel van verbondenheid.
Liefde is, punt. In Liefde Zijn. Daar zou zelfs geen woorden voor hoeven te bestaan. Liefde kan enkel gevoeld worden en zodra men het probeert te verwoorden installeerd men op dit woord een vorm van controle van de mind. Wanneer men handelt vanuit Liefde is het gewoon juist en daar zijn vragen overbodig. Jajaja… het hoofd had het eens weer overgenomen.

In Anost hou ik het voor bekeken. Naar de apotheek… Propolis, Echinacea, Sinuspax… De fruithandelaar….citroen, gember.
De gîtes voelt koud aan. Chauffages werken niet.. Uiteindelijk beland ik ’s avonds in een verwarmde hotelkamer.

La vierge ouvrante

Autun

Na een onrustige, korte nacht ontwaak ik in een nog donkere ochtend. Zeven uur.

Ik neem de asfalt weg… In de verte hoor ik geweerschoten, ook al is het mistig en verboden tijdens deze momenten. Het is behoorlijk koud buiten en voor de eerste keer heb ik mijn handschoenen aan.
Via Oude Romeinse wegen. Holle wegen…
Na een uur stappen krijg ik het al snel te warm. Een paar uienlaagjes gaan uit. De wollen buffer veranderd van muts in een halswarmer.
In het bos is het nog warm.

Verwoekerde ruïnes… Waar de natuur stil en zeker zijn plaats terugneemt. Zo verdwijnt beetje per beetje de restanten van wat de mensen die hier ooit hebben gewoond en achtergelaten… Waar muren gebouwen werden en in stilte verdwijnen en één worden. De natuur omarmd.
Ruïnes en overwoekerende natuur is iets die me altijd al heeft geïntrigeerd en nu weet ik terug waarom de Morvan mij al in 2014 zo aantrok.
Een dwarsboom… Niet erg ik kan er altijd omheen. Keuzes maken. La voies celtes, louvetiere, la cave au renard… namen van een plaatselijke uitgestippelde weg.

Een diepe holle weg. Ik sta beneden in het diepste punt. Mij voeten staan op een dikke laag bladeren. Ik sta stil en kijk rond me heen. Het licht komt schijnen… donker waar?
Ik steek een boerderij door. Geiten, een bok, kalkoen, kippen, eenden… Plots sta ik verder aan een metalen groene poort. De wandelweg is onderbroken. Alle hup dan maar een rondje… het waren aangename ontmoetingen en leerzaam. En die gesloten poort… Jah… Het is.

Ik voel vandaag duidelijk een weersverandering. De herfst is er eindelijk. Straks zal de eerste vorst er zijn, de bomen zullen dan werkelijk een kleurexplotie hebben.
Helaas zullen er dit jaar veel bomen gesneuveld zijn door de extreme droogte, wat duidelijk zichtbaar is.

Er beweegt iets voor me tussen de varens. Een witte staart… Een vos. Ik blijf ongeroerd staan. Op vier meter van me komt hij uit het onderbos gewandeld. Ik heb net de tijd om een beeld te nemen. Helaas geen videobeeld om bij mijn collectie levende wezens te voegen.
Ik nader een woongebied… de geur van een openhaard laat zich ruiken.

Autun. Een imposante middeleeuwse stad met zijn vele torens en hoge herenhuizen. Een kathedraal met een sierlijke hoofdingang en zijn vele symbolen, dierenriem, tekens en bijbelse afbeeldingen. Het is hier heel rustig in de stad en verwonderd me. Ik spreek een man aan en vraag of deze stilte altijd hier zo aanwezig is. Zijn antwoord is ja… Deze ja heeft een keerzijde van de medaille. De stad loopt leeg, prachtige herenhuizen, eenmanszaken, zelf l’académie des Arts staat te koop. Jammer, want deze stad heeft iets bijzonders. La ville se vide.
Ik vraag een vrouw die van de stad is om een bakker. “Oh, je pourrais pas vous dire tous de suite. Mais la ils y a un petit casino. Vous aller y trouvez du pain”. “Et il n’y a pas un petit artisan ? Je préfaire aller chez le petit commerçants, car c’est les supermarché qiu tué les villages et villes.”

Kathedraal Autun

Ik voel me wat moe worden en een lichte vorm van keelpijn. Ik wandel nog een zes kilometer, via de tempel van Janus verlaat ik de stad Autun.
Verderop staat een vrouw te tuinieren… Lourdesse en sont délicieux potage.

