Paradis

Aan de ingang van een bos zie ik een oranje fluoriserende vest. Een trompetgeluid. De jacht is voorbij. Juiste timing. Ik stap het bos in. Een jager staat te brullen tegen zijn honden… ‘Ninja, hier. Ninja daar… . ‘Il sont bien beau vos chien. Que il y a t’ il ici dans les bois?”, vraag ik hem om zijn handeling naar zijn honden te onderbreken. ” Des sanglier. Mes il y en a pas beaucoup. Ils fait trop chaud et ils se trouver alors plus la où il y a de l’eau.” De zweetdruppels staan op zijn voorhoofd.

Een sterkere wind is wat voelbaar. In de verte, aan de horizon een laag polutie over het landschap, daar waar de autosnelweg is.
In de tuinen zijn anemonen, asters, gaura in volle bloei en kleuren ze de borders van wit, roze tot paars.
Het is rustig, de natuur bereid zich stilletjes aan voor naar de komende winter en maakt duidelijk dat de tijd is gekomen om op eigen ritme zich naar binnen te richten.

In de vroeger vooravond wandel ik langs de oevers van de Saône. Mensen komen samen, zitten in een Park op een bank te praten. Wandelen in de natuur, spelen pétanque. Af en toe wandel ik met mensen mee, verlaten onze wegen en ontmoet ik anderen.

In Anse stap ik binnen in een toeristisch bureau om te vragen of er een ruimte in de stad is waar pelgrims onderdak kunnen krijgen. De jonge dame helpt zoeken. Uiteindelijk krijgen we van de plaatselijke parochiepriester een adres waar pelgrims welkom zijn, ‘les Pothières’, Maison Cana, een christelijke gemeenschap. Tweemaal probeert de vrouw te bellen om te weten of het mogelijk is daar te overnachten. Tweemaal werd ingehaakt na de naam ‘info tourisme’ werd gemeld.
Samen met het adres en telefoon van de priester vertrek ik richting het huis. Aangekomen was echter de realiteit het tegenovergestelde… en was de ontvangst door de jonge zuster alles behalve in de stijl voor wat het huis staat. Ik vind het dan ook belangrijk om me hierin te laten horen en dat ik wat verwonderd ben van de manier waarop de verwelkoming gebeurde. Ik dank haar en zet mijn weg verder.

Ik bel de priester op. “Suis je bien chez Père…” “Oui, mes que me voulez vous… et qui êtes vous.” En wanneer hij op zijn beurt me vraagt wie ik ben en ik mijn voornaam zeg….

Wat dan volgt uit de mond van deze man is buiten alle proportie…
Een onterechte lading van agressiviteit, betichtingen komt naar me toe.

Ik haak in…en probeer ruimte en tijd te vinden om op adem te komen. Ik werd bewust dat mijn naam, dat daar voor hem een enorme lading opzat. Voor de eerste keer kon ik aan de lijve voelen, wat vele vreemdelingen iedere dag in onze landen moeten meemaken. Dit wens ik niemand.
Ik wandel nog twee kilometer verder en na een tip van een lieve dame bel ik aan, aan een grote poort.
“Bonjour madame….” Aan de andere kant hoor ik een zachte stem, “Venais en vas trouver une solution”.
Wat onwennig stap ik een groot domein binnen. Een lange laan met bomen neemt mee tot aan een dubbele deur met een paar trappen voordien.
Een vrouw komt buiten. “Mes enfants en une petite fête est il y a vingt autres jeunes dans la maison. J’ai des inviter ce soir en laisse toujours une chaise de libre. Cela vous dit de manger avec nous ?” Na het telefoon gebeuren raakt deze openheid, spontaniteit en hartelijkheid. Ik krijg tranen in mijn ogen en meld haar,” oh, cela me touche profondément et vient juste au bon moment” en wanneer ik zeg dat ik net een telefoon had gedaan met een priester zonder de inhoud te vertellen. Kijkt de vrouw me aan, noemt de naam van de priester… En deelt me verder dat dit gedrag gekend is en vertelt me in het kort het waarom. Alles werd me duidelijk en bevestigd. Een pak van mijn hart verdwijnt in een mum van tijd.

Aan de basis lag een negatieve ervaring, onrust, angst. Alleen gaf dit hem geen enkel reden om zo een mens te benaderen en ik hoop van binnen dan ook dat hij extern hulp gaat zoeken zodat er niet meer slachtoffers vallen van zijn gedrag.

Stress, negatieve persoonlijke ervaring waaruit angsten zijn ontstaan. Waar vooroordelen en oordelen groeien en ervoor zorgen dat er geen
openheid niet meer mogelijk is tussen mensen. Het zijn onze eigen angsten die ervoor zorgen dat we de deur sluiten naar de ander, omdat we het zien vanuit een eigen referentiekader. Het zijn onze angsten die ervoor zorgen dat we de ander niet in zijn zijn kunnen laten. Het zijn de angsten die ons verhinderen vooruit te gaan.

Ondertussen toont Benoît het jongste kind van het huis mij de badkamer. Even opfrissen en ik daal terug af naar de keuken. Verheugd mag ik Sophie helpen in de keuken om het avondmaal klaar te maken, terwijl Olivier me ‘le paradis’ laat proeven. Als ik het goed heb begrepen is dit de de drank die tussen fruitsap en wijn bevind, die nog aan het fermenteren is. Ten huize Sophie en Olivier met hun zeven kinderen.
Un ange sur mon chemin.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s