Temples de Janus

Christiane

Ik klop aan de deur van de woonkamer, “bonjour, Christiane. Bien dormis ?” “Oui, et toi ?”… De ontbijttafel staat gedekt. Na het ontbijt wandelt Christiane met me mee. Gaan we naar de pastorij, de kerk openen, kaarsen aansteken, een foto. Bij het buitenkomen komt de geur van versgebakken brood onder onze neus. “Tu a envie après une brioche, vient… en va a la boulangerie.” Christiane trakteert me… ‘deux croissant au beurre’.

Monceni. Oeps… Ik moet dringend… geen openbare toiletten… O oooo…. Les Ursulines… Een deur, ik klop aan. “Bonjour, je suis à la recherche de toilette. Pouvez vous m’aider ?” “Oui, venez”, Een dame met lang opgestoken haren, een jeugdige bril… De leerkracht van een kunstatelier.
Ik denk terug aan Christiane en haar kunst schilderwerken. “Vous êtes en promenade ?”. En zo begin ik te vertellen. Deel ik een ervaring. Wat het met me doet… een korte getuigenis… “Et vous faites des conférences ?” “Oh, si en me demande oui bien sûr et je crois bien que je vais en faire.”… En ik praat over de cinema… En zo komen we tot bij Christiane… “Oh, en connais Christiane”, gaat er in koor door de ruimte…. “Vous voyez il n’y a pas de hasard”. Een vrouw staat met tranen in haar ogen naast me. Ik kijk haar aan en wrijf met mijn hand over haar arm.

Wanneer ik zie en voel wat mijn getuigenissen brengen bij mensen. Dat ik mensen kan ontroeren, hen vreugde brengen door gewoon mezelf te Zijn. De weg van hart naar hart…Vandaaruit zal alles vanzelf vloeien en groeien. En zo zal het lontje blijven branden.

Een strakke wind is aanwezig. De geur van naaldbomen. In het midden een veld hangt een dode Kraai op een stok. Van een naaldbos naar een loofbos. Kastanje bomen.
Een niet felle herfstzon schijnt op de masten die af en toe tegen elkaar wrijven. Soms is het net een onzichtbare deur die zich opent. Een tak die kraakt. De kruinen dansen samen in een vloeiend beweging alsof ze iets aanroepen.

Mijn laatste kilometers naar Broye. Ik kom langs een lange muur van een boerderij, de muur reflecteert de warmte die hij ontvangen heeft van de zon. Vogels zingen hun lied en doet me denken aan de lente. Een man en vrouw staan te praten. Ik spreek hen aan… de man brengt me naar een klein kasteeltje waar ik in een huis midden een park zal overnachten.

Menhir

Terwijl ik samen met Jacky aan de ontbijt tafel zit. Krijgt Georgette haar ochtend verzorging door haar dochter en een verpleegster. De vreugde van Georgette die we tot in de woonkamer horen vult het huis.
Met de gedeelde vreugde stap ik een nieuwe dag in. Ik dank hen voor de zachtheid en warmte die ze uitstralen… we geven elkander een Franse kus… twee kussen op de wangen.
Ik sluit de deur van het portaal achter me. Pierette en Jacky staan te zwaaien achter het venster. Het raakt me.

De dikke ochtendnevel verlaat langzaam de velden. De zon komt tevoorschijn. In de verte hoor ik opgefokte honden… De jacht.
In Saint-Micaud stap ik de kerk binnen. De laatste dagen mag ik terug kerken zien in alle eenvoud…steen, hout… Zonder pracht en praal… Daar geniet ik het meest van. Wat verder staat een immense Menhir van 6m35 met inscriptie erop.
In het landschap zie ik in het gras een bewegend iets… In de lucht een roofvogel.
Een bruine bidsprinhaan gaat in bevriezing wanneer ik langs kom.

Montchanin stap ik binnen in een cultuurcentrum. Het is zondag, veel wagens op de parking. Zou er een bar zijn! Een film. Wel dat is nu eens een goede timing. ‘Les vieux fourneaux’. Aan de kassa vraag ik naar een mogelijke overnachting in stad. Ah, misschien ken ik wel iemand. Ik wordt voorgesteld aan een vrouw, Christiane… Zonder enige twijfel nodigt de vrouw me om bij haar te overnachten. Een andere vrouw die aan de deur staat geraakt ontroerd door haar gebaar. Maar eerst de film… Het voordeel van niets te plannen. Zalig…

Na de film ga ik dan mee met Christiane. Ik dank haar. “Je suis Chrétienne c’est la moindre des choses”, vertelt ze me. We voelen ons onmiddellijk goed bij elkaar en delen persoonlijke ervaringen. In het huis zijn veel klaprozen te zien.
Deze keer niet één, wel afgebeeld in groep. En zo voelt het. Ik voel me niet meer alleen, integendeel.